Maandelijkse archieven: januari 2021

Werkgevers geven meer aandacht aan gezondheid en flexibele uren werknemers

Een groot deel van de werkgevers in Nederland heeft zich voorgenomen in het komend jaar meer aandacht te besteden aan de gezondheid van hun werknemers.

Daarnaast lijken veel Nederlandse werknemers dit jaar te kunnen rekenen op meer flexibele werkuren. Dit blijkt uit de ‘Global Sentiment Survey: Employment in a Time of Crisis’ van Indeed, een wereldwijd onderzoek onder meer dan 14000 werknemers en ruim 3600 werkgevers. In Nederland deden meer dan duizend werknemers en 250 werkgevers mee aan het onderzoek.
Goede voornemens van werkgevers voor 2021
Gezondheid werknemers belangrijker
“Door de pandemie en het thuiswerken realiseren zowel werkgevers als werknemers dat de fysieke én mentale gezondheid van henzelf en collega’s een belangrijk goed is”, stelt Arjan Vissers van Indeed. Veertig procent van de werkgevers geeft aan in 2021 meer aandacht te besteden aan het welzijn en de geestelijke gezondheid van hun werknemers. Werkgevers geven hierbij duidelijk gehoor aan de wens van werknemers. Van de ondervraagde werknemers verwacht namelijk meer dan een derde dat hun werkgever meer aandacht heeft voor het welzijn en de geestelijke gezondheid van werknemers. “Die ontwikkeling is door de gezondheidscrisis van afgelopen jaar in een stroomversnelling geraakt”, vervolgt Vissers.

Definitieve doorbraak flexibele werkweek
Uit het onderzoek van Indeed blijkt bijna de helft van de Nederlandse werkgevers komend jaar met verbeterde maatregelen te komen om flexibele werkuren voor haar werknemers mogelijk te maken. Ook wereldwijd geeft de helft van de werkgevers aan zich in het komend jaar hard te maken voor de flexibele werkweek. “Dat is in lijn met de toegenomen aandacht voor gezondheid van personeel binnen organisaties”, aldus Vissers. “Werknemers krijgen meer de ruimte om de werkweek naar eigen wens in te vullen. Doel is om de fysieke- en mentale gesteldheid op peil te houden. Ook in buurlanden België en Duitsland zie je dat de invoering van arbeidscontracten met flexibele werktijden in toenemende mate populair is onder werkgevers.”

Werkgever stapt af van kantoorplekken
Hoewel gedeeltelijk thuiswerken in het afgelopen jaar voor veel Nederlanders de norm is gebleken, geeft veertig procent van de werkgevers aan dit jaar het thuiswerken beter te gaan faciliteren. Dit is terug te zien in de krimp van het aantal kantoorplekken: dertien procent van de werkgevers zet in op een afname van het aantal werkplekken op kantoor. Minder dan het wereldwijde gemiddelde van ruim zeventien procent. “Dit verschil toont aan dat een groot deel van de werkgevers in Nederland het thuiswerkbeleid al relatief goed op orde hebben”, zegt Vissers. ”Zij hoeven dan ook in het komende jaar weinig meer aan dat beleid te veranderen.”

Werknemer ziet privé-werkbalans zonnig in
Nederlanders zijn verdeeld over de vraag of de pandemie ook uitwerking heeft gehad op hun privé-werkbalans. Van de ondervraagde werknemers stelt 36 procent van hen dat de grens tussen werk en privé door toedoen van de pandemie is vervaagd, dertig procent geeft juist aan dat die grens nu duidelijker is dan ooit. Voor het komend jaar is de Nederlander optimistisch gestemd: bijna veertig procent voorspelt dat de ontwikkelingen in het komend jaar de privé-werkbalans ten goede gaan komen.

Bron: Indeed.nl, 14 januari 2021

Lees ook
TNO: diverse factoren verantwoordelijk voor burn-out klachten

Geplaatst in Nieuws | Tags , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Werkgevers geven meer aandacht aan gezondheid en flexibele uren werknemers

