Vacatures zonder salaris: rode vlag voor werkzoekenden Geplaatst 16 februari 2026 door Redactie FlexNieuws Werkgevers die geen salarisinformatie opnemen in hun vacatures, lopen het risico potentiële kandidaten af te schrikken. Zo gaat bijna 40 procent van de werkzoekenden ervan uit dat het salaris onder het marktgemiddelde ligt, terwijl 45 procent een gebrek aan transparantie in het beloningsbeleid vermoedt. Dit blijkt uit onderzoek van The Talentpool Community. Het ontbreken van salarisinformatie leidt niet alleen tot reputatieschade, maar ook tot een aantoonbaar verlies aan kandidaten. Uit eerder onderzoek van Nationale Vacaturebank blijkt dat vacatures met salarisindicatie 51 procent meer reacties opleveren, waardoor werkgevers zonder salarisvermelding ruim een derde van het talent mislopen. Lees ook: Flexbedrijven scoren slecht bij onderzoek naar vacatureteksten Twijfel door geen salarisvermelding Vacatures zonder salarisvermelding leiden zelden tot positieve verwachtingen. Slechts 1,6 procent van de kandidaten denkt aan een bovengemiddelde beloning, terwijl de meeste werkzoekenden juist twijfels hebben over het salaris en de beloningscultuur. “Werkgevers denken misschien dat ze slim zijn door het salaris niet te vermelden, maar het effect is precies andersom,” zegt Yente van den Bosch van The Talentpool Community. “Kandidaten interpreteren het als een rode vlag. Ze vermoeden dat het salaris teleurstellend is of dat de werkgever iets te verbergen heeft.” Daarnaast denkt een op de vijf werkzoekenden dat het ontbreken van salarisinformatie kan wijzen op loonverschillen, bijvoorbeeld tussen mannen en vrouwen. Voor 20,7 procent vormt dit gebrek aan transparantie bovendien een persoonlijke drempel, omdat zij het moeilijk vinden om zelf het salarisonderwerp aan te snijden. Lees ook: Loonverschil tussen mannen en vrouwen in uitzendsector kleiner dan gemiddeld “Transparantie over beloning is geen luxe meer, maar een strategische noodzaak,” vertelt Van den Bosch. “Werkgevers die openheid geven over salaris, trekken niet alleen meer kandidaten aan, maar ook de juiste kandidaten. Het laat zien dat je eerlijk en betrouwbaar bent, en dat is precies waar talent naar zoekt in een werkgever.” Geplaatst in Arbeidsmarktdata, In de wereld | Tags salaris, The Talentpool Community, vacature | Reacties uitgeschakeld voor Vacatures zonder salaris: rode vlag voor werkzoekenden
WTTA in de praktijk: wat meer dan 100 aanvullende Module WTTA-inspecties ons leren Geplaatst 16 februari 2026 door Normec VRO Sinds 1 januari 2025 voeren wij aanvullende WTTA-module-inspecties uit bovenop de reguliere SNA-controles. In 2025 hebben wij meer dan 100 aanvullende inspecties uitgevoerd en in 2026 zal dit aantal verder oplopen. Daarmee ontstaat een steeds scherper en representatiever beeld van hoe de uitzendbranche zich voorbereidt op de Wet toelating terbeschikkingstelling arbeidskrachten (WTTA). In een eerder artikel deelden wij de eerste bevindingen. Op basis van de huidige aantallen kunnen inmiddels duidelijke structurele patronen worden benoemd. Niet incidenteel en niet organisatiespecifiek, maar ketenbreed. “We zien in de praktijk geen losse incidenten, maar terugkerende patronen. Dat maakt deze bevindingen relevant voor de hele sector,” aldus Julisa Fereijra-Phelipa, Business Unit Director bij Normec VRO. WTTA: geen optelsom van losse eisen, maar één samenhangend stelsel Wat uit de inspecties vooral naar voren komt, is dat de grootste uitdaging zelden zit in één afzonderlijke normeis. De complexiteit van het WTTA-normenkader zit in de samenloop van bestaande en aangescherpte regelgeving: arbeidsrecht, beloningsvoorschriften, administratieve borging, ketenverantwoordelijkheid en aantoonbaarheid komen samen in één