Payrolloptimalisatie in opmars, maar nog geen grote investeringen in AI Geplaatst 27 mei 2025 door Redactie FlexNieuws Steeds meer Europese bedrijven investeren in de optimalisatie van hun payrollprocessen, vooral om te voldoen aan veranderende wet- en regelgeving. Wel bungelt de inzet van AI, inclusief generatieve toepassingen, nog altijd onderaan de lijst van prioriteiten. Dat blijkt uit een grootschalig onderzoek van HR-dienstverlener SD Worx onder ruim 5.600 HR-managers en 16.000 medewerkers uit zestien Europese landen, waaronder Nederland. Het aantal Europese werkgevers dat payrolloptimalisatie als een van de grootste uitdagingen ziet is in een jaar gestegen van 11 naar 14 procent in 2025. Verder staat de optimalisatie van payroll voor een betere naleving van de arbeidswet- en regelgeving hoger op de agenda: 17 procent van de Europese werkgevers noemt het een uitdaging, een lichte stijging ten opzichte van vorig jaar (14%). Nederland loopt voorop in investeringen in payrollcompliance Europese bedrijven investeren dit jaar meer in payrolloptimalisatie dan vorig jaar. Bijna de helft (47%) investeert in het correct naleven van arbeidswetten, zodat ze zich makkelijker kunnen aanpassen aan de veranderende wetgeving. In 2024 was dit nog 38 procent. In Nederland is dit verschil nog beter zichtbaar. In 2024 investeerde een kwart van de Nederlandse bedrijven in hun payroll om arbeidswetten en aanpassingen aan de wetgeving nog beter na te leven. Dit percentage is in 2025 gestegen naar 50 procent. Lees ook: Marcel Reijmers: er zitten zeker ook positieve kanten aan de nieuwe regelgeving Beveiliging en duurzaamheid krijgen prioriteit Twee derde van de Europese werkgevers zegt ook de EU-regelgeving met betrekking tot HR actief te handhaven. Beveiliging van salarisgegevens staat met 46 procent op plaats twee inzake investeringen, tegenover 37 procent in 2024. Duurzaamheid in salarisverwerking, zoals minder papiergebruik en milieuvriendelijke processen, staat op de derde plaats met 38 procent. Daarnaast investeren ook steeds meer bedrijven in selfservicesystemen voor werknemers, bijvoorbeeld om hun salarisstrook te bekijken of vakantie aan te vragen. Ruim een derde (36%) zegt hierin te investeren, tegenover 27 procent in 2024. Uit de ondervraging onder Europese werknemers blijkt dat 46 procent veel administratieve HR-taken zelf beheert via een selfservicesysteem. Selfservice en digitale hulp nemen toe, maar AI blijft achter Opvallend is dat de integratie van (generatieve) AI in het payrollproces helemaal onderaan staat in de lijst van investeringen. Slechts 12 procent van de bedrijven in Europa investeert hierin, wat wel een stijging is ten opzichte van 2024 (8%). Tegelijkertijd investeert een vijfde in werknemerhelpdesks of chatbots om vragen over payroll te beantwoorden, al dan niet ondersteund door AI-technologie. Lees ook: De backoffice en payroll-processen klaarstomen voor de toekomst Drie op de tien Europese bedrijven geeft aan dat hun payrollsysteem AI-agents en chatbots bevat waarmee werknemers vragen over hun salaris en verloning kunnen stellen. In Nederland is dit percentage 27 procent. Opmerkelijk is dat werknemers niet altijd op de hoogte zijn van deze ontwikkelingen, gezien maar een vijfde van de Nederlandse werknemers aangeeft dat ze deze technologie kunnen gebruiken binnen de organisatie. Outsourcing van payroll wint aan terrein Europese werkgevers kiezen ook steeds vaker voor het outsourcen van payroll. HR- en payrollprofessionals verwachten dat de (gedeeltelijke) uitbesteding van payrolldiensten de komende drie jaar populairder wordt. SaaS-modellen en eigen systemen met eigen personeel verliezen aan populariteit. Bijna een kwart van de Europese bedrijven gebruikt momenteel eigen software en personeel voor payroll, maar dit aantal zal naar verwachting dalen naar 20 procent in 2028. Ruim een kwart van de bedrijven gebruikt zelfstandig software van een externe leverancier (het zogenaamde SaaS-model). Dit percentage zal naar verwachting dalen naar 21 procent in 2028. Lees ook: ‘Payroll is stabiele factor in onzekere flexbranche’ De helft van de Europese bedrijven die eigen payrollsoftware gebruiken met externe specialisten, en nog eens de helft van de bedrijven die hun payroll gedeeltelijk of volledig uitbesteden, melden aanzienlijke kostenbesparingen in hun payrollproces. Dat cijfer ligt in Nederland aanmerkelijk lager bij bedrijven die kiezen voor SaaS of hun payroll volledig zelf beheren, met eigen software en mensen (respectievelijk 29% en 37%). Geplaatst in Nieuws | Tags AI, outsourcing, payrolling | Reacties uitgeschakeld voor Payrolloptimalisatie in opmars, maar nog geen grote investeringen in AI
