Maandelijkse archieven: augustus 2026

Is de uitzendondernemer nog een ondernemer of eerder een compliance officer?

Wie al wat langer meeloopt in de uitzendbranche, kent het beeld nog. De ondernemer die vroeg in de ochtend de telefoon opnam, een opdrachtgever hielp aan een productiemedewerker, een chauffeur of een administratief talent, en aan het eind van de week de urenbriefjes verzamelde. Natuurlijk waren er regels. Maar de essentie van het vak draaide om mensen, snelheid en ondernemerschap.

Dat beeld bestaat nog steeds. Alleen: wie de agenda van de gemiddelde uitzendondernemer van vandaag ernaast legt, herkent er weinig meer van.

De uitzendondernemer anno nu is niet alleen recruiter, accountmanager en werkgever. Hij is ook salarisadministrateur, jurist, privacydeskundige, fiscalist, verzuimcoördinator, kwaliteitsmanager en risicobeheerser. Op verjaardagen zegt hij nog steeds dat hij “in de uitzendbranche” zit, het alternatief zou een te lang antwoord opleveren.

Dat is geen waardeoordeel. Goede regelgeving beschermt werknemers, voorkomt misstanden en draagt bij aan een eerlijke arbeidsmarkt. Maar het is wel de vraag of we ons voldoende realiseren hoeveel verantwoordelijkheden er inmiddels bij de uitzendondernemer zijn neergelegd. Wie ze onder elkaar zet, schrikt, of grinnikt, afhankelijk van het humeur.

Het personeelsdossier als fundament

Waar vroeger de arbeidsovereenkomst vaak het belangrijkste document was, vormt tegenwoordig een compleet personeelsdossier de basis van goed werkgeverschap.

Van iedere uitzendkracht moeten onder andere identiteit, verblijfsstatus, arbeidsovereenkomst, loonheffingsgegevens, bankrekening, certificaten, eventuele werkvergunningen en , afhankelijk van de functie, diploma’s of een Verklaring Omtrent het Gedrag correct zijn vastgelegd. Daar komt de AVG nog overheen: niet alleen de aanwezigheid van gegevens telt, maar ook de manier waarop ze worden verwerkt, beveiligd en bewaard.

Een fout is allang geen administratieve vergissing meer. Zij kan leiden tot boetes, aansprakelijkheid of reputatieschade.

Verlonen is een vak geworden

Loon was ooit netto-uurloon maal gewerkte uren. Een rekensom die op een bierviltje paste. Dat bierviltje is inmiddels vervangen door gespecialiseerde software, drie handboeken en een abonnement op alle cao-updates.

Uitzendondernemingen verwerken normale uren, overuren, ploegentoeslagen, onregelmatigheidstoeslagen, reserveringen, vakantiegeld, vakantieuren, pensioenpremies, reiskostenvergoedingen, transitievergoedingen, cao, wijzigingen, fiscale regelgeving en wijzigingen in sociale premies. Eén cao-wijziging kan doorwerken in tientallen looncomponenten tegelijk.

Daarbij moet iedere loonstrook niet alleen juridisch kloppen, maar ook volledig aansluiten op de loonheffingen richting de Belastingdienst. Eén fout werkt vaak door in meer administraties tegelijk. Verlonen in de flexbranche is daarmee uitgegroeid tot een specialistisch vakgebied, een vak náást het vak waarvoor de meeste ondernemers ooit begonnen.

Van inlenersbeloning naar gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden

Misschien wel de grootste inhoudelijke verandering van de afgelopen jaren is de verschuiving van de klassieke inlenersbeloning naar het principe van gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden.

Een uitzendbureau hoeft niet meer uitsluitend vast te stellen welk uurloon een medewerker ontvangt. Ook tal van secundaire arbeidsvoorwaarden spelen inmiddels een rol: ADV, ATV, dertiende maand, bonusregelingen, opleidingsbudgetten, reiskosten, toeslagen, extra verlofdagen en alle andere bedrijfsregelingen.