Werkingssfeer CAO ABU en sectoraansluiting

Werkingssfeer CAO ABU en sectoraansluiting

Linda Bol, Inspecteur Bureau Cicero
Linda Bol, Inspecteur Bureau Cicero

Door Linda Bol, Inspecteur Bureau Cicero

Linda is werkzaam als inspecteur van Bureau Cicero, een inspectie-instelling die onder meer controles uitvoert voor het keurmerk van de Stichting Normering Arbeid. Voordat Linda als inspecteur aan de slag ging, was zij werkzaam als financieel manager van een uitzendbureau, waar zij ruime ervaring heeft opgedaan op dit terrein. Linda vindt het jammer dat de uitzendbranche nogal eens negatief in het nieuws komt. “Ik kom genoeg ondernemingen tegen die het goed (willen) doen,” zegt ze. “Met Bureau Cicero hebben wij de doelstelling ondernemingen vooruit te willen helpen. Met columns en artikelen kan ik hier ook aan bijdragen. Goede, toegankelijke informatie biedt uitzenders immers mogelijkheden om te leren en deskundig te worden. Het is de moeite waard met elkaar te laten zien op welke manier de uitzendsector positief bijdraagt aan de economie en de arbeidsmarkt.” Reacties op Linda’s bijdragen zijn welkom!

Wanneer is de werkingssfeer van de ABU CAO voor Uitzendkrachten van toepassing?

Een nieuw jaar, dus laten we maar eens beginnen bij de basis; wanneer val je als onderneming onder de werkingssfeer van de CAO voor Uitzendkrachten ABU? In de CAO ABU staat dit beschreven in artikel 1 en er is ook een schematische weergave opgenomen waarin dit nog eens wordt verduidelijkt. Toch blijkt dat er nog altijd ondernemingen zijn, die niet beseffen dat ze onder de werkingssfeer vallen omdat zij zichzelf geen uitzendbureau vinden.

De werkingssfeerbepaling schrijft voor dat de CAO van toepassing is, wanneer er voor meer dan 50% van de loonsom op jaarbasis uitzendovereenkomsten worden afgesloten. Payrollovereenkomsten tellen niet mee als uitzendovereenkomst.
De werkingssfeer van een cao en de sectoraansluiting zijn twee verschillende dingen, maar soms raken ze elkaar.

Wat is een uitzendovereenkomst?
Een uitzendovereenkomst is een bijzondere arbeidsovereenkomst. Bijzonder omdat er drie partijen bij zijn betrokken: werknemer (uitzendkracht/ gedetacheerde), uitlener (uitzendbureau / detacheringsbureau) en inlener (opdrachtgever). De uitzendovereenkomst is dus een arbeidsovereenkomst tussen uitlener en werknemer waarbij de werknemer werkt onder leiding en toezicht van de inlener. De werknemer krijgt dus leiding en werkinstructies van de organisatie die hem heeft ingeleend.

Het gaat dus niet alleen om specifieke uitzendovereenkomsten waarin gebruik wordt gemaakt van het fase systeem. Iedere arbeidsovereenkomst waarbij drie partijen betrokken zijn en waarbij de werkzaamheden worden verricht onder leiding en toezicht van de inlener worden gezien als uitzendovereenkomst.

Wanneer val je niet onder de werkingssfeer van de CAO ABU?

  • De CAO is niet van toepassing als er minder dan 50% van de loonsom uitzendovereenkomsten, zoals hierboven omschreven, worden afgesloten. Dus het deel ter beschikking stellen van arbeid onder leiding en toezicht van de opdrachtgever is kleiner dan 50%.
  • De CAO is niet van toepassing bij lidmaatschap NBBU (inhoudelijk gelden dan dezelfde arbeidsvoorwaarden als bij de CAO ABU).
  • De CAO is niet van toepassing bij dispensatie verkregen van het ministerie van SZW.
  • De CAO is niet van toepassing bij dispensatie verkregen van de ABU.
  • De CAO is niet van toepassing als de onderneming onder de werkingssfeer van een andere bedrijfstak-cao valt (hoofdregel). Van deze hoofdregel wordt afgeweken als de bedrijfsactiviteiten 100% ter beschikking stellen van arbeid zijn, er tenminste voor 25% van de loonsom in een andere sector dan de bedrijfstak-cao wordt gewerkt, er tenminste voor 15% van de loonsom overeenkomsten met uitzendbeding worden afgesloten, de onderneming geen onderdeel is van een concern vallend onder de bedrijfstak-cao en er geen sprake is van een paritaire arbeidspool. Let op! Dit zijn cumulatieve eisen waaraan moet worden voldaan.
  • De CAO is niet van toepassing wanneer er voor meer dan 50% van de loonsom ter beschikking wordt gesteld aan werkgevers in de zin van de CAO Bouw & Infra. Bij lidmaatschap van ABU of NBBU dan wel bij dispensatie van de CAO Bouw & Infra kan hiervan worden afgeweken. Als een uitzendkracht ter beschikking wordt gesteld aan een opdrachtgever die gebonden is aan de CAO Bouw & Infra is de uitzendonderneming verplicht na te vragen welke specifieke bepalingen uit bijlage 7 van de CAO Bouw & Infra gelden (let op: in de CAO ABU wordt nog verwezen naar bijlage 2; dit wordt aangepast).

