Maandelijkse archieven: maart 2025

Inspecties omdenken van noodzakelijk kwaad naar bedrijfsasset

Voordat het nieuwe toelatingsstelsel, dat voortvloeit uit de Wtta, up and running is, schrijven we 2028. Dat is althans de inschatting van Patrick Tom van Bureau Cicero. En hij kan het weten. Want Bureau Cicero is niet alleen een van de inspectie-instellingen, Patrick Tom ook een van de partners die meepraat over het ontwerp van de Wtta. Tijdens de webinarweek van Flexnieuws ging Tom in op het belang van certificering en wat serieus werk daarvan maken je oplevert.

Het webinar vond plaats daags na de behandeling in de Tweede Kamer over het nieuwe toelatingsstelsel. De directeur zat daar als toehoorder bij. Hij constateert dat er brede steun is voor het wetstraject. “De grote vraag blijft: hoe zorgen we voor een goede balans tussen uitvoering, werkbaarheid en kosten. Zo zijn er zorgen over de sterke groei van het aantal fte  binnen de toelatende instantie welke leidt tot een forse toename van de legeskosten.. Dat wordt een zelfstandige directie onder het ministerie in plaats van een agentschap. Het voordeel is dat de implementatie sneller kan. Een nadeel is dat zo’n directie wat dichter tegen de politiek en het beleid van de SZW aanschurkt, waardoor het misschien minder zelfstandig is dan we met elkaar zouden willen.”

In het kort, wat is de stand van zaken betreffende de Wtta?  

  •       De Wtta omvat een toelatingsstelsel voor de uitzendbranche. Niet alleen voor uitzenders: elke onderneming die aan uitlenen van arbeid doet, ook detacheerders en doorleners, moeten straks in het register staan.
  •       Het normenkader van het bestaande SNA-keurmerk is de basis voor toelating. Daarbovenop komen extra eisen zoals het juiste cao-loon, voldoen aan huisvestingscertificering en vergewisplicht van inschrijving in de basisregistratie (BRP). Bekijk het hele normenkader op de website van Bureau Cicero.
  •       Private inspectie-instellingen (zoals Bureau Cicero) gaan straks controleren op het normenkader.
  •       Inlenen mag alleen via toegelaten uitleners. De Arbeidsinspectie handhaaft de Wtta en kan boetes uitdelen aan zowel uitleners als inleners. In totaal komen er bij de NLA 135 extra inspecteurs, om de handhaving ook echt te versterken
  •       De toelatingsplicht is uitgesteld tot 2027. De kans bestaat dat die datum nog verder wordt uitgesteld naar 1 januari 2028.
  •       De minister wil uitleners stimuleren om voor het stelsel ingaat toelating aan te vragen en zich in aanloop daarnaartoe vrijwillig te laten certificeren door de Stichting Normering Arbeid (SNA).

Ondanks de zorgen die diverse partijen nog hebben over diverse onderdelen, is de algemene teneur positief, stelt Patrick Tom. De Wtta zal er in zijn ogen dan ook waarschijnlijk komen. En dat heeft gevolgen voor de inspecties die Bureau Cicero uitvoert. De controles worden uitgebreider. Nu duren de inspecties die het bureau uitvoert op het huidige SNA-keurmerk doorgaans één dag op locatie zonder voor- en na bereiding. De Wtta-controles op locatie zullen straks twee à drie dagen in beslag nemen, schat Tom in.

Controles: een noodzakelijk kwaad?

Hoe erg is dat? Het is een kwestie van omdenken, zegt Patrick Tom. Wie een inspectie als noodzakelijk kwaad ziet – een kwestie van afvinken en dóór – laat in zijn ogen kansen liggen. “Je kunt de controles ook omarmen als ondersteuning op weg naar professionalisering. Beschouw je het zo, dan draagt een inspectie bij aan een efficiënt werkproces en risicobeheersing. Tegelijkertijd creëer je commerciële kansen.”

Tijdens het webinar vraagt Patrick Tom in een poll aan de kijkers wat hun drijfveren zijn om zich te onderwerpen aan audits. Ze mochten maar één antwoord geven.


Poll

Waarom ondergaat uw bedrijf een audit?

  •       50% – Dat moet vanwege externe factoren: lidmaatschap van branchevereniging, eis van klant, eis vanuit aanbesteding, en dergelijke.
  •       38% – Dat willen we zelf, draagt bij aan professionalisering en risicobeheersing.
  •       8%   – Dat willen we zelf, het zijn immers fijne inspecteurs bij Bureau Cicero.
  •       2%   – Geen idee.  

