Maandelijkse archieven: mei 2023

MDIEU-subsidie nu ook voor bedrijven! Belang duurzame inzetbaarheid

MDIEU-subsidie nu ook voor bedrijven!

Het belang van duurzame inzetbaarheid

Door Moniek Kennis, werkzaam bij Marxman Advocaten

Moniek Kennis
Moniek Kennis

Met de Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid & Eerder Uittreden (MDIEU) wordt invulling gegeven aan de afspraken uit het Pensioenakkoord uit 2019, waarin een belangrijke doelstelling was: zoveel mogelijk mensen gezond werkend het pensioen te laten bereiken door investeringen in duurzame inzetbaarheid.

Het ministerie van SZW wil dit breed in de maatschappij tot uiting laten komen om de werkgelegenheid te bevorderen. Voorheen was deze subsidie alleen beschikbaar voor sectoren, de subsidie is nu ook aan te vragen door bedrijven. Hoe werkt het?

Gezonde werknemers zijn essentieel voor het functioneren van iedere organisatie. Om die reden is het belangrijk dat bedrijven stilstaan bij het bewerkstelligen van duurzame inzetbaarheid. Duurzame inzetbaarheid houdt namelijk in dat een gezonde werknemer tot aan zijn of haar pensioen naar behoren het werk kan uitoefenen. Binnen de maatschappij zorgt dit voor minder tekorten op de arbeidsmarkt, meer economische groei en welvaart. Een gezonde werknemer is immers minder vaak ziek, productiever en gemotiveerder om de werkzaamheden uit te oefenen, wat ook voor de werkgever natuurlijk een mooie bijkomstigheid is.

Het is voor bedrijven dus van belang om de verwezenlijking van duurzame inzetbaarheid hoog op de agenda te hebben staan. Het ministerie van Sociale zaken en Werkgelegenheid zag het belang van een duurzame inzetbaarheid eveneens in, en besloot daarom maatregelen te treffen om dit breder in de maatschappij tot uiting te laten komen. Met de Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid & Eerder Uittreden (MDIEU) wordt er een invulling gegeven aan de afspraken uit het Pensioenakkoord uit 2019, waarin een belangrijke doelstelling was: zoveel mogelijk mensen gezond werkend het pensioen te laten bereiken door investeringen in duurzame inzetbaarheid.

Wat gaat er veranderen?
Voorheen was de MDIEU-subsidie enkel toegankelijk voor sectoren, maar er is gebleken dat de MDIEU een te klein aandeel van de werkgelegenheid in Nederland bereikte. Dit bereik kon, en diende dan ook vergroot te worden. Naar aanleiding van deze constatering is er door het ministerie van SZW ook voor individuele bedrijven een aanvraagtijdvak geopend waarbij bovendien het minimumbedrag voor een subsidie is verlaagd. Het aanvragen van een subsidie wordt op die manier dus niet alleen toegankelijker, het wordt ook breder ingezet waardoor de subsidie in meer situaties kan worden toegepast.

Ook voor bedrijven actief in uitzendsector
De MDIEU-subsidie is aan te vragen door alle individuele arbeidsorganisaties waar werknemers werkzaam zijn. Hieronder vallen bedrijven, stichtingen en ook bedrijven binnen de uitzendsector. De subsidieaanvraag is dus ook open voor bedrijven die actief zijn in de uitzendsector.

Bedrijven kunnen een aanvraag doen voor een subsidie die bijdraagt aan activiteiten die de duurzame inzetbaarheid van de werknemers vergroten. Deze activiteiten kunnen uiteenlopen van het verlichten van zware werkomstandigheden tot aan het aanbieden van bijvoorbeeld een relevante groepsworkshop. De hiervoor genoemde activiteiten zullen bij deze regeling voor 50% gesubsidieerd worden. Daarnaast is er de mogelijkheid tot het aanvragen van een subsidie die het mogelijk maakt om werknemers met zwaar werk vervroegd te laten stoppen. Voorheen kostte het bedrijven een boete van 52% over de ontslagvergoeding om een werknemer vervroegd uit te laten treden. Met deze verandering kunnen werkgevers een regeling voor vervroegd uittreden (RVU) boetevrij aanbieden. Deze RVU drempelvrijstelling wordt tot en met 2025 jaarlijks herzien en is gekoppeld aan de netto-AOW.

