Maandelijkse archieven: mei 2022

Reikwijdte belemmeringsverbod: Waadi = Uitzendrichtlijn

Reikwijdte belemmeringsverbod: Waadi = Uitzendrichtlijn

Joost van Ladesteijn
Joost van Ladesteijn

Door Joost van Ladesteijn

Joost van Ladesteijn is partner en advocaat bij Vertex Legal B.V., een boetiekkantoor in juridisch, cultureel en strategisch managementadvies.

Wat is de verhouding tussen het belemmeringsverbod in de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (“Waadi”) en Richtlijn 2008/104/EG (“de Uitzendrichtlijn”)? Geldt dit belemmeringsverbod zonder meer, wanneer een uitzendbureau een ZZP’er aan een inlener ter beschikking stelt? De Hoge Raad beantwoordde die laatste vraag afgelopen vrijdag ontkennend.

Waadi
Artikel 9a van de Waadi bevat het zogenaamde belemmeringsverbod. Het luidt:

“1 Degene die arbeidskrachten ter beschikking stelt legt geen belemmeringen in de weg voor de totstandkoming van een arbeidsovereenkomst na afloop van de terbeschikkingstelling tussen de ter beschikking gestelde arbeidskracht en degene aan wie hij ter beschikking is gesteld.
2 Elk beding in strijd met het eerste lid is nietig, met uitzondering van een beding op grond waarvan door degene aan wie de arbeidskracht ter beschikking is gesteld een redelijke vergoeding verschuldigd is aan degene die de arbeidskracht ter beschikking heeft gesteld voor de door deze verleende diensten in verband met de terbeschikkingstelling, werving of opleiding van de desbetreffende arbeidskracht.”

Artikel 9a Waadi is in 2012 ingevoerd ter implementatie van het in artikel 6 lid 2 Uitzendrichtlijn opgenomen belemmeringsverbod.

De Uitzendrichtlijn
Artikel 6 lid 2 van de Uitzendrichtlijn luidt als volgt:

“2. De lidstaten nemen de nodige maatregelen opdat eventuele bepalingen die het sluiten van een arbeidsovereenkomst of het tot stand komen van een arbeidsverhouding tussen de inlenende onderneming en de uitzendkracht na afloop van zijn uitzendopdracht verbieden of verhinderen, nietig zijn of nietig kunnen worden verklaard.

Dit lid laat regelingen volgens welke uitzendondernemingen een redelijke vergoeding ontvangen voor aan de inlenende onderneming verleende diensten in verband met de terbeschikkingstelling, aanwerving en opleiding van uitzendkrachten onverlet.”

Wijze van implementatie
Uit de parlementaire geschiedenis bij het wetsvoorstel tot wijziging van de Waadi ter implementatie van de Uitzendrichtlijn volgt dat de wetgever de Uitzendrichtlijn ‘kaal’ heeft willen implementeren, ook bevestigd in het Focus on human-arrest. Dat betekent dat in de Waadi niet meer is geregeld dan wat in de Uitzendrichtlijn wordt voorgeschreven. Artikel 9a Waadi dient dus op dezelfde wijze te worden uitgelegd als artikel 6 lid 2 Uitzendrichtlijn, ondanks woordelijke verschillen.

Uitleg
De Uitzendrichtlijn kent een eigen personele werkingssfeer, welke in de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (“HVJ EU”) is uitgelegd, waaronder het Ruhrlandklinik-arrest en het Focus on human-arrest.

Artikel 1 lid 1 van de Uitzendrichtlijn bepaalt dat de “richtlijn van toepassing is op werknemers met een arbeidsovereenkomst of arbeidsverhouding met een uitzendbureau, die ter beschikking worden gesteld van inlenende ondernemingen om onder toezicht en leiding van genoemde ondernemingen tijdelijk te werken”.

Artikel 3 lid 1, aanhef en onder van de Uitzendrichtlijn bepaalt dat onder werknemer wordt verstaan “iedere persoon die in de betrokken lidstaat krachtens de nationale arbeidswetgeving bescherming geniet als werknemer”.