Uit de poll blijkt dat ondernemingen nog heel wat kansen laten liggen. Zonde, vindt Tom dat. Maar wat heeft een bedrijf te winnen bij de controles?

Op de eerste plaats maakt het deel uit van professionalisering, legt hij uit. “Het SNA-keurmerk bestaat uit risicobeheersing voor niet-betaalde belastingen en het voorkomen van boetes. Medewerkers moeten betaald krijgen waar ze recht op hebben. Dat allemaal op orde hebben, creëert rust.”

Omdenken naar kansen

Er valt nog veel te winnen bij hoe je als onderneming de controles aanpakt. Bedrijven doen dat heel verschillend, constateert Tom. “Vaak gaat het last-minute. Een paar avonden overwerken, veel stress en drukte op de werkvloer. Er wordt een aantal pdf’s ingestuurd en dan is het afwachten. Dat kan ook anders. Je kunt de voorbereiding benutten om je interne processen door te lichten. Je denkt vooruit: klopt alles in mijn administratie? Zijn mijn processen op orde? Het gaat om simpele dingen soms, zoals sluiten mijn omzetbelastingaangifte en loonbelastingaangifte aan?”

“Vanuit het SNA-keurmerk zijn er inhuurdrempels, zoals dat maximaal 5% van de eigen omzet per niet-SNA-gecertificeerde leverancier mag worden ingeleend. Dat soort zaken kun je heel goed zelf uit de administratie halen en voorbereiden. En misschien kun je die zelfs wel omzetten in KPI’s om op te sturen.”

Waar leidt zo’n goede voorbereiding toe? “De audit verloopt soepeler en de inspecteur heeft minder vragen op de inspectiedag. De business kan gewoon doordraaien. De inspecteur heeft zijn handen vrij om binnen de kaders van de mogelijkheden mee te denken en te sparren.”

Een rapport dat terugkomt, bevat vaak non-conformiteiten. Dat klinkt negatief, maar ook dat kun je omdenken, adviseert Tom. “Uiteindelijk is het rapport dat wij afgeven niets meer dan een huiswerklijst om ervoor te zorgen dat jouw bedrijf weer voldoet. Zie het vooral als een hulpmiddel om die interne organisatie onder controle te krijgen.”

Wat levert het op: minder kosten

Als de interne organisatie op orde is, zijn er bovendien minder herstelacties nodig. “Onderdeel van een inspectie is een systematiek waarbij een bedrijf het herstel moet aantonen. Dat herstel kost tijd plus dat er extra inspectiemomenten bij komen. De tijd die een interne organisatie kwijt is aan herstel, kan enorm oplopen. Die spaar je daarmee uit. Serieus werk maken van je voorbereiding leidt kortom tot een aanzienlijke daling van inspectie- en organisatiekosten. Naast natuurlijk ook al die aansprakelijkheidsrisico’s en boetes van handhavingsinstanties.”

Marktwaarde en compliance

Een hele belangrijke plus: een keurmerk vergroot je betrouwbaarheid in de markt, weet Tom. “Bedrijven zijn eerder geneigd om zaken met je te doen. Uitleners die een professionaliseringsslag hebben doorgemaakt, versterken daarmee hun commerciële waardepropositie. Het werkt altijd in je voordeel, al zouden bedrijven dat nog beter kunnen benutten in hun marketing.”

Vergeet ook niet de uitstraling naar arbeidskrachten, benadrukt hij. “Arbeidskrachten, en arbeidsmigranten helemaal, willen graag voor je werken als in hun kringen rondzingt dat je betrouwbaar bent. Nog te vaak belandt het SNA-keurmerk in een la. Zonde. Schreeuw het van de daken. Ga ermee de boer op, naar je klanten, je personeel en samenwerkingspartners.”

Compliance is tot slot een belangrijk argument voor certificering. Dat lijkt misschien een no-brainer, maar Tom constateert een behoorlijke aanscherping in de markt. “Uitlenen zonder certificering wordt steeds moeilijker. Dat geldt om te beginnen, omdat opdrachtgevers het in toenemende mate verlangen. Maar die risicobeheersing breidt zich ook uit naar andere stakeholders. Banken bijvoorbeeld. Gaan zij straks nog financieringen verstrekken aan niet-gecertificeerde partijen? Gaan zij dan überhaupt nog een bankrekening faciliteren?”

