Maandelijkse archieven: april 2020

Unieke oproep van Randstad, Adecco en Manpower

De CEO’s van de drie grootste uitzendorganisaties Randstad, The Adecco Group en Manpower Group hebben samen een open brief opgesteld, waarin zij regeringen en het bedrijfsleven oproepen samen te werken aan een protocol voor een veilige terugkeer naar werk in de coronacrisis.

Bekijk de white paper met adviezen

CEO's Randstad, The Adecco Group, ManpowerGroup

Open brief
“Als CEO’s van drie toonaangevende HR-servicebedrijven bundelen we onze krachten om bedrijven en werknemers in staat te stellen veilig te werken op het juiste moment.

De gezondheidscrisis van COVID-19 stelt mensen en economieën over de hele wereld voor ongekende uitdagingen. Om de economische neergang en de impact op het inkomen van mensen te beperken, moeten de arbeidsmarkt en al haar belanghebbenden zich snel aanpassen aan deze nieuwe realiteit – een nieuwe norm waar fysieke afstand en andere strikte maatregelen voor een aanzienlijk deel integraal deel zullen uitmaken van alle werkprocessen.

Wij zijn van mening dat er dringend actie moet worden ondernomen om volledig voorbereid te zijn om mensen veilig weer aan het werk te krijgen op het juiste moment. Dit nauwkeurig timen is cruciaal voor de economie. De juiste timing verschilt per land en sector en is afhankelijk van de lessen van de golven en stadia van de pandemie over de hele wereld.

Ongeëvenaarde samenwerking en coördinatie door diverse groepen van belanghebbenden, variërend van werkgevers en overheden tot vakbonden en instituten, is nodig om zich voor te bereiden op het nieuwe normale werk op de werkplek.

Gezien de urgentie hebben we een alliantie voor de HR-dienstensector gevormd. Samen met de bredere industrie – als ‘s werelds grootste werkgever en arbeidsmarktexpert in de particuliere sector – streven we ernaar een essentiële bijdrage te leveren aan de voorbereiding op de nieuwe situatie; wij willen mensen weer veilig aan het werk krijgen en bedrijven en economieën weer op de rails zetten. Alleen al in 2018 plaatste de uitzendsector bijna 60 miljoen werknemers in banen in tientallen landen en sectoren. We staan ​​klaar om die expertise en ervaring te benutten als de economieën weer opengesteld worden voor het bedrijfsleven.

De acties van de alliantie zijn gebaseerd op het delen van de best practices op het gebied van gezondheids- en veiligheidsprotocollen, die moeten worden opgezet of bijgewerkt voor de tijdelijke ‘economie met fysieke afstand’. Om werknemers en bedrijven zo veel mogelijk zekerheid te bieden, is het van cruciaal belang dat deze praktijken worden gedeeld tussen industrieën en landen en dat er nieuwe kanalen worden gecreëerd om effectieve protocollen snel op te schalen.

We nodigen werkgevers, vakbonden en NGO’s uit om met ons samen te werken. Tegelijkertijd vragen wij de regeringen om deze inspanningen te ondersteunen, stimuleren en onderschrijven. Wij dringen er bij andere belanghebbenden op aan hun krachten te bundelen om bedrijven en werknemers in staat te stellen op een veilige en productieve manier weer aan het werk te gaan, waarbij veiligheid voor iedereen wordt gegarandeerd.

Bron: Randstad, The Adecco Group en ManpowerGroup, 16 april 2020

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Unieke oproep van Randstad, Adecco en Manpower

Ziekteverzuim toename in 2019, wat te verwachten in 2020?

Ziekteverzuim toename in 2019, wat kunnen we verwachten in 2020?

Ellen van Hierden
Ellen van Hierden

Door Ellen van Hierden, artra

In 2019 is het ziekteverzuim toegenomen. Het zal niemand verbazen als dat in 2020 nog verder toeneemt. Wat waren de precieze cijfers in 2019? Welke zaken kunnen bijgedragen hebben aan de toename van het ziekteverzuim? En wat kunnen we verwachten van 2020?