Dat vraagt om intensievere samenwerking met opdrachtgevers dan ooit tevoren. De uitzendonderneming is immers afhankelijk van de volledigheid en juistheid van de informatie die de opdrachtgever verstrekt, terwijl de verantwoordelijkheid voor een correcte toepassing in belangrijke mate bij de uitzendonderneming blijft liggen. Wie het cynisch bekijkt: de opdrachtgever levert de gegevens, de uitzendondernemer levert de aansprakelijkheid.

Hier verschuift het vak van bemiddelen steeds meer naar controleren, analyseren en vastleggen.

Veilig werken: een gedeelde verantwoordelijkheid

Ook op het gebied van arbeidsomstandigheden is de rol van het uitzendbureau verder uitgebreid. De opdrachtgever blijft verantwoordelijk voor een veilige werkplek, maar het uitzendbureau heeft eigen verplichtingen: de risico-inventarisatie beoordelen, medewerkers informeren over veiligheidsrisico’s, persoonlijke beschermingsmiddelen controleren en instructies vastleggen.

Veiligheid is daarmee niet langer uitsluitend een operationeel onderwerp, maar ook een administratieve verantwoordelijkheid. En natuurlijk de risico’s ook nog even verzekeren inclusief het reizen naar- en van het werk en/of tijdens het werk.

Verzuim vraagt om regie

Een ziekmelding is allang niet meer het registreren van afwezigheid. De Wet verbetering poortwachter vraagt om een zorgvuldig opgebouwd re-integratiedossier, samenwerking met bedrijfsartsen, periodieke evaluaties, plannen van aanpak en uitgebreide verslaglegging.

Voor veel uitzendorganisaties zijn verzuimbegeleiding en dossieropbouw inmiddels uitgegroeid tot een zelfstandige discipline, met bijbehorende werklast.

Privacy is dagelijkse praktijk geworden

Vrijwel iedere uitzendonderneming verwerkt gevoelige persoonsgegevens: identiteitsbewijzen, BSN’s, salarisgegevens, medische informatie, contactgegevens en soms verblijfsdocumenten. Privacywetgeving is daarmee geen juridische bijzaak, maar een dagelijkse operationele verantwoordelijkheid. Verwerkingsregisters, datalekprocedures, bewaartermijnen en informatiebeveiliging zijn inmiddels net zo belangrijk geworden als recruitment.

Voor organisaties die met arbeidsmigranten werken, komt daar nog een laag bovenop: werk, en verblijfsvergunningen, correcte identificatie, registratie, huisvesting, vervoer en informatievoorziening. De maatschappelijke aandacht voor goed werkgeverschap op dit terrein is de afgelopen jaren , terecht , sterk toegenomen.

De Wtta als volgende stap

En alsof het pakket nog niet vol genoeg is, staat de volgende grote verandering al voor de deur: de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta).

De wet markeert een fundamentele omslag. Waar naleving voorheen vooral achteraf werd gecontroleerd, wordt toelating straks een voorwaarde om überhaupt arbeidskrachten ter beschikking te mogen stellen. Organisaties zullen moeten aantonen dat hun processen structureel op orde zijn: van loonadministratie en fiscale afdrachten tot identificatie, arbeidswetgeving en, waar van toepassing, huisvesting.

Voor bonafide uitzendondernemingen kan dit bijdragen aan een gelijker speelveld en het terugdringen van malafide praktijken. Tegelijkertijd vraagt het opnieuw om investeringen in systemen, processen, audits en interne kwaliteitsborging. Een groot concern richt daarvoor een afdeling in. Bij de gemiddelde uitzendonderneming heet die afdeling: de ondernemer zelf, ‘s avonds aan de keukentafel.