toelatingsstelsel. Veel uitzendondernemingen voldoen inhoudelijk al aan onderdelen van deze regelgeving. Wat vaak ontbreekt, is de integrale inrichting en structurele borging. Processen bestaan, maar zijn niet eenduidig vastgelegd. Controles vinden plaats, maar zijn niet aantoonbaar. Informatie is aanwezig, maar niet volledig en herleidbaar. “WTTA vraagt niet enkel om méér regels, maar om aantoonbare beheersing van wat er al is,” stelt Fereijra-Phelipa. “Dat is een ander niveau van professionaliteit.” Arbeidsovereenkomsten: inhoud aanwezig, aantoonbaarheid ontbreekt Een terugkerend aandachtspunt betreft de aantoonbare verstrekking van de arbeidsovereenkomst. In veel gevallen is de arbeidsovereenkomst inhoudelijk aanwezig, maar ontbreekt het bewijs dat deze daadwerkelijk aan de arbeidskracht is verstrekt. Binnen het WTTA-normenkader geldt dat een gekwalificeerde elektronische handtekening gelijkstaat aan aantoonbare verstrekking van de arbeidsovereenkomst. Dit is echter geen verplichting. Ondernemingen die niet met een gekwalificeerde handtekening werken, moeten op een andere wijze aantonen dat de overeenkomst daadwerkelijk is verstrekt aan de arbeidskracht. In de praktijk blijkt juist dát aantonen vaak complex. WTTA-inspecties worden uitgevoerd als administratieve controles, waarbij geen fysieke controles plaatsvinden. Dat betekent dat aantoonbare verstrekking uitsluitend kan worden vastgesteld op basis van de beschikbare administratieve vastlegging. Wanneer ondernemingen niet werken met een gekwalificeerde elektronische handtekening, vraagt dit om aanvullende en eenduidige bewijsvoering binnen de administratie. Wij zien dat dit vaak onvoldoende sluitend is ingericht, waardoor achteraf niet altijd overtuigend kan worden vastgesteld dat de arbeidsovereenkomst tijdig is verstrekt aan de arbeidskracht. Interessant in dit verband is dat de Belastingdienst recent heeft aangegeven dat bij het ondertekenen van bijvoorbeeld de Opgaaf gegevens voor de loonheffingen een geavanceerde elektronische handtekening volstaat, waar eerder een gekwalificeerde handtekening werd vereist. Dit roept de vraag op of ook binnen het WTTA-kader een geavanceerde elektronische handtekening afdoende kan zijn om te voldoen aan de normeis van aantoonbare verstrekking. Wij zijn hierover in gesprek met de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU), met als doel te komen tot een normuitleg die juridisch houdbaar én praktisch uitvoerbaar is. Daarnaast zien wij regelmatig: onduidelijke of ontbrekende indiensttredingsdata in vervolgcontracten; tegenstrijdigheden tussen arbeidsovereenkomst en uitzendbevestiging; onjuiste of onvoldoende gespecificeerde arbeidsduur; onduidelijkheid over deelname aan een pensioenregeling. Binnen de WTTA-module geldt dat één fout in een steekproef al leidt tot een non-conformiteit. Dat vraagt om precisie en consistentie. Beloningsinformatie: het structurele knelpunt tussen uitlener en inlener Een tweede structureel patroon betreft de beloningsinformatie van de inlener. Uit inspecties blijkt deze regelmatig: niet aantoonbaar bevestigd of verstrekt en dus niet herleidbaar naar de inlener; onvolledig (niet alle beloningselementen); onvoldoende specifiek (geen duidelijke functie of functiegroep) en dus niet herleidbaar naar de arbeidskracht; verouderd; strijdig (in negatieve zin) met de geldende cao. Ook zien wij dat de bevestiging aan de arbeidskracht niet altijd overeenkomt met de informatie van de inlener, of dat niet kan worden aangetoond dat alle beloningselementen daadwerkelijk zijn verloond. Juist hier wordt zichtbaar dat WTTA ketensamenwerking afdwingt. “Dit is het punt waar theorie en praktijk elkaar raken,” zegt Fereijra-Phelipa. “Zonder juiste input van de inlener kan de uitlener simpelweg niet