Ziekteverzuim toegenomen in 2019
Uit cijfers van het CBS blijkt dat in 2019 het ziekteverzuim onder werknemers van bedrijven en de overheid is gestegen tot 4,4 procent. In 2018 was dit nog 4,3 procent en in 2014 3,8 procent. Er is dus sprake van een stijgende trend. De sectoren met het hoogste verzuim vanwege ziekte zijn waterbedrijven, afvalbeheer en (opnieuw) de gezondheidszorg.

Ziekteverzuim naar bedrijfstak, 2019, bron CBS

Welke klachten kwamen het vaakst voor?
Naast kwartaalcijfers over ziekteverzuim voert het CBS nog een ander onderzoek uit: de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA). Dit is een onderzoek onder werknemers dat het CBS uitvoert samen met TNO. De meest recente cijfers komen uit 2018. Hieruit bleek dat werknemers het vaakst thuis blijven vanwege griep of verkoudheidsklachten (44,1%). Dat is meer dan in 2014, toen nog 40,1 procent zich om deze reden ziekmeldde. Daarnaast is ook het aantal psychische klachten, overspannenheid en burn-outs gestegen. Deze klachten staan in 2018 op de derde plaats, na klachten over buik, maag of darmen.

Klachten werknemers bij laatste verzuim, bron CBS

Kantoortuin leidt tot hoger ziekteverzuim
Een oorzaak voor het hoge aantal psychische klachten, overspannenheid en burn-out in 2018 zou de kantoortuin kunnen zijn. De afgelopen maanden is de kantoortuin veelvuldig negatief in het nieuws geweest. Uit onderzoek van tv-programma De Monitor is inderdaad gebleken dat de kantoortuin aanleiding geeft tot een hoger ziekteverzuim. Deze open werkruimte zorgt voor hoofdpijn, stress en burn-out. De voornaamste oorzaken hiervoor zijn geluidshinder en concentratieverlies. 80 procent van de ondervraagde bedrijfsartsen denkt zelfs dat het ziekteverzuim zou dalen als mensen met minder collega’s in één ruimte hoeven te zitten.

Thuiswerken ook niet zonder risico
Door de coronavirus-uitbraak zullen veel kantoortuinen voorlopig echter leeg zijn. Iedereen werkt voorlopig zo veel mogelijk thuis. Maar ook thuiswerken is niet geheel zonder risico. Zo is de kans op stressklachten en spanning een stuk groter. Mensen missen structuur, moeten zorgen voor hun ouders en/of kinderen, en missen het sociale contact van de werkplek. Daarnaast kan werk en privé in elkaar overlopen. Maar inmiddels zijn er ook positieve signalen. Zo worden meetings nu digitaal gehouden, die anders veel reistijd hadden gekost. Voor een enkeling zelfs een vliegreis naar het buitenland. Dus in zekere mate kan thuiswerken in sommige gevallen juist zorgen voor meer tijd en energie. Al met al is de kans zeer aanwezig dat het ziekteverzuim door psychische klachten niet af zal nemen in 2020.

Extra moeilijk voor flexwerkers
In veel beroepen zit een groot aantal werknemers ziek thuis. Vakbonden CNV en FNV maken zich zorgen over werknemers die, tegen de regels in, toch op het werk worden verwacht. Ook al hebben ze koorts of een snotneus. Zeker in vitale beroepen durven veel werknemers zich niet ziek te melden, omdat er zo veel werk is of omdat de werkgever blijft benadrukken dat iedereen nodig is op de werkvloer. Deze situatie is extra moeilijk voor flexkrachten. Ze kunnen de inkomsten niet missen of zijn bang dat ze op straat komen te staan als ze zich ziekmelden. Dit is een verontrustend signaal. Want als een werknemer met klachten tóch komt werken, kan hij of zij collega’s, klanten of patiënten in gevaar brengen. Daarnaast is het risico groot dat de gezondheidsproblemen erger worden als de werknemer niet de tijd neemt om ‘uit te zieken’.

Lees ook: Wat moet ik doen als een flexwerknemer zich ziekmeldt?