Alles zelf doen is ook een keuze

Wie alle verantwoordelijkheden onder elkaar zet, ziet een indrukwekkende lijst ontstaan. De moderne uitzendondernemer houdt zich dagelijks bezig met recruitment, sales, relatiebeheer, marketing, planning, facturatie, salarisadministratie, fiscale wetgeving, cao’s, pensioenregelingen, privacy, verzuim, arbo, certificeringen, audits en kwaliteitscontroles.

Dat is geen pleidooi voor minder bescherming van werknemers. Integendeel: de branche heeft een belangrijke maatschappelijke verantwoordelijkheid en misstanden moeten stevig worden aangepakt. Maar het roept wel een strategische vraag op die opvallend weinig wordt gesteld: moet de uitzendondernemer dit allemaal zélf doen?

Diezelfde opdrachtgevers die de branche bedient, besteden hun IT, hun logistiek en hun salarisadministratie al jaren uit aan specialisten, niet omdat ze het onbelangrijk vinden, maar juist omdat ze het belangrijk vinden. Compliance is geen klus meer die je erbij doet tussen twee klantgesprekken door. Het is een vak dat schaal, systemen en dagelijkse bijhouding vraagt. 

Het is dan ook geen toeval dat steeds meer uitzendondernemers ervoor kiezen de backoffice, verloning, facturatie, reserveringen, afdrachten en dossiervorming onder te brengen bij partijen voor wie dit het kernbedrijf is. Niet als capitulatie, maar als klassieke ondernemersbeslissing: de risico’s liggen bij specialisten die er dagelijks mee werken, en de vrijgekomen tijd gaat naar waar de branche voor bestaat: werkgevers helpen aan personeel en mensen begeleiden naar duurzaam werk. Zeker met de Wtta in aantocht is dat een afweging die beter dit jaar dan volgend jaar gemaakt kan worden.

Daarnaast ligt er een opdracht voor politiek en sociale partners: kijk bij iedere nieuwe verplichting niet alleen naar het doel, maar ook naar de uitvoerbaarheid voor de bonafide ondernemer. Want elke afzonderlijke regel is goed uitlegbaar. Het totaalpakket bepaalt hoeveel tijd, capaciteit en geld er overblijft voor het eigenlijke vak.

Misschien is dat wel de grootste verandering van de afgelopen twintig jaar. De uitzendondernemer is niet minder ondernemer geworden, maar ondernemerschap bestaat steeds vaker uit het slim organiseren van compliance. En de beste ondernemers herken je inmiddels aan wat ze bewust níet meer zelf doen.


Marcel Slaghekke is sinds 1980 ondernemer in de flexbranche en onder meer betrokken bij Backoffice Plus (BOP), specialist in backofficedienstverlening voor de uitzendbranche.

Geplaatst in In de wereld, Werken 4.0 | Tags , , , | 2s Reacties

WEC-voorzitter Schaller: ‘Flexibel werk moet niet losser, maar professioneler worden’

De komende tien tot vijftien jaar verandert veel aan werk, maar niet de kern waar mensen naar zoeken: eerlijke beloning, ontwikkelkansen en het gevoel dat werk ertoe doet. Dat zegt Bettina Schaller, voorzitter van de World Employment Confederation (WEC), in een interview met Authority Magazine.  

Wat volgens Schaller wel verschuift is de manier waarop werk wordt ingevuld: modulairder en projectmatiger, met een grotere rol voor platforms en intermediairs bij het matchen van mensen en opdrachten. AI bepaalt welke taken mensen blijven doen en welke geautomatiseerd worden, terwijl het onderscheid tussen werknemer en zelfstandige verder vervaagt. Schaller verwacht dat de arbeidsmarkt tegen het einde van de jaren dertig nieuwe, hybride arbeidsvormen kent die niet meer in de huidige tweedeling van vast of flex passen.

Schaller, naast voorzitter van de internationale koepelorganisatie van de private arbeidsbemiddelingssector ook verantwoordelijk voor de public affairs van Adecco, schetst een arbeidsmarkt die flexibeler wordt, maar niet losser: mensen willen vrijheid in wanneer, waar en hoe ze werken, zolang daar zekerheid tegenover staat.