De mythe van automatisering: hoe AI afhankelijk blijft van goedkope arbeid Geplaatst 27 mei 2025 door Gastblogger Scooby-Doo in de wereld van platformwerk ‘Ik en mijn team zijn net Scooby-Doo: we reizen de hele wereld over om mysteries te onderzoeken’, vertelt Casilli. ‘We doen empirisch onderzoek naar kunstmatige intelligentie en hoe die wordt geproduceerd. Onze focus ligt niet op de nieuwe mogelijkheden van AI, maar op het ontwikkelingsproces: wie werken er achter de schermen om AI mogelijk te maken?’ Zijn onderzoeksteam heet Diplab, wat staat voor Digital Platform Labor. Inmiddels hebben zij een heel brede kijk op automatisering. Mythe van automatisering De droom van automatisering van werk is niet nieuw: onder anderen Thomas Mortimer schreef in 1801 over een machine die in staat zou zijn om menselijke arbeid ‘bijna volledig overbodig te maken’. “Technologen en economen zoeken al eeuwenlang manieren om arbeid efficiënter te maken”, vertelt Casilli. “Tijdens de industriële revolutie ontstonden de eerste machines, zoals de stoommachine en de Spinning Jenny. Elke innovatie ging gepaard met grote beloftes. Ze zouden ons vele uren aan werk besparen. Maar niets blijkt minder waar.” Veel voorspellingen over automatisering waren overdreven. Studies tussen 2013 en 2024 stelden dat robots 46-47% van alle banen zouden vervangen. Casilli: “Organisaties zoals de OESO en ILO hebben aangetoond dat dit niet klopt. Zelfs met bijkomende crises zoals klimaatverandering, geopolitieke spanningen en een pandemie, is de werkloosheid wereldwijd niet gestegen. Sterker nog, in 2025 werken mensen meer dan ooit.” Het probleem zit in de methodologie van deze onderzoekers, legt de hoogleraar uit. “Zij nemen een beroep en splitsen het op in taken. Als ze verwachten dat AI 60% van de taken kan vervangen, concluderen ze dat de baan verdwijnt. Maar zo werkt het niet in de praktijk. Vaak krijgen werknemers gewoon nieuwe taken.” Lees ook zijn onderzoek Waiting for robots: the ever-elusive myth of automation and the global exploitation of digital labor. Invloed van platformisering Volgens Casilli is de grootste verandering van de afgelopen jaren niet automatisering, maar platformisering. Bedrijven als Uber, Amazon en Meta gebruiken gigantische hoeveelheden data om vraag en aanbod te verbinden en het werk te organiseren. Daarnaast gebruiken zij al die gegevens om AI-systemen te trainen. Zo bouwen ze bijvoorbeeld software zoals ChatGPT (de P staat voor ‘Pretrained’) en de technologie achter zelfrijdende auto’s. “Wat vaak vergeten of verzwegen wordt, is hoeveel mensen hierbij betrokken zijn”, vertelt de onderzoeker. “De belofte van AI is dat de systemen menselijke cognitieve taken kunnen overnemen. Maar in werkelijkheid zijn veel zogenaamde ‘automatische’ processen afhankelijk van menselijke arbeid. De mensen die dit werk uitvoeren zijn vaak onzichtbaar en worden slecht betaald.” Dit is overigens niet iets van de laatste jaren: zo heeft Google al sinds 2007 een eigen platform Raterhub, waarbij datawerkers zoekresultaten verifiëren en zo de algoritmes van de zoekmachine verbeteren. Amazon Mechanical Turk, het platform dat Amazon gebruikt en ook voor externe klanten te gebruiken is, maakt een dikke knipoog naar de mythe rondom AI en de afhankelijkheid van menselijke arbeid. De Mechanical Turk waar het platform naar is vernoemd is de ‘schaakrobot’ die in 1770 werd uitgevonden en 84 jaar lang de wereld over reisde als voorbeeld van automatisering. Totdat bleek dat in de machine een persoon zat en van automatisering weinig sprake was. Automatisering leidt niet tot minder, maar ander werk – vaak in een verslechterde vorm. “Grote techbedrijven praten daar liever niet over. Het ondermijnt het verhaal dat AI echt intelligent is. In werkelijkheid