Gaan we richting een DBA-debacle in het kwadraat? Geplaatst 12 december 2024 door Hugo-Jan Ruts Hoogspanning in Den Haag: botsende wereldbeelden binnen het kabinet, activistische Kamerleden, moties, risico-averse opdrachtgevers, een flink dalend aantal opdrachten, onrust onder zzp’ers, petities en bezoekersrecords op ZiPconomy. Wie het zzp-dossier al langer volgt, zal regelmatig een déjà vu-gevoel hebben. Laten we even 8 tot 10 jaar teruggaan. Verontwaardigde Kamerleden van D66 en PvdA verschenen in Nieuwsuur (2014) naar aanleiding van strengere controles door de Belastingdienst op schijnzelfstandigheid in de zorg: “Het kabinet wil nu zzp’ers aanpakken, dat gaat te ver. Er moet snel een goede oplossing komen.” In 2015 constateerden we dat de twee regeringspartijen (VVD en PvdA) het niet eens konden worden over zzp-beleid. Dit leidde tot de aankondiging van het afschaffen van de VAR per 1 mei 2016 via de Wet DBA. De Tweede Kamer zag pas laat in wat voor impact dit zou hebben. Ondertussen verliep de communicatie van de Belastingdienst uiterst gebrekkig. (“De regels die bepalen of u in loondienst bent of niet, veranderen niet.”) ondanks goedbedoelde (en toen nog onwennige) webinars. Vervolgens zagen we een nieuw Nieuwsuur-item over werkgevers die door de nieuwe wet zzp’ers niet meer wilden inhuren. Dit item besteedde ook aandacht aan de groei van payrollers. De situatie escaleerde: een petitie van zzp’ers tegen de ‘vervanger van de VAR’, Kamervragen, spoeddebatten en het activistische Kamerlid Pieter Omtzigt die riep: “De Wet DBA werkt niet.” Uiteindelijk besloot het kabinet in november 2016 om voorlopig niet te handhaven. Zo ontstond het begrip ‘handhavingsmoratorium’ en de term DBA debacle. Acht jaar later De namen zijn anders (Aartsen in de rol van Omtzigt? Liggen NSC en VVD op één lijn?), maar veel blijft hetzelfde. Een lang van tevoren aangekondigd besluit (toen de afschaffing van de VAR, nu het opheffen van het handhavingsmoratorium per 1 januari 2025, al 2,5 jaar terug aangekondigd) met sectoren die pas laat reageren. De communicatie vanuit de overheid is wat beter dan acht jaar terug, maar laat nog steeds veel over aan de eigen inschatting van werkgevers. Die daar onzeker van worden. Dus is er weer die aarzeling bij opdrachtgevers om zzp’ers in te huren (en lang niet al te recht). Juristen vinden nog steeds dat die de onduidelijkheid overdreven is. Weer zijn er bezorgde zzp’ers een petitie starten. De zorgsector klaagt over een te rigide aanpak door de Belastingdienst en waarschuwt dat het volledig stoppen met zzp’ers, waar volgens ActiZ de Belastingdienst op aanstuurt, tot acute problemen zal leiden. ActiZ pleit voor ruimte om incidenteel zzp’ers in te huren bij ‘piek en ziek’. De druk op het kabinet neemt toe. Aartsen (VVD) benadrukt dat van de beloofde ‘zachte landing’ geen sprake is. Hij stelt in een motie voor om prioriteit te geven aan handhaving bij uurtarieven onder de 34 euro. Hij wil vóór 19 december antwoorden op deze en andere vragen. Net als destijds staat er weer een staatssecretaris (toen Wiebes, nu Van Oostenbruggen) voor een dilemma: consequent zijn of inschikken. Wat is er anders? Twee zaken zijn fundamenteel anders. De arbeidsmarkt is nu uiterst krap. Zzp’ers lijken weinig bereid om terug te keren in loondienst. Een deel wachten liever of zoekt een opdracht in een andere sector. Waar het acht jaar geleden vooral de zzp’ers waren die zich roerden, zijn het nu voor een deel ook de werkgevers. Met ook daar verschillende geluiden, een deel wil juist handhaving om zo afscheid te kunnen nemen van zzp’ers. Er zijn meer gedwongen opdrachtgevers dan gedwongen zzp’ers. Dan is er de geloofwaardigheid van de overheid. Politiek het gevoeligste punt. Die huurt nu veel meer extern personeel in dan acht jaar geleden, waaronder veel zzp’ers. Tegelijkertijd lijkt de overheid zelf niet klaar voor 1 januari. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat er bij vele onderdelen van de Rijksoverheid nauwelijks een beeld is, laat staan beleid, over wat kan en mag rond de inhuur van zzp’ers. Onderdelen stoppen dan maar helemaal, anderen ‘zien wel’. Vervolgens lijkt het braafste jongetje van de klas zichzelf in de voet geschoten te hebben. Als geen ander heeft het Ministerie van Financiën – en de Belastingdienst voorop – haar best gedaan om zzp’ers en mogelijke schijnzelfstandigheid in kaart te brengen en af te bouwen. Dat is heel aardig gelukt (zeker ten opzichte van andere ministeries). Alleen is daar dan nog de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen. Het wegsturen van (schijn)zzp’ers daar leidt tot (ongewenst) vertraging, zo werd ook netjes gemeld aan de Tweede Kamer. Die reageerde daar niet op (wie zwijgt, stemt toe?), dus deze zzp’ers blijven voorlopig. Tja, dan komt er een wat ondoordachte (of juist niet?) brief half november – net in de periode dat er geen staatssecretaris was – dat de Dienst Toeslagen eventueel boetes betaalt indien de bureau controles krijgt. Zo’n brief lekt uiteindelijk natuurlijk uit (dit keer hadden wij de eer). De poppen zijn aan het dansen. Intern (boze Belastingdienst). Maar vooral extern. Richting het grote publiek is deze beeldvorming natuurlijk desastreus. Een overheid die haar eigen wetten niet naleeft en boetes betaalt, maar toch doorgaat met overtreden. In een (andere) brief uitleggen dat de verantwoordelijkheid hier bij de bureaus van de zzp’ers ligt, is misschien feitelijk wel juist, maar verandert niets aan de beeldvorming. En nu? Politiek geduw en getrek in de wandelgangen, ook binnen een coalitie die ingewikkelder in elkaar zit dan acht jaar geleden. Toen hield PvdA-minister Asscher pogingen voor een creatieve oplossing (toen een tariefsgrens) van de VVD tegen. Nu hebben we vier partijen: NSC met twee verantwoordelijke bewindspersonen die tot nu toe strak in de wedstrijd zitten, de VVD die wil bewegen en de BBB die lijkt mee te krijgen. Dan is er de PVV, die juist een motie indiende die ervoor moest zorgen dat per 1 januari alle schijnzelfstandigheid bij de overheid wordt aangepakt. Maar ook de minister van Zorg levert. En hoe zit qua inhuur bij al die departementen van de andere ministers? Gaan die ook boetes betalen als het daar niet goed blijkt te zitten? Het toch weer volledig verlengen van het handhavingsmoratorium lijkt me politiek ondenkbaar, maar ergens moet er iets gaan bewegen. Het wordt nog een interessante week tot het kerstreces. Geplaatst in In de wereld, Politiek | Tags dba, wet dba | Reacties uitgeschakeld voor Gaan we richting een DBA-debacle in het kwadraat?
Onderhandelingen CAO voor uitzendkrachten opgeschort Geplaatst 11 december 2024 door Redactie FlexNieuws Dosign-arrest In het Dosign-arrest heeft de Hoge Raad onlangs bepaald dat uitzendkrachten recht hebben op dezelfde bonussen als werknemers die rechtstreeks in dienst zijn bij de inlenende onderneming. “Deze uitspraak van de Hoge Raad is van groot belang voor de uitzend- en detacheringsector. De Hoge Raad is nu afgeweken van het engere loonbegrip zoals dat in Nederland in gebruik is en legt loon uit naar Europese maatstaven. Dat betekent een forse uitbreiding van het loonbegrip”, zo liet arbeidsrechtadvocaat Maarten Tanja van Köster Advocaten FlexNieuws eerder weten. Concreet betekent dit dat ook bonussen en een prestatievergoeding moeten wel degelijk als loon worden opgevat. Echter, voor bedrijven die wel de Uitzend-cao toepassen, heeft de uitspraak van de Hoge Raad geen invloed, zo legde Tanja tegelijkertijd uit. Zij wijken bij CAO af van de Waadi en betalen volgens de ‘inlenersbeloning’, die de cao-partners hebben afgesproken. En de ABU en NBBU beroepen zich dus op het recht om bij CAO af te wijken van het loonverhoudingsvoorschrift. In een LinkedIn-post verwoordt Marcel Reijmers (specialist flexibele arbeid) dit heel helder: ‘In de Waadi staat dat bij CAO mag worden afgeweken van het loonverhoudingsvoorschrift en de inlenersbeloning is een bij CAO vastgelegde afwijking. De Hoge Raad heeft zich niet uitgelaten over de geldigheid van deze bepaling, dus in de ogen van ABU en NBBU blijft hij gewoon van toepassing.’ Bonden: ‘gelijke behandeling of geen deal’ De bonden zijn duidelijk een andere mening toegedaan. Zij vinden dat uitzendkrachten op basis van het Dosign-arrest moeten opeisen waar ze recht op hebben. Het gaat dan volgens de FNV om beloning die de werknemer in dienst bij de opdrachtgever wel krijgt, maar de uitzendkracht niet, zoals prestatiebeloning, resultaatafhankelijke bonussen, meer vakantiedagen dan de 25 die uitzendkrachten krijgen, feestdagenvergoedingen, et cetera. Op de site van FNV zegt Karin Heynsdijk, bestuurder FNV Flex: “Iedereen, van het ministerie van Sociale Zaken tot de Hoge Raad, is het erover eens dat het begrip beloning ruim moet worden toegepast in de uitzendsector. (..) Wij kunnen geen cao steunen die niet aan de uitspraak van de Hoge Raad voldoet.” En de reactie van Marten Jukema, bestuurder CNV, is al even ferm: “Linksom of rechtsom, in de cao moet de gelijke behandeling wat betreft beloning geregeld worden anders komt er geen deal.” De ABU en NBBU komen op korte termijn met een gezamenlijke reactie op het opschorten van de CAO-onderhandelingen. De huidige CAO voor uitzendkrachten loopt 6 januari a.s. af. Als er geen nieuwe CAO wordt afgesloten, blijft de huidige CAO van kracht. Lees ook: Principeakkoord gesloten voor nieuwe cao uitzendkrachten Geplaatst in In de wet, Wetten & CAO’s | Tags cao, FNV, uitzendkrachten | Reacties uitgeschakeld voor Onderhandelingen CAO voor uitzendkrachten opgeschort
Geen loondoorbetaling voor uitzendkracht die passende functies weigerde Geplaatst 11 december 2024 door Redactie FlexNieuws Randstad zette in april 2024 de loonbetaling van een uitzendkracht stop, omdat de werknemer passend werk weigerde nadat het werk afliep. De uitzendkracht, die werkte als productiemedewerker, had met Randstad een contract in fase B dat liep tot juli 2024. Volgens de uitzendkracht is het stopzetten van het loon ten onrechte gebeurd. Om te beginnen heeft er volgens hem nooit een herplaatsingsgesprek plaatsgevonden nadat het werk eindigde. Verder heeft hij wel degelijk gereageerd op aangeboden werk, betoogde hij. Hij gaf namelijk aan dat dit werk niet passend voor hem was. Het fasensysteem: een overzicht van alle huidige regels Daarna heeft hij volgens eigen zeggen niets meer van Randstad vernomen. Hij stapte daarom naar de rechter, waar hij van Randstad doorbetaling van loon eiste tot de einddatum van de arbeidsovereenkomst. Ook verzocht hij om betaling van een transitievergoeding. Voor de rechter De rechter wijst op de verplichtingen die volgen uit de cao. De uitzendonderneming heeft als het werk stopt de plicht om passend en vervangend werk te zoeken en aan te bieden. De uitzendkracht heeft op zijn beurt de plicht om passend en vervangend werk te aanvaarden. Verder is de uitzendonderneming verplicht om een herplaatsingsgesprek te voeren met de uitzendkracht. Rechter zet streep door concurrentiebeding uitzendbureau Hoe is dat in deze situatie gegaan? Om te beginnen zijn partijen het oneens of er een herplaatsingsgesprek is geweest. Volgens Randstad waren dat er twee, waarvan er eentje lastig te bewijzen valt. In de ogen van de uitzendkracht heeft zo’n gesprek nooit plaatsgevonden. Toch erkent hij dat er een gesprek is geweest over een functie, waarbij hem is gewezen op de gevolgen als hij dit niet zou accepteren. De kantonrechter gaat daarom ervan uit dat er een herplaatsingsgesprek heeft plaatsgehad. Passende functies Ook over het aanbieden van passende functies lopen de meningen uiteen. Volgens Randstad zijn er meerdere passende functies aangeboden. Dat waren functies met dagdiensten, precies wat de uitzendkracht had gevraagd. Volgens de uitzendkracht was het nog niet bekend of de werktijden passend waren en heeft hij de functie daarom niet geaccepteerd. Maar hierin gaat de rechter niet mee, omdat dit nergens uit blijkt. Randstad heeft de loonbetaling terecht beëindigd, concludeert de rechter. Het verzoek om een transitievergoeding wijst de rechter eveneens af. “In de situatie tussen Randstad en de uitzendkracht is de arbeidsovereenkomst namelijk na een einde van rechtswege op initiatief van de werknemer niet aansluitend voortgezet, omdat de uitzendkracht passend werk niet heeft geaccepteerd.” Ga naar de hele uitspraak. Geplaatst in Branchenieuws, In de branche, Nieuws | Tags fasensysteem, loondoorbetaling, rechtspraak | Reacties uitgeschakeld voor Geen loondoorbetaling voor uitzendkracht die passende functies weigerde
