Vaste eindejaarsuitkering, wanneer moet je die betalen? Geplaatst 28 december 2023 door Henk Geurtsen Hoe om te gaan met een vaste eindejaarsuitkering is zo’n voorbeeld waarbij theorie en de gewenste praktijk niet synchroon lopen. Tijdens ons FlexFuture-event Wet- en regelgeving heb ik hier aandacht aan geschonken. De cao-tekst De uitzend-cao is er helder over hoe het moet: hoogte, tijdstip en voorwaarden zoals bij de opdrachtgever bepaald. Dit betekent dat als bij de inlener de eindejaarsuitkering in december wordt uitbetaald, dat dit betalingsmoment ook geldt voor uitzendkrachten (en uiteraard ook voor medewerkers van een detacheringsbureau). Er doet zich dan de vraag voor of bij elke verloning het stukje recht op eindejaarsuitkering alvast mag uitbetalen, zonder dat je dit potje opspaart tot aan het officiële betalingsmoment volgens de inleners-cao. Positief afwijken van de uitzend-cao De ABU nam in eerste instantie het standpunt in dat het werkgevers niet vrij staat om af te wijken van het officiële betalingsmoment. Na een heroverweging heeft de ABU dit standpunt gewijzigd. Tussentijdse betaling mag gezien worden als een positieve afwijking op de cao-bepalingen. Uiteraard moet er wel voor gezorgd worden dat het totaal van de tussentijdse betalingen minimaal hetzelfde bedrag is als waar de uitzendkracht recht op zou hebben als het in één keer uitbetaald zou worden. De NBBU neemt dit standpunt ook in, dus ook vanuit de zijde van de NBBU is er steun om de eindejaarsuitkering elke verloning uit te keren. Hoe te regelen? Het is uiteraard van groot belang dat duidelijk aan de medewerker wordt bevestigd dat de eindejaarsuitkering bij elke verloning uitbetaald wordt. Het is ook absoluut aan te bevelen om die betaling in een aparte looncomponent op de loonstroken te laten verschijnen, bijvoorbeeld als “tussentijdse eindejaarsuitkering”. Het opnemen van de eindejaarsuitkering in het uurloon is om meerdere redenen af te raden. De belangrijkste is wel dat op die manier de discussie kan ontstaan met uitzendkrachten én controlerende instanties of de eindejaarsuitkering wel is toegekend. Het argument dat het uurloon hoger is dan normaal is daarvoor geen steekhoudend argument. Alleen de vermelding op de uitzendbevestiging dat “de eindejaarsuitkering is opgenomen in het uurloon”, zal tot discussie leiden: hoeveel zit er in het uurloon als eindejaarsuitkering? Een andere reden om het niet in het uurloon op te nemen is dat het daarmee onderdeel wordt van het feitelijk loon en dus mee telt als grondslag voor alle reserveringen en je kunt in lastige situaties terechtkomen bij initiële loonsverhogingen. Complexe situaties Als de eindejaarsuitkering een percentage van het uurloon is en dit naar rato moet worden toegekend als iemand een deel van het jaar werkzaam is bij een inlener waar een eindejaarsuitkering bestaat, dan lijkt het simpel. Elke verloning betaal je dat percentage uit en in principe ben je dan helemaal klaar. Foutgevoeliger wordt het als een uitzendkracht voor meerdere inleners werkt, waarbij de ene inlener een eindejaarsuitkering kent en de andere niet. Of nog lastiger, dat er twee verschillende eindejaarsuitkeringen naast elkaar lopen bij een en dezelfde uitzendkracht. Er zijn ook diverse cao’s waarbij er aan voorwaarden voldaan moet worden om recht te hebben op de eindejaarsuitkering. Denk daarbij aan een peildatum dat iemand in dienst moet zijn of dat er minimaal x maanden gewerkt moet zijn. In dat soort gevallen kun je vooraf niet vaststellen of aan de voorwaarden voldaan gaat worden. De kans is groot dat de inlener het er dan niet mee eens zal zijn als de eindejaarsuitkering op voorhand al elke verloning wordt uitbetaald én in het tarief wordt verdisconteerd. Hoe dan ook, er moet wel altijd met een berekening aan getoond kunnen worden dat de in de loop van het jaar uitbetaalde bedragen (minimaal) hetzelfde zijn als wat er uitbetaald zou zijn als het in één jaarbedrag was uitgekeerd. Gevolgen diverse externe controles en audits? Bij een SNCU-controle kan het zijn dat er een opmerking in het rapport komt te staan, maar dat heeft geen verdere gevolgen, omdat de uitzendkracht materieel niets is tekortgekomen en de betaling heeft eerder plaatsgevonden dan officieel had gemoeten. Gelet op de uitleg van de ABU en de NBBU dat dit gezien mag worden als een positieve