werken mensen juist meer dan ooit, maar soms ook onder slechtere omstandigheden dan voorheen.” Wie zijn die datawerkers? Datawerkers verzamelen, ordenen en verbeteren gegevens. Zonder hen zou AI niet werken. Neem beeldherkenning: AI leert wat een kat is door miljoenen afbeeldingen van katten te analyseren. “Mensen moeten die beelden eerst labelen. Dat lijkt simpel werk, maar het is een vak apart. Toch krijgen deze datawerkers vaak een beloning die niet in verhouding staat tot hun inspanningen”, zegt Casilli. “In landen als Kenia ligt het maandloon voor deze datawerkers rond de $400. Dat is niet genoeg om rond te komen.” De hoogleraar benadrukt dat dit geen tijdelijke fase is. “Datawerk blijft nodig zolang we AI doorontwikkelen”, vertelt hij. “We moeten de systemen constant trainen, aanpassen aan nieuwe wensen van klanten en controleren op fouten. Schattingen van de Wereldbank wijzen op een ruwe schatting van minstens 150 miljoen van dergelijke werknemers wereldwijd, en dat aantal blijft alleen maar groeien. Ook daarom is het belangrijk om kritisch te kijken naar hun arbeidsomstandigheden.” Ook jij bent datawerker In zijn boek Waiting for Robots noemt Antonio Casilli een groep digitale arbeiders die vaak over het hoofd wordt gezien: social network laborers. Dit is eigenlijk iedereen met een smartphone. Met onze dagelijkse online activiteiten trainen we de AI van grote techbedrijven. We leren AI wat een stoplicht is door ReCaptchas in te vullen. Als we social media posts liken, leren we systemen welke plaatjes aantrekkelijk zijn. We leveren dus waarde aan AI-systemen, maar krijgen hier meestal niet voor betaald. We zijn zowel gebruiker als producent van data. Dit roept een interessante vraag op: is dit werk of niet? Casilli ziet dat deze vorm van arbeid bestaande machtsstructuren en scheve arbeidsverhoudingen versterkt. Hij en zijn team hebben samengewerkt met beleidsmakers en vakbonden om dit aan het licht te brengen. “Techingenieurs bij bedrijven zoals Google verdienen hoge salarissen, terwijl datawerkers in India, Venezuela en Madagascar onderbetaald worden. Dit volgt koloniale patronen. India voert datawerk uit voor Engelstalige landen, terwijl Franse bedrijven werk uitbesteden aan Franstalige landen in Afrika.” Wat kunnen we doen? Wat kunnen we hieraan doen? Dat omschrijft hij in het laatste hoofdstuk van zijn boek “What is to be done?”, een ironische quote van Vladimir Lenin. Volgens Casilli is er een systematische aanpak nodig om de omstandigheden van alle datawerkers wereldwijd te verbeteren. “Een oplossing voor een specifieke groep werkt uiteindelijk niet. We moeten op zoek naar een universele strategie.” Hij onderscheidt drie soorten oplossingen: regulering, collectieve platforminitiatieven en een wereldwijd herverdelingssysteem: 1. Regelgeving Spanje heeft bijvoorbeeld de Riders’ Law ingevoerd en de Europese Unie werkt aan richtlijnen voor platformwerkers. “Dit zijn stappen in de goede richting, maar dit soort regelgeving moet breder worden toegepast. Techbedrijven zijn tenslotte wereldwijd actief.” 2. Platformcoöperaties Werknemers kunnen zelf platforms opzetten waarin zij zeggenschap hebben over loon en werkomstandigheden. “Dit gebeurt al op kleine schaal, maar verdient meer aandacht.” 3. Herverdeling Grote techbedrijven kunnen worden belast en de opbrengsten gebruikt voor een universeel basisinkomen voor datawerkers. “Zo zorgen we voor meer rechtvaardigheid Casilli stelt dat dit basisinkomen niet gekoppeld is aan een ‘robotbelasting’ (aangezien hij niet verwacht dat robots werknemers zullen vervangen) en evenmin bedoeld is om sociale bijstand te vervangen: aangezien het ongeacht andere sociale uitkeringen moet worden uitbetaald. Met een combinatie van deze drie strategieën hoopt de hoogleraar dat we een eerlijker en duurzamer systeem kunnen creëren. “Techbedrijven moeten verantwoordelijkheid nemen voor al hun werknemers, inclusief de onzichtbare datawerkers die hun data produceren”, vertelt Casilli. “Ik maak me zorgen over deze situatie: lonen liggen ver onder het minimum en zelfs basisregels voor veiligheid en gezondheid worden niet altijd nageleefd.” Casilli vindt dat organisaties zoals de WageIndicator Foundation en het Fairwork-project