ABN AMRO: 250.000 zzp’ers mogelijk schijnzelfstandige Geplaatst 10 december 2024 door Redactie FlexNieuws Circa 250.000 zzp’ers zijn mogelijk schijnzelfstandige, zo stelt ABN AMRO in haar Sectorprognoses 2025-2026 die vandaag wordt gepubliceerd. Onderscheid werknemer – zzp’er Probleem voor werkgevers is dat de grenzen van zelfstandig ondernemerschap niet vastomlijnd zijn volgens Mario Bersem, sectoreconoom van ABN AMRO. “Zo dragen opdrachten aan zzp’ers vaak de kenmerken van zowel een vast arbeidscontract als een opdrachtovereenkomst. Hoewel de Belastingdienst heeft aangekondigd terughoudend te zijn met boetes, moeten werkgevers wel serieuze stappen zetten om schijnzelfstandigheid te vermijden.” Bersem vindt dat de overheid meer duidelijkheid moet bieden om te zorgen dat de rust in de arbeidsmarkt terugkeert. “Zo is het belangrijk dat de nieuwe wet die strikter onderscheid maakt tussen werknemers en zzp’ers (VBAR, red.) er snel komt. Op termijn zal het aantal zzp’ers door de vergrijzing en de verwachte economische groei immers verder toenemen.” Alternatief: stoppen, uitzenden of detacheren Werkgevers lopen risico op naheffingen en boetes als er sprake is van schijnzelfstandigheid. Zij hebben een aantal opties om het risico op een verkapt dienstverband te beperken, bijvoorbeeld door zzp’ers een vast dienstverband aan te bieden. Bedrijven kunnen er ook voor kiezen om zzp’ers via een uitzend- of detacheringsbureau in te huren of de samenwerking zelfs helemaal te staken. Er zijn inmiddels meerdere (semi-overheids)organisaties die een stop op de inhuur van zzp’ers hebben ingesteld. Verschillen zorg, bouw, industrie en transport Werkgevers in alle sectoren doen er volgens ABN AMRO goed aan het aantal werkzame zzp’ers en de voorwaarden waaronder zij werken kritisch te bekijken. Er zijn grote verschillen in risico op schijnzelfstandigheid tussen sectoren. Organisaties moeten vooral letten op het wel of niet onder gezag van de opdrachtgever staan en of de zzp’ers een vast aantal uren werken. Met name in de zorg, waar het aantal zzp’ers in de afgelopen vijf jaar met 60% is gestegen, komt schijnzelfstandigheid vermoedelijk veel voor. Zo is vaak sprake van een gezagsverhouding; werkzaamheden zijn doorgaans onderdeel van vaste roosters en hebben een structureel karakter. Hoewel het aandeel zzp’ers in de zorg relatief laag is (10%), is hun absolute aantal hoog, namelijk 170.000. Een aantal zorgaanbieders heeft inmiddels aangekondigd de inzet van zelfstandigen af te willen bouwen. Voor zzp’ers die in de bouw werken, geldt daarentegen dat zij vooral worden ingezet voor specialistische werkzaamheden en tijdelijke klussen. Het risico op schijnzelfstandigheid lijkt daarmee kleiner. Toch komt ook in de bouw schijnzelfstandigheid voor. Het is aan opdrachtgevers om na te gaan of zzp’ers bijvoorbeeld hun eigen materialen gebruiken en niet langere tijd meedraaien in een vast team. De industrie kent weliswaar al twee jaar een lagere vraag, maar kampt nog altijd met een tekort aan technisch geschoold personeel. De industrie maakt beduidend minder gebruik van uitzendkrachten en oproepkrachten. Het aantal tijdelijke arbeidscontracten is ook afgenomen, maar daar staat een stijging van het aantal vaste contracten tegenover. Ook zzp’ers komen in de industrie relatief weinig voor. Met 47.000 personen vormen zzp’ers circa 5% van het totale aantal werkzame personen in de sector. In de transportsector maken zzp’ers ongeveer 10% uit van het totale aantal werkzame personen. De transportsector maakt meer gebruik van uitzendkrachten. Chauffeurs zijn relatief