voldoen.” All-in loon: vraagt nadere duiding binnen WTTA Een specifieke praktijkbevinding die in dit kader aandacht verdient, betreft het gebruik van all-in loon. Binnen het SNA-keurmerk is het toepassen van all-in loon niet toegestaan. De WTTA kent hier een andere benadering. Omdat de WTTA, anders dan SNA, een publiekrechtelijk wettelijk kader vormt, is een all-in loon onder voorwaarden wel toegestaan. Voorwaarde is dat het all-in loon transparant en gespecificeerd wordt weergegeven op de loonstrook. We zien echter dat dit vraagstuk complexer is dan het op het eerste gezicht lijkt. Recente rechtspraak benadrukt namelijk dat het recht op het genieten van (wettelijke) vakantiedagen een zelfstandig wettelijk recht is. In die uitspraken wordt all-in loon niet gezien als een vervanging van dat recht, maar als een vooruitbetaling op vakantiedagen die in de toekomst nog daadwerkelijk moeten worden genoten. Dit betekent dat het enkele feit dat vakantiedagen financieel zijn verdisconteerd in het loon, niet automatisch impliceert dat aan de wettelijke vereiste van vakantieopname is voldaan. Juist dat aspect, de feitelijke genieting van vrije dagen, komt op dit moment nog niet expliciet en volledig tot uitdrukking in de huidige WTTA-normeis. Vanuit de NAU wordt dit vraagstuk onderkend. Wij zijn hierover in gesprek met de NAU, juist om te komen tot een normuitleg die niet alleen juridisch correct is, maar ook uitvoerbaar en eenduidig voor de praktijk. Deze ontwikkeling laat zien dat de WTTA geen statisch kader is, maar een stelsel dat zich mede op basis van praktijkervaring en jurisprudentie verder ontwikkelt. Non-conformiteiten: wat zeggen de cijfers? Wat extra inzicht geeft in de omvang van deze uitdagingen, is het aantal non-conformiteiten dat binnen de aanvullende WTTA-module wordt vastgesteld. Van de 37 inspecties die op dit moment formeel zijn afgerond en aan SNA zijn gerapporteerd, zijn in totaal 655 non-conformiteiten geconstateerd. Dat komt neer op gemiddeld circa 18 non-conformiteiten per inspectie. Deze cijfers geven een representatief beeld van de aard en omvang van de bevindingen die wij bij de inspecties tegenkomen, waarbij de overige inspecties zich nog in afronding bevinden. Daarnaast zien wij 31 non-conformiteiten die specifiek betrekking hebben op in- en doorlenen van arbeidskrachten. Dit bevestigt dat WTTA-voorbereiding zelden draait om één geïsoleerd aandachtspunt. In vrijwel alle gevallen gaat het om meerdere, samenhangende bevindingen die raken aan vastlegging, aantoonbaarheid en borging binnen de organisatie. Tegelijkertijd wordt zichtbaar dat WTTA niet uitsluitend een uitzendvraagstuk is, maar direct raakt aan samenwerking en verantwoordelijkheden binnen de keten. Samenwerking in de keten: noodzakelijke voorwaarde én knelpunt Een terugkerend spanningsveld dat uit de inspecties naar voren komt, is de afhankelijkheid van uitzendondernemingen van hun inleners. Voor cruciale onderdelen van het WTTA-normenkader zijn uitleners afhankelijk van tijdige en correcte informatie vanuit de inlener, zoals: bevestiging van beloningsinformatie; correcte vastlegging van begin- en eindtijden in urenregistraties; actuele gegevens voor toepassing van het loonverhoudingsvoorschrift. Deze afhankelijkheid is ook zichtbaar bij in- en doorleenconstructies. In een substantieel aantal inspecties constateren wij dat essentiële keteninformatie ontbreekt. Zo ontbreekt regelmatig een verklaring van de formele werkgever van de ingeleende werknemer, en zien wij dat de doorgeleiding van arbeidsvoorwaarden naar de uitlener ontbreekt of onvolledig is. Zonder deze informatie kan de uitlener niet vaststellen of de juiste arbeidsvoorwaarden worden toegepast en kan de ketenverantwoordelijkheid niet aantoonbaar worden