Koppeling AI- en HR-strategie 

Werkgevers die zich hierop willen voorbereiden, moeten hun technologie- en AI-strategie volgens Schaller altijd koppelen aan een serieuze people strategy. Ze ziet nu al bedrijven waar de invoering van AI-tools niet aansluit bij het effect op de organisatie, wat verklaart waarom de beloofde productiviteitswinst vaak uitblijft. Ook adviseert ze te investeren in het aanpassingsvermogen van medewerkers en niet alleen in hun huidige vaardigheden, omdat specifieke technische kennis steeds sneller veroudert. 

Schaller pleit voor flexibiliteit in de manier waarop bedrijven aan talent komen: een combinatie van vast personeel met uitzendkrachten, projectmatige inzet en samenwerking met arbeidsbemiddelaars, zodat organisaties kunnen op- en afschalen zonder dat dit ten koste gaat van de bescherming van werkenden.

Structured flexibility als antwoord op de kloof

De grootste kloof tussen wat werkgevers bieden en wat werknemers verwachten, zit volgens Schaller in de combinatie van flexibiliteit en zekerheid. Werkenden willen steeds meer grip op wanneer, waar en hoe ze werken, maar tegelijk ook een voorspelbaar inkomen en carrièrepad. Werkgevers staan onder druk om wendbaar te blijven in onzekere markten, waardoor deze wensen elkaar lijken tegen te spreken. 

De oplossing is volgens Schaller niet kiezen tussen beide, maar flexibel werk zelf professionaliseren, zoals uitzendwerk dat al decennialang doet: vrijheid bieden, maar met de bescherming, scholing en continuïteit die bij een formeel werkgeverschap horen. Cijfers laten volgens haar consistent zien dat uitzendkrachten doorstromen naar vaste banen en vaardigheden opbouwen, iets wat op zuivere platformmodellen minder vaak gebeurt.

Dat vraagt ook om een cultuuromslag, zegt Schaller in het gesprek met Authority Magazine. Ze wijst erop dat de recente golf aan arbeidsmarktbewegingen, van de Great Resignation tot de Great Reevaluation, in de kern om hetzelfde probleem draait: mensen accepteren niet langer een onbalans tussen wat er van hen gevraagd wordt en wat ze ervoor terugkrijgen. Schaller stelt: “De boodschap voor leidinggevenden is dat zij het behoud van personeel niet langer uitsluitend als een beloningsvraagstuk moeten zien.” 

Salaris is belangrijk, maar vertrouwen, flexibiliteit, groei en betekenis wegen minstens zo zwaar. Organisaties moeten daarom van een compliance-gedreven naar een vertrouwen-gedreven cultuur bewegen, met managers die echte ruimte krijgen om werk anders in te richten en eerlijke in plaats van vage uitspraken doen over loopbaanpaden.

Van aanwezigheid naar vertrouwen

De coronaperiode heeft volgens Schaller definitief bewezen dat flexibiliteit en productiviteit geen tegenpolen zijn, iets waar veel werkgevers jarenlang aan twijfelden. Belangrijker dan de locatie van werk vindt ze de omslag in managementcultuur die daarmee gepaard ging: sturen op aanwezigheid maakte plaats voor sturen op resultaat. 

Diezelfde structurele blik past ze toe op werknemerswelzijn. Werkgevers stappen steeds vaker af van losse extraatjes zoals een yogales of wellness-app, en richten zich op de achterliggende oorzaken van stress: de inrichting van werk, training van leidinggevenden in het herkennen van een burn-out en daadwerkelijke flexibiliteit in roosters. Ze ziet ook een verschuiving waarbij steeds meer werkgevers, waaronder leden van de uitzendbranche, dit soort ondersteuning uitbreiden naar tijdelijke medewerkers en uitzendkrachten, een groep die hier historisch minder toegang toe had.