Artikel 3 lid 1, aanhef en onder c van de Uitzendrichtlijn definieert uitzendkracht als “een werknemer met een arbeidsovereenkomst of arbeidsverhouding met een uitzendbureau teneinde ter beschikking te worden gesteld van een inlenende onderneming om daar onder toezicht en leiding van laatstgenoemde onderneming tijdelijk te werken”.

De Uitzendrichtlijn bevat geen definitie van de begrippen ‘arbeidsovereenkomst’ en ‘arbeidsverhouding’.

Artikel 3 lid 2 van de Uitzendrichtlijn bepaalt dat de richtlijn geen afbreuk doet aan het nationale recht wat de definitie van arbeidsovereenkomst, arbeidsverhouding of werknemer betreft.

Het HvJEU heeft zich in het Ruhrlandklinik-arrest uitgelaten over de begrippen ‘arbeidsverhouding’ en ‘werknemer’ van de Uitzendrichtlijn. Het HvJEU oordeelde dat het hoofdkenmerk van een arbeidsverhouding is dat een persoon gedurende een bepaalde tijd voor een ander en onder diens leiding prestaties levert en in ruil daarvoor een vergoeding ontvangt, waarbij niet doorslaggevend zijn de juridische kwalificatie naar nationaal recht en de vorm van deze verhouding, evenmin als de aard van de rechtsbetrekking tussen deze twee personen.

Voorts heeft het HvJEU over het begrip ‘werknemer’ geoordeeld dat het iedere persoon omvat die arbeid verricht, dat wil zeggen die gedurende een bepaalde tijd voor een andere persoon en onder diens leiding prestaties levert en in ruil daarvoor een beloning ontvangt, en die op grond daarvan in de desbetreffende lidstaat is beschermd, zulks ongeacht de juridische kwalificatie van zijn arbeidsverhouding naar nationaal recht, de aard van de rechtsbetrekking tussen deze personen en de vorm van deze verhouding.

Uit het vorenstaande volgt dat een uitzendkracht in de zin van de Uitzendrichtlijn iedere persoon is die:

  1. een werknemer is met een arbeidsovereenkomst of arbeidsverhouding met een uitzendbureau, wat inhoudt dat die persoon
    a. arbeid verricht en dus gedurende een bepaalde tijd voor en onder leiding van het uitzendbureau prestaties levert en in ruil daarvoor van het uitzendbureau een vergoeding ontvangt; en
    b. in de desbetreffende lidstaat wordt beschermd op grond van de arbeid die hij verricht; teneinde
  2. door het uitzendbureau ter beschikking te worden gesteld van een inlenende onderneming om daar onder toezicht en leiding van de inlenende onderneming tijdelijk werk te verrichten.

Voorliggende casus
Met deze overwegingen was de Hoge Raad het niet eens met de rechtsopvatting van het Hof Den Bosch dat het belemmeringsverbod van de Waadi zonder meer geldt, wanneer een uitzendbureau een ZZP’er aan een inlener ter beschikking stelt. Volgens de Hoge Raad hangt dit er van af of aan de gestelde vereisten is voldaan. Daarmee kan het belemmeringsverbod van toepassing zijn op opdrachtnemers die door een uitlener bij een inlener ter beschikking worden gesteld. De Hoge Raad neemt dus afstand van twee in de feitenrechtspraak voorkomende scholen dat zelfstandigen “nooit” of “altijd” onder het toepassingsbereik van het belemmeringsverbod vallen.

Materiële benadering van het werknemersbegrip
Hoewel de Hoge Raad dit niet zo uitdrukkelijk uitspreekt, kan dit arrest worden beschouwd als een bevestiging dat een materiële benadering geldt ten aanzien van het werknemersbegrip. Het gaat er niet om of er formeel gezien, naar nationaal recht, sprake is van een werknemer (of een arbeidsovereenkomst tussen de arbeidskracht en het uitzendbureau), maar of materieel gezien sprake is van een ‘werknemer’ die een ‘arbeidsverhouding’ heeft met een uitzendbureau en derhalve “gedurende een bepaalde tijd voor een andere persoon en onder diens leiding prestaties levert en in ruil daarvoor een beloning ontvangt, en die op grond daarvan in de desbetreffende lidstaat is beschermd.” Een en ander ongeacht de juridische kwalificatie van zijn arbeidsverhouding naar nationaal recht met het uitzendbureau, de aard van de rechtsbetrekking tussen de persoon en het uitzendbureau en de vorm van hun verhouding.