Risicobeheersing, naar twee kanten

“Uit risico’s vloeien allerlei aansprakelijkheden voort op diverse niveaus”, vervolgt Tom. “Een handhavingsinstantie legt een boete op. Maar er kan ook  per ongeluk iemand illegaal rondlopen, omdat het bij de uitlener niet goed is georganiseerd. De opdrachtgever die daarvoor beboet wordt, stelt de uitlener vervolgens aansprakelijk. En als een medewerker niet het juiste loon betaald krijgt, is er een route via de Wet aanpak schijnconstructies om bij de uitlener aan te kloppen.”

Ondernemingen die dus voldoen aan die SNA, maar straks ook aan die verplichte normen in die Wtta, die begrijpen beter hoe ze die risico’s moeten beheren. “Het maakt je minder kwetsbaar bent in die onjuistheden in je eigen administratie. En als je controles krijgt van een externe partij of een handhavingsinstantie als Belastingdienst of de Arbeidsinspectie, of misschien zelfs van een SNCU, heb je die risico’s gewoon goed gemitigeerd.”

Die professionalisering werkt ook door naar de inlener. “Die verlangt van de uitlener dat deze gecertificeerd is. Want dat beheerst zijn risico’s voor bijvoorbeeld fiscale aansprakelijkheid of eventuele boetes bij een vreemdeling die niet bij hem had mogen werken. Het is ook een kwestie van met je klant meedenken: hoe gaan we jou helpen met je propositie? Hoe voeg je waarde toe? Zo gaan we van opportunistisch gedreven ondernemerschap naar duurzaam ondernemerschap. Waarbij we veel meer die samenwerking opzoeken met de opdrachtgever.”

Zorg dat je er klaar voor bent

Toms tip is kort en krachtig: zorg dat je er klaar voor bent. Wat kunnen bedrijven nu al doen? “Het belang van het SNA-keurmerk is onveranderd. Dit keurmerk is straks het entreeticket voor het toelatingsstelsel en biedt uitleners de kans om zich goed op de aanstaande wettelijke normen voor te bereiden. Bovendien kunnen SNA-ondernemingen gebruikmaken van de overgangsregeling en relatief eenvoudig instromen in het nieuwe toelatingsstelsel.”

Om bedrijven de kans te geven zich voor te bereiden op de aanstaande Wtta-wetgeving, heeft de Stichting Normering Arbeid een Wtta-module ontworpen. “Bedrijven die al het SNA-keurmerk hebben en serieus met professionalisering aan de slag willen, die doen er verstandig aan een nulmeting te laten doen door Bureau Cicero. Zo’n Wtta-module is niet oordeelgevend of maatgevend voor het bezit van je SNA-keurmerk, maar het geeft ook dat huiswerklijstje af: waar staan we en waar moeten we nog aan werken.”

Het webinar is hier terug te kijken.

Lees ook:

Geplaatst in Flexdata, In de branche | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Inspecties omdenken van noodzakelijk kwaad naar bedrijfsasset

Acture beslecht vooroordelen over zieke arbeidsmigrant

‘Internationale werknemers liggen onder een vergrootglas ’,  zegt Alexandra Nieuwenhuizen, Director Sales & Accounts bij Acture. Het kabinet schetst volgens haar een veel te eenzijdig negatief beeld door te stellen dat deze groep niet nodig zou zijn.  

De ervaring bij Acture is anders. Acture is de grootste private uitvoerder van sociale zekerheid in de flexbranche. De klanten die Nieuwenhuizen spreekt, zijn zeer te spreken over ‘hun arbeidsmigranten’. ‘In hun ervaring zijn het loyale werknemers, harde werkers, die bovendien het werk doen waar onze economie niet buiten kan.’

Toen Acture in de ziekteverzuimcijfers dook, vonden zij ook nog eens significante verschillen tussen migranten en niet-migranten. ‘De verschillen vonden we zo interessant, dat we er iets over wilden schrijven’, zegt Nieuwenhuizen. Dat mondde uit in de Orangepaper Arbeidsmigranten [Orange-Paper-Arbeidsmigranten-in-Nederland.pdf (acture.nl)]

Minder ziek

‘We zien om te beginnen een opvallend verschil in verzuimduur’, zegt Nieuwenhuizen. Waar de gemiddelde verzuimmelding 13,1 dagen bedraagt, is dat bij internationale werknemers 6,7 dagen. Dat is de helft korter.’ Ook het frequent verzuim – drie of meer ziekmeldingen per half jaar of vier of meer meldingen per jaar-  ligt bij arbeidsmigranten (18%) lager dan bij Nederlanders (24%). Ze concludeert: ‘Internationale werknemers zijn minder vaak ziek. En áls ze ziek zijn, duurt het korter.’