ingevuld. Tegelijkertijd krijgen wij regelmatig terug dat inleners niet of slechts beperkt meewerken aan deze informatie-uitvraag. Dit plaatst uitzendondernemingen in een lastige positie: zij zijn verantwoordelijk voor naleving, maar niet volledig eigenaar van alle benodigde informatie. “WTTA maakt pijnlijk zichtbaar dat naleving geen solovraagstuk is,” aldus Fereijra-Phelipa. “Zonder actieve betrokkenheid van de inlener komt de keten stil te staan.” Bewustwording bij inleners: noodzakelijk en effectief Daarom besteden wij bij Normec VRO nadrukkelijk aandacht aan de rol van inleners binnen de WTTA. Dit doen wij onder meer door: gerichte publicaties over de verantwoordelijkheden van inlenende partijen. bijdragen aan leveranciers- en branche-events, waar inleners rechtstreeks worden aangesproken; het uitvoeren van WTTA-gerichte ketencontroles bij inlenende organisaties. Lees ook: Uitzendkrachten en de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta): wat betekent het voor u als inlener? Wij zien dat het bewustzijn bij inleners snel toeneemt zodra duidelijk wordt dat het niet oppakken van deze rol directe continuïteitsrisico’s oplevert. Wanneer een uitlener niet wordt toegelaten, kan de inlener deze arbeidskrachten immers niet langer inzetten. “Op het moment dat inleners dit effect voelen, verandert het gesprek,” zegt Fereijra-Phelipa. “Dan wordt WTTA geen compliance-thema meer, maar een bedrijfscontinuïteitsvraagstuk.” WTTA is uitvoerbaar, mits tijdig begonnen De aanvullende WTTA-module laat zien dat het normenkader uitvoerbaar is. Tegelijkertijd toont de praktijk aan dat onderschatting van samenhang, aantoonbaarheid en tijdsduur de grootste valkuilen zijn. Uit ervaring blijkt dat organisaties die voor het eerst instromen in SNA eventueel in combinatie met de aanvullende WTTA-module in de meeste gevallen niet in één keer volledig voldoen. Het doorvoeren en borgen van herstel- en beheersmaatregelen vergt tijd, gemiddeld één tot anderhalf jaar. “Wie nu pas begint, gokt erop dat alles in één keer goed gaat,” aldus Fereijra-Phelipa. “Onze praktijkervaring laat zien dat dat zelden realistisch is.” WTTA-voorbereiding is daarmee geen administratieve exercitie, maar een traject waarin governance, processen en ketensamenwerking structureel tegen het licht worden gehouden. Organisaties die daar nu gecontroleerd mee beginnen, behouden regie. Organisaties die wachten, lopen het risico ingehaald te worden door wetgeving, ketenpartners en financiers. Ook vanuit de financiële sector is zichtbaar dat financiers zich actief voorbereiden op de gevolgen van de WTTA en hun risicokaders hierop aanpassen. De WTTA komt niet onverwacht. De praktijk laat zien dat nu beginnen het verschil maakt. Webinar over de WTTA-inspecties door Normec VRO Meer weten over de aanvullende WTTA-inspecties in de praktijk? Tijdens de Webinar Week deelt Normec VRO op 12 maart in een webinar de belangrijkste structurele patronen die uit deze inspecties naar voren komen. Daarnaast vertelt Flexpedia openlijk over haar praktijkervaringen met de WTTA-inspectie door Normec VRO. Wat kwam er uit en welke lessen zijn direct toepasbaar voor andere organisaties? Klik hier voor meer informatie en om je in te schrijven. Webinar Week: elke dag een eigen thema Tijdens de Webinar Week van 9 tot en met 12 maart staat elke dag een ander thema centraal: Maandag 9 maart: Aanstekelijk Werkgeverschap | HRMorgen Dinsdag 10 maart: Recruitment & Arbeidsmarktcommunicatie | Werf& Woensdag 11 maart: Professioneel inhuren | ZiPconomy Donderdag 12 maart: Flexbureau 4.0 | FlexNieuws Het volledige programma vind je hier. Geplaatst in Compliance, In de wet | Tags Normec VRO, WTTA | Reacties uitgeschakeld voor WTTA in de praktijk: wat meer dan 100 aanvullende Module WTTA-inspecties ons leren