een belangrijke bijdragen leveren. “Deze organisaties stellen standaarden voor eerlijke lonen en werkomstandigheden en die zijn hard nodig.” Handhaving, collectieve actie en verantwoordelijkheid van de gebruiker Na verschillende interviews over datawerk denk ik zelf dat het naast de oplossingen die Casilli aandraagt ook belangrijk is om bestaande regelgeving te handhaven. In landen waar veel onderbetaalde datawerkers actief zijn, ontbreekt toezicht. Dat komt onder andere door stevige lobby van techbedrijven. Daarom is het ook zo belangrijk dat werkenden collectief in actie komen, bijvoorbeeld via vakbonden. Deze zijn ondervertegenwoordigd, al zijn er intussen een aantal interessante grassroots initiatieven ontstaan. Verder vind ik dat (groot)gebruikers van AI-oplossingen hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Er zijn vele gesprekken over verantwoord AI-gebruik. Maar een gesprek over responsible AI zonder aandacht voor de verborgen werkenden kan ik niet meer serieus nemen. Waarom dit belangrijk is Casilli en zijn team brengen een belangrijk mysterie aan het licht: AI is geen magische ‘black box’. In werkelijkheid werken miljoenen mensen achter de schermen aan deze zogenaamde ‘intelligente systemen’. AI wordt gepresenteerd als volledig autonoom en het vele handwerk wordt vaak vergeten of genegeerd. Met alle gevolgen van dien voor de arbeidsomstandigheden van deze datawerkers. Als we AI echt verantwoord willen inzetten, moeten we ook oog hebben voor de mensen achter de technologie. Ik probeer dit onderwerp zichtbaar te maken en overal waar mogelijk te belichten. Daarom sprak ik eerder met Claartje ter Hoeven over Ghostwork: de onzichtbare wereld van werk achter AI. Binnenkort spreek ik in Kenia de Data Labeler Association om meer inzicht te krijgen in de omstandigheden en problemen van werkenden in Kenia. We kunnen tenslotte pas echt aan de slag met responsible AI als we inzicht hebben in hoe AI tot stand komt. Meer weten? Luister of bekijk de volledige podcast met Antonio Casilli. Over Martijn Arets Martijn Arets is internationaal platform expert en verkent sinds 2012 de opkomst van de platformeconomie en de impact op de samenleving. Geplaatst in AI, In de cloud | Reacties uitgeschakeld voor De mythe van automatisering: hoe AI afhankelijk blijft van goedkope arbeid
‘Alternatieve’ Zelfstandigenwet in internetconsultatie Geplaatst 26 mei 2025 door Redactie FlexNieuws VVD, D66, SGP en CDA komen met een voorstel voor een nieuwe wet om te bepalen wanneer iemand als zzp’er mag werken voor een zakelijke opdrachtgever. Zij bieden de conceptwettekst van deze Zelfstandigenwet vandaag aan voor internetconsultatie. De komende vier weken mag iedereen erop reageren. Initiatiefnemer Thierry Aartsen (VVD) heeft hoge verwachtingen. “Met deze wet geven wij zelfstandigen duidelijkheid en vrijheid om als zelfstandige te werken. Daar staat wel wat tegenover: je moet aan vaste criteria voldoen en je moet iets regelen voor arbeidsongeschiktheid en pensioen. Vrijheid en verantwoordelijkheid gaan hand in hand.” Mede-indiener Inge van Dijk (CDA): “Voor het CDA blijft werken in dienst de norm. Tegelijkertijd zien wij een groep die werk wil kunnen combineren met bijvoorbeeld vrijwilligerswerk of zorg voor kinderen en mantelzorgtaken en daarvoor naar zelfstandig werk kijkt. Om dat op een fatsoenlijke manier te doen, moet duidelijk zijn wanneer werken zelfstandig werken is.” Alternatief voor Wet VBAR Met de Zelfstandigenwet introduceren de partijen een nieuwe manier om te bepalen wanneer iemand als zzp’er mag werken voor een zakelijke opdrachtgever. Die bestaat uit drie toetsen: een zelfstandigentoets, een werkrelatietoets en een sectorale toets. Begin april presenteerden VVD, D66, SGP en CDA voor het eerst hun idee voor deze nieuwe wet. Het is een alternatief voor een deel van het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (VBAR) van het kabinet. De VBAR bestaat uit twee delen: een toetsingskader voor de beoordeling van arbeidsrelaties en een rechtsvermoeden van werknemerschap onder een bepaald uurtarief. De vier partijen zijn voorstander van het rechtsvermoeden, maar hebben weinig vertrouwen in het toetsingskaders van het kabinet. VVD, D66, SGP en CDA en vele