Ook de aard van de klachten verschilt, vervolgt ze. ‘Arbeidsmigranten hebben veel fysieke klachten, terwijl je in de hele populatie meer sociaal-emotionele klachten ziet. ‘Dat is logisch. Internationale werknemers doen vaak fysieke arbeid. Ze werken in sectoren als logistiek, tuinbouw en food.’

Grip op de zieke arbeidsmigrant

Arbeidsmigranten worden minder vaak ziek. Maar áls ze ziek worden, verdwijnen ze naar het buitenland en heb je er geen zicht meer op. Dat is althans het schrikbeeld dat leeft bij veel werkgevers. Maar dat beeld is onterecht, volgens Nieuwenhuizen. Het komt wel voor dat internationale werknemers die langer ziek zijn, liever behandeld worden in het land van herkomst. ‘Dat kan best, zolang je de grip maar niet verliest. We hebben een speciaal EU-team. Dat fungeert als schakel tussen de werkgever en de zieke werknemer. We houden intensief contact en werken samen met bedrijfsartsen en specialisten in onder meer Polen.’

Poolse en Roemeense casemanagers

Wat werken met internationale werknemers wél vereist, is een andere begeleiding bij ziekte, leert de ervaring. Dat wil zeggen: oog hebben voor de cultuurverschillen en de relevante wet- en regelgeving. Acture heeft daarom een apart team voor arbeidsmigranten, legt Nieuwenhuizen uit. ‘In de eerste week verloopt de communicatie online via een digitale casemanager, die tien talen spreekt, waaronder Turks, Spaans en Oekraïens. Als de ziekte langer duurt, gaat de begeleiding naar een Poolse of Roemeense casemanager. Of we schakelen een tolk in.’

Daarnaast heeft Acture een samenwerking met een huisartsenpraktijk die gespecialiseerd is in arbeidsmigranten. ‘Door het huisartsentekort komt het namelijk steeds vaker voor dat mensen geen huisarts hebben waar ze terecht kunnen.’

‘Bovenop de taalbarrière spelen ook cultuurverschillen en onbekendheid met de Nederlandse gezondheidszorg’, weet Nieuwenhuizen. ‘In sommige culturen krijg je als je ziek bent gelijk antibiotica. Of mensen gaan naar de spoedeisende hulp met griepklachten. Ook daarin kunnen de casemanagers de werknemers adviseren en op het juiste spoor zetten. ‘

Minimale WGA-premie

‘Doordat Acture goed grip houdt op het hele ziekteproces, zie je het verzuim sterk afnemen’, zegt Nieuwenhuizen. ‘Gemiddeld realiseren wij een reductie van de verzuimduur van 15%. De WGA-premie van partijen die arbeidsmigranten bemiddelen is heel laag, vaak rond de minimumpremie.’

Loondoorbetaling

Een laatste verschil heeft te maken met de nieuwe regels over loondoorbetaling bij ziekte. In de laatste uitzend-cao is opgenomen dat ziekte bij contracten met uitzendbeding niet meer leidt tot het beëindigen van de uitzendovereenkomst. Uitzendkrachten kunnen dan niet meer direct ziek uit dienst worden gemeld en komen tijdens hun overeengekomen contractduur van minimaal 4 weken in de loondoorbetaling. Dat heeft vooral bij de wat kleinere uitzendbureaus tot nogal wat beroering geleid, weet Nieuwenhuizen. ‘Maar arbeidsmigranten krijgen doorgaans meteen een contract zonder uitzendbeding met loondoorbetaling. De cao-wijziging van 1 juli had nauwelijks impact op het werken met internationale werknemers.’


Voor Acture is het belangrijk dat zowel werknemers als werkgevers de rechten en plichten kennen. De belangrijkste voorschriften en regels lees je op de website van Acture Werkgevers van arbeids- migranten – Acture

Lees ook:

Geplaatst in In de branche | Tags , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Acture beslecht vooroordelen over zieke arbeidsmigrant

Platform Lance Free breidt ‘zorgeloze zzp-inzet’ uit naar alle branches. AI tool helpt bij signaleren risico schijnzelfstandigheid.