Kasparov Finance & BI en Public Search fuseren met Interim Finance Group Geplaatst 15 februari 2026 door Redactie FlexNieuws Na de fusie tussen arbeidsbemiddelaars Kasparov Finance & BI en Public Search in 2024, sluit nu ook de Amsterdamse branchegenoot Interim Finance Group aan. De aandeelhouders van de nieuwe groep zijn Kasparov-oprichter Jasper van Eck, investeerder Bolster Investment Partners en de oprichters van Interim Finance Group. De drie merken blijven naast elkaar bestaan. Groei en ontwikkeling Tom Heuvels, director Interim Finance Group: “Bij de start van Interim Finance Group hadden we een helder vijfjarenplan: uitgroeien tot een relevante finance-intermediair voor het bedrijfsleven in Groot-Amsterdam. Dat plan hadden we grotendeels gerealiseerd toen we werden benaderd. Met deze partij was er direct een klik; we delen dezelfde manier van denken en werken. Al snel werd duidelijk dat dit voor ons de juiste stap is om verdere groei en ontwikkeling mogelijk te maken.” Lees ook: Public Search en Kasparov Finance & BI fuseren Investeren in opleiding en kwaliteit Robbert van Kampen, Partner bij Bolster Investment Partners. “Door het samengaan van beide organisaties creëren we schaalgrootte en meer slagkracht, om te kunnen blijven investeren in het opleiden van medewerkers en de kwaliteit van onze dienstverlening. Beide bedrijven kunnen van elkaar leren en elkaar versterken. Samen bouwen we verder aan een landelijke organisatie met een sterke marktpositie binnen Finance & Control, met ruimte voor zowel autonome als acquisitieve groei.” Samenwerking Voor Jasper van Eck, oprichter van Kasparov Finance & BI, betekent de toetreding een nieuwe stap in zijn initiatief om van de groep een landelijke nichespeler te maken. “Net als met Public Search zie ik weer mooie kansen om samen door te groeien. IFG is een perfecte aanvulling in grootte, geografie en cultuur. Ik kijk uit naar een vruchtbare samenwerking.” Lees ook: Omzetdaling detacheerders vlakt af, maar krimp aantal gedetacheerden slecht voor BV Nederland Geplaatst in Bedrijfsnieuws, In de branche | Tags Detacheren, fusie | Reacties uitgeschakeld voor Kasparov Finance & BI en Public Search fuseren met Interim Finance Group
Rapport: invoering toelatingsstelsel uitleenmarkt haalbaar, maar ‘kritieke randvoorwaarden’ vragen directe actie Geplaatst 13 februari 2026 door Redactie FlexNieuws De invoering van de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) is volgens Bureau Gateway “zeker mogelijk”, mits een aantal belangrijke organisatorische en strategische aandachtspunten tijdig wordt opgepakt. Dat blijkt uit het Gateway Reviewrapport over de opbouw van de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU), de nieuwe uitvoeringsorganisatie die verantwoordelijk is voor de uitvoering van de Wtta. De onderzoekers van Bureau Gateway, een adviesbureau dat onderdeel is van de Rijksoverheid, concluderen dat er inmiddels een basis ligt voor governance, formatie en procesinrichting, maar benadrukken dat meerdere randvoorwaarden nog moeten worden ingevuld om de implementatie en werking van de NAU tot een succes te maken. De NAU laat weten alle tien aanbevelingen uit het rapport over te nemen. “Wij liggen op schema en gaan er van uit dat de Wtta op 1 januari 2027 in werking kan treden. Maar het is verstandig om een vinger aan de pols te houden en snel te signaleren als er onverhoopt hick ups optreden.” zo schrijft NAU directeur Kees van Nieuwamerongen in een reactie op Linkedin. Breed draagvlak, maar volgende fase vraagt scherpere positionering Volgens de opstellers van het rapport is er breed draagvlak voor zowel de doelen van de Wtta als de oprichting van de NAU. Tegelijkertijd komt de organisatie nu in een fase waarin zij