AI als partner, niet als vervanger

Op het gebied van AI ziet Schaller de grootste kortetermijnwinst niet in het vervangen van recruiters, maar in het ontlasten van die recruiters. Ze noemt hoe Adecco binnen het AI@Work-project van het European Employers Institute een eigen GenAI-tool inzet voor taken zoals het opstellen van vacatureteksten en interviewvragen, gecombineerd met een bedrijfsbreed trainingsprogramma zodat medewerkers verantwoord met de tools leren werken. 

Ook voor leidinggevenden verandert er het nodige: naarmate AI meer administratie overneemt, houden managers meer tijd over voor zaken die AI niet kan, zoals de sfeer in een team aanvoelen en mensen ontwikkelen, mits organisaties de functie actief herontwerpen. Of AI ook daadwerkelijk leidt tot een betere werk-privébalans, hangt volgens Schaller af van een bewuste keuze: bedrijven moeten de tijd die AI oplevert inzetten om werkenden meer ruimte te geven, niet om de productie-eisen te verhogen.

Ondanks alle onzekerheid haalt Schaller optimisme uit de toon van de discussies over de arbeidsmarkt. Waar het gesprek over de toekomst van werk lange tijd werd gedomineerd door angst voor banenverlies, gaat het volgens haar nu steeds vaker over hoe organisaties beter werk kunnen ontwerpen. 


Vijf trends voor de toekomst van werk, volgens Bettina Schaller

  1. Professionalisering van flexibel werk. Flexibele arbeidsvormen groeien uit tot volwassen modellen met bescherming, scholing en doorstroom. Met uitzendwerk als voorbeeld van hoe dat al decennialang werkt.
  2. AI als copiloot bij matching, niet als filter. AI ontlast recruiters bij administratieve taken zodat er meer tijd overblijft voor persoonlijk contact met kandidaten, mits gecombineerd met scholing in verantwoord gebruik.
  3. Regelgeving voor platformwerk haalt de praktijk in. Na jaren van onduidelijkheid komt er wetgeving over status, bescherming en overdraagbare rechten van platformwerkers, met de Europese Platformwerk-richtlijn van oktober 2024 en het ILO-verdrag over platformwerk van deze zomer als recente stappen.
  4. Vaardigheden als nieuwe munteenheid. Bij- en omscholing wordt een permanent onderdeel van de bedrijfsvoering in plaats van een eenmalige reactie op verandering, met initiatieven als Open Hiring in Nederland, het GOL-programma in Italië en scholingstrajecten van ManpowerGroup Japan als voorbeeld.
  5. Betrokkenheid van werkenden als concurrentievoordeel. Organisaties die werknemers en hun vertegenwoordigers actief betrekken bij verandering presteren beter dan organisaties die dat niet doen, vooral in tijden van technologische disruptie.

Bron: interview met Bettina Schaller in Authority Magazine (Medium), ‘Reworking The Future Of Work: Bettina Schaller Of World Employment Confederation On How Employers And Employees Are Reworking Work Together’. 

 

 

Geplaatst in In de wereld, Werken 4.0 | Tags , | Laat een reactie achter

Nieuwe zoekmachine brengt duizenden vacatures in de defensie-industrie samen

De Nederlandse defensie- en veiligheidsindustrie verdubbelde haar omzet tussen 2021 en 2025, van 4,7 naar 10,2 miljard euro. Die groei loopt vast op personeel: Defensie zoekt dit jaar 14.500 nieuwe militairen, en voor 45 van de 59 techniek-, ICT-, zorg- en logistiekberoepen in de sector is de arbeidsmarkt volgens UWV zeer krap. Defensie, de industrie en de reguliere techniek vissen daarbij in dezelfde vijver. Daarom lanceert WeerbaarWerk, een gratis zoekmachine die als eerste in kaart brengt waar dat werk precies zit.