anderen vinden het toetsingskader van VBAR te vaag. Vandaar dat zij met hun alternatieve Zelfstandigenwet komen. Lees ook: De tekst van de initiatiefwet is hier te vinden. De tekst van de memorie van toelichting – met een uitgebreide motivatie en uitwerking – vindt u hier. De internetconsultatie – waar iedereen aan mee mag doen – is hier te vinden. Drie toetsen Er zijn drie toetsen om te bepalen of een opdracht door een zelfstandige uitgevoerd mag worden: Zelfstandigentoets De eerste toets gaat over de persoon die het werk verricht: is iemand echt een zelfstandige? Hiermee wordt de positie van een zelfstandige wettelijk erkend, afgebakend en verankerd, benadrukken de initiatiefnemers. Bij deze toets bepaal je of iemand: Werkt deze persoon voor eigen rekening en risico? Voert iemand een deugdelijke administratie? Gedraagt de persoon zich in het economisch verkeer als zelfstandig ondernemer? Heeft de persoon een ‘adequate voorziening’ getroffen tegen het risico op arbeidsongeschiktheid? Dat hoeft niet per se een arbeidsongeschiktheidsverzekering te zijn, ook ‘substantieel’ eigen vermogen of beleggingen zijn toegestaan. Voorziet iemand in een ‘proportionele bijdrage voor een voorziening tegen inkomensverlies en/of armoedeval bij pensionering’? Anders gezegd: spaart iemand voldoende voor zijn pensioen? Werkrelatietoets De tweede toets gaat over de werkrelatie tussen de zelfstandige en de opdrachtgever. Er mag geen sprake zijn van een gezagsrelatie. De vier criteria zijn: De vrijheid van organisatie van de werktijd. Heeft de zelfstandige een grote mate van vrijheid om werktijden en verlof te bepalen? De vrijheid van organisatie van het werk. Heeft de zelfstandige een grote mate van vrijheid om zelf te bepalen hoe hij zijn werk uitvoert of organiseert? De afwezigheid van hiërarchische controle. De opdrachtgever mag geen directe hiërarchische controle over de zelfstandige uitoefenen. De wil van de partijen. Is het de bedoeling van partijen om te werken met en als zelfstandige? Sectoraal rechtsvermoeden Sommigen sectoren hebben een hoger risico op schijnzelfstandigheid. Voor deze branches zijn er extra regels die wijzen op de aanwezigheid van een arbeidsovereenkomst. Doorbraak in politieke impasse “Met deze wet willen we uit een decennialange politieke impasse komen”, zegt Aartsen. “Ons doel is niet meer of minder zzp’ers, maar meer duidelijkheid. Ons voorstel sluit aan op Europese jurisprudentie en is gebaseerd op de criteria die in België gebruikt worden. Je kan veel over België zeggen, maar qua arbeidsrecht is dat geen ontwikkelingsland.” Internetconsultatie De komende vier weken mag iedereen online reageren op de conceptwet tijdens de internetconsultatie. Een internetconsultatie is een gebruikelijke stap in een wetgevingsproces. “We hopen op inhoudelijke reacties en suggesties, die hebben we nodig om tot een zo goed mogelijk voorstel te komen”, zegt Aartsen. “Laten weten of je het er wel of niet mee eens bent. Wat je graag anders of beter zou zien. Het is belangrijk dat zzp’ers hun mening laten horen.” Na eventuele aanpassingen sturen de partijen het wetsvoorstel naar de Raad van State voor advies. Daarna gaat het voorstel inclusief het advies naar de Tweede Kamer. Politieke situatie complex Uiteindelijk moet de politiek kiezen: VBAR of de Zelfstandigenwet? De vier indieners van de Zelfstandigenwet hebben samen maar 41 zetels in de Tweede Kamer en moeten dus flink aan de bak om een meerderheid te krijgen. BBB en DENK lijken een voorkeur te hebben voor de Zelfstandigenwet, maar de linkse partijen zijn op voorhand niet enthousiast. NSC-Minister Eddy van Hijum (SZW) houdt voorlopig vast aan zijn eigen VBAR. Als zijn partij het voorstel van zijn eigen minister blijft steunen, komt de Zelfstandigenwet alleen door de Tweede Kamer met steun van PVV. In de Eerste Kamer heeft de Zelfstandigenwet meer kans van slagen. Daar hebben de vier initiatiefnemers plus de BBB een meerderheid. Lees ook: Tweede Kamer is nog verdeeld: VBAR of Zelfstandigenwet Dit is een ingekorte versie van het nieuwsartikel dat op 26 mei jl. is gepubliceerd op ZiPconomy. Dat volledige artikel op ZiPconomy bevat een toelichting op de drie toetsen en meer uitleg. Geplaatst in In de wereld, Politiek | Reacties uitgeschakeld voor ‘Alternatieve’ Zelfstandigenwet in internetconsultatie
