CAO Schoonmaak, hoe bepaal je de inlenersbeloning voor uitzendkrachten?

0
370

CAO Schoonmaak– en glazenwassersbedrijf; hoe bereken je de inlenersbeloning voor uitzendkrachten?

Toelichting door Nettie Alkema, salaris- en cao-expert

Nettie Alkema
Nettie Alkema

‘Kunnen jullie met spoed een glazenwasser leveren? Beloning graag conform cao.’ Een veelgehoorde vraag in de uitzendbranche. Maar wat moet een uitzendkracht precies verdienen? Met welke vergoedingen en toeslagen moet je rekening houden? Daarvoor heb je kennis nodig van de uitzend-cao én de schoonmaak-cao.

In dit blog laat ik zien wat de inlenersbeloning in combinatie met de CAO voor het Schoonmaak- en glazenwassersbedrijf (schoonmaak-cao) inhoudt.

Sinds het invoeren van de verplichte toepassing van de inlenersbeloning vanaf de eerste dag van de terbeschikkingstelling van een uitzendkracht, is kennis van zowel de eigen uitzend-cao als van de inleners-cao een must. Even terug naar de basis: welke elementen van een inleners-cao vallen onder de regels van de inlenersbeloning (artikel 16 lid 1 uitzend-cao)?

1. Het geldende periodeloon in de schaal
2. ADV, naar keuze van het uitzendbureau vergoed in tijd of geld
3. Toeslagen voor overwerk, verschoven uren, werken onder fysiek belastende omstandigheden (bijv. koudetoeslag) onregelmatigheid en ploegentoeslag
4. Initiële loonsverhogingen, hoogte en tijdstip als bij de opdrachtgever bepaald
5. Kostenvergoedingen, maar dan alleen die kosten die netto vergoed kunnen worden
6. Periodieken, hoogte en tijdstip als bij de opdrachtgever bepaald

Lid 2 van artikel 16 geeft nog een aanvullende verplichting; als er bij de inlener een vergoedingsregeling voor reisuren of -tijd geldt, dan heeft de uitzendkracht daar ook recht op, tenzij deze reisuren al als normale gewerkte uren betaald worden.
Zoals waarschijnlijk bekend is er een nieuwe cao tekst op komst. We moeten nog even wachten op hoe de definitieve tekst er uit komt te zien, maar zeker is al wel dat de inlenersbeloning met de volgende elementen uitgebreid gaat worden:

7. Eenmalige uitkeringen (geen repeterende uitkeringen, zoals een eindejaarsuitkering, deze gaat pas per 2023 gelden)
8. Thuiswerkvergoeding, zowel netto als bruto
9. Verplichting om rekening te houden met ervaringsjaren
10. Terugwerkende kracht verplichting bij initiële loonsverhogingen

De onder punt 7 t/m 10 genoemde toevoegingen worden per 2022 van kracht.

Periodeloon
Om tot een juiste inschaling te komen, moet eerst de functie vastgesteld worden. Dat is meer dan alleen een naam. Uit artikel 13 van de schoonmaak-cao blijkt dat de functie van de werknemer met inachtneming van de referentiefuncties en Niveau Onderscheidende Kenmerken moet worden ingedeeld. Zie bijlage II van de cao of zie de website van de RAS, het adviserend orgaan in deze branche. Een beschrijving van de functie staat in het functiehandboek op de website van de RAS. Door de omschreven werkzaamheden te vergelijken met de Niveau Onderscheidende Kenmerken kan de definitieve functie vastgesteld worden. En daarmee ook loongroep. Artikel 14 beschrijft hoe het loongebouw gehanteerd moet worden en op welke manier het loon van de werknemer wordt vastgesteld, rekening houdend met relevante werkervaring. In bijlage III staan de loontabellen.

Omdat deze cao uurloontabellen kent, hoeft er niet te worden omgerekend.
LET OP: deze cao kent aparte delen voor bepaalde beroepsgroepen:
B: specialistische reiniging
C: administratieve, ondersteunende en leidinggevende functies
D: hotels

Deel B kent aparte regels voor consignatie (artikel 5) en reistijden en -kosten (artikel 7), deel C kent een eigen functie-indeling met bijbehorende uurlonen en deel D heeft een eigen toeslag voor bijzondere uren. Het voert te ver om dit hier te bespreken, maar check daarvoor de cao!

ADV
In artikel 11 van de schoonmaakcao staat dat de normale arbeidsduur 38 uur per week bedraagt, bekeken over een periode van vier weken. Er is geen sprake van roostervrije dagen en dus ook niet van een verplichte toeslag of reservering.

Toeslagen
In artikel 17 tot en met 23 van de schoonmaak-cao staan de verschillende toeslagen:
Artikel 17: consignatievergoeding.
Consignatie betekent dat je beschikbaar bent voor eventuele oproepen buiten je normale werktijd. Dit is een vergoeding voor tijd in dienst van de werkgever en deze regeling geldt daarom ook voor uitzendkrachten.
Artikel 18: toeslag voor bijzondere uren.
Dit zijn op doordeweekse dagen de uren na 21:30 uur en voor 06:00 uur en verder alle zaterdag-, zondag- en feestdaguren.
Artikel 19: voor op een feestdag gewerkte uren geldt een toeslag van 150%.
Artikel 20: welke uren worden als overwerk gezien en welke toeslag ontvangt de uitzendkracht daarvoor.
Artikel 21: wanneer de gewerkte uren zowel als bijzondere uren worden gezien maar ook als overuren, dan gelden beide toeslagen.
Artikel 22: toeslag voor de bedrijfshulpverlener (BHV-er).
Dit is een toeslag die niet onder de definitie van de inlenersbeloning valt (zie het lijstje hierboven) en daarom niet betaald hoeft te worden. De kans dat een uitzendkracht ook als BHV-er functioneert bij de inlener is naar mijn idee echter niet groot.
Artikel 23: de waarnemingstoeslag.
Als je tijdelijk een andere functie uitoefent, heb je ook recht op het loon en de toeslagen die bij deze tijdelijke functie horen.