In de woorden van advocaat-generaal (AG) Hartlief in zijn lezenswaardige advies aan de Hoge Raad in deze zaak:

“een persoon die in zijn verhouding tot het uitzendbureau materieel gezien niet wezenlijk van een werknemer van het uitzendbureau verschilt, moet aanspraak kunnen maken op hetzelfde beschermingsniveau als een werknemer.”

Dit sluit ook aan bij het doel van de uitzendrichtlijn, zijnde ingevolge artikel 2 ervan:

“de bescherming van uitzendkrachten te garanderen en de kwaliteit van het uitzendwerk te verbeteren door de naleving van het beginsel van gelijke behandeling ten aanzien van de uitzendkrachten te waarborgen, en uitzendbureaus als werkgever te erkennen, daarbij rekening houdend met de noodzaak om een geschikt kader te creëren voor de gebruikmaking van uitzendwerk teneinde bij te dragen tot de schepping van werkgelegenheid en de ontwikkeling van flexibele arbeidsvormen.”

Conclusie
Het belemmeringsverbod kan dus óók van toepassing zijn in het geval een zzp’er op basis van een overeenkomst van opdracht ter beschikking wordt gesteld aan een inlener, mits is voldaan aan alle geldende criteria.

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Reikwijdte belemmeringsverbod: Waadi = Uitzendrichtlijn

Werkgevers onderscheiden zich nog te weinig met vacatureteksten

Ondanks de krappe arbeidsmarkt gebruiken werkgevers nog weinig onderscheidende woorden in vacatureteksten.

Het niet-onderscheidend woordgebruik in vacatures is toegenomen, terwijl in vacatures van sollicitanten wel ‘out-of-the-box’ denken en flexibiliteit wordt gevraagd.

Vereiste ‘flexibel zijn’ lijkt erfenis van coronaperiode
‘Flexibel’ is de karaktereigenschap waarmee de werkgever anno 2022 het profiel van zijn of haar beoogde nieuwe werknemer het liefst omschrijft.

Dat blijkt uit een analyse van miljoenen Nederlandse vacatures door vacaturesite Indeed.


FlexNieuws leestips:
Zo schrijf je creatieve vacatureteksten
Vacatureteksten vol met dierentermen


Ten opzichte van 2020 is het gebruik van niet-onderscheidend taalgebruik in vacatureteksten veertien procent toegenomen.

“In een tijd waarin het door de krappe arbeidsmarkt lastig is om werknemers te vinden, blijkt dat werkgevers vaak blijven hangen in hetzelfde woordgebruik. Dat is jammer, want originaliteit die vaak van sollicitanten wordt vereist, is in vacatureteksten nog niet altijd terug te vinden.

Belangrijkst is wat mij betreft dat werkgevers simpel en duidelijk verwoorden hoe iemand die vacature moet invullen. Gevaar is dat vacatures er met niet-onderscheidend taalgebruik alleen maar onduidelijker op worden”, zegt Arjan Vissers, Senior Manager Employer Insights bij Indeed.

Enthousiast versus Flexibel
Niet alleen de toename in het gebruik van dezelfde karaktereigenschappen valt op. Was het in 2020 voor de pandemie volgens werkgevers nog het belangrijkst om ‘enthousiast’ te zijn, is het nu zo dat ze het vaakst op zoek zijn naar een ‘flexibele’ arbeidskracht. “Het is niet zo dat men nu opeens het woord enthousiast niet meer gebruikt. Dat komt zelfs elf procent vaker voor in teksten. De karaktereigenschap flexibel noteert echter over twee jaar een stijging van zeventien procent en komt daarmee inmiddels nóg vaker voor. Mijn angst is dat iedereen een andere perceptie heeft van een woord als flexibel. Werkgevers zouden er beter aan doen om te duiden wat ze hier precies mee bedoelen.’”

Erfenis van de pandemie
Het zou volgens Vissers goed kunnen dat dit een erfenis is van de pandemie: “Corona heeft een behoorlijke impact gehad op ons werkende bestaan en de werk-privébalans. Het zou goed kunnen dat die impact zich heeft geworteld tot in onze vacatureteksten.”