Forse toename ziekteverzuim in ziekenhuizen
Als samenleving doen we nu een groot beroep op de gezondheidszorg. De druk op zorgmedewerkers is daardoor groot. Er is veel onrust over het tekort aan beschermingsmiddelen, zoals mondkapjes, handgels en brillen. En zorgmedewerkers zijn bang om aan het werk te gaan, uit angst dat ze anderen besmetten of zelf ziek worden. Maar medewerkers in de zorg hebben het nu ook emotioneel heel zwaar, omdat ze veel patiënten zien overlijden aan het coronavirus. Door al deze oorzaken neemt het ziekteverzuim in ziekenhuizen fors toe. Het is dan ook erg aannemelijk dat deze sector in 2020 opnieuw het hoogste percentage ziekteverzuim gaat hebben.

Ook problemen in de logistieke sector
Ook in de logistiek is het hoge ziekteverzuim al een groot probleem geworden. Er is hierdoor minder personeel beschikbaar, terwijl het veel drukker is dan normaal door de grote piek in de e-commerce-verkopen. Mensen shoppen massaal online en bestellen in groten getale kleding, boodschappen en andere spullen. Hierdoor is de druk groot in zowel de warehouses als het transport. Door de hoge druk is de kans groot dat het ziekteverzuim verder toe gaat nemen in deze sector.

Uit al deze signalen kan geconcludeerd worden dat het ziekteverzuim in 2020 niet alleen direct wordt beïnvloed door het hoge aantal coronabesmettingen, maar ook door alle indirecte gevolgen die deze uitbraak heeft veroorzaakt. De toekomst zal uitwijzen hoe groot de impact precies gaat zijn.

Ellen van Hierden, directeur en eigenaar van artra

Lees ook
Vergoed ziekte-uitkeringen als gevolg van pandemie uit noodfonds
Waarom worden uitzenders eigenrisicodrager Ziektewet?

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Ziekteverzuim toename in 2019, wat te verwachten in 2020?

Misverstanden over de NOW in de uitzendsector

Misverstanden over de NOW in de uitzendsector

Jeroen Brouwer
Jeroen Brouwer, ABU

Interview met Jeroen Brouwer, strategisch beleidsadviseur Arbeidsverhoudingen bij de ABU, en Marcel Reijmers, directeur van FlexKnowledge

Het kabinet heeft met de tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid (NOW) een indrukwekkende subsidieregeling in het leven geroepen. Daarmee wil het werkgevers en werknemers door de coronacrisis heen loodsen. De NOW moet bedrijven in staat stellen hun werknemers in dienst te houden en door te betalen. De uitzendbrancheorganisaties hebben opgeroepen dit ook zoveel mogelijk te doen. Maar er leven wel enkele hardnekkige misverstanden bij werkgevers, werknemers en uitzend- of payrollorganisaties.

Was het maar waar dat alle uitzend- en payrollondernemingen een beroep konden doen op de NOW…
Jeroen Brouwer: “In de markt leeft de gedachte dat iedere uitzender een beroep kan doen op de NOW en verder niet moet zeuren. Maar sommige groeibedrijven hebben echt last van de crisis. Zij komen echter niet aan de vereiste 20% omzetverlies om voor de NOW in aanmerking te komen. Terwijl zij wel met leegloop te maken hebben, dus arbeidskrachten hebben, waarvoor zij geen werk hebben. Ook die uitzenders stellen alles in het werk om uitzendkrachten te herplaatsen, maar als dat niet lukt, dan kan het nodig zijn dat zij die uit dienst laten gaan. En dat ligt in deze tijd gevoelig. Die uitzendorganisaties worden daar op aangekeken. Terwijl dat niet terecht is.”