Er heerst veel onduidelijkheid en angst over de handhaving van de Wet DBA. Organisaties zijn huiverig geworden om met zzp’ers samen te werken. Onterecht, vindt Oscar Meijerink, CEO bij Lance Free. “Het is allemaal complexer geworden, maar zeker niet onmogelijk,” vult Juliëtte Waard, CCO bij Lance Free, aan.
Lance Free, specialist in freelance management software en onderdeel van Eneco Ventures, breidt haar dienstverlening uit naar alle sectoren in Nederland. Het bedrijf uit Goes heeft de afgelopen jaren een succesvol Freelance Management Systeem (FMS) ontwikkeld dat tot nu toe voornamelijk werd ingezet in de bouw- en technieksector.

Door de toenemende vraag vanuit andere branches wordt deze geavanceerde oplossing nu landelijk beschikbaar gesteld aan alle branches. “We zien dat veel bedrijven eind vorig jaar gestopt zijn met het werken met zzp’ers uit angst voor de regelgeving,” zegt Waard. “Dat is zonde, want met de juiste aanpak kunnen zij nog steeds profiteren van een flexibele schil zonder compliance-risico’s.”

De zzp-markt blijft belangrijk voor Nederland

Volgens recente cijfers werken er ruim 1,2 miljoen zelfstandigen in ons land. Een aanzienlijk deel van de werkende bevolking dus. Toch lijkt er in het beleid en de publieke opinie soms een negatief sentiment te heersen rond het werken met zzp’ers.

“Beleid maak je niet op basis van sentiment,” stelt Meijerink. “Beleid moet je staven met feiten en zeker niet baseren op uitzonderingen”. Wij zijn van mening dat we in Nederland bezig zijn met regelgeving die niet helemaal recht doet aan de feitelijke situatie op de arbeidsmarkt.” Dat er zich problemen voordoen met schijnzelfstandigheid, erkent Lance Free onmiddellijk. Maar dat betekent niet dat het werken met zzp’ers fundamenteel problematisch is.

AI als gamechanger in naleving van regelgeving

De opkomst van AI biedt nieuwe mogelijkheden om schijnzelfstandigheid te herkennen en compliance te verbeteren. Lance Free heeft geavanceerde AI-tools geïntegreerd in hun Freelance Management Systeem. Deze technologie analyseert contracten en werkrelaties en detecteert risicovolle situaties waarin sprake kan zijn van een verkapt dienstverband.

Juliëtte Waard, CCO Lance Free

“Onze AI-tool helpt organisaties door patronen te herkennen in arbeidsrelaties, werktijden en facturatie,” legt Juliëtte Waard uit. “Hiermee kunnen we proactief signaleren of een zzp’er écht zelfstandig opereert of dat er mogelijk sprake is van schijnzelfstandigheid. Uiteraard is het wel van belang dat de gebruiker de tools ook voedt met informatie zoals de daadwerkelijke situatie met de zzp’er in de praktijk ook is. Als je iets compleet anders doet
dan wat je op papier zet, dan kan geen enkele software je helpen. Wel kan de software zorgen dat je geen belangrijke risico’s over het hoofd ziet, of dat je handmatig alles moet monitoren.”

Daarnaast biedt Lance Free een tool die automatisch modelovereenkomsten genereert op basis van de specifieke situatie van een organisatie. “Veel bedrijven worstelen met de administratieve kant van compliance,” zegt Juliëtte Waard. “Onze software zorgt ervoor dat modelovereenkomsten altijd up-to-date en juridisch waterdicht zijn, zodat bedrijven zonder zorgen met zzp’ers kunnen blijven werken.”

Audits en het belang van tijdig handelen

Lance Free heeft inmiddels meerdere audits van de Belastingdienst voorbij zien komen. “We hebben hierdoor veel inzichten en ervaringen opgedaan en die direct toegepast in ons Freelance Management Systeem,” zegt Juliëtte Waard. “Dit betekent dat organisaties die via ons systeem werken, direct profiteren van deze kennis en de kans op fouten of misverstanden met de Belastingdienst minimaliseren.”

Toch merken ze bij Lance Free dat veel bedrijven nog afwachten en denken dat ze pas in 2026 actie hoeven te ondernemen. “Dat is een risico,” waarschuwt Juliëtte Waard. “De handhaving wordt al toegepast en bedrijven die nu al hun processen op orde hebben, lopen straks niet tegen problemen aan. Wachten tot het laatste moment is geen slimme strategie.”

