De NOW, een korte samenvatting

0
1602

De NOW, een korte samenvatting

Marcel Reijmers
Marcel Reijmers

Update 31 maart 14.30 uur
• Aanpassing van tekst over het gemaximeerde loon: alleen het méérdere wordt niet gecompenseerd
• Onbedoeld bijeffect van de regeling toegevoegd na de conclusie

Dinsdagochtend heeft minister Koolmees een Kamerbrief gestuurd en de tekst van de Tijdelijke Noodmaatregel voor Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid (NOW) gepubliceerd. Marcel Reijmers van FlexKnowledge heeft de belangrijkste punten samengevat.

Rekenvoorbeelden
Hoe hoog is de subsidie en met welke specifieke zaken moeten uitleners van personeel rekening houden? Bekijk verschillende rekenvoorbeelden.

Algemene kenmerken
Om de regeling uitvoerbaar te houden en zo snel mogelijk te implementeren, zijn er geen branche specifieke uitwerkingen bedacht. Het is One-Size-Fits-All.
• De regeling loopt van 1 maart tot en met 31 mei en kan nog eenmaal met 3 maanden worden verlengd. De voorwaarden kunnen dan wel worden aangepast.
• De regeling wordt uitgevoerd door het UWV en vrijdag 3 april wordt definitief besloten of vanaf maandag 6 april de aanvragen kunnen worden ingediend.
• De Minister heeft in zijn persconferentie laten weten dat binnen 2 tot 4 weken daarna het voorschot van 80% wordt betaald.
• De regeling geldt voor alle werknemers die verplicht zijn verzekerd voor de werknemersverzekeringen, ongeacht de contractvorm en ook als er geen loondoorbetalingsplicht is. De werknemer moet dan uiteraard wel in dienst gehouden worden.
• Het loon op medewerkersniveau dat wordt gecompenseerd is daarbij begrensd op 2 x het maximale SV-loon, dus € 9538,- per maand per medewerker. Als het loon nog hoger is, wordt het loon boven die €9538,- van die medewerker niet meer gecompenseerd.

Berekening van de tegemoetkoming
• De compensatie bedraagt maximaal 90% van de loonsom over de driemaandsperiode maart 2020 tot en met mei 2020. Voor de loonsom wordt van het SV-loon uit tegenwoordige dienstbetrekkingen uitgegaan. Ook aanvullende lasten en kosten zoals werkgeverspremies en werknemersbijdragen aan pensioen en de opbouw van vakantiebijslag worden gecompenseerd. Ter bespoediging van de aanvraagprocedure is gekozen voor een opslag voor werkgeverslasten van 30% voor alle gevallen.
• De subsidie wordt gerelateerd aan het percentage van de omzetdaling. Het percentage van 90% van de totale loonsom is een maximumpercentage dat zal worden uitbetaald bij een omzetdaling van 100%. Is de omzetdaling lager, dan zal de subsidie evenredig lager worden vastgesteld.
• De omzetdaling van minimaal 20% moet zich voordoen over een driemaandsperiode waarvan de startdatum valt op de eerste dag van de maanden maart, april of mei 2020. De omzet in deze meetperiode wordt vergeleken met de omzet van januari tot en met december 2019, gedeeld door vier. Afwijken van deze rekenmethodiek is niet mogelijk, ook als hij voor jouw onderneming niet passend is. Als er sprake is van een ‘concern’ (in de praktijk: meerdere bedrijven onder dezelfde holding) , geldt de omzetdaling op concernniveau. Dus ook als je uitzendpersoneel in de ene BV zit en je factureert vanuit de andere, of je eigen personeel zit in een aparte BV, kom je in aanmerking voor de regeling.

Aanvraag, voorschot en toekenning van de subsidie
• Je dient, naast het opgeven van gegevens als bedrijfsnaam en loonheffingennummer, de volgende stappen te doorlopen:
• Je vraagt subsidie aan voor de loonsom in maart, april en mei in verband met een terugval in omzet van meer dan 20%.
• Als je verwacht dat het effect van de huidige situatie pas met vertraging in de omzetcijfers zichtbaar wordt, kun je aangeven dat je de meetperiode voor de omzetvergelijking één of twee maanden later wil laten aanvangen. De loonsom blijft ook in deze gevallen de loonsom van maart, april, mei 2020.
• Je noteert de verwachte omzet in de drie maanden van de door gekozen meetperiode en vergelijkt deze met de totale omzet in 2019, gedeeld door vier, zodat beide cijfers zien op een omzet over drie maanden.
• Op basis daarvan bereken je het omzetverlies in procenten. Dat percentage wordt op het aanvraagformulier ingevuld.
• Voor bijzondere situaties (het bedrijf bestond niet gedurende geheel 2019; het bedrijf maakt onderdeel uit van een groter geheel), bevat de nadere toelichting op het formulier aanwijzingen voor de juiste berekening van het omzetverlies
• Als je meerdere loonheffingsnummer hebt, moet je meerdere aanvragen indienen, met voor elke aanvraag dezelfde verachte omzetdaling en meetperiode.
• Nadat positief op de aanvraag is beslist, zal UWV een voorschot verlenen van 80% van de subsidie zoals deze wordt berekend op basis van de bij de aanvraag geleverde gegevens over de verwachte omzetdaling. Gegevens over de loonsom baseert UWV op de polisadministratie, waarbij als uitgangspunt de maand januari 2020 wordt genomen. Er wordt naar gestreefd de betaling van de eerste termijn van het voorschot te laten plaatsvinden binnen 2-4 weken.