Marcel Reijmers
Marcel Reijmers, FlexKnowledge

Marcel Reijmers: “Ja, die geluiden hoor ik ook. Er is zeker bereidheid om flexkrachten door te betalen, maar het moet wel kunnen. Wie geen buffer heeft opgebouwd – en dat is helaas voor veel uitzendorganisaties de situatie, want zij kampen al jaren met (te) lage marges – kan de lonen niet doorbetalen zonder het eigen vermogen fors aan te tasten. Uitstel van belasting is mooi, maar er moet omzet gedraaid worden om de vaste lasten te betalen en over enige tijd aan de (uitgestelde) loonheffingen te voldoen.

Voor payrollbedrijven is het bijkans nog lastiger, want hun marges zijn nóg dunner. Zij zullen vaker bij de opdrachtgevers aan moeten kloppen om een regeling te treffen. Als die opdrachtgevers in de horeca, de culturele of de evenementensector zaken doen, hebben die op dit moment echter ook niets te bieden.”

Was het maar waar dat de NOW 90% van de totale loonkosten vergoedt
Jeroen Brouwer: “We merken dat op dit punt veel onbegrip leeft bij opdrachtgevers (inleners van personeel) die zich niet in de materie hebben verdiept. De compensatie, het gat tussen de subsidie en de werkelijke loonkosten is veel groter dan 10%.

De loonkosten van werkgevers worden via de NOW niet volledig gecompenseerd. Allereerst omdat het uitgangspunt van de regeling 90% is (en dus niet 100%). Daarnaast is die 90% gekoppeld aan het procentuele omzetverlies. Een werkgever met 100% omzetverlies krijgt zijn loonkosten voor 90% vergoed; een werkgever met bijvoorbeeld 30% omzetverlies krijgt ‘slechts’ een compensatie van 27%. Tevens is van belang dat de NOW een compensatie kent voor het loon plus werkgeverslasten; die werkgeverslasten zijn in de NOW voor alle werkgevers in Nederland vastgesteld op 30%. De werkelijke werkgeverslasten verschillen echter per sector en per organisatie. Voor uitzend- en payrollondernemingen zijn die lasten in elk geval veel hoger dan 30%. De compensatie uit de NOW is daarom verre van kostendekkend. Onder de streep wordt niet 90% van de loonkosten vergoed, maar een aanzienlijk lager percentage.”

Marcel Reijmers: “Opdrachtgevers willen altijd goedkoper uit zijn en daarom zijn de marges nog steeds laag. Met 15 tot 20% marge kun je je uitzendorganisatie in goede tijden nog wel draaiende houden, en daar betaal je dan al je kosten van. Maar je kunt op je vingers natellen dat er dan geen geld is om nu 20% tot 30% van de loonkosten zelf te betalen, terwijl de vaste lasten ook doorgaan.

Het is een feit; het in dienst houden, kost je niet 10% loonkosten, maar veel meer. De 30% (in plaats van de theoretisch voorgespiegelde 90%) looncompensatie is niet genoeg om werkgeverslasten en vakantiegeld van te betalen. De wil kan er zijn, maar als de werkgeverslasten 30% of meer bedragen, lukt het niet.

Toch willen uitzendorganisaties wel mensen in dienst te houden; ze proberen daarover afspraken te maken met opdrachtgevers. Van oudsher worden langdurende uitzendcontracten, waarin uitzendkrachten meer rechten hebben opgebouwd (fase B en C of fase 2 en 3 genoemd) gespiegeld, dat wil zeggen: de uitzendorganisatie betaalt door en de opdrachtgever moet dan eveneens doorbetalen, ook als er geen werk is. Contractueel wordt dat zo ingericht. Dat het in deze tijd lastig is om een opdrachtgever te houden aan zijn deel van de doorbetaling, is duidelijk.”

Mogen inleners/opdrachtgevers zomaar een korting verwachten op het uitzend- of payrolltarief, wanneer hun uitzend- of payrollwerkgever gebruik kan maken van de NOW?
Jeroen Brouwer: “Inleners/opdrachtgevers redeneren nu vanuit de logica: ‘mijn uitzender heeft recht op een stevige subsidie, dan kan ik wel korting vragen op het inhuurtarief. Geef een deel van dat subsidiegeld maar door aan mij.’ Maar dat is te kort door de bocht.

