Hardheid bij toekenning van loonkostenvoordelen: foutje bedankt?

0
292

Loonkostenvoordelen: foutje bedankt

Door Angelique Perdaems, gespecialiseerd in fiscaal recht

Angelique Perdaems
Angelique Perdaems

Sinds 1 januari 2018 zijn de premiekortingen uit de Wet financiering sociale verzekeringen vervangen door loonkostenvoordelen in de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Deze financiële tegemoetkomingen zijn bedoeld om werkgevers te stimuleren werknemers die moeilijker aan een baan kunnen komen, de kwetsbaren op de arbeidsmarkt, aan het werk te helpen. In de Wtl zijn loonkostenvoordelen opgenomen voor oudere werknemers, werknemers die hun arbeid hervatten of zijn herplaatst nadat recht bestond op een WIA-uitkering en werknemers met een arbeidsbeperking.

Beroep op loonkostenvoordelen
Om voor deze loonkostenvoordelen in aanmerking te komen moet de werkgever aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo moet een doelgroepverklaring zijn afgegeven waaruit blijkt dat de werknemer onder de doelgroep valt waarvoor het loonkostenvoordeel kan worden verkregen en mag ook de maximale duur van het loonkostenvoordeel niet zijn verstreken. Daarnaast dient de werkgever in de aangifte loonheffingen een verzoek te doen voor toepassing van het loonkostenvoordeel waar de werknemer recht op heeft. Met een correctiebericht kunnen nog aanvullingen op de loonaangifte worden gedaan. Het is belangrijk om ervoor te zorgen dat alle verzoeken zijn gedaan vóór 1 mei van het volgende kalenderjaar waarvoor de tegemoetkoming wordt gevraagd. Vóór 1 mei 2021 dienden dus de verzoeken over 2020 te zijn gedaan.

Gebleken fouten na fotomoment
Maar wat als later blijkt dat recht bestaat op loonkostenvoordeel maar de datum van 1 mei, ook wel het fotomoment genoemd, is verstreken? De Belastingdienst stelt zich op het standpunt dat de werkgever dan pech heeft gehad. De wetgever heeft een geautomatiseerd proces voor ogen gehad waarbij op basis van de gegevens die bij de Belastingdienst en het UWV bekend zijn vanuit de loonaangiften automatisch de loonkostenvoordelen worden vastgesteld. De Belastingdienst stelt dat daardoor voor de inspecteur geen mogelijkheid bestaat om gegevens die na het fotomoment worden verstrekt te verwerken. Het recht op en de hoogte van de tegemoetkoming staan met andere woorden volgens de inspecteur op 1 mei vast. Ook als bezwaar wordt gemaakt tegen een definitieve beschikking Wtl stelt de Belastingdienst dat in bezwaar geen nieuwe feiten en omstandigheden meer naar voren kunnen worden gebracht. Er wordt strikt vastgehouden aan de datum van 1 mei.

Mijns inziens heeft de Belastingdienst wel degelijk ruimte om werkgevers tegemoet te komen zodat loonkostenvoordelen worden verleend waarop materieel gezien recht bestaat. Een enkele formaliteit, zoals bijvoorbeeld een per abuis onjuist aangevinkt verzoek loonkostenvoordeel, zou daar niet aan in de weg mogen staan. Het evenredigheidsbeginsel noopt ertoe dat de Belastingdienst ervoor zorgt dat de nadelige gevolgen van een besluit niet onevenredig zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen. Doordat door de Belastingdienst geen rekening wordt gehouden met verzoeken die na 1 mei worden gedaan indien die verzoeken in het voordeel van de belastingplichtige zijn, kunnen de financiële gevolgen daarvan groot zijn. Tot op heden stelt de Belastingdienst dat de mogelijkheid om op grond van het evenredigheidsbeginsel of de heroverwegingsfunctie van het bezwaar rekening te houden met verzoeken van na 1 mei niet bestaat, terwijl de Belastingdienst dat wel kan doen in het nadeel van de werkgever (herziening ten nadele).

Deze strikte uitleg van het fotomoment is mijns inziens een gemiste kans, met name nu het evenredigheidsbeginsel en de menselijke maat als gevolg van de toeslagenaffaire nadrukkelijker onder de aandacht zijn gekomen. Evenals bij de toeslagen wordt bij de Wtl in de uitvoering automatisering boven de menselijke maat gesteld. In een procedure kan naar mijn mening dan ook een beroep worden gedaan op het evenredigheidsbeginsel en kan worden gesteld dat het weigeren van de loonkostenvoordelen op basis van het fotomoment in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol van het EVRM.

Fouten bij geautomatiseerde vaststelling loonkostenvoordelen
Naast fouten door de werkgever worden er ook bij de Belastingdienst en het UWV fouten gemaakt in de registratie waardoor te weinig loonkostenvoordelen worden toegekend. Het controleren van de voorlopige beschikking en de definitieve beschikking Wtl aan de hand van de administratie is dan ook belangrijk. Dit is niet eenvoudig als er veel werknemers zijn waarvoor een beroep op loonkostenvoordelen wordt gedaan. In procedures blijkt dat er regelmatig wat mis gaat met bijvoorbeeld de registratie van de doelgroepverklaringen waardoor geen loonkostenvoordelen worden toegekend terwijl de werkgever daar wel recht op heeft. Als blijkt dat een te laag bedrag aan loonkostenvoordelen is toegekend, dan is het belangrijk te verzoeken om dit te laten herstellen. Als de definitieve beschikking is afgegeven, dan dient daartegen binnen zes weken bezwaar te worden gemaakt. De bezwaarfase biedt de mogelijkheid om alsnog rekening te houden met bijvoorbeeld alle doelgroepverklaringen.

Mijns inziens heeft het systeem van de loonkostenvoordelen een onredelijke hardheid in zich doordat te star wordt vastgehouden aan het fotomoment. Ten onrechte wordt in de bezwaarfase geen heroverweging gemaakt en wordt het evenredigheidsbeginsel te beperkt toegepast. In lijn met de toeslagenaffaire is het aan de wetgever om de wet minder star te maken en aan de uitvoerder om meer ruimte te nemen bij de toepassing van de wet om een redelijke uitkomst te bereiken. Gebeurt dat niet dan is het aan de rechter om alsnog die ruimte te nemen. Het gaat er uiteindelijk om dat de werkgever die mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan een baan helpt, de tegemoetkomingen krijgt waar hij recht op heeft en daarbij niet wordt beperkt door het niet volledig voldoen aan formaliteiten of erger nog doordat de administratie bij het UWV en/of de Belastingdienst niet op orde is. Dat geldt des te meer nu de Wtl juist is ingevoerd om de processen te vereenvoudigen en administratieve lasten van werkgevers te verminderen en de Belastingdienst ook zelf de nodige fouten maakt bij de uitvoering van de wet.

Angelique Perdaems, werkzaam bij Hertoghs advocaten, gespecialiseerd in het behandelen van conflicten met de overheid: Openbaar Ministerie, FIOD en Belastingdienst.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here