WRR-rapport pleit voor meer grip op inkomen, werk en leven

0
227

Op woensdag 15 januari heeft de WRR het rapport Het betere werk overhandigd aan Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Presentatie WRR rapport Het betere werkVoor het event waren zo’n 250 belangstellenden naar Pakhuis De Zwijger gekomen in Amsterdam. De conclusie van de WRR is dat de kwaliteit van werk beter kan in Nederland. Om dit te bereiken is een brede, gecoördineerde aanpak nodig.

Het hebben van werk is goed, zowel voor het inkomen en het zelfrespect van individuen als voor de samenleving. Maar dit geldt vooral als het werk ook goed werk is.

9 aanbevelingen om de kwaliteit van werk te verbeteren

  1. Voorkom oneerlijke concurrentie tussen werkenden met verschillende contractvormen.
  2. Ontwikkel een stelsel van contractneutrale basisverzekeringen en voorzieningen voor alle burgers, een stelsel dat past bij de nieuwe wereld van werk.
  3. Vernieuw het actief arbeidsmarktbeleid, onder andere door meer aandacht voor persoonlijke begeleiding.
  4. Geef mensen met een uitkering en weinig kans op de arbeidsmarkt een basisbaan.
  5. Ontwikkel een programmatische aanpak voor goed werk binnen bedrijven en instellingen.
  6. Versterk de positie van werkenden binnen arbeidsorganisaties
  7. Schep meer mogelijkheden om mensen de keuze te laten hoeveel uren ze willen werken, onder andere door goede kinderopvang en ouderenzorg te bieden en meer werken makkelijker afdwingbaar te maken.
  8. Zorg voor langdurige, collectief betaalde verlofregelingen voor zorg en meer zeggenschap over arbeidstijden.
  9. Maak de drie condities van goed werk (grip op geld, op werk en op leven) en de verdeling hiervan over de bevolking tot basis van overheidsbeleid en volg deze in de Monitor Brede Welvaart.

Technologisering
Drie ontwikkelingen staan centraal die verregaande gevolgen kunnen hebben voor de hoeveelheid werk, en vooral voor de aard van het werk. Ten eerste de technologisering van werk: robots, cobots en kunstmatige intelligentie (algoritmen). In ‘het tweede machinetijdperk’ is niet alleen fysieke arbeid te automatiseren, maar kunnen ook meer mentale taken door en met machines worden uitgevoerd. Een inzet op complementariteit is cruciaal: het bevorderen van samenwerking tussen mens en machine, zowel bij de ontwikkeling van toepassingen als bij de ‘implementatie’ ervan.

Presentatie WRR-rapport Het betere werk

Flexibilisering
De tweede belangrijke ontwikkeling is de flexibilisering van werk. Nederland is een koploper in Europa op dit punt: inmiddels heeft 36 procent van de werkenden geen vast contract. De flexibilisering van werk is de afgelopen decennia meer dan verdubbeld, tot ruim 2 miljoen tijdelijk werkenden, oproepcontracten en uitzendwerkers, en 1,1 miljoen zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers). Flexibilisering; een tijdelijk contract, hoeft niet altijd een probleem te zijn als de werkgever maar voldoende investeert in ‘lerend werken’ en in het begeleiden van mensen naar ander werk.

WRR presentatie Het betere werk

Intensivering van werk
Intensivering van werk, oftewel de verandering van de snelheid en de aard van het werk, is de derde trend die de onderzoekers in dit rapport analyseren. Van de werkende mensen zegt 38 procent vaak of altijd snel te moeten werken om het werk af te kunnen krijgen. Vooral in de publieke sector, maar zeker niet alleen daar, is de als te hoog ervaren werkdruk de afgelopen tijd geagendeerd. Door de diensteneconomie is veel van ons werk mensenwerk.

Een op de tien werkenden vindt het werk emotioneel zwaar. Intensivering kan mensen uit de arbeidsmarkt drukken die niet kunnen voldoen aan de hoogproductieve eisen die het werk stelt, bijvoorbeeld als zij een (mentale) arbeidsbeperking hebben, en kan de re-integratie van mensen met kanker of een burn-out ingewikkelder maken. Meer autonomie op het werk – meer vrijheid om het werk naar eigen inzicht in te vullen – is een buffer tegen intensivering.

Deze drie ontwikkelingen zijn niet alleen medebepalend voor de hoeveelheid werk en voor wie werkt, maar ook voor de kwaliteit van werk.

Bron: WRR, 15 januari 2020