Gastblogger 6 oktober 2026 0 reacties Print Waarom ineens iedereen een bijna failliet uitzendbureau wil kopenMike Geytenbeek, Business Director bij WGROW, ziet de laatste maanden advertenties van partijen die expliciet lijken te zoeken naar verlieslatende uitzendbureaus. Dat klinkt volkomen krankzinnig. Tot je de Wtta erbij pakt. Er gebeurt iets merkwaardigs in uitzendland. Wie de afgelopen maanden geregeld op LinkedIn rondhing, heeft ze waarschijnlijk voorbij zien komen: ondernemers en adviseurs die opvallend geïnteresseerd zijn in uitzendbureaus met financiële problemen. “Maakt uw uitzendbureau verlies? Liquiditeitsproblemen? Wij krijgen uw bureau binnen drie maanden weer winstgevend.” Soms wordt er zelfs rechtstreeks gevraagd naar uitzendondernemingen die te koop staan. Op het eerste gezicht is dat een vreemde hobby. De uitzendmarkt heeft het niet bepaald makkelijk, de kosten zijn gestegen en de regelgeving wordt ingewikkelder. Als er één moment is waarop je níét enthousiast zou moeten worden van een verlieslatend uitzendbureau, zou je denken dat het nu is. Toch is precies het tegenovergestelde aan de hand. Want wie niet kijkt naar wat zo’n bureau vandaag verdient, maar naar wat het vanaf 2028 kan vertegenwoordigen, ziet ineens een heel andere onderneming. De vier speelveldveranderende letters die daarbij horen zijn: Wtta. Lees ook: Van Nieuwamerongen (NAU) over invoeringsdatum Wtta: Uitstel uitgesloten De Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten treedt namelijk op 1 januari 2027 in werking. Vanaf 2028 wordt de toelatingsplicht daadwerkelijk gehandhaafd. Daarmee verandert de Nederlandse uitzendmarkt van een relatief open markt in een markt met een portier aan de deur. Wie personeel wil uitlenen, moet straks zijn toegelaten. Er komen controles, normen en financiële eisen en ook opdrachtgevers krijgen een verantwoordelijkheid: zij mogen niet zomaar personeel betrekken van een uitlener die niet tot het stelsel is toegelaten. Dat klinkt vooral als iets waar juristen en algemenevoorwaarden-schrijvers gelukkig van worden, maar economisch gebeurt er iets veel interessanters. Er wordt een hek om de markt gebouwd. En zodra er een hek staat, wordt een plaats aan de goede kant daarvan meer waard. Een oude BV heeft namelijk ineens iets wat je niet kunt kopen bij de Kamer van Koophandel. Wtta maakt historie ineens waardevol Voor nieuwe toetreders betekent de Wtta onder meer dat zij financiële zekerheid moeten stellen. Die kan oplopen tot €100.000. Daarnaast moeten zij aantonen dat hun organisatie aan de regels voldoet en het toelatingsproces doorlopen. Voor bestaande uitleners is er overgangsrecht. Een bedrijf dat al jarenlang daadwerkelijk personeel uitleent en zijn fiscale verplichtingen netjes is nagekomen, kan onder voorwaarden bijvoorbeeld worden vrijgesteld van die waarborgsom. En daar gebeurt iets opmerkelijks. Een bestaande uitzendonderneming bezit ineens iets wat nergens als machine, voorraad of intellectueel eigendom op de balans staat: historie. Een uitzend-BV die sinds 2019 aantoonbaar en netjes mensen uitleent, heeft iets wat ik vandaag niet kan namaken. Ik kan morgenochtend een nieuwe BV oprichten, een logo laten ontwerpen en een website online zetten, maar ik kan niet besluiten dat die onderneming de afgelopen zeven jaar al keurig uitzendkrachten heeft verloond. Je koopt vóórdat de portier voor de deur staat Tijdens de parlementaire behandeling van de Wtta is zelfs expliciet gevraagd wat er bij fusies en overnames gebeurt. Een overname wist de geschiedenis van de uitlenende