Als uitzenders en payrollers een beroep doen op de NOW, vallen ook hun uitzend- en payrollkrachten onder de subsidie. De subsidie bestaat uit één totaalbedrag ter compensatie van de loonkosten. De NOW-compensatie is niet gelabeld per werknemer of per inlener. Het is aan de (uitzend- of payroll)werkgever om de subsidie te gebruiken om mensen in dienst te houden en door te betalen.

Uitzenders en payrollers moeten de besteding van de NOW bovendien achteraf verantwoorden. Zij kunnen dit overheidsgeld dus niet zomaar benutten voor kortingen aan inleners. Dat zou bij een controle achteraf kunnen leiden tot terugvordering van de subsidie.”

Zijn er situaties waarin het wel logisch is om korting te geven?
Jeroen Brouwer: “Er zijn zeker situaties denkbaar waarbij een korting redelijk en verdedigbaar is. Dan gaat het om uitzendkrachten waarvoor op dit moment echt geen werk is. Als een uitzendwerkgever die uitzendkracht wel in dienst houdt en doorbetaalt, mag de NOW-subsidie daarvoor worden gebruikt. Als de inlener daarnaast contractueel verplicht is om de afgesproken fee volledig te blijven doorbetalen, ligt het voor de hand daarover met elkaar in gesprek te gaan. De NOW hoeft daar niet aan in de weg te staan. Zolang je maar kunt verantwoorden dat de NOW-subsidie is gebruikt voor het in dienst houden en doorbetalen van arbeidskrachten.

Maar een inlener die nu nog steeds tien uitzendkrachten aan het werk houdt, omdat dat werk niet gehinderd wordt door de coronacrisis, die mag geen korting krijgen op het tarief vanwege de NOW-subsidie. Want daarvoor is de subsidie niet bedoeld. De NOW is bedoeld om mensen in dienst te houden, die anders hun dienstverband en inkomen zouden verliezen.”

NOW aanvragen, hoe gaan uitzenders en payrollers er mee om?
Marcel Reijmers: “Wij zien bedrijven wikken en wegen om met de huidige regeling een goede inschatting te maken. Als je als uitzend- of payrollorganisatie blijft factureren, zakt je omzet niet genoeg om in aanmerking te komen voor de NOW-regeling. Maar de subsidie is lang niet genoeg om alle loonkosten te dekken. Daarom zul je met de inlener/opdrachtgever gezamenlijk tot een oplossing moeten komen, bijvoorbeeld door een deel van de niet gecompenseerde kosten te factureren.

Het gemiddelde uitzendbureau heeft onvoldoende buffers opgebouwd – door de lage marges – om de extra kosten maandenlang te betalen. Wij hebben een rekentool gemaakt, waarmee bureaus meerdere scenario’s door kunnen rekenen, zodat ze beter kunnen inschatten wat het beste moment is om de NOW aan te vragen. Het is mogelijk om te schuiven met de periode waarop je je aanvraag baseert. Dat betekent: heel strategisch inschatten over welke periode je het grootste omzetverlies verwacht en ondertussen permanent de actuele loonsom vergelijken met die van januari. Toch blijft dat koffiedik kijken.

Ik zie dat veel bureaus daarom nog wachten met hun aanvraag van de NOW-regeling. Zij kijken eerst hoe alles zich ontwikkelt. Vooral tegen uitzendkrachten met uitzendbeding (= zonder werk geen loondoorbetaling) wordt gezegd: vraag maar WW aan. Tegen uitzendkrachten zonder uitzendbeding waarvan het contract afloopt, wordt gezegd: vraag maar WW aan, maar als het duidelijk is dat er subsidie komt, neem ik je met terugwerkende kracht weer in dienst.

Geen egoïstische, maar helaas een zakelijke afweging. Ze willen hun uitzendkrachten liever niet laten gaan, want dan lopen ze kans dat ze die helemaal kwijtraken. Dat is ook kapitaalvernietiging, want goede arbeidskrachten zijn schaars. En als het werk weer terugkomt, is het natuurlijk ook fijn als de mensen nog in dienst zijn, want dan kun je ook direct weer omzet genereren.

