Nieuwe RvC voor In Person Geplaatst 12 februari 2015 door Hinke Wever Uitzendorganisatie In Person heeft een nieuwe Raad van Commissarissen aangesteld. Albert Jan Jongsma, Marc de Vries, Gerrit Bruggeman, Henk Volberda en Herman Kok worden de nieuwe toezichthouders van het bedrijf met een omzet van 62,5 miljoen en ruim 18.000 actieve uitzendkrachten. “Deze Raad van Commissarissen staat symbool voor ‘het nieuwe uitzenden’, waarbij strategie, marketing, communicatie en bovenal mensen het verschil maken. Er is een groeiende behoefte van bedrijven om samen te werken met flexibele partners die meedenken, uitdagen en waarmaken wat wordt beloofd. Wij leveren dit,” aldus Michiel Pot, CEO In Person. Albert Jan Jongsma is momenteel Managing Director van Sixteenotwo, bureau voor talentmanagement. Daarvoor was Albert Jan als lid van de Executive Board van USG People N.V. verantwoordelijk voor Legal, M&A, Corporate Governance, Compliance en HRM. Marc de Vries is Country Manager Twitter Benelux. Daarvoor werkte Marc onder meer als CEO van Hyves, Managing Director Northern Europe bij Monster en General Manager Online Media bij Telegraaf Media Group. Gerrit Bruggeman is Managing Partner bij Real Time Branding en als Board Member betrokken bij onder meer het Cradle to Cradle Product Innovation Institute en de Dutch Design Week. Daarvoor was Gerrit o.a. voorzitter van de Raad van Commissarissen bij Royal Auping en CEO van Retailnet (Koninklijke Bijenkorf Beheer). Henk W. Volberda is als Hoogleraar Strategisch Management en Ondernemingsbeleid verbonden aan de Rotterdam School of Management van de Erasmus Universiteit en Wetenschappelijk Directeur van INSCOPE Research for Innovation. Herman Kok richtte in 1999 In Person op en is tevens Directeur-Grootaandeelhouder van In Person. Bron: In Person, 11 februari 2015 Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags Henk Volberda, Herman Kok, In Person, Michiel Pot | Reacties uitgeschakeld voor Nieuwe RvC voor In Person
Generatie Y geschikt voor customer service center Geplaatst 12 februari 2015 door Hinke Wever De jongste generaties zijn bij uitstek geschikt voor de customer service centers van de toekomst. Dat is een van de conclusies uit het HR-congres dat de Klantenservice Federatie (KSF) en studentenuitzendbureau SUSA eerder deze week organiseerden. Martine Ferment, voorzitter van het Klant Interactie Research Centrum (KIRC), vertelde welke eisen er aan de customer service centers en de agents van de toekomst worden gesteld. “Omdat consumenten tegenwoordig op haast onnavolgbare wijze hun informatie overal en nergens vandaan halen, kunnen marketeers hier veel moeilijker invloed op uitoefenen”, zei Martine Ferment. “Hierdoor wordt het customer service center van cruciaal belang voor marketing, want dit is voor veel organisaties de enige plek waar ze écht contact maken met de consument.” Daarnaast wordt het steeds belangrijker om bestaande klanten vast te houden. “Dat lukt alleen als ze super tevreden zijn”, zei Ferment. “De agent moet dus achterhalen wat de klant écht wil, goed kunnen luisteren en kunnen inschatten wat de betreffende klant nodig heeft om een super tevreden klant te worden.” Technische vaardigheden zijn volgens Ferment vanzelfsprekend ook van belang: “De klant van de toekomst, generatie Y, belt nauwelijks nog, dus moeten organisaties die deze generatie als doelgroep hebben andere kanalen gaan inzetten. Wie kan beter inschatten welke dat moeten zijn dan de leden van die generatie zelf?” Verbinders Rob Vinke, professor HR Sciences op Nyenrode Business Universiteit, ging dieper in op de verschillende generaties