Saillant is ook hoe vaak werkgevers in tegenstelling tot 2020 in de vacature de aanwezigheid van ‘doorgroeimogelijkheden’ benadrukken. Dat gebeurt 93 procent vaker en het is daarmee de grootste stijger, van plek zeven naar drie in de top 10. “Alleen flexibel en enthousiast komen nog vaker voor in vacatures. Wellicht zien werkgevers dit als een mooie manier om méér perspectief en carrièrekansen te bieden aan nieuwe mensen binnen de organisatie.”

‘Je bent toch wel een spin in het web?’
Naast het weinig onderscheidende taalgebruik hebben we ook nog het gebruikelijke kantoorjargon. De top 10 van 2020 ziet er niet heel anders uit dan die van nu. Opvallend is wel dat er een aantal termen, zoals ‘spin in het web’ (+20%), anno 2022 significant meer worden gebruikt. “We signaleren behoorlijk wat toenames en het is maar de vraag of dat iets positiefs is”, vertelt Vissers. “Het zou juist misschien potentiële arbeidskrachten kunnen afschrikken en roept bij sollicitanten wellicht alleen maar meer vragen op.”

‘Work hard, play hard’
Bijzonder is ook dat het gebruik van de term ‘work hard, play hard’ ontzettend is toegenomen. Ten opzichte van 2020 zijn er maar liefst twintig procent meer vacatures waar deze kwaliteit specifiek wordt uitgelicht. Zijn er ook dalers? Ja! Het bezit van een zogenoemde ‘geen 9 tot 5 mentaliteit’ komt 22 procent minder vaak voor. Volgens Vissers zou het te maken kunnen hebben met dat best veel werkgevers hun personeel de vrijheid willen bieden tot het zelf indelen van de werkweek. “Zo’n rigide term als negen tot vijf past minder bij het bieden van vrijheid. Uiteraard vinden werkgevers het belangrijk dat uren worden gemaakt maar wanneer dat is, laten ze steeds vaker over aan de werknemer zelf.”

Methodiek
Voor dit verhaal heeft Indeed miljoenen Nederlandse vacatures geanalyseerd op taalgebruik. Voorafgaand aan de analyse is er door Indeed een veelheid aan woorden geselecteerd. Alleen die woorden zijn uiteindelijk aan de analyse onderworpen. De selectie is ook voor het overgrote deel in de analyse van 2020 meegenomen en in 2022 verder aangevuld wat Indeed op den duur in staat stelt om trends waar te nemen.

Bron: Indeed, 24 mei 2022; voor dit bericht werd o.a. SilkRoad & iCIMS geraadpleegd. Meer informatie op Indeed.be/about

Geplaatst in Nieuws | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Werkgevers onderscheiden zich nog te weinig met vacatureteksten

Populariteit baan op luchthaven onder jongeren verdubbeld

Populariteit baan op luchthaven onder jongeren verdubbeld
Top-3 werkgevers deze zomer volgens YoungCapital: de luchthaven, callcenters en festivals

recruitment
Dat blijkt uit een analyse van het zoek- en sollicitatiegedrag onder werkzoekenden, uitgevoerd door jongerenrecruiter YoungCapital.

Daarnaast verwacht de recruitmentspecialist dat jongeren deze zomer gaan voor een baan als callcentermedewerker of festivalmedewerker.

In Nederland werken zo’n 1,7 miljoen jongeren (15 tot 27 jaar) die vanwege hun flexibiliteit een belangrijke schakel vormen bij het opvullen van openstaande vacatures.

Uit het onderzoek van YoungCapital blijkt verder dat het zogenoemde ‘coronawerk’ voor jongeren nagenoeg uit beeld verdwenen is. Jongeren die vorig jaar nog voor de GGD coronatests afnamen of in het callcenter afspraken inplanden, werken nu bij andere projecten van de GGD of doen callcenterwerk voor andere bedrijven.