Ik val onder de werkingssfeer van de CAO ABU, waar moet ik op letten?
Wanneer er sprake is van uitlenen van personeel onder leiding en toezicht van een derde, dan is de CAO ABU, bij algemeen verbindend verklaring, dus van toepassing. Betere arbeidsvoorwaarden bieden, dat mag, maar minder mag niet.

Belangrijk onderdeel is natuurlijk de inlenersbeloning. Per ter beschikking stelling heeft de uitzendkracht of gedetacheerde recht op het hetzelfde loon als de werknemer die werkzaam is in dezelfde functie in dienst van de opdrachtgever. Naast het loon vallen nog meer arbeidsvoorwaarden onder de inlenersbeloning. (zie artikel 16 CAO ABU)

Een ander belangrijk onderdeel van deze CAO is het toepassen van de juiste reserveringspercentages (zie CAO ABU, bijlage I).
Uiteraard is het niet mogelijk om nu alle onderdelen te benoemen en daarom beperk ik me tot bovengenoemde twee belangrijke onderdelen en verwijs ik verder naar de volledige tekst van de CAO ABU.

StiPP Pensioen en sector 52
Naast de voorwaarden van de CAO ABU zal de onderneming zich aan moeten sluiten bij StiPP, het pensioenfonds voor uitzendkrachten, hetgeen wettelijk is bepaald. Verder dient de onderneming te controleren of de juiste sectorindeling is afgegeven, in dit geval dus sector 52.

Gesplitste sectoraansluiting
Met de komst van de Wet Arbeidsmarkt in de balans (Wab) is de sectorindeling niet meer van belang voor de hoogte van de WW-premie. Dat wordt nu bepaald door het soort arbeidsovereenkomst. De sectorindeling is wel van belang voor de hoogte van de gedifferentieerde premie werkhervattingskassen (Whk).

Er kan ook sprake zijn van een gesplitste sectoraansluiting met sector 52. Wanneer een onderneming meer dan 15% en minder dan 50% van het premieloon werknemers ter beschikking stelt aan derden, onder leiding en toezicht van de opdrachtgever, dan valt dit deel van de loonsom onder sector 52.

De Belastingdienst geeft op basis van de sector beschikkingen af, waarin de gedifferentieerde Whk-premie wordt vermeld. Zodra er sprake is van verschillende bedrijfsactiviteiten waarbij dus gedeeltelijk sector 52 van toepassing is, moet u twee beschikkingen ontvangen met verschillende Whk-premies per sector.

Mocht de Belastingdienst een beschikking afgeven voor een verkeerde sector, of geen gesplitste sector, terwijl daar wel sprake van is, dan bent u verplicht dit zelf te melden bij de Belastingdienst. De Belastingdienst zal naar aanleiding van uw verzoek de sector wijzigen met de daarbij behorende Whk-premies. Zodra u de nieuwe beschikking(en) ontvangt, past u deze toe met de ingangsdatum die op de beschikking staat vermeld. Mogelijk zullen er dus correcties moeten plaatsvinden in de loonadministratie en aangifte loonheffing.

Vroegtijdig aangeven als de sector niet correct is, voorkomt correcties achteraf
Als het percentage ter beschikking stellen van arbeid op jaarbasis niet meer dan 50% van het totale premieloon bedraagt, is de CAO ABU niet van toepassing. Dit betekent dan dat voor het deel ter beschikking stellen de Waadi (Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs) van toepassing is. Als je in die situatie toch gebruik wilt maken van een uitzend-cao, is het mogelijk om lid te worden van brancheorganisatie NBBU, want die stelt als enige voorwaarde dat gebruik moet worden gemaakt van uitzendovereenkomsten.