en kwam tot een vergelijkbare conclusie: “De millennials, jongeren die eind jaren tachtig of in de jaren negentig geboren zijn, kunnen uitstekend met technologie overweg. Zij weten dus precies hoe je nieuwe technologieën kunt inzetten om klanten te helpen. Maar er komt alweer een nieuwe generatie aan, die van de ‘verbinders’. Deze jonge mensen, geboren na 2000, zijn niet alleen slim in de virtuele wereld, maar ook in de reële wereld. Ze staan open voor veel contacten en kunnen daar snel tussen schakelen. Ze kunnen emoties goed aflezen en bespelen en krijgen op die manier alles voor elkaar. Dat zijn dus ook de mensen die de vraag áchter de klantvraag haarfijn kunnen achterhalen.” Schaarste en mobiliteit Die jongste generaties warm maken voor een baan in een customer service center en ze vasthouden, wordt echter wel een uitdaging. Volgens Geert-Jan Waasdorp, arbeidsmarktonderzoeker van CEO Intelligence Group, is er sprake van schaarste en hoge mobiliteit in dit vakgebied. Daarnaast zijn millennials en verbinders volgens Vinke veel minder loyaal aan de werkgever dan voorgaande generaties en veel meer gericht op hun eigen ontwikkeling. Dagvoorzitter Remco Pouw, directeur SUSA, concludeert: “De traditionele benadering van het werven en vasthouden van medewerkers werkt niet meer. De jongste generaties zijn heel geschikt voor een baan in een klantcontactcentrum, maar in tegenstelling tot mijn generatie, leven deze jongeren niet om te werken. Je moet ze dus de kans geven om werk, studie en privéleven in balans te houden en ze blijven stimuleren. Dan heb je er lange tijd goede agents aan, die ook nog eens kunnen doorgroeien naar andere functies binnen de organisatie.” Bron: SUSA, 12 februari 2015 Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags Callcenter medewerker, Callcenters, customer service center, Geert-Jan Waasdorp, Klant Interactie Research Centrum, Klantenservice Federatie, Remco Pouw, studenten, SUSA | Reacties uitgeschakeld voor Generatie Y geschikt voor customer service center
UWV: welke beroepen bieden kansen? Geplaatst 12 februari 2015 door Hinke Wever Het UWV heeft opnieuw een overzicht gepubliceerd met kansrijke beroepen. In welke sectoren is krapte op de korte en de middellange termijn? Waar zijn overschot-beroepen? > UWV kansrijke beroepen Op dit moment Nu is er op middelbaar niveau krapte in uitvoerende technische beroepen (diverse monteurs, cnc-verspaners, lassers) en technisch ‘kader’ (tekenaars, constructeurs, calculators, technisch verkopers). Inmiddels zijn er ook signalen van krapte voor hoveniers en enkele medischtechnische beroepen (bijvoorbeeld opticien en audicien). Op hoger en wetenschappelijk niveau zijn er, naast veel technische beroepen, ook signalen van krapte in andere richtingen, bijvoorbeeld bepaalde ICT-beroepen (programmeurs), het onderwijs (exacte vakken en talen) en specifieke financiële beroepen (bijvoorbeeld registeraccountants). In de zorg is op dit moment alleen krapte in hele specifieke beroepen op hoger en wetenschappelijk niveau (bijvoorbeeld in de wijkverpleging, praktijkondersteuners huisartsen of specialisten ouderengeneeskunde). 2017-2019 Voor de middellange termijn (2017-2019) komen voor een belangrijk deel dezelfde beroepsgroepen terug. In de ICT en de technische sectoren zullen de tekorten de komende tijd alleen maar groter worden. Er zijn ook prognoses van krapte in andere beroepsgroepen, bijvoorbeeld de meer procestechnische beroepen of productieplanners. Bron: UWV, 10 februari 2015 Geplaatst in Nieuws | Tags kansrijke beroepen, UWV | Reacties uitgeschakeld voor UWV: welke beroepen bieden kansen?