MDIEU-subsidie voorwaarden
Om in aanmerking te komen voor een subsidie als bedrijf moet er een bedrijfsanalyse plaatsvinden. Aan de hand van deze analyse worden de knelpunten van een organisatie op het gebied van duurzame inzetbaarheid in kaart gebracht. Hierna wordt er gekeken wat de beste opties zijn ter uitvoering van de plannen omtrent duurzame inzetbaarheid. Deze bedrijfsanalyse kan tot een bedrag van €5.000 worden meegenomen in de subsidieaanvraag, nadat deze is voorgeschoten door het bedrijf zelf.

De subsidie om werknemers eerder te laten stoppen met werken, wordt alleen toegewezen in combinatie met reeds gedane investeringen in duurzame inzetbaarheid. Het is dus niet mogelijk om een subsidie verleend te krijgen wanneer deze subsidie enkel betrekking heeft op activiteiten gericht op het eerder uittreden. Verder wordt er een betrokkenheid van de werknemers verwacht bij de opstelling en uitvoering van een activiteitenplan.

Het activiteitenplan moet een beschrijving bevatten van de aanpak met doelstellingen, beoogde effecten en de doelgroep van de activiteiten en de hiermee beoogde resultaten voor het oplossen van de problematiek uit de bedrijfsanalyse. Als aan deze vereisten is voldaan kan er in principe een subsidie worden verleend, mits het budget gebruikt wordt voor activiteiten die voldoen aan de subsidieregeling. Bepaalde activiteiten vallen namelijk niet onder de te subsidiëren activiteiten. Activiteiten die plaatsvinden vanwege een wettelijke verplichting, regulier onderwijs en scholing voor een te behalen diploma zijn bijvoorbeeld niet-subsidiabele activiteiten. De activiteiten moeten gericht zijn op één of meer van de volgende thema’s:

  1. Gezond, veilig en vitaal werken stimuleren
  2. Goed werkgeverschap en opdrachtgeverschap bevorderen
  3. Een leven lang ontwikkelen én de arbeidsmobiliteit van werkenden bevorderen
  4. Bijdragen aan de bewustwording van werkenden

Procedure subsidie-aanvraag (1 september 2023)
Werkgevers kunnen de subsidie per september 2023 aanvragen. Het aanvraagtijdvak loopt van 1 september tot en met 30 november 2023. De subsidie zal voornamelijk relevant zijn voor werkgevers die werknemers in dienst hebben die zwaar werk verrichten.

Conclusie
Gelet op het voorgaande, is het belangrijk dat bedrijven investeren in duurzame inzetbaarheid. Op dit moment is binnen veel bedrijven al sprake van een personeelstekort. Dit wordt onder andere veroorzaakt door de hoge ziekteverzuimpercentages en door de vergrijzing van werknemers. Het is gelet hierop dan ook van belang dat bedrijven ervoor zorgen dat werknemers zolang mogelijk op een gezonde en prettige manier hun werk kunnen uitvoeren. De hoop is dan ook dat meer bedrijven door deze uitbreiding van de subsidieregeling zich gaan inzetten voor duurzame inzetbaarheid van de werknemers.

Wilt u weten of de MDIEU-subsidieregeling ook voor uw bedrijf een uitkomst zou kunnen bieden? Wij denken graag met u mee en kunnen waar nodig ondersteuning bieden omtrent dit onderwerp.