nadrukkelijker naar buiten moet treden en samen met stakeholders moet toewerken naar de uitvoering van wet- en regelgeving. Een van de meest fundamentele aanbevelingen is daarom het verduidelijken van de rol van de NAU in het complexe speelveld van de uitleenmarkt en het managen van verwachtingen over haar bijdrage aan de bedoeling van de wet. Kritieke aanbevelingen: marktonderzoek en beslismomenten Twee aanbevelingen krijgen het predicaat ‘kritiek’, wat betekent dat onmiddellijk actie noodzakelijk is. Allereerst adviseert Gateway om een permanent doelgroeponderzoek te organiseren. Het zicht op de omvang en samenstelling van de markt is momenteel beperkt, terwijl juist deze factoren bepalend zijn voor de benodigde capaciteit en financiering van het stelsel. Daarnaast moet de NAU strategische go/no-go-momenten ruim vóór cruciale invoerdata vastleggen en hierover besluiten nemen in de stuurgroep. Dit moet voorkomen dat de organisatie te ver doorbouwt zonder zekerheid over planning en uitvoerbaarheid. De Wtta en de rol van de NAU komen uitvoerig aan bod tijdens de WebinarWeek, georganiseerd door onder andere FlexNieuws. Op 9 maart gaat FlexNieuws-hoofdredacteur Wim Davidse in gesprek met NAU-directeur Kees van Nieuwamerongen. Op 11 maart plaatst Bureau Cicero in haar webinar de Wtta in het bredere perspectief van toekomstbestendig uitlenen en zzp-bemiddeling. Ook op 11 maart Normec VRO — samen met een flexbureau — zien wat meer dan 100 inspecties hebben blootgelegd. Inschrijven voor deze (gratis) webinars en nog vele andere sessies kan via deze website. Operationele voorbereiding nog niet af Op organisatorisch vlak adviseren de reviewers onder meer om productieverantwoordelijkheid en workloadmanagement expliciet te beleggen binnen de NAU. Ook wordt de ontwikkeling van de informatievoorziening — techniek, applicaties en datastromen — aangemerkt als een kritieke randvoorwaarde voor zowel de start van de organisatie als de inwerkingtreding van de wet. Verder moet de NAU rust creëren in het stelsel door helder te communiceren over scope, normen en werkwijzen, zodat de productie op gang kan komen en de organisatie kan doorgroeien naar volwassenheid. Tot slot adviseert Gateway om de discussie over verdere verzelfstandiging van de NAU pas op te pakken bij de evaluatie van de wet. Daarmee blijft de focus voorlopig op een stabiele organisatieopbouw. Kabinet neemt vóór de zomer besluit over definitieve inwerkingsdatum In haar publicatie Stand van de invoering 2025, die gelijktijdig met het Gateway-rapport naar buiten is gebracht, schrijft de NAU zich te kunnen vinden in de constatering dat de tijdlijn richting inwerkingtreding krap is en risico’s kent — onder meer vanwege IT, het tijdig inrichten van werkprocessen en de tijdige werving van voldoende medewerkers. “De NAU streeft – mede gelet op de hiervoor genoemde risico’s – naar het realiseren van de herijkte planning om inwerkingtreding van de Wtta per 1 januari 2027 mogelijk te maken. Voor de zomer van 2026 maakt het kabinet bekend of de Wtta definitief per 1 januari 2027 in werking treedt”, zo staat te lezen. Doelgroeponderzoek De NAU schrijft verder samen met het CBS een marktscan uit te voeren. Een permanent doelgroeponderzoek is wat betreft de NAU nodig om te kunnen beoordelen of de capaciteitsopbouw en financiering van de NAU toereikend zijn voor het verwachte aantal toelatingsaanvragen. Daarbij zal het openstellen van het aanmeldloket in november 2026 volgens de NAU de duidelijkste indicatie geven van het verwachte werkvolume voor 2027. Meer weten: Het volledige Gateway Reviewrapport NAU publicatie Stand van de invoering 2025 Schrijf je in voor verschillende sessie over dit onderwerp in de FlexNieuws WebinarWeek Geplaatst in In de wet, Wetten & CAO’s | Reacties uitgeschakeld voor Rapport: invoering toelatingsstelsel uitleenmarkt haalbaar, maar ‘kritieke randvoorwaarden’ vragen directe actie
