Hoe ontwikkelen studenten gedragscompetenties voor Finance & Accountancy?

0
148

Hoe ontwikkelen studenten gedragscompetenties voor Finance & Accountancy?

Interview met Hogeschool Inholland, Marleen Bartelts-Schilt, docent/onderzoeker Cluster Finance Rotterdam en Lectoraat Finance & Accountancy

Marleen Bartelts-Schilt
Marleen Bartelts-Schilt

‘Analyseren, sparren, samenwerken, implementeren en procesbewaking dat zijn competenties die onze studenten nodig hebben.’

Om de ontwikkeling van deze competenties bij studenten te kunnen meten, maakt Hogeschool Inholland gebruik van het MatchQ-assessment, de GedragsIndicator.

In het rapport zijn competenties opgenomen, ontwikkeld in samenwerking met het beroepenveld en gebaseerd op het FC-opleidingsprofiel (LOOFC), het AC-scholenoverleg en de Commissie Eindtermen Accountantsopleiding.

Overleg met het beroepenveld
“Wij zijn al jaren in gesprek met vertegenwoordigers uit het beroepenveld waarvoor wij opleiden,” vervolgt Marleen Bartelts. “Deze experts uit de praktijk adviseren ons over de knowhow en vaardigheden waarover starters en professionals in hun werkveld moeten beschikken. Dat varieert van kennisaspecten tot gedragscompetenties.”

Nieuwe werkwijzen vragen andere vaardigheden
“De intrede van de pandemie heeft er voor gezorgd dat er anders wordt gewerkt in organisaties. Dit vraagt dan ook andere vaardigheden van een startende professional. De input voor het MatchQ-assessment is daarom afkomstig uit onderzoek van ons Business Research Centre, interviews met professionals uit het beroepenveld en input uit ander onderzoek. In een VUCA-wereld wordt veel verwacht van organisaties en de mensen die daar werken. Flexibel zijn, steeds nieuwe dingen willen leren en verantwoordelijkheid nemen voor de eigen ontwikkeling, dat zijn een aantal gedragskenmerken die niet alleen belangrijk zijn in de uitoefening van werk, maar ook in het succesvol afronden van een opleiding.”

Gedragscompetenties trainen
“De vertegenwoordigers uit ons beroepenwerkveld gaven aan dat het hybride werken andere vaardigheden vereist. Organisaties moeten zich sowieso sneller aan kunnen passen aan nieuwe omstandigheden. Dat vraagt nog meer training in pro-activiteit van studenten net als het vermogen om te kunnen sparren en zelfstandig stappen te zetten. Digitalisering vraagt specifieke kennis, maar ook risicobewustzijn en de houding om daarnaar te handelen, risico’s te benoemen, acties te ondernemen. Dat kun je allemaal zien als gedragscompetenties.

Wij hebben daarom de actuele input vanuit het beroepenveld vertaald naar een profiel met gedragsindicatoren; het MatchQ-assessment.”

Herkenning sterke kanten
“De test sluit goed aan. Alle studenten die hem zorgvuldig hebben ingevuld, herkennen zich in hun persoonlijke profiel. De resultaten van het MatchQ-assessment worden besproken met de opleidingscoach en dan gaan studenten aan de slag met het maken van een persoonlijk ontwikkelplan. Het geeft ook mij, als docent, een handvat om zaken bespreekbaar te maken. Niet iedere student vindt het makkelijk om de eigen sterke kanten te benoemen. Wie zijn of haar sterke gedragseigenschappen verder ontwikkelt, tilt als vanzelf ook de minder ontwikkelde eigenschappen op. Groei in bewustzijn en zelfvertrouwen stimuleert je hele ontwikkeling als mens en als professional.”

Ontwikkeldoelen
“De test voor het gedragsprofiel hoort bij het curriculum van het derde en vierde studiejaar. Aan de hand van de uitkomst van de test mogen studenten zelf drie ontwikkeldoelen kiezen. Daar gaan ze mee aan de slag om het uiteindelijk tot een tweede natuur te maken.