Randvoorwaarden
• Voor de definitieve vaststelling van de compensatie is waarschijnlijk een accountantsverklaring vereist. Dit wordt nog nader uitgewerkt.
• Je hebt een inspanningsverplichting de loonsom min of meer gelijk te houden. Daaraan wordt de loondoorbetaling gemeten. Dat is voor uitleners waarschijnlijk een erg onhandige voorwaarde, maar dat is dus niet anders. Een daling van de loonsom zal dalen tot minder tegemoetkoming, omdat het voorschot wordt berekend op basis van de loonsom van januari en de toekenning zal zijn op basis van de loonsom van maart-april-mei.
• Je mag geen ontslagvergunning(en) aanvragen bij het UWV wegens bedrijfseconomische redenen in de periode 18 maart tot en met 31 mei. Doe je dat toch, dan wordt je gestraft met een korting op de uiteindelijke compensatie, doordat het loon van die medewerker verhoogd met 50% van de loonsom wordt afgetrokken.

Conclusie
Een regeling die inderdaad niet al te ingewikkeld lijkt voor ondernemers om uit te voeren. Veel meer dan je omzet van 2019, je loonheffingsnummer(s) en een schatting van je omzetverlies hoef je niet te weten om vanaf maandag 6 april een aanvraag te kunnen doen. Maar wees wel realistisch en maak geen misbruik van de regeling. Microvoordeel is hier heel erg veel macronadeel! Succes en laten we vooral ook de ICT-medewerkers van het UWV heel veel succes toewensen de komende dagen!

Noodkreet van voormalige klanten van backoffice partijen
Dit jaar hebben veel uitleners hun uitzendkrachten weggehaald bij backoffice partijen. Deze werknemers hebben ze in het kader van de WAB bewust zelf in dienst genomen. Het was en is gebruikelijk dat de backoffice payroller factureerde en alleen de marge aan de intermediair uitbetaalt. De omzet bij de backofficepartij was dus 100% en die bij de intermediair 10 tot 20% daarvan. Nu er in de NOW gebruik gemaakt wordt van omzetgegevens 2019 en loonkosten januari 2020, hebben deze uitleners op papier geen omzetdaling, maar juist een stijging. Vergelijk je de cijfers echter met elkaar dan kan er wel degelijk een forse daling zijn, maar omdat die omzet bij de backoffice partij was gefactureerd, telt hij nu niet mee.

De Minister heeft uitdrukkelijk gezegd geen sectorale of branche gerelateerde aanpassingen te doen aan de NOW, maar wellicht dat hij hiervoor een uitzondering kan maken. Want juist deze uitleners hebben hun nek uitgestoken en hebben de mensen zelf in dienst genomen, precies zoals de Minister wilde. En nu gaan ze failliet en/of komt iedereen waarvan afscheid genomen kán worden, alsnog op straat te staan.

Marcel Reijmers, directeur FlexKnowledge

Vorig artikelInitiatief ‘HouJeWinkelmeisjeAanHetWerk’ voor retailers
Volgend artikelValse start Steunloket EZK
Marcel Reijmers
Marcel Reijmers is eigenaar van FlexKnowledge. FlexKnowledge adviseert en begeleidt uit- en inleners bij vraagstukken rondom o.a. wet- en regelgeving in de flexbranche, kostprijzen, sectorindeling, inlenerbeloning, CAO's, arbeidsovereenkomsten, Algemene Voorwaarden en arbo- en verzuimbeleid. Hij wordt regelmatig ingeschakeld door gerenommeerde advocatenkantoren vanwege zijn diepgaande kennis van de branche en de raakvlakken tussen uitzenden en regulier arbeidsrecht. Ook doet hij bij overnames onderdelen van het due diligence onderzoek. Daarnaast is Reijmers eindredacteur van CAOWijzer en FlexWijzer van FlexNieuws waarvoor hij ook columns schrijft. Voor ARTRA Arbeidsmarktopleidingen ontwikkelt en verzorgt hij trainingen en van keesz.com is hij een van de initiatiefnemers en adviseur. Kernkwaliteit: vertalen van alle ingewikkelde wet- en regelgeving in deze branche naar bruikbare praktijk. Van 2008 tot 2013 heeft hij HelloFlex People ontwikkeld van concept tot een organisatie met 150 aangesloten intermediairs. In die rol heeft hij ook diverse intermediairs geadviseerd en begeleid bij het starten van hun bedrijf. Eerder in zijn loopbaan heeft Reijmers 13 jaar bij de Luba Groep gewerkt, waarvan de laatste 7 jaar als manager Organisatie & Kwaliteit. Onderdeel van die functie was het ontwikkelen en geven van trainingen op het gebied van de CAO en wet- en regelgeving. Als projectmanager namens Luba is hij verantwoordelijk geweest voor de ontwikkeling en daaropvolgende implementatie van FlexService software. Samen met UWV Leiden heeft hij in 1999 aan de wieg gestaan van de huidige manier van verzuimbegeleiding in de uitzendbranche. Ook heeft hij geparticipeerd in diverse projecten bij de ABU en STAF over arbo- en verzuimbeleid en was hij lid van verschillende commissies.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here