Linda Bol, Inspecteur bij Bureau Cicero

Lees ook deze columns
Feestdagen reserveren en uitbetalen volgens de uitzend-cao’s
Twee cao’s in één werkweek, hoe bereken je het uitzendloon?
Uitzend-cao en loon bij arbeidsongeschiktheid van flexkrachten
CAO voor Uitzendkrachten en budget duurzame inzetbaarheid

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Werkingssfeer CAO ABU en sectoraansluiting

TNO: diverse factoren verantwoordelijk voor burn-out klachten

Burn-outklachten stijgen gestaag sinds het einde van de economische recessie in 2013/2014.

TNO deed, op verzoek van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, onderzoek naar de oorzaken, gevolgen en risicogroepen. Werkgebonden factoren, persoonskenmerken en maatschappelijk oorzaken blijken, al dan niet in combinatie, een belangrijke rol te spelen bij het ontstaan van burn-out gerelateerde klachten.

Burn-out factoren, bron TNO

Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vroeg TNO de achtergronden van de stijging van het aantal burn-outklachten in een breed onderzoek nader te bekijken. TNO deed een literatuurstudie en heeft analyses uitgevoerd op bestaande gegevensbestanden om het ontwikkelen van burn-outklachten en de waargenomen stijging in deze klachten sinds 2014 te verklaren. Ook is uitgebreid gesproken met 60 werknemers die burn-outklachten rapporteerden, met leidinggevenden, werkgevers en sociale partners.

Opeenstapeling van factoren
Het ontwikkelen van burn-out klachten wordt vooral veroorzaakt door een opeenstapeling of combinatie van verschillende factoren. Deze verschillende factoren hangen samen met het werk, de persoon zelf en de maatschappij. Werk-gerelateerde factoren zijn bijvoorbeeld hoge werkeisen, emotionele werkbelasting, geringe steun van de leidinggevende en ontevredenheid over het salaris. Voorbeelden van persoonskenmerken zijn weinig veerkracht en zelfvertrouwen of een slechte financiële situatie. Maatschappelijke oorzaken lijken vooral via werk- of privéfactoren hun bijdrage aan de ontwikkeling van burn-outklachten te leveren. In de interviews werden ook perfectionisme, personeelstekort, pestgedrag van collega’s en arbeidsconflicten genoemd als belangrijke factoren. De genoemde risico’s in het werk of in de persoon kunnen echter ook verwijzen naar meer maatschappelijke oorzaken van burn-outklachten in het werk zoals het werk in de zorg (emotioneel zwaar werk), de toename van baanonzekerheid door flexwerk (ontevredenheid inkomen), de digitalisering of de economische groei (frequent verzuim).

Verklaring stijging klachten en aanpak
De stijging van burn-outklachten sinds 2014 kon alleen op basis van de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) worden verklaard. Irene Houtman, onderzoeker bij TNO: “Persoonskenmerken worden hierin niet uitgevraagd, maar ook een belangrijke factor als ‘steun van de leidinggevende’ verklaarde niet de stijging in burn-outklachten hoewel het een heel sterke voorspeller is voor het ontwikkelen van burn-outklachten. De reden hiervoor is dat dit kenmerk over deze periode niet veranderde. Belangrijkste verklaring van de stijging van de burn-outklachten bleken vooral te zitten in het emotioneel zware werk, onvrede over het salaris, een hoge verzuimfrequentie en langdurig achter een beeldscherm werken.”

Deze oorzaken kunnen aangrijpingspunten bieden voor de aanpak van burn-outklachten. Het voorkómen van uitval als gevolg van deze klachten is belangrijk. Eerder is al aangetoond dat burn-outklachten kunnen leiden tot ernstiger psychische klachten, langdurig verzuim en uitval uit het werk. De kosten die hiermee zijn gemoeid zijn eerder door TNO geschat op 3,1 miljard euro.

Bron: TNO, 12 januari 2021

Lees ook
WRR-rapport pleit voor meer grip op inkomen, werk en leven

Geplaatst in Nieuws, Werken 4.0 | Tags , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor TNO: diverse factoren verantwoordelijk voor burn-out klachten

Youfone & Yource slaan de handen ineen

Youfone en Yource, allebei vooraanstaande spelers op de BeNeLux markt, worden per begin 2021 partners in klantcontact.

Youfone is één van de snelstgroeiende telecomproviders in Nederland, als aanbieder van internet, TV en mobiele telefonie abonnementen. Het bedrijf werd in 2008 opgericht door Valentijn Rensing en mag zich, met inmiddels meer dan 400.000 klanten, de grootste onafhankelijke telecomspeler op de Nederlandse markt noemen. Mede ingegeven door internationale ambities is een uitbreiding van de klantenservice onvermijdelijk. Youfone zocht daarom naar een dienstverlener die in de gehele BeNeLux een professionele oplossing kon bieden en kwam zo bij klantcontact organisatie Yource terecht.