Het ontwikkelen van gedragscompetenties is vergelijkbaar met de kennisontwikkeling waarvoor ze ook opdrachten krijgen en elkaar feedback moeten geven. Belangrijk is dat ze er zelf plezier in krijgen. Ze doen het immers niet alleen voor de docent; ze doen het voor zichzelf, voor hun eigen ontplooiing; ze bereiden zich daarmee voor op de uitdagingen in hun werkomgeving.”

Growth mindset
“Vanaf de start van de studie besteden wij er al aandacht aan. We stimuleren dat de studenten actief hun portfolio oppakken vanuit een growth mindset. In het eerste studiejaar vragen we: wat heb je nodig om succesvol te studeren. Kijk naar jezelf, naar wat je nu doet, alsof je je eigen beste vriend of vriendin bent. Wat zou je dan anders willen doen? Hoe ziet dat gedrag eruit? Dit bespreken ze met elkaar in kleine groepjes, zodat het veilig voor hen is om zo te reflecteren en zich uit te spreken.

In het derde studiejaar werken ze ook samen aan een businesscase en aan projecten. Daarbij kunnen ze op basis van het MatchQ-assessment aangeven: waar ben ik al goed in en waarin kan ik me verder ontwikkelen? Zo kiezen we de aanpak die voor hen het meest leerzaam is.”

Burn-out voorkomen
Kan inzicht in het gedragsprofiel studenten en hun coaches ook helpen bij het bewaken van hun persoonlijke grenzen? Helpt het ook bij het vinden van een werk- of stageplek waar ze goed tot hun recht komen?

“Zeker, daarom is het belangrijk om deze test eerder te doen, dan aan het begin van het vierde studiejaar. Zo kunnen studenten vanaf het derde jaar zelf al inschatten welke werkomgeving aansluit bij hun profiel en hun meest ontwikkelde competenties. Ook de begeleider kan dit aan de hand van de test zien en daarop coachen.

In het vierde jaar bieden we nog veel programma onderdelen waarin ze verder kunnen ontwikkelen op de gedragsindicatoren. Ze moeten elkaar feedback leren geven om daarmee te oefenen hoe het is om sparringpartner te zijn. Dat is nodig om organisaties beter te maken. Sommige jongeren vinden dat lastig, vooral als het niet gebruikelijk is in de omgeving waar ze zijn opgegroeid. Toch leren ze dat zo bij ons. Deze gedragscompetentie is belangrijk; ze oefenen om positief kritisch en analytisch te zijn. Op die manier kun je met elkaar iets nieuws bouwen. Het vraagt de durf om te benoemen wat er beter kan. Te benoemen wat er goed gaat en elkaar ook complimenten kunnen geven.”

Overtuigen, doorvragen, analyseren
“Ook als ze in het vierde jaar bij de opdrachtgever een scriptie maken, moeten ze kunnen overtuigen, doorvragen en kritisch analytisch naar een antwoord kijken, doorvragen: ‘Kunt u daar een voorbeeld van noemen? Hoe werkt dat dan?’

Dit laatste leerjaar biedt veel mogelijkheden om de set aan gedragscompetenties te oefenen.”

Over Marleen Bartelts
Een veelzijdige vakvrouw. “Economisch maatschappelijke betrokkenheid zit diep in mijn vezels, en ja, ook culturele antropologie had ik graag willen studeren,” verklaart ze.
Ze begon haar loopbaan na een toeristische opleiding, organiseerde op hoog niveau groepsreizen (o.a. voor de hockeybond, voor journalisten die meereisden met staatsbezoeken van het koninklijk huis). Heeft veel belangstelling voor andere culturen, luistert graag naar mensen om hen een omgeving te kunnen bieden die voor hen verrijkend is. Studeerde economie, werkte onder andere bij Brands en Wolff Registeraccountants, nu EY. Om zichzelf de kans te geven om een gezin met werk te combineren, haalde ze haar onderwijsbevoegdheid. In die tijd was een baan in het onderwijs beter te combineren. Ze gaf les op een MEAO en maakte later de overstap naar Ichthus Rotterdam, nu Hogeschool Inholland genoemd.

Interview: Hinke Wever

Lees ook
Arbeidsmarktscan van MatchQ goedgekeurd door ministerie SZW
Welk talent maakt jouw organisatie succesvol?