NB: in de cao zijn geen eenmalige vergoedingen of thuiswerkvergoedingen opgenomen, dus wat dat betreft verandert er niets per januari 2022.

Initiële loonsverhogingen
De huidige schoonmaak-cao is geldig tot en met 31 december 2021.
Interessant om te vermelden is de loonsverhoging die voor de komende jaren op de planning staat in de schoonmaakbranche. Dit blijkt uit het zeer recent (13 december) afgesloten onderhandelingsakkoord: in de periode januari 2022 tot en met 1 juli 2024 stijgen de lonen in totaal met 7,65%. De jeugdlonen stijgen fors en ook de eindejaarsuitkering wordt in stapjes verhoogd. Nu nog niet belangrijk, vanaf 2023 wel.
Natuurlijk moet er nog met de achterban worden kortgesloten en is er nog geen nieuwe cao-tekst, maar het is wel zaak om met de schoonmaakinleners af te stemmen wanneer de loonsverhogingen doorgevoerd gaan worden voor het eigen personeel. Want dat moment bepaalt ook het moment waarop de uitzendkrachten recht krijgen op dezelfde loonsverhoging. Het is aan de uitzendorganisatie om te bewaken dat het loon van de uitzendkracht tijdig wordt verhoogd en met ingang van de nieuwe uitzend-cao zelfs ook met terugwerkende kracht als de inlener ook het loon met terugwerkende kracht verhoogt.

Kostenvergoedingen
De enige kostenvergoeding in de schoonmaak-cao heeft met reizen te maken. Artikel 34 regelt de € 0,19 kilometervergoeding. Deze vergoeding valt, omdat hij netto verstrekt mag worden, onder de inlenersbeloning. De eerste 30 kilometer enkele reis zijn in elk geval voor rekening van de uitzendkracht. Artikel 35 betreft ook reiskosten, maar geldt alleen voor inleners die op bepaalde delen van Schiphol gevestigd zijn.

Lid 5 van dit artikel regelt de reisurenvergoeding. Voorheen geen onderdeel van de inlenersbeloning; met ingang van december 2019 dus wel. Bij werken op meerdere objecten of op hetzelfde object maar op verschillende tijdstippen, worden reistijd en -kosten vergoed.

Lid 6 introduceert de opkomstvergoeding. Deze vergoeding ontvangt de werknemer indien de tijd tussen de beëindiging van de werkzaamheden op het ene object en de start op het andere object minder dan vijf uur bedraagt én hij werkt niet aaneensluitend op beide objecten. Een moeilijke zin. Maar in dat geval ontvangt hij € 1,50 per opkomst. Naar mijn mening is dit geen reisuren vergoeding; het staat wel in hetzelfde artikellid vermeld. Valt deze vergoeding dan onder de inlenersbeloning? Strikt genomen naar mijn idee niet, maar ik zou wel met de inlener proberen af te stemmen ook deze vergoeding aan de uitzendkracht te betalen.

Lid 7 regelt de betaling van de reiskosten van een werknemer naar de Arbodienst. En ook al gaat de uitzendkracht niet naar de Arbodienst van de inlener; mocht hij wel een Arbodienst moeten bezoeken, dan dienen zijn reiskosten volgens de fiscale regels te worden vergoed.

Periodieken
In artikel 14 lid 4 wordt geregeld dat een jeugdige een hoger loon krijgt per de betaalperiode waarin zijn verjaardag valt. In de leden 5, 7, 8 en 9 wordt geregeld hoe er met ervaringsjaren omgegaan dient te worden bij indiensttreding en per wanneer een dienstjaar toegekend moet worden. De cao definieert het begrip dienstjaar verder niet. Stem dus met de inlener af hoe hij de toekenning van een dienstjaar vormgeeft. En registreer deze verhogingsdatum in je systeem of agenda zodat je hem niet vergeet.

Tot slot
Zoals je kunt lezen is het voor uitzenders niet heel eenvoudig om vast te stellen waar hun uitzendkracht nu precies recht op heeft. En ook na het lezen van deze blog zal de cao er nog op nageslagen moeten worden; als het goed is weet je nu in ieder geval wel waar je in de cao moet zoeken…

Gelukkig is er een online tool beschikbaar die intermediairs ondersteunt bij het correct toepassen van de inlenersbeloning. CAOWijzer beschikt inmiddels over ruim 190 cao’s waarvan de inlenersbeloning is uitgewerkt. Via een eenvoudige wizard is de juiste minimumbeloning te vinden. Nieuwsgierig? Ga naar www.caowijzer.com en vraag een proefabonnement aan.

Heb je vragen of opmerkingen? Aarzel niet om contact op te nemen met Nettie Alkema. Zij is bereikbaar op 06-28933997.

Lees ook
Akkoord CAO Schoonmaak 2022-2024
Onderhandelingsresultaat CAO voor Uitzendkrachten (17-11-2021 – 2-1-2023)