FNV keert zich tegen cao-akkoord en roept uitzendkrachten op tot actie Geplaatst 26 mei 2025 door Redactie FlexNieuws Eerder deze maand bereikten werkgeversorganisaties ABU en NBBU met vakbond LBV een akkoord voor de nieuwe cao voor uitzendkrachten. Eind vorig jaar liepen onderhandelingen tussen ABU en NBBU en de grote vakbonden FNV en CNV over een nieuwe cao vast, waarna ze alleen met de kleinere vakbond LBV verder zijn gegaan. Lees ook: Update: FNV krijgt tik op de vingers in rechtszaak tegen LBV FNV roept uitzendkrachten op tot actie FNV is hier verbolgen over en roept uitzendkrachten op tot actie. Omdat de nieuwe cao per 1 januari 2026 ingaat, blijft volgens de vakbond de ongelijke behandeling van uitzendkrachten in 2025 voortduren. Daarnaast is het volgens FNV onduidelijk welke arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten gaan gelden. Zij zouden volgens de vakbond alle extra’s verliezen en minder vakantiedagen en minder vakantiegeld overhouden. FNV houdt daarom een digitale bijeenkomst voor leden om mee te praten over de cao voor uitzendkrachten van 2025 en de acties die kunnen worden ondernomen om gelijke behandeling en beloning te realiseren. De bijeenkomst is op maandag 26 mei om 19.30 uur. Lees ook: Leden LBV, ABU en NBBU stemmen in met nieuwe Cao voor uitzendkrachten Nieuwe cao zet in op gelijkwaardige beloning Speerpunt van de nieuwe cao, die is afgesloten met LBV, is dat uitzendkrachten recht krijgen op een beloning die minimaal gelijkwaardig is aan die van medewerkers met een gelijke of vergelijkbare functie in dienst bij de opdrachtgever. Er mogen verschillen zijn in arbeidsvoorwaarden, maar de totale waarde moet gelijkwaardig zijn. Uitzendkrachten zouden volgens de werkgeversorganisaties juist profiteren van verbeterde arbeidsvoorwaarden, waaronder een betere pensioenregeling, winstuitkeringen (indien de opdrachtgever die biedt) en budgetten voor scholing en vitaliteit. Geplaatst in Branchenieuws, In de branche | Tags ABU, cao, FNV, LBV, NBBU | Reacties uitgeschakeld voor FNV keert zich tegen cao-akkoord en roept uitzendkrachten op tot actie
Van mega-groei tot keiharde krimp op een moeilijke uitzendmarkt Geplaatst 26 mei 2025 door Arthur Lubbers De omzet van alle flexbedrijven in de TOP100 2025 groeide gemiddeld met 2,1%. Dat komt exact overeen met de cijfers van het CBS over de flexbranche. Dus ook in dat opzicht is deze TOP100 een goede afspiegeling van de flexbranche. Als we specifiek naar uitzenden kijken, kunnen we echter niet anders stellen dan dat de uitzendmarkt het moeilijk heeft. Volgens de ABU Marktmonitor is de uitzendbranche is in 2024 gekrompen in uren en omzet ten opzichte van 2023. Het totaal aantal uitzenduren is in 2024 gedaald met 8%, de totale omzet is gedaald met 1%. Begin 2025 was dit beeld niet heel anders, hoewel na een heel slechte start een wat minder sterke krimp volgde. Lees ook: de FlexNieuws TOP 100 van 2025: met alle (record)cijfers, toppers en inzichten Stijgende uurtarieven Teruglopende vraag naar uitzendkrachten, strengere wet- en regelgeving en grote onzekerheid over de geopolitieke en dus economische ontwikkelingen. En forse kostenstijgingen. Dat de omzetkrimp veel geringer is dan de daling in uitzenduren wijst erop dat uitzenders hun tarieven flink hebben kunnen verhogen in 2024. Maar gemiddeld genomen dekken de stijgende uurtarieven de kostenstijgingen al bijna twee jaar onvoldoende, zo concludeerde flexstrateeg en hoofdredacteur Wim Davidse eind vorig jaar al in zijn vooruitblik voor 2025. Dat het geen topjaar was voor de uitzendbranche zien we ook terug bij de deelnemende uitzendorganisaties aan de FlexNieuws TOP100 2025. Maar de ene uitzender is de andere niet en zij presteren op de moeilijke markt dan ook heel wisselend. Er zijn grote verschillen tussen de omvang (omzetklassen), type flexbureau en doelgroepen waarop zij zich richten. En ook binnen die segmenten zijn er weer winnaars en verliezers. Traditionele vier krijgen weer de grootste klappen Dat geldt zeker voor de uitzendmarkt, dat een moeilijk jaar achter de rug heeft. De uitzenders kampen met krapte op de arbeidsmarkt, grote margedruk en een