Beide partijen verwachten met elkaar een sterk team te vormen en kijken met veel enthousiasme naar de toekomstige samenwerking. CEO van Youfone Valentijn Rensing zegt: ‘Klantcontact is ons visitekaartje. Met continue ontwikkelingen op een internationaal speelveld is een goed werkende customer service belangrijk. We hebben hierbij het volste vertrouwen in Yource als partner.’ Robin Jansen, CEO van Yource, voegt daaraan toe: ‘Youfone hebben we al lang op de radar staan. We zijn daarom trots dat we deze organisatie wat betreft klantcontact mee mogen helpen optimaliseren. We kijken ernaar uit om met onze persoonlijke, betrouwbare en heldere aanpak Youfone te ondersteunen om de komende internationale uitdagingen aan te gaan.’

Youfone is een onafhankelijke telecomprovider, sinds 2008. Bij Youfone bedenken en ontwikkelen ze innovatieve producten en slimme diensten. Zo kunnen ze scherp geprijsde abonnementen aanbieden voor Alles-In-1 (tv, internet & vast bellen) en Sim Only. Dat doen ze met succes, want ieder jaar groeit het particuliere en zakelijke klantenbestand.

Yource is marktleider in klantcontact binnen de BeNeLux. Door haar unieke combinatie van diensten waaronder recruitment, insourcing, outsourcing, nearshoring en offshoring, kan Yource organisaties voorzien in hun totale klantcontact value chain. Dit doet Yource in 5 landen met meer dan 9.000 medewerkers en een omzet van 170 miljoen euro. Dit is nog zonder de nog af te ronden overname van Cendris, welke onderdeel zal gaan uitmaken van Yource.

Bron: Yource, 12 januari 2021

Lees ook
Yource neemt Cendris over van PostNL
Ronald Smit wordt Country Director Yource Nederland
FINTREX, Mifratel en PCS samen verder onder de naam Yource

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Youfone & Yource slaan de handen ineen

Hoe communiceer je over de waarde en de prijs van uitzenden?

Hoe communiceer je over de waarde en de prijs van uitzenden?

Hans Scheers
Hans Scheers

Interview met Hans Scheers en Marco van Zwolle, beide partners bij Experts in Flex

Scheers is consultant op het snijvlak van recruitment, marketing en technologie. Van Zwolle is financieel expert, met jarenlange focus op pricing in de uitzendsector.

De Wet Arbeidsmarkt in balans heeft flexwerk duurder gemaakt. Vervolgens kwam daar de coronacrisis overheen, waarbij uitzenders en flexkrachten de zwaarste klappen opvingen. Inmiddels neemt de vraag naar flexkrachten weer toe. Toch blijf het gevecht over tarieven en realistische marges aanhouden. Bovendien is het werk er niet makkelijker op geworden door de kwalitatieve mismatch tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Hoe is dit tij te keren?

Marco van Zwolle
Marco van Zwolle

Is het een kwestie van communicatie?
“Mede. Het gaat om communicatie in combinatie met aandacht voor het hele proces van personeelsbemiddeling,” stellen Hans Scheers en Marco van Zwolle vanuit hun expertise. Ze lichten het graag toe.

Hoe zit het dan met de prijs voor uitzenden?
“Vroeger, zo’n 30 tot 40 jaar geleden, was het proces van een flexbedrijf in de basis redelijk eenvoudig: je opende een vestiging op een A-locatie en de kandidaten kwamen zich inschrijven. Vervolgens plaatste je ze op de vraag van de opdrachtgevers. Bij een hoge werkloosheid was het matchen geen probleem, de kandidaten waren goed te vinden,” zegt Hans Scheers.

Weeffout in de communicatie over tarieven
“Tegelijk werd er in die periode in de prijsvorming een weeffout gemaakt. Uitzenders maakten de klanten wijs, dat die alleen hoefden te betalen voor de gewerkte uren,” voegt Marco van Zwolle toe. “Die gedachte heeft zich stevig verankerd in een markt die terecht steeds kritischer werd op die prijs. Klanten vragen: wat krijg ik daar nou eigenlijk voor? Wat verdien jij daar als uitzender aan?