Zie ook
Uitvoering van beleid SZW.nl

Meer tips en informatie over duurzame inzetbaarheid
Doorzaam ondersteunt duurzame inzetbaarheid uitzendkracht
Website over voorgenomen nieuwe pensioenregels
EU-uitzendsector en vakbonden steunen Europees Jaar van Skills
Kabinet steekt 1,2 miljard euro in versterken leer- en ontwikkelcultuur
CAO voor Uitzendkrachten en budget duurzame inzetbaarheid
1500 uitzendkrachten duurzamer inzetbaar via traject Alles-in-1
Fysieke belasting en duurzame inzetbaarheid
O&O-fondsen conferentie: ‘Leren & werken net zo normaal als eten & drinken’

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor MDIEU-subsidie nu ook voor bedrijven! Belang duurzame inzetbaarheid

60% groei voor automotive recruitmentplatform Easy Way

Easy Way, het automotive recruitmentplatform van ASA, realiseert een omzetgroei van 60% in slechts twee jaar tijd. Deze groei werd gerealiseerd door hun vernieuwde app en het aanbieden van ‘werken on demand’.

De vernieuwde Easy Way app maakt werken flexibel met het aanbieden van werken ‘on demand’. Het geeft werknemers de mogelijkheid om te werken waar en wanneer zij willen. Dat de doelgroep, voornamelijk Generatie Z, dit interessant vindt, blijkt uit de groei van het aantal werkenden op het platform: van 1.400 naar bijna 2.600 medewerkers.

Maximilian Krijgsman, algemeen directeur van ASA, noemt de platformstrategie als belangrijkste drijfveer achter het succes: “Wij trekken talent uit de markt aan, verbinden en behouden ze door écht naar hen te luisteren. Onze doelgroep wil maximale flexibiliteit, maar óók de zekerheid en het gemak van de garantie op werk en vakantiegeld. Onze strategie, waarbij we het vinden van werk zo makkelijk mogelijk willen maken, heeft flink bijgedragen aan de groei van ons marktaandeel. Hierdoor hebben we de afgelopen periode ook veel vooraanstaande nieuwe opdrachtgevers mogen verwelkomen.”

Campagne op TikTok

Maximilian vervolgt: ‘Wie talent wil vinden, moet zich op de juiste plek begeven. TikTok bleek zo’n plek voor ons. Met de lancering van de ‘Carfluencer’ campagne hebben influencers op geheel eigen wijze een kijkje in de keuken gegeven. We hebben hiermee aanstaande studentchauffeurs en professionals in de automotive laten zien hoe het werken via ons platform eruit ziet, maar vooral ook hoe leuk de branche is.’

Kijk voor meer informatie op www.easyway.nl

Over Easy Way

Easy Way is marktleider in Nederland op het gebied van chauffeurs- en transportdiensten. Naast het uitvoeren van de 130.000 autotransporten per jaar is Easy Way gespecialiseerd in de levering van vast en flexibel personeel (in diverse functies) aan (rental) locaties van leasemaatschappijen, dealerbedrijven en verhuurbedrijven.

Over ASA

Easy Way is onderdeel van ASA, een uitzendbureau voor studenten, starters en professionals. Al meer dan 50 jaar bemiddelt ASA deze doelgroepen in sectoren uiteenlopend van hospitality tot zakelijke dienstverlening.

Bron: TRIANGLE, 23 mei 2023

Geplaatst in Arbeidsmarktdata | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor 60% groei voor automotive recruitmentplatform Easy Way

ABU kritisch op kabinetsplannen uitzendbranche: “De goeden zullen gaan lijden onder de kwaden”

“We zijn een voorstand van de verplichte certificering zoals het kabinet voorstelt, om zo het kaf van het koren te scheiden. Maar we moeten ook zorgen dat de goeden niet zullen lijden onder de kwaden.” Dat zegt ABU directeur Jurriën Koops op BNR.

Hij doet zijn uitspraken vlak voordat de Tweede Kamer met minister Van Gennip (SZW) praat over misstanden rond arbeidsmigranten en de daaruit voortkomende certificeringsplicht.

Teveel regels 
Door de certificering te verplichten voor de hele branche, span je volgens Koops het paard achter de wagen. “Er wordt een enorme hoeveelheid normen en regels die in het certificaat worden opgenomen. Elke misstand wordt van een regel voorzien. Daarmee wordt dit onuitvoerbaar en niet te handhaven. Dat is een teleurstelling. We willen dat dit een succes wordt. Wij kampen al langer met deze problemen (rond arbeidsmigratie). Die moeten hard aangepakt worden.”