FlexKnowledge neemt belang in Procres: ‘We zijn complementair in ervaring en knowhow’ Geplaatst 13 februari 2026 door Hinke Wever De uitzendsector staat voor grote, arbeidsintensieve uitdagingen. De uitzend-cao eist gelijkwaardige beloning, de voorbereiding op de Wtta is onontkoombaar en het blijft moeilijk om gekwalificeerd personeel te vinden. Bureaus in de markt zullen zich hoe dan ook moeten beraden op hun businessplan. Marcel Reijmers (FlexKnowledge) en Richard Philips (Procres) werken samen als partners voor ondernemers die willen groeien. De synergie tussen hen bestaat al tien jaar en de samenwerking wordt nu verdiept in een concreet partnerschap. Reijmers wordt partner en met FlexKnowledge voor vijftig procent mede-eigenaar van Procres. Reijmers ziet dit als een waardevolle, pragmatische stap. “Ik ben mijn expertisebureau FlexKnowledge meer en meer gaan inrichten als een helpdesk voor alle vragen in de flexbranche rondom wet- en regelgeving,” vertelt hij. “Al 34 jaar deel ik mijn kennis, ik maak tools voor onder meer kostprijsberekening en geef presentaties in de markt om ondernemers voor te bereiden op veranderingen en knelpunten in de regelgeving.” Lees ook: FlexKnowledge en Procres Bedrijfsadvies gaan samenwerking aan Complementair in ervaring en kennis Philips gaat verder: “We zijn complementair in ervaring en knowhow. Ik ben uitzender en backofficedienstverlener geweest. Ik heb dus from scratch meegemaakt wat ondernemers in flex ervaren en heb het vak al doende geleerd. Tijdens het vormgeven van mijn eigen backofficedienstverlening voor uitzenders heb ik al talloze ondernemers gesproken en begeleid. Marcel fungeerde in die periode met FlexKnowledge al als een betrouwbare sparringpartner voor mij. Toen ik begin 2024 met Procres begon, hebben wij onze samenwerking opnieuw vormgegeven. Het geeft mij de kans en het vertrouwen om te doen wat ik het liefste doe: klanten spreken, meedenken, lange termijn relaties opbouwen en kennis delen.” Reijmers vult aan: “Voor mij is het waardevol dat Richard doet wat ik momenteel niet kan bieden; ik kan niet uren op locatie met klanten spreken, maar wel meedenken over hun vragen en wat dit betekent voor het praktisch en compliant inrichten van hun onderneming. Richard staat met zijn netwerk, zijn ogen en oren open voor alle kansen en knelpunten in de markt. Wat hij hoort en ziet, kan ik praktisch vertalen naar advies via mijn FlexKnowledge-helpdesk. Zo doen we allebei waar we goed in zijn.” Ik wil voor uitzendondernemers de sparringpartner zijn die ik zelf had willen hebben toen ik begon en mijn weg moest vinden (Richard Philips) Daarom is hij mede-eigenaar van Procres geworden. “FlexKnowledge en Procres bieden samen alles om ondernemers in de flexbranche te helpen met het interpreteren en implementeren van alle veranderingen en ontwikkelingen”, zegt Reijmers. Hij noemt het toelatingsstelsel (Wtta), de nieuwe cao, de Wet meer zekerheid flexwerkers, het zzp-dossier (DBA, VBAR of Zelfstandigenwet), de toenemende druk op compliance, de opkomst van AI, de enorme arbeidskrapte, ziekteverzuimbeheer en wel of niet eigenrisicodrager worden. “Het zijn allemaal ontwikkelingen die impact hebben op de arbeidsmarkt en op de flexbranche in het bijzonder. De vraag is niet óf er iets verandert, maar hoe je die veranderingen vertaalt naar duidelijke keuzes voor je verdienmodel, processen en propositie. Laat je het als een vloedgolf van nieuwe regels over je heen komen of heb jij al een concreet plan van aanpak klaarliggen? Businessplan up-to-date maken Volgens Philips werkt het niet meer om te concurreren op prijs, omdat je gebonden bent aan gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden. “Blijf je dan hangen in de waan van de dag of ga je op zoek naar je échte toegevoegde waarde? Veel ondernemers zeggen: ‘ik heb geen tijd, waar moet ik de tijd vandaan halen om naar mijn businessplan te kijken?’ Dan zeg ik: als je stap voor stap aan je organisatie gaat werken, krijg je hier grip op. Het helpt als je erover praat met iemand die je vertrouwt. Die zelf uitzendondernemer is geweest, veel uitzenders spreekt en daardoor diverse oplossingen, kansen en risico’s voorbij ziet komen.” Lees ook: ‘De nieuwe cao is hét moment om waarde van uitzenden aan te tonen’ Vertrouwen komt te voet en gaat te paard. Een oude uitdrukking voor het feit dat je vertrouwen langzaam wint, maar ook snel kan verliezen. Dit geldt voor alles. Voor de partners waar je mee werkt. Voor de communicatie met klanten. Voor het contact met kandidaten. Het feit dat zowel Reijmers als Philips denken en werken met oog voor de branche wekt vertrouwen: ze hebben elk op hun manier bijgedragen aan toetsings- en overlegcommissies bij brancheorganisaties ABU en NBBU, om de communicatie en service voor veel ondernemers beter in te richten. Laat je je overspoelen door een vloedgolf van nieuwe regels of heb je een concreet plan van aanpak? (Marcel Reijmers) “Het blijft belangrijk om te kijken naar wat nu werkt en dat zal voor elke ondernemer anders zijn,” verklaart Philips vanuit zijn brede blik. Commercie en recruitment moeten draaien; processen moeten meegroeien; wet- en regelgeving raakt direct aan risico’s, kosten en marge. “Als partner help ik overzicht te creëren, bottlenecks scherp te krijgen en keuzes te maken die passen bij de organisatie in de groeifase. Soms is één sessie genoeg om weer grip te krijgen. Soms past een structurele samenwerking beter, met periodiek spiegelen, voortgang bewaken en bijsturen waar nodig.” Volgens hem is er veel om naar te kijken, wat net even handiger zou kunnen werken. “Door personeelskrapte ligt de focus soms meer op de allocatiefunctie: de werving en selectie van goede kandidaten. Is het verstandig om dit vanuit je eigen vestiging te doen of is het beter om bijvoorbeeld ook af en toe inhouse te werken bij je klant?” Kritische gesprekspartners Voor ondernemers die opzien tegen de komst van de Wtta, omdat ze nog niet zijn gecertificeerd, kan uitbesteding van hun backoffice een overweging en oplossing zijn. “Voor wie een waardevolle onderneming heeft opgebouwd maar nu graag een stap terug doet, kan het goed zijn om de onderneming strategisch klaar te maken voor verkoop. Het zijn opties en keuzes waarvan het fijn is als je die tegen een opbouwende, maar wel kritische gesprekspartner aan kunt houden,” vult Philips aan. “Sparren helpt ook in de voorbereiding voor gesprekken met inleners van personeel. Ik ga wel eens mee met een intermediair om te luisteren naar die klanten; waar zitten ze mee, hoe zou de dienstverlening beter kunnen worden ingericht?” Er zijn voor ondernemers in flex veel keuzes te maken dit jaar en de komende jaren. En het zal altijd maatwerk zijn. Daarom is het waardevol te kunnen overleggen met een partner die je vertrouwt. “Samen bieden wij daarvoor een complementaire dienstverlening waarin wij commercieel, inhoudelijk, organisatorisch én compliant meedenken met ondernemers die willen groeien. Gecombineerd zijn wij een fullservice dienstverlener voor de flexbranche, waar uitzenders met alle vragen terecht kunnen,” besluit Reijmers. Lees ook: Marcel Reijmers: er zitten zeker ook positieve kanten aan de nieuwe regelgeving Geplaatst in Bedrijfsnieuws, In de branche | Tags FlexKnowledge, Procres | Reacties uitgeschakeld voor FlexKnowledge neemt belang in Procres: ‘We zijn complementair in ervaring en knowhow’