Opvallend is dat deze groep, die voor de pandemie vaak ander werk deed, nu het liefst callcenterwerk blijft doen. Al snel na het afschaffen van de coronamaatregelen is het aantal sollicitaties op banen in de evenementensector met 230 procent gestegen. Verder ziet de jongerenrecruiter dat werkzoekenden hybride werken en flexibiliteit wat betreft tijden en locatie nóg belangrijker zijn gaan vinden. De branche is veel minder belangrijk geworden. Vooral kortlopende klussen op verschillende locaties, zoals festivalwerk, nemen op dit moment een vlucht.

Vraag naar banen op luchthaven en in logistiek stijgt het hardst
Vacatures bij luchthavens en vliegmaatschappijen kunnen ook op steeds meer interesse rekenen. Voor werkgevers in deze sector is dat goed nieuws omdat zij kampen met enorme tekorten aan mensen. “Het aantal sollicitaties op banen op luchthavens of bij vliegmaatschappijen is in een hele korte tijd verdubbeld. Ook werkgevers zetten veel meer vacatures uit. Zo is het aantal vacatures dit jaar met zo’n 335 procent gestegen en we verwachten dat deze stijging in augustus zelfs boven de 500 procent uitkomt,” aldus YoungCapital-directeur Mariska Visser. “Daarnaast zien we vanuit de financiële sector een flinke toename in vraag naar personeel dat zich bezighoudt met anti-witwas werkzaamheden. Dit wordt, als verzekeraars straks ook volgen, nog groter. We verwachten echter de grootste toename van het aantal banen in de logistieke sector, waar de vraag naar koeriers en orderpickers nog meer zal toenemen.”

Uit het sollicitatiegedrag, de bestaande vacatures en uitvraag vanuit werkgevers voorspelt YoungCapital dat dit de top-3 zomerbanen zal worden onder jongeren:

  1. Callcenter- of klantenservicemedewerker;
  2. Festivalmedewerker;
  3. Medewerker bij een vliegmaatschappij;

Bron: YoungCapital, persbericht 22 mei 2022

Lees ook
The Works (YoungCapital) start nieuw tech-bedrijf: DASH
Top 100 meest populaire banen 2021 volgens Magnet.me

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Populariteit baan op luchthaven onder jongeren verdubbeld

Tweede reeks STAP-budget bereikt 44.000 mensen

Tweede reeks STAP-budget bereikt 44.000 mensen

Het tweede aanvraagtijdvak voor het STAP-budget genoot opnieuw grote belangstelling. Uit de voorlopige cijfers blijkt dat een kleine 44.000 mensen met behulp van STAP kunnen beginnen aan een opleiding of cursus.


Hoe en waar kun je dit budget aanvragen? Lees meer


Het gemiddelde subsidiebedrag lag rond de 800 euro. Net als bij het eerste aanvraagtijdvak is er zowel op opleidingsniveau als leeftijd gespreid gebruik gemaakt van het budget. 56% van de aanvragers heeft maximaal een mbo-achtergrond en 23% is 50 jaar of ouder.

Verder hebben de aanvragers diverse posities op de arbeidsmarkt. Met name werkenden (bijna 80%) maken gebruik van STAP, waarvan een aanzienlijk deel flexwerkers. Opnieuw zijn de meeste aanvragers (24%) werkzaam in de sector Zorg. Deze resultaten deelde minister Van Gennip (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) vandaag met de Tweede Kamer.

Met het tweede aanvraagtijdvak van STAP kwam er 36 miljoen euro vrij voor financiële hulp bij scholing (het totale budget voor 2022 is 160 miljoen euro). Momenteel staat er ruim 80.000 opleidingen van bijna 600 opleiders in het scholingsregister.

Het kabinet wil scholing met publieke financiering voor een brede doelgroep mogelijk maken. Daarom is per 1 maart het STAP-budget gestart. Via STAP kunnen volwassenen, met een band met de Nederlandse arbeidsmarkt, jaarlijks aanspraak maken op maximaal 1.000 euro financiële hulp bij het bekostigen van scholing. Deze nieuwe regeling is laagdrempeliger dan de eerdere fiscale aftrek scholingskosten doordat mensen geen bedrag meer hoeven voor te schieten. Daardoor is STAP toegankelijker voor mensen met lagere inkomens en ouderen.