Honderden bedrijven, één overzicht

Wie in het defensie-ecosysteem aan de slag wil, moest tot nu toe zelf honderden bedrijfswebsites afstruinen, en kon alleen zoeken bij organisaties waarvan hij het bestaan al kende. Dat laatste is volgens de initiatiefnemers precies het probleem: een groot deel van de sector bestaat uit toeleveranciers en technologiebedrijven die buiten de branche nauwelijks bekend zijn. 

WeerbaarWerk leest daarom dagelijks de vacaturepagina’s van circa 200 werkgevers uit en voegt relevante filters toe. Bij de start staan er ongeveer 1.000 vacatures op. Het gebruik is gratis, een account is niet nodig, en er worden geen vacaturebestanden bij derden ingekocht: bezoekers zien wat de werkgever zelf publiceerde, op de dag dat hij het publiceerde.

AI-agents in plaats van een redactie

Achter het platform zit geen redactie die vacatures overtypt, maar een keten van samenwerkende AI-agents. Een eerste groep spoort vacaturepagina’s op, ook als die diep verstopt zitten of via een extern wervingssysteem lopen. Een tweede groep zet de tekst om in gestructureerde gegevens zoals functie, locatie, uren en gevraagde vaardigheden, waarbij het platform de landelijke skills-taxonomie CompetentNL gebruikt. Een derde groep beoordeelt of een vacature daadwerkelijk bij het ecosysteem hoort, omdat een schoonmaker bij een marinewerf iets anders is dan een radartechnicus. Doordat dit proces dagelijks draait, verdwijnen vervulde vacatures en verschijnen nieuwe binnen een dag.

Bij het verzamelen hanteert WeerbaarWerk naar eigen zeggen expliciete grenzen, gebaseerd op een juridische analyse van alle bronnen. Er wordt uitsluitend openbare informatie verwerkt, niet achter inlogschermen of betaalmuren gekeken, en er worden geen persoonsgegevens van recruiters of kandidaten verzameld. Volledige vacatureteksten worden niet overgenomen: bezoekers krijgen gegevens en een samenvatting, met een link naar de bron. Maakt een werkgever bezwaar tegen datamining, dan verdwijnt zijn aanbod van het platform.

Matchmaking en data voor beleidsmakers

Over een paar weken breidt het platform uit met geautomatiseerde matchmaking, waarbij werkzoekenden op basis van hun cv of LinkedIn-profiel aan vacatures gekoppeld kunnen worden. Daarnaast levert WeerbaarWerk geaggregeerde data op over waar bepaalde functies schaars zijn, bedoeld voor beleidsmakers en brancheorganisaties die met de personeelsvraag van de sector worstelen.

Nog geen verdienmodel, en dat hoeft ook niet

Een gratis platform zonder advertenties roept vanzelf de vraag op hoe het zichzelf bedruipt. Daarover is De Geus open: een verdienmodel is er nu niet en hij weet ook niet zeker of dat gaat komen. Wel denkt hij aan de mogelijkheid om bedrijven te laten betalen voor een uitgebreider profiel. Advertenties of betaalde promotie van vacatures sluit hij nadrukkelijk uit, want “de zoekervaring van de gebruiker blijft centraal staan”. Een verdienmodel heeft De Geus ook niet nodig vanwege andere activiteiten, zo laat hij weten. “Voor mij is WeerbaarWerk ook een manier om zichtbaar te maken wat ik allemaal bouw “ 

Geplaatst in AI, In de cloud | Tags , , | Laat een reactie achter

Langdurig verzuim kost kraptesectoren bijna 95.000 medewerkers aan arbeidscapaciteit per jaar

Sectoren die al kampen met personeelstekorten, laten gezamenlijk jaarlijks bijna 94.904 medewerkers aan arbeidscapaciteit liggen door onnodig lang verzuim. Dat blijkt uit nieuwe praktijkcijfers van Acture, specialist in vitaliteit, verzuim en verzekeringen. 