dalende vraag naar uitzendkrachten. Na de coronapiek is de krimp (in uitzenduren) halverwege 2022 ingezet en die duurt nog altijd voort. De grote, generieke uitzenders vangen de hardste klappen op. Dat blijkt ook weer uit de FlexNieuws TOP100 2025. Al jaren zien de ‘traditionele, grote 4’ hun omzetten drastisch dalen en 2025 was daar geen uitzondering op (zie grafiek hieronder). Met marktleider Randstad Nederland voorop, dat een jaaromzet boekte van € 3 miljard, wat neerkomt op een omzetdaling van 7,1%. RGF Staffing Nederland deed het volgens ramingen niet beter met het behalen van een omzet van € 918 miljoen in 2024 (-8%). Ook de twee andere grote, generieke internationale uitzenders geven geen exacte omzetcijfers over Nederland, maar volgens ramingen boekten ook zij omzetverlies afgelopen jaar. ManpowerGroup Nederland had naar schatting een omzet van € 377 (-2,5%) en Adecco Group Nederland zag volgens raming de omzet flink dalen naar € 343 miljoen (-14%). Samen zorgen de traditionele 4 voor de grootste gemiddelde omzetdaling uit de hele TOP100 (zie grafiek hieronder). 1. Omzet per omzetklasse 2024 We kunnen sowieso niet meer van de Grote 4 spreken, zoals Randstad, Manpower, Adecco en USG People (RGF Staffing) werden genoemd. Andere grote uitzendorganisatie hebben inmiddels een hogere positie in de FlexNieuws TOP100 verkregen. House of HR in de top-3 Zo is het van origine Belgische House of HR inmiddels een grote speler geworden op de Europese uitzendmarkten. Met het Amerikaanse Bain Capital Private Equity als hoofdaandeelhouder voert House of HR een actieve overnamestrategie. Met als meest recente wapenfeit de overname begin dit jaar van Pro Industry door House of Covebo, het dochterbedrijf dat is gespecialiseerd in uitvoerende beroepen in de bouw, techniek, productie en logistiek. Naast Covebo zijn zelfstandige labels als Continu Professionals, Redmore, Cohedron en TMI bekend in ons land. Maar ook House of HR moet een pas op de plaats maken. Was het bedrijf jarenlang een van de snelstgroeiende grote uitzenders, in 2024 daalde de omzet in Nederland licht (-1,6%) naar € 1,33 miljard. Daarmee staat House of HR wel op een 3e positie in de FlexNieuws TOP100. PROMAN is positieve uitzondering De Franse PROMAN Group, waartoe onder meer Luba en Timing (en bijvoorbeeld E&A Uitzendbureau) behoren, boekte in ons land in 2024 een omzet van € 954 miljoen, een keurige omzetgroei van 5,3%. Daarmee is PROMAN echt een positieve uitzondering onder de grote generieke uitzenders. Ook opvallend is dat dit nog een echt onafhankelijk Frans familiebedrijf is. Vijf jaar geleden is het wel de samenwerking aangegaan met de Agilitas Group (voorheen t-groep) waar de Belgisch/Nederlandse investeringsmaatschappij Gilde Buy Out Partners achter zit. Samen vormen zij sindsdien een grote speler op de Europese markt van hr-dienstverlening. OTTO Work Force de snelste groeier De snelste groeier onder de grote uitzenders (> 500 miljoen omzet) is OTTO Work Force. Met een omzet van € 933,5 miljoen boekte het bedrijf een omzetgroei van 13,6% in 2024. Arbeidsmigratie terugdringen mag dan een politiek speerpunt zijn van dit kabinet, vooralsnog stoomt OTTO als grootste bemiddelaar in arbeidsmigranten vrolijk door. Frank van Gool, 25 jaar lang het boegbeeld van bemiddelaars van arbeidsmigranten, laat een goed lopend succesvol bedrijf achter. YoungCapital (The Works) de grootste daler De grootste daler onder de grote uitzenders is YoungCapital (The Works). Een omzet in 2024 van krap € 403 miljoen betekent een daling van 17%. Die omzetkrimp is nog veel groter dan in 2023 (-10%) en 2022 (-11%). En dat is bijzonder omdat juist YoungCapital even gold als de grote uitdager van de grote generieke uitzenders toen het bedrijf in 2021 een omzet boekte van € 602 miljoen. In vier jaar tijd is 33% van de omzet verdampt! Tot 2022 heeft het bedrijf onder leiding van Ineke Kooistra bijna tien lang groei gekend. Kooistra vertrok begin 2023 en sinds begin 2024 staat Lauren van der Heijden aan het roer. Ook hij heeft het tij nog niet kunnen keren. YoungCapital richt zich als uitzender vooral op young professionals, de hoger opgeleiden. Een lastige doelgroep, zo blijkt uit de meest recente TOP100. Ook de detacheerders