In die jaren was het nog makkelijk om snel en veel geld te verdienen met uitzenden. Zulke  tijden zijn voorbij; de marges zijn lager geworden. En de waarde van de dienstverlening zit natuurlijk niet uitsluitend in die momentopname van de werving, matching en plaatsing.

De klant en de vacature heeft ook naamsbekendheid (employer branding) nodig, kennis en (technologische) middelen om personeel te werven, expertise in de contractafhandeling, het onderhouden van netwerken, boekhouding, training van interne medewerkers en nog veel meer aspecten van het spel.

Dat is allemaal onderdeel van de prijs voor de dienstverlening. Maar als je daar niet over communiceert en niet vertelt: dit doe ik allemaal om jou als klant de juiste mensen te bieden, dan snapt die klant dat niet. De prijs voor een product of een dienst wordt een discussie als mensen jou niet kennen en weten wat je doet. Maar als je jouw prijs kunt opbouwen met jouw diensten, wordt de dienstverlening zelf het gespreksonderwerp, zoals je het graag zou willen,” zegt Marco van Zwolle.

Employee Journey: waarde perspectief
Employee Journey, het waarde perspectief dat de basis is van de prijs voor uitzenden.

“Jammer genoeg gaan veel uitzenders nog uit van een kostprijs+ pricing om hun prijs of omrekenfactor te bepalen. Een prijs wordt verdedigbaar, zodra je de elementen er van kunt koppelen aan wat je doet en dát communiceert. En daarmee dus niet wat het jou gekost heeft, de kostprijs, maar de waarde die jij aan jouw klant levert met jouw dienstverlening. Dat heet value-based-pricing.

Ondertussen wordt de markt van recruitment moeilijker en moeten personeelsbemiddelaars veel meer inspanningen leveren om de juiste mensen te vinden, te testen op capaciteiten, op te leiden en te coachen naar een werkplek die past bij de vraag uit de markt. Dat zie je in de prijsopbouw van de dienstverlening te vaak niet terug: de weeffout die enkele decennia geleden werd gemaakt, begint nu echt knijpen.

Door value-based-pricing toe te passen kun je een deel van die druk repareren, juist nu in deze uitdagende tijden. Door je verkoopprijzen op te bouwen met welke dienst je levert ontstaat ook de mogelijkheid daar mee in te spelen op uitdagingen. Zo is het prima om de klant aan te geven dat je dienst X en Y tijdelijk cadeau geeft, onder het mom: het zijn immers uitdagende tijden voor u en voor mij. Door aan die tijdelijke prijsverlaging een duidelijke inhoud mee te geven wordt het tevens mogelijk om na afloop van een crisis de klant weer aan te geven dat dienst X en Y uiteraard niet meer cadeau zijn. De klant zal dat echt wel begrijpen, en ook blij kunnen zijn met de tijdelijke tegemoetkoming. Zo maak je van een prijs(terug)verhoging een geluksmoment voor allebei.

Dit is tijdens de voorgaande (krediet)crisis niet gedaan doordat er kostprijs+ werd gehanteerd. De klant dacht, oh die prijs kan dus ook en het tijdelijke lagere tarief werd permanent. Dat kan en moet anders, met value-based-pricing.”

Samen met de klant zoeken naar oplossingen
Hoe kom je tot een ander gesprek, een andere ingang bij de klant of de inkoper van flexibele arbeid?

“Als flexbedrijf verschuift onze rol van leverancier (“u vraagt, wij draaien”) naar business partner, die samen met de opdrachtgever een oplossing gaat zoeken voor zijn uitdagingen,” zegt Hans Scheers. “Een veel hechtere samenwerking dus, die al begint bij het meedenken over ‘wat zoek je nou eigenlijk?’ – welke competenties en (soft)skills – en ‘wat heb je de kandidaat te bieden?’”

Dat zeg je nu wel, maar dat verhaal heb ik tien jaar geleden, bij de vorige crisis, ook al eens gehoord en opgeschreven.

“Zeker, het is niet nieuw, maar we staan nu wel op een kantelpunt. De 100% match bestaat vrijwel niet meer. Uitzenders kunnen zich niet meer opstellen als ‘verzameling van vacatures en cv’s’. Het roer moet echt om, we moeten echte meerwaarde gaan leveren,” zegt Hans Scheers. “Dat vraagt om een andere inrichting van de processen en een andere manier van communiceren. Het begint met het vertalen van de klantvraag in een realistische en haalbare oplossing. Daarna ga je de samenwerking aan om in overleg tot de beste oplossing te komen, ieder vanuit de eigen expertise.”