Bron: Rijksoverheid, 20 mei 2022

Lees ook
Eerste aanvraagperiode STAP-budget: 36.000 mensen kunnen betaald aan opleiding beginnen
STAP-budget van start – subsidie aanvragen voor scholing en ontwikkeling
Baankansen voor technisch vakmensen t.b.v. klimaatdoelen gebouwde omgeving
UWV biedt inspiratiekaart voor kansrijke (klimaat)baan
Persoonlijk ontwikkelbudget voor iedereen

Geplaatst in Nieuws | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Tweede reeks STAP-budget bereikt 44.000 mensen

Kwart werkgevers nog altijd op zoek naar het schaap met de vijf poten

zoeken naar schaap met vijf poten?
kuddegedrag

Ondanks de enorme tekorten op de arbeidsmarkt is een kwart van de werkgevers nog altijd op zoek naar het schaap met de vijf poten.

Iemand aannemen die bijvoorbeeld herstellende is van een burnout, gehandicapt is of lang werkloos is, behoort in veel gevallen niet tot de mogelijkheden.

Zestigplussers hebben de grootste kans op een baan, al zit 16 procent daar ook niet op te wachten. Dit blijkt uit onderzoek van Pro Contact, gehouden onder 300 Nederlandse ondernemers en hogere managers in bedrijven van verschillende grootte en minimaal 10 fte.

Liever bedrijfsverlies dan personeelstekort aanpakken
Een kwart van de ondervraagden verklaart nog liever bedrijfsverlies te nemen, dan een van de bovengenoemde personen een baan aan te bieden. Dat terwijl er volgens het CBS in april maar liefst 450.000 vacatures openstonden. Een op de drie (35%) laat weten alleen in extreme noodsituaties iemand aan te nemen die niet aan het ideaalbeeld voldoet. Dit zijn in het onderzoek onder andere mensen met autisme of een chronische aandoening, fysiek gehandicapten, ex-gedetineerden, mensen die geldproblemen hebben of verslaafd zijn geweest, statushouders en langdurig werklozen. Mensen met een vermoeidheidssyndroom hebben het helemaal zwaar te voortduren: maar liefst 42 procent van de ondervraagden acht de kans klein tot zeer klein om hem of haar aan te nemen.

Uit het onderzoek blijkt ook dat werkgevers nog regelmatig de mening van hun klanten en personeel invullen. 19 procent verwacht dat klanten het weigeren om zaken te doen met iemand die niet binnen het bedrijfsprofiel past. Bijna vier op de tien (37%) denken dat zijn of haar personeel een ex-gedetineerde niet zal accepteren.


 

[Advertentie]


 

“Laten we vooropstellen dat er gelukkig een groot deel van de ondernemers wél openstaat om een niet voor de hand liggend persoon aan te nemen. Maar deze beweging gaat nog veel te traag en er is nog een wereld te winnen”, reageert Noud Baijens, oprichter en directeur van Pro Contact en initiatiefnemer van het onderzoek. “Het verbaast mij dat er blijkbaar nog steeds bedrijven zijn die zo’n stugge houding hebben als het gaat om hun aannamebeleid. Als deze houding niet verbetert en er niet serieus gekeken wordt naar mensen die niet binnen het ‘perfecte plaatje’ passen, gaan we de extreme situaties zoals op Schiphol tijdens de meivakantie nog veel vaker meemaken. Als je grote groepen mensen zoekt, zoals Schiphol of de Rotterdamse haven waar echt duizenden vacatures openstaan, zul je echt naar je eisenpakket moeten kijken. Alleen bedrijven die maar één of twee mensen zoeken, kunnen dat nog op de traditionele manier doen. De groep zoals hierboven beschreven is immers voor veel bedrijven de enige uitweg naar het terugdringen van de personeelstekorten, in welke sector dan ook.”

Bron: Pro Contact, persbericht 20 mei 2022

Lees ook
Meer werkgeluk met talentgericht leiderschap
Autist zoekt werkgever – campagne van AutiTalent
Bedrijven zien voordelen diversiteit en inclusie maar pakken niet door
Bedrijven met diversiteitsbeleid genieten voorkeur van jonge werkzoekenden

Geplaatst in Nieuws | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Kwart werkgevers nog altijd op zoek naar het schaap met de vijf poten