en zzp-bemiddelaars die zich op deze doelgroep richten kenden vrijwel allemaal omzetverlies vorig jaar (met uitzondering van Bunel Nederland.) Kleinere uitzenders: de kracht van het MKB Het is bepaald niet zo dat alle generieke uitzenders het op de moeilijke markt slecht doen. Integendeel, het kleinere tot het middensegment (< 100 miljoen) groeide zelfs gemiddeld met 7% in omzet vorig jaar. Mogelijke verklaring is dat deze flexondernemers er beter in slagen een persoonlijke relatie met opdrachtgevers op te bouwen, een sterke regionale positie hebben en dus de lokale markt heel goed kennen. Dat is ten slotte de kracht van het MKB. Wies van ’t Slot van het Groningse 365Werk is een goed voorbeeld van een succesvolle flexondernemer. Haar uitzendbureau boekte afgelopen jaar een omzetgroei van maar liefst 47% (omzet: € 43,7 miljoen). Ook nieuwkomers Gi Group (+33%) en EU-Roots Uitzendbureau (+14%) kende flinke groei ondanks de moeilijke marktomstandigheden. Perflexxion had daarentegen wel een tegenvallend jaar en kwam uit op een omzet van € 21,4 miljoen (-11%). 2. Omzet per type flexbureau Home of People en House of Work zijn succesvolle multi-specialisten Met een omzet van € 165 miljoen in 2024 (+34%) Home of People is de snelste groeier onder de multi-specialisten in de uitzendwereld. Home of People (voorheen Solutions Group) heeft haar roots in de bemiddeling van arbeidsmigranten in het Westland. Home of People groeit vooral door strategische overnames. Dat begon met de overname van T&S Flexwerk in 2021, maar daar bleef het niet bij. In 2023 heeft Home of People het uitzendbureau NWH Jobs uit Noordwijkerhout overgenomen. En in juni 2024 nam Home of People het Westlandse uitzendbureau Efficient at Work over. Home of People blijft actief op overnamepad. En zoals toenmalig CEO Hans Pruis in een interview met FlexNieuws al zei: “Als je een of twee overnames per jaar doet, groei je al snel.” De kracht van deze multi-specialist is dat de verschillende merken zelfstandig blijven opereren en tegelijkertijd profiteren van de schaalgrootte onder de paraplu van Home of People. Dat lijkt een succesformule. Ook House of Work is zo’n multi-specialist die er bovenuit steekt in de moeilijke uitzendmarkt (omzet 2024: € 120,7 miljoen (+15%). En dat geldt eveneens voor The Specialist Group (omzet: € 271 miljoen (+9%). Toch is het ook opvallend dat een aantal multi-specialisten niet of nauwelijks is gegroeid. Eerder genoemde House of HR Nederland is met een omzet van € 1,33 miljard veruit de grootste multi-specialist in de FlexNieuws TOP100, maar boekte als gezegd een licht omzetverlies (-1,6%). Specialiseren loont, maar niet altijd Flexstrateeg en hoofdredacteur FlexNieuws Wim Davidse adviseert het al jaren: ‘kies voor specialisatie!’ Ook uit de FlexNieuws TOP100 2025 blijkt opnieuw dat specialiseren loont. Op de moeilijke uitzendmarkt boekten de specialisten gemiddeld een omzetgroei van 7,3%. Koploper is Sun-Power, specialist in agro, groen en food, met een omzetgroei van 34% (omzet 2024: € 20,4 miljoen). Ook Unit U, dat bemiddelt in technisch specialisten in de procesindustrie, deed het uitstekend in de eigen niche (omzet: € 39,5 miljoen (+33%). De Gilde Groep presteerde heel goed in de bouw- en techsector (+32%) en Unie-Pool Personeel (+30%) deed datzelfde in de industrie en logistiek. Terwijl dat sectoren zijn waar het voor veel uitzenders juist een heel lastig jaar was. Eastmen EU en N2 People kende in de technische en logistieke sector zelfs een dubbelcijferige daling in omzet vorig jaar. En Bouwprofs Groep had een heel zwaar jaar; de omzet daalde met bijna een kwart naar € 21,1 miljoen (-24,7%). Conclusie: door specialisatie kun je succesvoller zijn. Je bouwt een sterker netwerk op, hebt kennis en expertise in vakgebieden en/of regio’s die je een concurrentievoordeel geven. Maar een garantie op groei is het niet. Het ene flexbedrijf profiteert, het andere kent meer tegenslagen. Toch lijkt specialiseren nog altijd een goede strategie, zeker op een uitzendmarkt waar volumes teruglopen. Geplaatst in Flexdata, In de branche | Tags FlexNieuws TOP 100, uitzendbranche, uitzenders | Reacties uitgeschakeld voor Van mega-groei tot keiharde krimp op een moeilijke uitzendmarkt