Overbrug de kloof tussen vraag en aanbod
“Je moet gaan nadenken over de waarde van je dienstverlening. Dat is de basis voor de inrichting van je dienstverlening. Die meerwaarde kan zijn het opleiden en begeleiden van je flexkrachten, het speuren naar bruikbare competenties of het internationaal werven van schaars talent. Het nieuwe bestaansrecht van uitzenden is niet meer het matchen tussen vraag en aanbod, maar het overbruggen van de kloof tussen vraag en aanbod!

Wie de waarde van zijn diensten niet kan uitleggen en zijn hele organisatie daar niet op heeft ingericht en getraind, kan niet de prijs vragen die het waard is,” concludeert Marco van Zwolle. “Een klant is niet gek, die wil snappen waarvoor hij betaalt. Betrek je klant dus bij de beleving van jouw verbeterde processen. Laat het proces zien, vertel welk werk jij verzet om de juiste mensen te vinden voor die klant. Maak dat hele plaatje inzichtelijk.”

Opbellen en zeggen: doe mij er maar tien… ?
“Ook de klant gaat merken dat de wereld is veranderd. De juiste (vak)mensen pluk je niet meer zomaar van de markt. Klanten zijn nog heel erg geneigd om het uitzendbureau te bellen en te zeggen: ‘doe mij er maar tien’. Maar als die klant verschillende uitzendbureaus heeft gebeld en in totaal nog steeds niet aan de tien mensen komt, die hij zoekt, moet er toch iets doordringen van de nieuwe werkelijkheid? In die zin helpt de tijd mee om hierover op een andere manier het gesprek aan te gaan.”

Wat kun je dan doen?

Latent werkzoekenden
“Enerzijds kun je je meer richten op de doelgroep van latent werkzoekenden,” zegt Hans. “Als het je core business is om te recruiten, dan moet je aan de slag met digitalisering, marketing- en recruitmenttechnologie om ook die groep te kunnen bereiken. Dat vraagt om nieuwe methodes en technieken. Deze groep is vele malen groter dan de actief werkzoekenden bij de huidige (nog) lagere werkloosheidscijfers. Maar het bereiken van die groep vergt een andere en veel grotere inspanning.”

Hoe zitten werkzoekenden in het verhaal?
“Kandidaten hebben snel door of er naar hen wordt geluisterd. Die kiezen voor de (uitzend)werkgever waar ze zich het meest bij thuis voelen. Het staat en valt met aandacht,” vervolgt hij. “De uitzender die het beste zorgt voor z’n kandidaten, zal de besten binnenhalen en houden. Daarom is het belangrijk om niet alleen de opdrachtgever te bedienen maar ook de kandidaten, door te laten zien dat je echt iets doet met hun interesse. Als je hen geen aandacht geeft, niet terugbelt of de verkeerde vacatures aanbiedt, zijn ze weg. Zorg dus voor een snelle en kloppende respons als zij zich melden.

Gelukkig zijn er mooie technologische hulpmiddelen om de ‘candidate journey’ efficiënt vast te leggen. Uiteindelijk kun je op allerlei manieren laten merken dat je hem of haar serieus neemt. Dat kan zijn door wat de werkzoekende concreet aangeeft bij een online inschrijving, of doordat je volgt welke webpagina’s hij heeft bezocht. Het gaat erom dat je goed inzicht hebt in waar iemands interesse ligt.”

Dat beaamt ook Marco. “Het gaat er niet alleen om dat je een mooie recruitmenttool koopt. Volg alle stappen goed op: hoe implementeer je die tool? Hoe leid je je eigen mensen daarvoor op? Hoe heb je alles in de processen vastgelegd? Welke acties richt je in? De waarde uit de tooling halen, dat klinkt makkelijker dan het is.”

Recruitmentmarketing – meten is weten
“Je kan je kandidaten goed leren kennen door de marketing te automatiseren,” vindt Hans Scheers. “Ik leg het altijd zo uit: als ik jou een e-mail stuur met 3 vacatures, en je klikt maar op eentje, weet ik al in welke richting jouw interesse ligt. Dan hoef ik die andere vacatures de volgende keer niet meer te sturen. De volgende keer als ik je 3 vacatures stuur, moeten die inhoudelijk direct aansluiten bij de richting waarvoor jij al interesse hebt getoond door een simpele klik. Dan geef je die kandidaat het gevoel: dit uitzendbureau snapt wat ik wil en wat ik zoek. Dat geeft vertrouwen in het proces.”