Koops vindt dat regels proportioneel moeten blijven. Als voorbeeld geeft hij de wens van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) om de registratie van arbeidsmigranten door uitzendbureaus te laten doen. “Wij vinden het belangrijk dat arbeidsmigranten goed geregistreerd staan, maar dat is en blijft een verantwoordelijkheid van de gemeente. Deze regels horen niet in een certificaat thuis.”

Focus op handhaving
De ABU directeur pleit voor een effectieve en eenvoudige regeling. Daarbij moet er vooral meer aandacht komen voor handhaving. “We hebben geen gebrek aan regels maar een gebrek aan handhaving.”

Volgens Koops is 90-95% van de branche is volstrekt bonafide. “Er is ook een deel waar het echt niet deugt. Dat probleem is hardnekkig. Daar past wat ons betreft het certificaat bij. Met regels die echt iets doen tegen de malafiditeit. Daarmee komen we een stap verder. Bouw het niet verder uit. Investeer in handhaving, niet alleen via de inspectie maar ook via accountants. Dat krijg je een systeem waar iedereen tevreden mee is en waarbij ook de goed willende bedrijven niet onevenredig in de weg worden gelopen.”

Bron: BNR

Lees ook:
Kabinet steunt aanbevelingen aanjaagteam Roemer
Kabinet zet stap naar verplicht certificeringsstelsel voor uitzendbureaus
AWVN: maak certificeringsstelsel uitleners eenvoudiger

Geplaatst in Politiek | Tags | Reacties uitgeschakeld voor ABU kritisch op kabinetsplannen uitzendbranche: “De goeden zullen gaan lijden onder de kwaden”

Verwachte wijzigingen StiPP-pensioen per 1 juli 2023

Verwachte wijzigingen Pensioenregelingen per 1 juli 2023

Deze week debatteerde de Eerste Kamer twee dagen over de nieuwe Pensioenwet. Er is nog een derde debat ingepland. De stemming is gepland op 30 mei a.s.

Wat verandert er voor StiPP
Als de Pensioenwet wordt aangenomen, welke consequenties heeft dit dan voor het StiPP-pensioen voor uitzendkrachten en gedetacheerden?

StiPP

De wachttijd van 8 weken, voordat het StiPP-pensioen wordt opgebouwd, vervalt per 1 juli 2023, als de Eerste Kamer akkoord gaat met de Pensioenwet.

Op dit moment worden de gewerkte weken van een (uitzend)werknemer al geteld vóór de leeftijd van 21 jaar. Werknemers die jonger zijn dan 21 jaar worden daardoor  eerder deelnemer in de Plusregeling, omdat de gewerkte weken vóór de leeftijd van 21 jaar ook meetellen. Dit gaat veranderen.

Per 1 juli 2023 tellen de gewerkte weken vóór de leeftijd van 21 jaar niet meer mee. De werknemer start vanaf 21 jaar in de Basisregeling. Op dat moment begint de werkgever met het tellen van de gewerkte weken. Na 52 gewerkte weken gaat de werknemer pensioen opbouwen in de Plusregeling.

Verlaging toetredingsleeftijd per 1 januari 2024
Vanaf 1 januari 2024 wordt de toetredingsleeftijd verlaagd van 21 jaar naar 18 jaar. Dit betekent dat jongere werknemers al vanaf 18 jaar pensioen gaan opbouwen. Deze regeling is ook nog in afwachting van goedkeuring door de Eerste Kamer.

Bronnen: StiPP, NBBU en Bureau Cicero

Zie ook
Website over voorgenomen nieuwe pensioenregels
Adequate Pensioenregeling en het Pensioenakkoord
Onderhandelingsresultaat nieuwe ABU CAO voor Uitzendkrachten
FNV wil marktconform pensioen uitzendkrachten vanaf dag één

Geplaatst in Rechtspraak | Reacties uitgeschakeld voor Verwachte wijzigingen StiPP-pensioen per 1 juli 2023

Is inzage in de mailbox van een medewerker toegestaan?

Is inzage in de mailbox van een medewerker toegestaan?