Wendbaarheid, innovatie en IT-infrastructuur Geplaatst 11 februari 2015 door Han Mesters Levensduur zakelijke dienstverleners in nieuwe economie Deze week organiseert ABN Amro Bank wederom het WTT in Rotterdam. Centraal staat dit jaar de vraag: ‘Wat is de levensduur van een bedrijf?’ Voor een antwoord op deze vraag moeten zakelijke dienstverleners meer grip krijgen op relevante ontwikkelingen om zich als bedrijf in de Nieuwe Economie staande te kunnen blijven. Hierbij draait het om drie thema’s: de wendbaarheid (‘agility’), de innovatiekracht en de IT-infrastructuur van bedrijven. Wendbaarheid De omgeving van bedrijven is sterk veranderd. Resultaten en kennis uit het verleden zijn steeds minder een garantie voor de toekomst. Hierbij kan de zakelijke dienstverlening veel leren van de beleggingswereld. Als een aandelenfonds in de afgelopen vijf jaar betere presteerde dan de index, is de kans klein dat dit in de komende drie jaar ook zo is. Historische cijfers zeggen in deze dynamische wereld namelijk niet veel over toekomstige prestaties. Belangrijker is dat bedrijven wendbaar zijn en snel kunnen op- en afschalen. In de zakelijke dienstverlening zijn werknemers de belangrijkste kostenpost. De beschikbaarheid van een interne en externe flexibele schil is dan een belangrijk instrument om wendbaar te kunnen zijn. Aangezien dit een zeer kennisintensieve sector is, maken steeds meer bedrijven gebruik van Zelfstandige Professionals (ZP’ers) in hun flexibele schil. Deze trend zet naar verwachting door. Zo wordt het werk steeds specialistischer en is het minder rendabel om specialisten in vaste dienst te nemen. Vanuit het perspectief van een specialist is het ook financieel gezien logisch zijn diensten aan te bieden bij meerdere werkgevers. Voor uitzenders is wendbaarheid cruciaal in twee opzichten. In de eerste plaats zorgen uitzenders voor wendbaarheid bij hun klanten. In de tweede plaats is het voor uitzenders steeds belangrijker zorg te dragen voor hun eigen wendbaarheid. Zeker gezien de nieuwe wet Werk en Zekerheid zal de vraag ontstaan: hoeveel procent van onze uitzendkrachten willen wij maximaal in dienst hebben? Om welke profielen gaat het dan? Innovatiekracht In de zakelijke dienstverlening zijn veel bedrijven op zoek naar nieuwe business-en verdienmodellen. Traditionele modellen voldoen niet langer en bedrijven zoeken naar nieuwe diensten die de start kunnen zijn van een zogeheten nieuwe ‘S-Curve’. Innovatie wordt een belangrijk integraal onderdeel van elk business-model. Er is inmiddels meer bekend over de randvoorwaarden die van belang zijn voor innovatie. Zachte cultuurvariabelen spelen hierbij een belangrijke rol. In een innovatievriendelijke cultuur mogen fouten gemaakt worden. Medewerkers komen vaak uit verschillende disciplines en dagen elkaar uit. Misschien moet je soms zelfs erkennen dat het eigen bedrijf niet in staat is tot baanbrekende innovaties. Dan is het nodig zaken opnieuw op te tuigen in een volledig nieuwe omgeving. Voor de meeste bedrijven geldt dat het mobiliseren van creativiteit bij hun medewerkers door het scheppen van de juiste randvoorwaarden een enorme sprong voorwaarts kan betekenen voor de levensduur van een bedrijf. Het traditionele business model van uitzenden loopt op zijn laatste benen en ook in deze tak van sport is innovatie cruciaal. Het Nieuwe uitzenden zal twee elementen in zich verenigen: uitzenden moet goedkoper en efficiënter en de toegevoegde waarde moet omhoog. Wat het eerste betreft zal het bestaande distributiemodel in uitzenden nog meer op de schop moeten: de kantoreninfrastructuur is te duur. Het Internet en Mobiel zullen steeds belangrijker worden in het vinden, matchen en plaatsen van uitzendkrachten. Het vergroten van de toegevoegde waarde van uitzenden is een andere zaak. Dat is moeilijk. In feite gaat het hier om twee dingen: 1. De verwachtingen overtreffen van de inlener. Met name de Poolse uitzendkrachten hebben hier een goede reputatie. 