Misverstanden rondom de Wet DBA

“Het grootste misverstand is dat organisaties denken dat ze helemaal niet meer met zzp’ers kunnen of mogen werken,” zegt Juliëtte Waard. “Dat is absoluut niet waar.” De kern van de zaak is dat je moet zorgen voor een heldere arbeidsrelatie waarin het ondernemerschap van de zzp’er duidelijk tot uiting komt.
Het gaat erom dat je als organisatie kunt aantonen dat er geen sprake is van een verkapt dienstverband. “Als je kunt bewijzen dat een zzp’er ondernemersrisico loopt, zelf zijn werktijden bepaalt, meerdere opdrachtgevers heeft en investeert in zijn bedrijf, dan sta je al veel sterker in een eventuele controle.”

Een ander hardnekkig misverstand is dat compliance enorm complex en tijdrovend zou zijn. “Met de juiste AI-tools en geautomatiseerde modelovereenkomsten is het echter goed te managen. Het vraagt inderdaad aandacht, maar de flexibiliteit die je ervoor terugkrijgt, is voor veel organisaties de investering meer dan waard.”

Uitbreiding naar nieuwe sectoren

Lance Free heeft altijd een niche focus gehad in de bouw- en technieksector, maar door de toenemende uitdagingen rondom de Wet DBA en de groeiende vraag vanuit andere branches, breiden we onze dienstverlening uit. “We zien dat de onzekerheid rondom wet- en regelgeving ervoor zorgt dat bedrijven stoppen met het werken met zzp’ers. Dat is onnodig,” zegt Juliëtte Waard. “Daarom willen we onze diensten uitbreiden naar meer sectoren zodat bedrijven compliant kunnen blijven werken én toch gebruik kunnen maken van een flexibele schil. Als je veel zzp’ers inzet is het handmatig niet bij te houden wanneer je de regels gaat overtreden, met ons systeem hoef je daar niet wakker van te liggen. Ons FMS checkt alles voor je en monitort het verloop van samenwerkingen op basis van standaardinstellingen die gebaseerd zijn op het zzp-beleid binnen jouw bedrijf. “We adviseren de klanten ook over dit beleid en helpen natuurlijk met de inrichting.”

Naast de bouw- en technieksector richt Lance Free zich nu ook op sectoren als de zorg, logistiek, horeca, onderwijs en retail. “Juist in deze branches is er veel vraag naar flexibele inzet, maar zien we ook terughoudendheid door de regelgeving,” vervolgt Juliëtte Waard. “Wij helpen hen om dit op een veilige en juridisch verantwoorde manier te doen.”

Er moet iets veranderen, dat staat als een paal boven water

Lance Free erkent dat er problemen zijn op de arbeidsmarkt. “Er zijn helaas situaties waarbij de Wet DBA wordt omzeild of waar constructies worden opgezet die niet deugen. Dat ondermijnt het vertrouwen in de hele freelance-sector en dat is ontzettend jammer.”

Met de juiste technologie en een doordachte strategie blijft samenwerken met zzp’ers niet alleen mogelijk, maar ook een waardevolle toevoeging aan de arbeidsmarkt. “We willen bedrijven helpen om proactief te handelen en niet pas in actie te komen wanneer de handhaving begint.”
Met door AI ondersteunde tools, geautomatiseerde modelovereenkomsten en een diepgaand inzicht in audits van de Belastingdienst biedt Lance Free een oplossing waarmee bedrijven compliant kunnen blijven zonder in te leveren op flexibiliteit. Inmiddels maken meer dan 100 bedrijven in de bouw- en technieksector succesvol gebruik van het platform. Door processen te optimaliseren en administratieve taken te automatiseren, verlaagt Lance Free de werkdruk en zorgt het voor een soepele en juridisch verantwoorde samenwerking met zzp’ers.

“We moeten vooruit kijken en niet achteruit,” besluit Juliëtte Waard. “Door technologie en expertise slim in te zetten, kunnen bedrijven zorgeloos blijven werken met zzp’ers en profiteren van de voordelen die flexibele arbeid met zich meebrengt.”

Geplaatst in AI, In de cloud | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Platform Lance Free breidt ‘zorgeloze zzp-inzet’ uit naar alle branches. AI tool helpt bij signaleren risico schijnzelfstandigheid.

ABN AMRO: ondanks krappe arbeidsmarkt stuwt de overheid de economie

De Nederlandse economie groeide afgelopen jaar met 0.9%, een verbetering ten opzichte van de afgelopen twee jaar, blijkt uit een publicatie van ABN AMRO. Volgens de bank zijn de belangrijkste oorzaken voor deze groei de vraag vanuit de overheid en huishoudens. De bijdrage van de overheid ligt voornamelijk in het begrotingsbeleid. Daarnaast brengt de stijging van de koopkracht voor huishoudens een hogere consumptie met zich mee, wat een positief effect heeft op de economische groei.