Maar als je als bureau nu een aanvraag van de NOW doet en je inschatting klopt niet, moet je daarna alles terugbetalen. Dan heb je helemaal niets aan de tijdelijke verruiming van je liquiditeit. Uitzenders die wel liquide middelen hebben, wachten zolang mogelijk met de aanvraag van de NOW-regeling, al teren ze daardoor in op hun eigen vermogen.

Daarom heeft de Stichting van de Arbeid aan minister Koolmees gevraagd om de NOW-regeling aan te passen voor de flexbranche. Hopelijk staat de minister hiervoor open en leidt dat tot meer behoud van banen voor flexkrachten.” Lees meer

Interview: Hinke Wever

Lees ook
De NOW voorzien van rekenvoorbeelden
Stichting van de Arbeid vraagt aanpassing noodpakket flexarbeid
Jurriën Koops (ABU): Oproep aan de uitzendbranche
NBBU: houd uitzendkrachten waar mogelijk in dienst
Petitie ‘Maak uitzonderingen in NOW-regeling voor baanbehoud’

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Misverstanden over de NOW in de uitzendsector

Forse stijging WW-uitkeringen in maart

Het aantal nieuwe WW-uitkeringen is in maart sterk gestegen ten opzichte van februari.
Werkloosheid en WW-uitkeringen
In maart verstrekte UWV 38 duizend nieuwe WW-uitkeringen. Dat zijn 11 duizend meer nieuwe uitkeringen dan in februari; een toename van 42,3 procent.

Het aantal nieuwe WW-uitkeringen nam vooral flink toe bij jongeren tot 25 jaar (+185 procent). Bij het merendeel van de sectoren steeg in maart het aantal nieuwe WW-uitkeringen ten opzichte van februari. Van een bovengemiddeld sterke stijging was sprake bij de horeca en catering (+224 procent), uitzendbedrijven (+143 procent) en de cultuursector (+94 procent). De horeca en cultuursector worden hard getroffen door de overheidsmaatregelen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan.

Meer baanverlies
In maart waren er 283 duizend personen zonder werk die drie maanden eerder, in december, nog betaald werk hadden. Het baanverlies was daarmee groter dan in februari en januari, toen dit nog 259 duizend was. De stijging van het aantal baanverliezers kwam met name doordat meer mensen vanuit werk uitstroomden naar de niet-beroepsbevolking. Zij waren niet op zoek naar werk en/of niet op korte termijn beschikbaar voor werk. Van de baanverliezers in maart zijn er 222 duizend toegetreden tot de niet-beroepsbevolking en 61 duizend waren werkloos en dus zowel op zoek naar werk als beschikbaar voor werk.

Hoge arbeidsparticipatie in januari en februari
In januari en februari piekte de arbeidsparticipatie nog met 69,3 procent. Ondanks de daling in maart nam het aantal werkenden over de afgelopen drie maanden wel nog toe, met gemiddeld 4 duizend per maand. UWV registreerde eind maart 250 duizend lopende WW-uitkeringen, een toename van 10 duizend ten opzichte van een maand eerder.

Lang niet iedereen die stopte met betaald werk werd werkloos. In maart waren er relatief veel mensen gestopt, maar niet op zoek en/of direct weer beschikbaar. Daardoor bleef het werkloosheidspercentage in maart gelijk op 2,9. Over de afgelopen drie maanden nam het aantal werklozen gemiddeld met 10 duizend per maand af, door flinke dalingen in januari en februari. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.

Bron: CBS, 16 april 2020

Geplaatst in Nieuws | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Forse stijging WW-uitkeringen in maart

Verlenging coronamaatregelen verslechtert financiële situatie zelfstandigen

Het merendeel van de Nederlandse ondernemers vindt dat verlenging van de coronamaatregelen voor een verslechtering van hun financiële situatie zorgt. Dat blijkt uit cijfers van de KVK.