2. Gebruik maken van meer creatieve eigenschappen van jonge mensen. Een voorbeeld is het uitzendbedrijf Doorkijkers. IT-infrastructuur In veel sectoren speelt het internet ook een steeds grotere rol in het business-model. Denk aan de ontwrichtende werking van het internet in de uitzendbranche, leisure, transport en retail. Ook de rol van IT in brede zin wordt steeds belangrijker. Luchtvaartmaatschappijen en banken zijn in zekere zin IT-bedrijven geworden. Vaak kampen deze bedrijven met een IT-erfenis (legacy) uit het verleden. Als zo’n bedrijf de draai wil maken naar een omgeving waarin het internet (of de Cloud) een belangrijke rol speelt, wordt het geconfronteerd met de beperkingen van deze legacy. Klantinformatie speelt hierbij een steeds grotere rol. Dat betekent dat toegang tot zogeheten ongestructureerde informatie (informatie over de persoonlijke situatie van een klant en zijn productvoorkeuren) belangrijker wordt dan de toegang tot gestructureerde informatie (zoals informatie over de transacties van een klant). In IT-terminologie: CRM-systemen worden belangrijker dan ERP-systemen. Het zijn juist de ongestructureerde CRM-systemen die gevoed worden door het internet. Uitzenders hebben net als banken last van hun legacy IT-infrastructuur. Te lang heeft men vast gehouden aan het kantoor gebaseerde bedieningsconcept. Experimenten als Hedson van Randstad, dat zijn tijd ver vooruit was, hebben in dat opzicht niet geholpen. Nu wordt steeds meer duidelijk dat het Internet en Mobiel een veel dominantere rol spelen en gaan spelen dan de kantoren. Uitzenders die nu nog een volwassen online of mobiele oplossing aan het optuigen zijn, gaan het afleggen tegen de nieuwe jonge bedrijven die dit als uitgangspunt nemen. De veranderingen gaan zo snel dat wellicht ook Young Capital, een van de pioniers van online uitzenden, concurrentie gaat krijgen van start-ups met op mobiele leest geschoeide business modellen. Alle drie goed Bedrijven die in 2015 met een flexibele schil werken, innovatie in hun business-model hebben geïntegreerd en nieuwe IT-toepassingen omarmen, hebben betere vooruitzichten. Belangrijk is wel dat het er niet om gaat dat een bedrijf slechts één van deze drie pijlers op orde heeft. Om als zakelijke dienstverlener te overleven, geldt: alle drie goed. Han Mesters, Sector Banker Zakelijke Dienstverlening, ABN Amro, met focus en visie op de ontwikkelingen binnen de sectoren voor uitzenden, recruitment, detachering en consultancy. Geplaatst in Branchenieuws | Tags flexbranche, Flexibele schil, flexkrachten, Han Mesters, innovatie, IT, Uitzenden, zakelijke dienstverlening, zelfstandige professionals | Reacties uitgeschakeld voor Wendbaarheid, innovatie en IT-infrastructuur
Asscher zoekt oplossing transitievergoeding Geplaatst 11 februari 2015 door Hinke Wever | Download Wet Werk en Zekerheid | Binnen twee weken komt minister Asscher met een voorstel aan de Tweede Kamer, waarin hij een oplossing formuleert voor de onbedoelde effecten van de terugwerkende kracht van de transitievergoeding voor seizoenswerkers. Hij heeft dit vanmiddag toegezegd aan de commissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid van de Tweede Kamer in het debat over het Arbeidsmarktbeleid. Hij is bereid tot aanpassing van de Wet Werk en Zekerheid op dit punt. Hij gaat in de komende weken intensief overleggen met sociale partners, maar maakt zich daarvan niet afhankelijk. Hij benadrukt de noodzaak van precisie en zorgvuldigheid, maar ziet ook dat er haast geboden is omdat de wet op 1 juli 2015 ingaat. De Kamerleden Van Weyenberg (D66), Vermeij (PvdA), Mulder (VVD), Schouten (Christen Unie) hebben hun zorgen geuit over de onbedoelde effecten die ertoe leiden dat werkgevers in bepaalde situaties met terugwerkende kracht voor zeer hoge transitievergoedingen komen te staan, waar ze niet voldoende op hebben kunnen anticiperen. Mensen die al jaren achtereen hetzelfde seizoenswerk doen in de horeca, recreatie en tuinbouwsector dreigen daardoor hun baan te verliezen. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor asfalteerders die alleen van maart tot september kunnen werken en in die periodes bij voorkeur met dezelfde goed ingevoerde seizoenswerkers werken. Goede voorlichting nodig Minister Asscher gaat er bij werkgeversorganisaties op aandringen om goede voorlichting te geven en ondernemers niet onnodig angst aan te jagen. In het debat kwam onder meer ook de ET-regeling ter sprake. Voor de zomer komt minister Asscher samen met Staatssecretaris Wiebes van Financiën met een onderzoek. Bron: Tweede Kamer, debat, 11 februari 2015 Geplaatst in Rechtspraak | Tags ET-regeling, Minister Asscher, transitievergoeding, Wet Werk en Zekerheid, WWZ | Reacties uitgeschakeld voor Asscher zoekt oplossing transitievergoeding