Inge Brattinga
Inge Brattinga

Door Inge Brattinga, VRF Advocaten

Veelvuldig wordt de vraag gesteld of en in hoeverre de mailbox van een medewerker mag worden ingezien en onder welke voorwaarden. In dit artikel zal nader ingegaan worden op de richtlijnen voor u als werkgever als u inzage wilt in de mailbox van een medewerker. Hier gaan de nodige verhalen over rond, en er zijn procedures over gevoerd. Hoogste tijd om het juridisch kader eens op een rijtje te zetten.

Basis
De basis van privacy van een medewerker op de werkvloer is eigenlijk de stelling ‘Een medewerker hangt het recht op privacy niet aan de kapstok op het moment dat hij/zij aan het werk gaat.’

Artikel 8 Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (hierna ‘EVRM’) bepaalt het basisrecht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Dit strekt zich net zo goed uit over de thuissituatie als de werksituatie. Verder is in artikel 7 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (hierna ‘Handvest’) bepaald ‘eenieder heeft recht op eerbiediging van zijn privé-leven, zijn familie- en gezinsleven, zijn woning en zijn communicatie’. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens heeft in 2007 beslist dat het e-mail verkeer op het werk ook valt onder deze wettelijke bescherming (EHRM 3 april 2007, ECLI:CE:ECHR:2007:0403JUD006261700. Copland).

In een mailbox van een medewerker kunnen persoonsgegevens staan, daarom is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (hierna ‘AVG’) van toepassing, naast artikel 8 Handvest waarin het recht op bescherming van persoonsgegevens is opgenomen. De AVG bepaalt dat inzage in of verwerking van persoonsgegevens een wettelijke grondslag behoeft. In basis betekent dit dat hiervoor toestemming nodig is van de werknemer. In een arbeidsrechtelijke relatie is dit moeilijk te realiseren. Bovendien heeft de werknemer geen vrije keuze als de werkgever beleid maakt. Deze basis van toestemming zal daarom niet makkelijk kunnen worden gebruikt als grondslag. Een grondslag die wel gebruikt kan worden is artikel 6 lid 1 onder f AVG. Hierin is bepaald ‘de verwerking is noodzakelijk voor de behartiging van de gerechtvaardigde belangen van de verwerkingsverantwoordelijke of van een derde, behalve wanneer de belangen of de grondrechten en de fundamentele vrijheden van de betrokkene die tot bescherming van persoonsgegevens nopen, zwaarder wegen dan die belangen, met name wanneer de betrokkene een kind is.’

De voorgaande belangenafweging kwam ook aan de orde bij een ontslag op staande voet dat aan de Rechtbank Rotterdam is voorgelegd in 2022. In het onderhavige geval is van belang dat het ontslag op staande voet geen stand hield om de enkele formele reden dat het ontslag niet onverwijld is gegeven. De rechter kwam wel tot de conclusie dat er sprake was van een dringende reden die een onverwijlde opzegging rechtvaardigt. Werknemer had naast het verweer tegen het ontslag op staande voet echter ook gesteld dat er sprake was van schending van diens privacy nu de werkgever de volledige inbox van de medewerker zonder toestemming van de medewerker aan een onderzoeksbureau had overhandigd. De kantonrechter bepaalde in dit kader dat ‘het delen door werkgever van de volledige inbox van medewerker met de onderzoekers zonder zijn toestemming onder de gegeven omstandigheden geen schending van de AVG ingevolge artikel 6 lid 1 sub f AVG’ oplevert. ‘Aangezien het alleen ging om de zakelijke inbox en het delen noodzakelijk was in het kader van het feitenonderzoek, weegt het belang van werkgever bij waarheidsvinding zwaarder dan het belang van medewerker bij bescherming van zijn privacy.’ (ECLI:NL:RBROT:2022:7736). De rechter maakt hier duidelijk een belangenafweging.

Voorwaarden
Uit het voorgaande volgt dat de medewerker op de werkvloer het recht op privacy behoudt en uit de AVG, EVRM en Handvest een aantal voorwaarden en eisen volgen voor de inzage in de e-mail van de medewerker.