onderneming niet uit, werd besloten. Uiteraard moet die onderneming daadwerkelijk actief zijn geweest en aan de voorwaarden blijven voldoen. Een stoffige BV uit 2004 uit een lade trekken is dus geen gouden sluiproute. Maar een bestaande, actieve én fiscaal schone uitzendonderneming overnemen is wel degelijk iets anders dan vanaf nul beginnen. En dat is interessant om te kopen: wat de eigenaar als verlies ziet, kan de koper als validatie zien. Stel dat er ergens een regionaal uitzendbureau zit dat al acht jaar bestaat. Het draait vier miljoen euro omzet, heeft zestig mensen aan het werk en bedient vijftien vaste klanten. Belastingen zijn betaald, de loonadministratie klopt en er is daadwerkelijk jarenlang personeel uitgeleend. Alleen is er één probleempje: het bedrijf verliest ieder jaar €150.000. De eigenaar ziet een hoofdpijndossier, want er staat een duur kantoor, er werken te veel mensen op de backoffice, er draaien drie softwaresystemen naast elkaar, sommige tarieven zijn jarenlang niet verhoogd en voor de financiering van de lonen wordt veel te veel betaald. Een grotere uitzendonderneming kan naar exact dezelfde cijfers kijken en iets totaal anders zien. Die heeft misschien al een salarisadministratie, financeafdeling, recruiters, directie, software en compliancekennis. Hij hoeft al die kosten dus niet opnieuw te maken. Verdwijnen er na de overname twee ton aan dubbele kosten, dan maakt hetzelfde bedrijf opeens geen €150.000 verlies meer, maar €50.000 winst. Een paar betere klantafspraken en tariefverhogingen later kan het resultaat nog verder omslaan. Dat principe is niet nieuw. Het heet buy-and-build en investeerders doen het al jaren. Verlieslatend is niet hetzelfde als waardeloos Maar de Wtta legt er nu een tweede waardelaag bovenop. De koper koopt niet alleen vier miljoen euro omzet, zestig werkende mensen en vijftien klanten. Hij koopt ook een actieve rechtspersoon met jarenlange uitleenhistorie, die hij vóór 2028 door het nieuwe toelatingsstelsel kan loodsen. Dat maakt juist de timing van de aankoop interessant: je koopt vóórdat de portier voor de deur staat Voor de huidige eigenaar is 2026 misschien juist het moment waarop alles samenkomt. Het bedrijf maakt verlies, de liquiditeit piept en kraakt en ondertussen komt er een nieuwe berg regelgeving aan. Hij moet investeren in processen, compliance en toelating terwijl hij zich misschien al jaren afvraagt of hij nog wel verder wil. Zijn gedachte kan heel begrijpelijk zijn: moet ik hier nou óók nog doorheen? Voor een koper met geld, schaal en een bestaande organisatie klinkt hetzelfde verhaal bijna uitnodigend. Die kan het bedrijf nu tegen een relatief lage waardering kopen, de kostenstructuur repareren en het vervolgens door de Wtta-procedure loodsen. Als dat lukt, bezit hij in 2028 niet meer het verlieslatende bureau dat hij twee jaar eerder kocht, maar een winstgevende onderneming met klanten, mensen, jaren historie en een operationele positie binnen het nieuwe toelatingsstelsel. De concurrent die in 2028 denkt: ‘laat ik ook eens een uitzendbureau beginnen’, begint ondertussen helemaal onderaan de ladder. Lees ook: De vijf meest gestelde vragen over de Wtta volgens de NAU Een nieuwe partij moet straks niet alleen klanten vinden en personeel werven. Hij moet ook zijn organisatie, administratie en compliance zodanig inrichten dat hij toegelaten kan worden. En opdrachtgevers gaan daar eveneens op letten, omdat zij niet meer zorgeloos bij iedere willekeurige uitlener kunnen inkopen. Daarmee verandert ook de commerciële vraag. Een fabriek die maandag vijftig mensen nodig heeft, vraagt straks niet alleen meer: ‘Kun je ze leveren en wat kost het?’ Er komt iets bij: ‘Mag ik juridisch eigenlijk wel zaken met jullie doen?’ Een bestaande partij die dat allemaal al heeft geregeld, heeft daarmee een voorsprong in een dan behoorlijk geslonken markt met minder concurrenten. Het interessante bedrijf is nadrukkelijk niet het meest failliete bureau dat je kunt vinden. Sterker nog: een uitzendbureau met achterstallige loonheffingen, niet-betaalde pensioenpremies, claims en een boekhouding waarin drie boekjaren ontbreken, kan gewoon een verschrikkelijke aankoop zijn, want een goede fiscale en administratieve historie is binnen het nieuwe stelsel belangrijk. Het moment waarop de markt wordt gesorteerd De ideale kandidaat is daarom een merkwaardig soort kneusje achterin de klas: financieel lelijk, maar juridisch schoon. Een bureau met echte klanten, echte mensen, aantoonbare omzet en een correcte administratie, maar met te veel overhead, verkeerde tarieven, slechte financiering of een eigenaar die het commerciële vuur kwijt is. Gezond genoeg om te redden, maar beroerd genoeg om goedkoop te kopen. En dan begrijp je ineens waarom juist verlies interessant kan zijn. Een ondernemer met €300.000 winst weet meestal heel goed dat zijn bedrijf geld waard is. Hij vraagt een stevige prijs. Een ondernemer die ieder jaar €100.000 moet bijstorten, onderhandelt vanuit een heel andere positie. En dat maakt juist dit moment zo bijzonder. We zitten vlak voordat de markt door het nieuwe toelatingsstelsel wordt gesorteerd. Welke bedrijven gaan door? Welke eigenaren haken af? Wie krijgt zijn administratie op orde? Wie heeft voldoende schaal om alle nieuwe verplichtingen rendabel uit te voeren? En wie besluit dat dit een uitstekend moment is om de sleutel aan iemand anders te geven? Lees ook: Wtta: uitleners zonder SNA-keurmerk dreigen achter de feiten aan te lopen De Wtta maakt een oud uitzendbureau niet automatisch waardevol. Een toelating is ook geen Pokémon-kaart die je in 2028 los voor drie ton kunt doorverkopen. Maar een bestaand, actief en schoon bureau dat nu goedkoop kan worden gekocht, vervolgens winstgevend wordt gemaakt én succesvol door het nieuwe stelsel komt, kan wel degelijk een andere economische positie krijgen. En zijn waarde in een paar jaar vervijfvoudigen(!) door een cocktail van slinkende concurrentie, meer vraag wegens de zelfstandigenwet én het ontlopen van het inschrijftonnetje. En daarmee krijgen die ietwat merkwaardige LinkedIn-advertenties plotseling een heel andere betekenis. Misschien zijn sommige kopers gewoon bezig met een simpele rekensom die de huidige eigenaar nog niet maakt. De eigenaar ziet een onderneming die vandaag €150.000 verlies maakt. De koper ziet vier miljoen omzet, zestig uitzendkrachten, vijftien klanten, acht jaar historie en nog voldoende tijd om het geheel door de deur te krijgen voordat de portier allerlei lastige vragen gaat stellen over de gympen die eigenlijk niet passen bij de sfeer binnen. En dat verklaart misschien wel het beste waarom een verlieslatend uitzendbureau anno 2026 ineens zo’n interessante koop kan zijn. WTTA Print Over de auteur Over Gastblogger Deze rubriek is voor eenmalige bijdragen van experts en organisaties die hun kennis willen delen met de lezers van FlexNieuws. De artikelen in deze rubriek vallen - net als de artikelen van onze vaste partners - buiten de redactionele verantwoordelijkheid van FlexNieuws en kunnen een commerciële boodschap bevatten. Bekijk alle berichten van Gastblogger