ABN AMRO verwacht dat de groei in 2025 1,8% zal bedragen. “Gezien de externe onzekerheid zal de groei binnenlands gedragen zijn.” Wat zijn de onderliggende fundamenten  voor deze voorspelde groei?

Krappe arbeidsmarkt

De stijgende koopkracht heeft geleid tot hogere consumptie, aldus ABN AMRO. Dit is te danken aan onder meer overheidsmaatregelen. Ondanks dat is het consumentenvertrouwen verder gedaald. Volgens ABN AMRO komt dit voornamelijk door onzekerheid rondom de (geo)politiek. Dit zorgt ervoor dat huishoudens meer gaan sparen.

De overheid draagt direct bij aan de economische groei, bijvoorbeeld via uitgaven aan de zorg, defensie, en het openbaar bestuur, evenals overheidsinvesteringen. Daarnaast stimuleert de overheid de economie indirect door de koopkracht van huishoudens te ondersteunen. Maar, zo schrijft de bank: de Nederlandse arbeidsmarkt blijft een knelpunt voor de overheid. Door arbeidstekorten kunnen niet alle geplande uitgaven worden gedaan en belemmert het de uitvoering van de beleidsagenda.

Toch heeft de krappe arbeidsmarkt wel een positieve invloed op de consumptiegroei. ‘De krappe arbeidsmarkt draagt eveneens bij aan de consumptiegroei. Ondanks dat het werkloosheidscijfer is gestegen tot het hoogste niveau in twee jaar (3,8%), blijft het historisch laag. De arbeidsmarkt krijgt waarschijnlijk wat ademruimte, maar gezien de sterke vraag naar arbeid, het beperkte arbeidsaanbod en vergrijzing, blijft de werkloosheid laag.’ Ook consumenten verwachten volgens de bank geen sterke stijging van de werkloosheid. ‘De arbeidsmarktvooruitzichten zijn daarmee ook een steun voor de consumptie: zekerheid voor werkenden en kansen voor toetreders.’ 

Uitdagingen en keuzes

Daarnaast staat de coalitie voor een aantal aanzienlijke uitdagingen en keuzes, zoals het verminderen van de stikstofuitstoot, het verhogen van de defensie-uitgaven en het uitbreiden van het elektriciteitsnet. Hierover zegt ABN AMRO: ‘Hoewel het geraamde begrotingstekort voor 2025 naar beneden is bijgesteld en de startpositie van de overheidsfinanciën goed is, lijken de noodzakelijke uitgaven en wensen groter dan de structurele begroting toelaat. Dit kan tot uitdagende discussies en beslissingen leiden. Hoewel de coalitie tot nu toe overeind is gebleven, kunnen de komende begrotingsdiscussies kritisch worden.Met de mogelijkheid van nieuwe verkiezingen, kan de verleiding ontstaan om extraatjes uit te delen.’

Vorig jaar is er aanzienlijk geïnvesteerd. Vooral in het laatste kwartaal van 2024 namen de investeringen sterk toe. Er werd vooral meer geïnvesteerd in personenauto’s en bestelwagens, waarschijnlijk in verband met veranderend overheidsbeleid in 2025. Per 1 januari zijn er belastingwijzigingen voor voertuigen doorgevoerd en is de regelgeving rondom milieuzones in steden aangepast. De verwachting is dan ook dat de investeringen de komende periode zullen afzwakken. ABN AMRO verwacht dat de renteverlagingen door de ECB steun zullen bieden aan de investeringsgroei.

Onzekerheid

Verder verwacht ABN AMRO dat de buitenlandse vraag zal stijgen. De Nederlandse industriële sector laat een prille groei zien, wereldwijde indicatoren wijzen op een beperkte verbetering van de mondiale industrie. Ook zal de Nederlandse uitvoer profiteren van de toenemende groei in de eurozone, waar de vraag naar goederen van huishoudens weer toeneemt.

De dreiging met invoerheffingen van president Trump zal de groei dempen, denkt ABN AMRO. De effecten zijn nog lastig te voorspellen, merken de economen van de bank opt er is nog veel onduidelijk over deze heffingen.

ABN AMRO verwacht dat door de anticipatie op de invoertarieven de goederenuitvoer in eerste instantie zullen stijgen omdat Amerikaanse bedrijven extra voorraden zullen aanleggen. Maar zodra de invoerheffingen daadwerkelijk worden ingevoerd, zal de buitenlandse vraag naar Nederlandse uitvoerproducten verminderen, zowel direct door lagere vraag uit de VS, als indirect door een afkoeling van de mondiale economie en wereldhandel. Daarnaast zal de mogelijke stijging van de defensie-uitgaven invloed hebben op de economie. 