De Artikel 29 Werkgroep (voorganger van de EDPB) heeft op 8 juni 2017 een advies 2/2017 afgegeven over gegevensverwerking op het werk. Hierin is onder meer opgenomen dat werkgever een belangenafweging moet maken tussen het gerechtvaardigd belang van de werkgever op bijvoorbeeld controle van systemen, maar ook het recht op privacy van de werknemer. Er moet beleid zijn over wie wanneer toegang heeft tot gegevens, onder welke voorwaarden en tot welke gegevens. Dit moet een leidraad zijn voor wat aanvaardbaar en onaanvaardbaar gebruik is van een netwerk en de voorzieningen van de werkgever door de werknemer.

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) geeft, in vervolg op het voorgaande, op haar website (Controle van werknemers | Autoriteit Persoonsgegevens) op hoofdlijnen richtlijnen over de inzage in de mailbox van een werknemer. Primair wordt vanzelfsprekend benoemd dat u moet voldoen aan de privacywetgeving. Daarbij wordt ook als advies gegeven om richtlijnen op te stellen. De medewerker weet dan ook waar deze aan toe is, maar ook wat er van de medewerker verwacht wordt ten aanzien van het e-mail gebruik. Belangrijk onderscheid wordt hier gemaakt dat het alleen mag gaan om zakelijke mail en geen privé mails van de medewerker. Dit kan best lastig zijn. Een logisch advies voor het opstellen van een richtlijn is dat een medewerker e-mail alleen voor zakelijke doeleinden mag inzetten.

Alles overziend kunnen de volgende voorwaarden voor inzage in de e-mailbox van de medewerker worden bepaald:

  • De werkgever dient de medewerker vooraf in kennis te stellen dat zijn e-mail kan worden gecontroleerd. Stel bijvoorbeeld een e-mail en internetprotocol op.
  • De werkgever moet onderzoeken hoe ver de controle gaat en of de controle een inbreuk oplevert met het recht op privacy van de medewerker. Hierbij neemt u als werkgever het uitgangspunt in acht dat de werknemer recht heeft op privacy op de werkvloer.
  • De werkgever dient gegronde redenen te hebben waarom hij de mailbox van de medewerker wil controleren of inzien, bijvoorbeeld omdat de medewerker gedurende enige tijd afwezig is, of uit data extreem gebruik van e-mail blijkt.
  • De werkgever dient te onderzoeken of er minder ingrijpende methoden en maatregelen aanwezig zijn waarmee de werkgever zijn doel ook kan bereiken.
  • De werkgever dient de gevolgen voor de medewerker af te wegen. Hierbij dient de werkgever erop bedacht te zijn dat de resultaten van het inzien van de mailbox alleen gebruikt mogen worden voor het doel waarvoor de mailbox werd ingezien. Bijvoorbeeld in geval van het onderzoek omtrent bedrijfsspionage. In dat geval mag alleen onderzocht worden of er sprake is van bedrijfsspionage. Als in de mailbox zaken worden aangetroffen die zien op seksuele intimidatie mag dat niet zondermeer gebruikt worden voor een eventueel ontslag, maar kan dat wel als basis dienen voor verder onderzoek, zeker als er een gedragscode in de organisatie aanwezig is.
  • De werkgever dient waarborgen te treffen die het recht op privacy beschermen. In het e-mail en internetprotocol neemt u bijvoorbeeld een hoofdstuk op over informatiebeveiliging en privacy. Tevens neemt u een hoofdstuk op over de rechten van de medewerker bijvoorbeeld op inzage in de gegevens die uit een controle komen.

Conclusie
Inzage in de mailbox van de medewerker kan, maar stel hiervoor beleid op. Het beleid dient aan een aantal voorwaarden te voldoen waarbij u als werkgever een belangenafweging moet maken tussen het belang om onder voorwaarden te controleren en het recht op privacy van de medewerker op de werkvloer.

Lees ook
AVG en ziekteverzuim
Over AVG, informatie aan betrokkenen en privacy statements

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Is inzage in de mailbox van een medewerker toegestaan?