CV is snel verouderd, het draait nu meer om soft skills en bijscholing
“Ik kom uit de technische wereld. Daarin zie dat het cv zijn langste tijd heeft gehad,” zegt Hans. “Banen verdwijnen en krijgen nieuwe vereisten. Neem het voorbeeld van de technisch tekenaar; vroeger werkte zo iemand met pen en liniaal. Inmiddels is die man een 3D-tekenaar en heet zijn functie Bim moduleur. Zo gaat het op veel meer terreinen.

Je zult dus vaker mensen gaan opleiden voor een baan. Dan moet je in gesprek gaan met je klant en voorleggen: je zoekt iemand die past bij de functie, maar die mensen zijn nu niet voorhanden. Aan welke voorwaarden moet iemand voldoen om in de toekomst succesvol te kunnen zijn? Waarop moeten we mensen selecteren voor een opleidingstraject? Dan ga je als bemiddelaar niet meer kijken naar de functies die iemand heeft bekleed, maar naar zijn soft skills, zijn competenties, wat heeft iemand in zich? Je zult dus vaker mensen gaan selecteren en matchen op basis van een assessment, ook voor blue collar functies.

Die kant gaat het op. Vroeger deed je een persoonlijke intake, waardoor je een gevoel kreeg bij iemands persoonlijkheid en vaardigheid. Bij een grote database kun je taaltechnologie benutten. Als je daarmee analyseert hoe een kandidaat dingen verwoordt, weet je al veel van zijn of haar skills. En zo zijn er meer technieken die helpen bij de voorselectie.”

Interview: Hinke Wever

Over Hans Scheers
Hij begon ooit in de flexbranche als intercedent bij een uitzendorganisatie, zette zelf een aantal vestigingen op en werd aangesteld als directeur. Bij de overname van dat bedrijf door de Humares Groep, werd hij daar verantwoordelijk als staflid voor marketing en communicatie, dat door de veranderende marktomstandigheden steeds meer evolueerde richting recruitment. “Dat heeft mijn hart, ik vind het interessant hoe je de juiste kandidaten binnen haalt en daarmee om kunt gaan. Ik heb een paar innovaties mogen begeleiden binnen Humares. Dat technologie gedeelte vind ik interessant. Humares had veel acquisities gedaan, waardoor het bedrijf verschillende aparte databases met kandidaten had. Om gebruik te kunnen maken van de gezamenlijke kracht hebben we toen een centrale database geïntroduceerd. Toen dat project afgerond was, vond ik dat mijn taak klaar was. Sinds twee jaar ben ik voor mezelf begonnen als adviseur van uitzendbureaus op het gebied van marketing en recruitment technologie onder het label van Experts in Flex.”

Over Marco van Zwolle
Hij is financieel expert en werkte aan het begin van zijn loopbaan in diverse financiële rollen bij ISS Facility Services (Schoonmaak). Daarna maakte hij een uitstap naar de IT wereld, SUN Microsystems, waar hij een heel ander perspectief mee kreeg over bedrijfsvoering en financiële keuzes. Ruim tien jaar geleden begon hij bij USG People, waar hij een corporate functie vervulde, voor Nederland als ook enkele jaren bij activiteiten van USG People in andere landen. “Ik hield me vooral bezig met de performance van een bedrijf; hoe beoordeel je dat en hoe kun je zaken verbeteren? Na een tijdje dit ook in de diepte bij Unique te hebben toegepast ben ik fulltime Pricing Manager geweest voor alle Nederlandse USG bedrijven met als doel de waarde in de onderneming ook in de gehanteerde prijzen tot uiting te brengen. Sinds begin vorig jaar ben ik zelfstandig werkzaam als interim financial, waarbij ik de uitzendbranche bedien onder het label van Experts in Flex.”

Lees ook
Hoe val je op met je cv of vacature?
Skillspaspoort maakt iemands talent duidelijk
Ingrijpende maatregelen nodig voor herstel balans arbeidsmarkt
Uitzendbranche kan door personeelsgebrek hoge omzet mislopen
Het spook van de oneerlijke concurrentie
Jurriën Koops: toename schimmige constructies met flexibel personeel

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Hoe communiceer je over de waarde en de prijs van uitzenden?