Geplaatst in Arbeidsmarktdata, In de wereld | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor ABN AMRO: ondanks krappe arbeidsmarkt stuwt de overheid de economie

Advies AG aan Hoge Raad: Dertien jaar uitzenden bij één bedrijf is mogelijk misbruik van uitzendconstructie

Een uitzendkracht dertien jaar lang onafgebroken inzetten bij dezelfde inlener – zonder uitzicht op een vast contract – is mogelijk in strijd met de Europese Uitzendrichtlijn. Dat stelt advocaat-generaal (AG) Ruth de Bock in haar advies aan de Hoge Raad. De AG concludeert dat het gerechtshof in deze zaak onvoldoende heeft gemotiveerd waarom er géén sprake zou zijn van misbruik. Het hof-oordeel moet daarom van tafel, aldus De Bock.

De zaak

De werknemer werkte bijna dertien jaar lang via opeenvolgende uitzendovereenkomsten als productiemedewerker voor hetzelfde bedrijf. Een vast dienstverband bleef uit, ondanks herhaalde verzoeken van de werknemer. Pas in 2022 kwam er een einde aan de inlening, toen de productieafdeling werd gesloten.

De werknemer stelde dat zijn werk allang niet meer tijdelijk van aard was en dat de uitzendconstructie misbruikt werd om een vast dienstverband te vermijden. Hij stapte naar de rechter om erkenning van een arbeidsovereenkomst en betaling van achterstallig loon en vergoedingen af te dwingen.

De rechtbank en het gerechtshof wezen zijn vorderingen af. Volgens het hof kon de langdurige inzet via uitzendconstructies gerechtvaardigd worden door de ‘structurele behoefte aan een flexibele schil’ bij het bedrijf. Daarmee zou geen sprake zijn van misbruik in de zin van de Uitzendrichtlijn.

Het advies van de AG

De advocaat-generaal ziet dat anders. Volgens De Bock heeft het hof ten onrechte aangenomen dat de enkele behoefte aan flexibiliteit volstaat als objectieve rechtvaardiging voor het langdurig inzetten van een uitzendkracht. Hoewel de Nederlandse wet op dit moment geen maximumtermijn kent voor het verrichten van uitzendwerk voor dezelfde inlener, is op grond van de Europese Uitzendrichtlijn het uitgangspunt dat uitzendkrachten tijdelijk voor een inlener werken, aldus De Bock.

Die uitzendrichtlijn vereist dat uitzendarbeid tijdelijk is. Lidstaten moeten bovendien actief misbruik voorkomen, bijvoorbeeld door het achter elkaar schakelen van uitzendovereenkomsten waarmee een vaste baan wordt ontweken. De AG wijst op rechtspraak van het Europese Hof van Justitie, waarin een toetsingskader is geformuleerd: als de duur van het uitzendwerk bij één inlener de grenzen van het tijdelijke overschrijdt – zoals in dit geval, bijna dertien jaar – kan dat op misbruik duiden. Een werkgever moet dan een specifieke en overtuigende reden hebben waarom toch is gekozen voor een uitzendconstructie.

Dat het bedrijf een flexibele schil wenst, is volgens De Bock onvoldoende. Het leidt er immers toe dat één persoon jarenlang in onzekerheid verkeert, zonder uitzicht op vastigheid. Ook andere argumenten van het hof overtuigen de AG niet. Daarom adviseert zij de Hoge Raad de uitspraak van het hof te vernietigen en de zaak te verwijzen naar een ander hof voor een nieuwe berechting.  De uitspraak van de Hoge Raad is (voorlopig) bepaald op 26 september 2025.

Kabinet wil aanpassing wet

Ondertussen is Minister Van Hijum (SZW) gestart met de voorbereiding van wetsvoorstel waarin de maximumtermijn van inlenen van 36 maanden wordt ingevoerd. Na afloop van deze termijn moet de inlenende organisatie een aanbod doen voor een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aan de uitzendkracht. De termijn van 36 maanden sluit aan bij de duur van de ketenbepaling voor arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd.

Geplaatst in In de wet, Rechtspraak | Tags | Reacties uitgeschakeld voor Advies AG aan Hoge Raad: Dertien jaar uitzenden bij één bedrijf is mogelijk misbruik van uitzendconstructie