vaak als zzp’er actief, bijvoorbeeld op de vrachtwagen of in de bestelbus, of als pakketbezorger. Voor vrachtwagenchauffeurs heeft brancheorganisatie Transport en Logistiek Nederland (TLN) overigens in overleg met de Belastingdienst een modelovereenkomst opgesteld, die tot 15 oktober 2025 geldig is. Opdrachtgevers kunnen zo tot die tijd aantonen dat er geen sprake is van een dienstverband. Groei aantal zzp’ers zet door Terwijl de arbeidsmarkt vanwege juridische onzekerheid in onrustig vaarwater verkeert, groeit het aantal zzp’ers gewoon door. De stijging van het aantal zzp’ers is opmerkelijk, omdat het aantal flexwerkers in het afgelopen jaar juist wat afnam. In het derde kwartaal waren er volgens het CBS 1,25 miljoen zzp’ers, een recordaantal, bijna 3% meer dan een jaar eerder (en 25% meer dan vijf jaar geleden). Zzp’ers maken inmiddels 12,9% uit van alle personen in de werkzame beroepsbevolking; ongeveer één op de acht werkzame personen is zzp’er. Het kabinet wil het aantal zelfstandigen terugdringen. ABN AMRO citeert minister van Sociale Zaken, Eddy van Hijum, die spreekt van ‘code oranje’ omdat Nederland zoveel meer zzp’ers telt dan de ons omringende landen. Groei in 2025 De invoering van de verscherpte controle op schijnzelfstandigheid vindt plaats tegen de achtergrond van een economie die naar verwachting in 2025 sterker gaat groeien. Dit jaar is nog sprake van gematigde economische groei, maar de vooruitzichten voor 2025 zijn iets gunstiger. Op de agrarische sector na (-2,5%), verwacht ABN AMRO dat alle sectoren volgend jaar groeien. Met name de Technologie, Media en Telecomsector (+5%), Industrie (+4%) en de Zorg (+4%) zullen groeien in 2025. Lees ook: Handhaving Wet DBA: ‘de markt verkrampt, maar de echte zzp’er blijft’ Geplaatst in Flexdata, In de branche | Tags handhaving Wet DBA, handhavingsmoratorium, wet dba | Reacties uitgeschakeld voor ABN AMRO: 250.000 zzp’ers mogelijk schijnzelfstandige
‘Versnel BSN-registratie zodat asielzoekers kunnen werken’ Geplaatst 10 december 2024 door Gastblogger Het aantal asielzoekers met een baan is in 2024 vier keer zo hoog als in 2023. Dat is een positief signaal voor de integratie van asielzoekers op de arbeidsmarkt. De versoepeling van de regelgeving, waardoor asielzoekers nu het hele jaar door mogen werken, maakt het voor werkgevers eenvoudiger om hen in dienst te nemen. Het is nu de taak van zowel werkgevers als beleidsmakers om nog meer drempels weg te halen. Te beginnen met de grootste: de BSN-registratie. Lees ook: Asielzoekers mogen per direct meer dan 24 weken per jaar werken Het hebben van een burgerservicenummer (BSN) is een vereiste om te mogen werken. Zonder BSN kunnen asielzoekers niet aan de slag, wat voor veel mensen in azc’s een grote frustratie is omdat de motivatie groot is. In oktober betrof het een groep van 18.000 mensen: een groot onbenut potentieel. Momentum van starten met werk belangrijk Uit onderzoek blijkt dat het momentum van starten met werk belangrijk is. Hoe langer iemand zonder werk in een azc verblijft, hoe kleiner de kans dat diegene ooit nog aan het werk komt. Door de BSN-registratie te versnellen kan een nieuwkomer per direct aan de slag en creëren we een inclusieve arbeidsmarkt die zowel de asielzoeker als de Nederlandse economie ten goede komt. Lees ook: Randstad Nederland opent Inzendbureau: ‘Tijd om status quo rond statushouders te doorbreken.’ Het project ‘Asielzoekers aan het werk’ biedt een belangrijke ondersteuning in het wegnemen van belemmeringen aan de kant van de werkgever. Dit project gaat met financiële steun van de Goldschmeding Foundation komend jaar honderden asielzoekers aan het werk helpen. Ze helpen asielzoekers bij het vinden van werk door werkgevers te ondersteunen in werving, selectie en administratieve processen. Dit blog is geschreven door Michelle van Toor Geplaatst in In de wereld, Politiek | Tags arbeidstekort, asielzoekers, personeelstekort, statushouders | Reacties uitgeschakeld voor ‘Versnel BSN-registratie zodat asielzoekers kunnen werken’