Na de aankondiging van het kabinet dat de maatregelen tegen verspreiding van het coronavirus worden verlengd van 6 april naar 28 april, heeft KVK een tweede KVK-Flitspeiling gedaan onder bijna 3400 ondernemers. Aan hen werd gevraagd welke invloed deze verlenging heeft op hun financiële situatie.

Circa driekwart van deze ondernemers geeft aan dat deze verlenging in grote mate voor een verslechtering van de financiële situatie zorgt. Bij micro MKB-ers (bedrijven tot 10 personen) is dat aandeel iets groter, namelijk circa 8 op 10. Ondernemers geven aan dat de verslechtering vooral komt door het nog langer moeten missen van inkomsten, niet meer kunnen voldoen aan financiële verplichtingen en een afname van klanten. In de horeca, persoonlijke dienstverlening en cultuur, sport en recreatie is dat aandeel relatief hoger; bijna 9 op de 10 ondernemers in deze sectoren verwacht dat de financiële situatie in grote mate zal verslechteren.

Circa een kwart van de kleinere bedrijven geven aan nu al in financiële moeilijkheden te zitten. Voor grotere bedrijven ligt het moment waarop men verwacht in financiële moeilijkheden te komen verder in de toekomst. Ondernemers uit de sectoren horeca, detailhandel en persoonlijke dienstverlening geven relatief het vaakst aan op dit moment in de financiële moeilijkheden te zitten. Voor ongeveer een derde van deze ondernemers is dit nu al het geval.

Geen werkzaamheden meer
De helft van de zelfstandigen geeft aan dat reguliere werkzaamheden helemaal niet kunnen doorgaan. De grootste impact is zichtbaar in de persoonlijke dienstverlening; bijna 9 op de 10 ondernemers in deze sector geeft aan dat de reguliere werkzaamheden helemaal niet kunnen doorgaan. Ook in de horeca en cultuur, sport en recreatie is dit aandeel relatief hoog. Hier geeft twee derde van de ondernemers aan dat de reguliere werkzaamheden helemaal niet kunnen plaatsvinden.

Groot deel ondernemers loopt aan tegen problemen rondom opdrachten en orders als gevolg van de coronacrisis
De meeste ondernemers geven aan tegen problemen aan te lopen rondom opdrachten en orders. Ruim 6 op de 10 geeft aan te maken te hebben met afname van of gebrek aan nieuwe opdrachten en/of orders. Ongeveer de helft wordt geconfronteerd met het annuleren of uitstellen van bestaande opdrachten en/ of orders. Specifiek door het MKB worden problemen genoemd met betrekking tot personeel, namelijk het doorbetalen terwijl er geen werk is en het volgende salaris van medewerkers niet kunnen betalen. MKB-ers lopen daarnaast in grotere mate dan ZZP’ers aan tegen problemen rondom betalingen (debiteuren, crediteuren en het betalen van vaste lasten). Voor zelfstandigen is het sluiten van het bedrijf als gevolg van overheidsmaatregelen een veel genoemd probleem. Voornamelijk ondernemers uit de persoonlijke dienstverlening (en in mindere mate horeca en gezondheid) geven aan te maken te hebben met een sluiting van het bedrijf als gevolg van overheidsmaatregelen. Ongeveer de helft van de deelnemende ondernemers uit de horeca en detailhandel geeft aan de vaste lasten de volgende maand niet te kunnen betalen.

KVK Flitspeiling
De KVK-Flitspeiling is een continue meting op basis van vijf à zes vragen, die ondernemers kunnen invullen op het KVK-Coronaloket. De peiling werd gehouden van 3 april tot en met 8 april 2020. Bijna 3400 ondernemers deden aan de peiling mee. De deelnemers van het onderzoek betreft dan ook een specifieke doelgroep met vooral ondernemers die geraakt worden door de coronacrisis. Zij zullen namelijk sneller KVK.nl/corona bezoeken. De resultaten van het onderzoek hebben betrekking op deze specifieke doelgroep en gelden niet voor de totale Nederlandse ondernemerspopulatie.

Bron: KVK, 16 april 2020

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Verlenging coronamaatregelen verslechtert financiële situatie zelfstandigen