Over drie jaar creëert een structurele verzuimaanpak gemiddeld 44 procent extra arbeidscapaciteit, stelt Acture. Volgens Annabelle Hagoort, CEO van Acture, is het belangrijk niet af te wachten: “Een effectieve aanpak van verzuim vraagt om vroegtijdige signalering, snelle en gerichte actie en consistent contact bij uitval.” 

Werkgevers laten kansen liggen

In Nederland ervaren bijna alle sectoren personeelstekorten, waarbij zorg, onderwijs, techniek, bouw en logistiek de grootste structurele krapte ervaren. Het CBS meldt momenteel zo’n 380 duizend open vacatures in Nederland. Door langdurig verzuim terug te dringen ontstaat extra capaciteit om die druk te verminderen. Toch blijft het een onderbelichte oplossingsrichting. 

“Verzuim is niet altijd te voorkomen, maar de duur en het verloop ervan zijn in veel gevallen wel beïnvloedbaar,” zegt Hagoort. “We blijven zoeken naar nieuwe medewerkers, terwijl er tegelijkertijd nog enorm veel arbeidscapaciteit verloren gaat door langdurig verzuim. Daar ligt echt een enorme kans voor organisaties.”

Bij een ziekmelding bepaalt vooral de eerste fase hoe het verzuimtraject verloopt. “Zorg voor direct contact na de ziekmelding, snelle duiding van het type klacht en consistente begeleiding tijdens het herstel. Zo krijg je snel duidelijk wat er speelt en welke ondersteuning nodig is,” zegt Hagoort. Door direct de juiste route te kiezen, wordt voorkomen dat verzuim onnodig escaleert of langer duurt dan nodig is.

Preventie begint vóór de ziekmelding

Van de medewerkers die uitvielen, had  72 procent al maanden daarvoor klachten, blijkt uit onderzoek van Acture. In slechts 12 procent van de gevallen werd hier door de leidinggevende naar gevraagd of op gehandeld.

“Dit laat zien dat het terugdringen van verzuim ook al ver vóór de eerste ziekmelding begint. Toch komen veel werkgevers pas in actie wanneer iemand daadwerkelijk uitvalt. Dat is zorgelijk, maar ook begrijpelijk, zeker in sectoren die al jaren met tekorten kampen. De werkdruk is hoog en preventieve of langetermijnbeleidskeuzes verdwijnen naar de achtergrond,” zegt Hagoort. 

Door signalen zoals afnemende energie, oplopende werkdruk of terugkerende klachten eerder te herkennen, kunnen organisaties sneller ingrijpen. Bijvoorbeeld door tijdelijk capaciteit op te schalen, taken anders te verdelen of eerder ondersteuning te bieden. Zo kan verzuim soms zelfs worden voorkomen.

 

Geplaatst in Branchenieuws, In de branche | Tags , | Laat een reactie achter

ABU marktmonitor: aantal uren daalt weer, omzet neemt toe

In periode 7, van 15 juni tot 12 juli, daalde het aantal uren met 4% en de omzet nam toe met 4%, in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Deze periode telde evenveel werkbare dagen als dezelfde periode vorig jaar. Er is geen correctie toegepast.

De ontwikkelingen per sector zijn als volgt:

  • Administratieve sector: Het aantal uren daalde met 17% en de omzet daalde met 9% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.

  • Industriële sector: Het aantal uren daalde met 3% en de omzet nam toe met 5% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.

  • Technische sector: Het aantal uren daalde met 1% en de omzet nam toe met 3% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.

Aantal uitzenduren (Bron: ABU-marktmonitor)
Totale omzet (Bron: ABU-marktmonitor)

 

De volgende ABU-marktmonitor periode 8 verschijnt op dinsdag 1 september 2026. ​‌

Geplaatst in Flexdata, In de branche | Tags , | Laat een reactie achter