afwijking op de uitzend-cao, zal waarschijnlijk zelfs een opmerking in het rapport achterwege blijven. De eindejaarsuitkeringen zijn (nog) geen onderdeel van de SNA-controles. Dus voor de NEN-certificering speelt vooralsnog dit geen rol. In de toekomstige WTTA-controles (het toelatingsstelsel) is de eindejaarsuitkering niet opgenomen in het concept normenkader. Hoe het definitieve normenkader eruit komt te zien is nog niet bekend, dus of en hoe de eindejaarsuitkering opgenomen gaat worden moeten we afwachten. Bij de ABU/NBBU-controles wordt er met de controles die vanaf 2024 plaatsvinden wel naar de eindejaarsuitkeringen gekeken. Op basis van de tekst in de uitzend-cao zou het vervroegd uitbetalen tot een C-afwijking in het rapport gaan leiden, maar doordat de ABU en NBBU dit als een positieve afwijking op de uitzend-cao beschouwen, zal dit waarschijnlijk als een conformiteit gezien gaan worden. Een wens voor de toekomst Het zou fijn zijn als in een volgende uitzend-cao de tekst over de eindejaarsuitkering enigszins aangepast gaat worden, zodat de mogelijkheid om elke verloning een stukje eindejaarsuitkering uit te betalen in de tekst wordt opgenomen. Uiteraard moet voorop blijven staan dat het bedrag wat door het jaar heen wordt uitbetaald minimaal gelijk moet zijn aan het bedrag waarop recht ontstaat als eindejaarsuitkering wel in één keer (meestal in december) wordt uitbetaald. Geplaatst in In de wet, Wetten & CAO’s | Tags eindejaarsuitkering | Reacties uitgeschakeld voor Vaste eindejaarsuitkering, wanneer moet je die betalen?
‘Focus op korte termijn bij cao-onderhandelingen kost groeivermogen’ Geplaatst 28 december 2023 door Redactie FlexNieuws In het cao-overleg is de focus op de korte termijn ten koste gegaan van afspraken voor de lange termijn. De nadruk van de vakbonden op het maken van loonafspraken zetten investeringen onder druk, óók investeringen in medewerkers. Vooral het gebrek aan aandacht voor groei van de arbeidsproductiviteit zal op termijn ten koste gaan van de kracht van de economie. Dat schrijft werkgeversvereniging AWVN in haar eindevaluatie van het cao-jaar 2023 met als titel De lange termijn is zoek. Historische groei De gemiddelde loonafspraak waarover werkgevers en vakbonden het in 2023 eens werden, is uitgekomen op een historisch hoog niveau van 7,1 procent. Het ging afgelopen jaar om 439 nieuwe cao’s voor 3,7 miljoen werknemers. In het midden van het jaar boog de oplopende trend in de loonafspraken om in een dalende lijn. Opvallend daarbij is dat in een derde van de afgesproken cao’s verschillende categorieën werknemers verschillende loonsverhogingen kregen. In die cao’s zijn de laagstbetaalden er relatief het meeste op vooruitgegaan. De sterke focus van de vakbonden op loonsverhogingen – vanaf begin 2022 – werd ingegeven door de hoge inflatie en de wens om de koopkracht van werknemers op het eerdere niveau te houden. Samen met het aanhoudende personeelstekort zorgde dat voor opwaartse druk in de arbeidsvoorwaardenonderhandelingen, met historisch hoge loonafspraken als gevolg. Onzekerheid Behalve door de arbeidsmarkt en inflatie werden de cao-afspraken sterk beïnvloed door economische onzekerheid. Dit kwam vooral tot uitdrukking in de kortere gemiddelde looptijd van nieuwe cao’s. Cao-partijen weten niet wat te verwachten en kiezen daarom vaker voor een relatief kort contract. De gemiddelde afgesproken looptijd liep terug van 22 maanden in cao’s die vorig jaar oktober werden afgesloten naar 14 tot 17 maanden in de afgesloten cao’s over heel 2023. Moeizaam overleg De arbeidsvoorwaardenonderhandelingen vonden plaats in een moeizame sfeer, waarin door de vakbonden regelmatig met stakingen en andere acties werd gedreigd. Die moeizame sfeer kwam tot uitdrukking in een toegenomen aantal zogenoemde ‘eindboden’. Dat wil zeggen dat de onderhandelende partijen het niet eens werden en dat de werkgever een laatste bod heeft gedaan waarover de werknemers zich konden uitspreken. Een vijfde van de in 2023 afgesloten cao’s kwam via zo’n eindbod tot stand. Tot 2019 was dat altijd minder dan 10 procent. Sindsdien is het aantal eindboden opgelopen. Toekomst AWVN uit in de evaluatie haar zorg over deze ontwikkeling en wijst op het gezamenlijke belang van werkgevers en werknemers: sterke bedrijven die veel goede werkgelegenheid bieden. Daar hoort een positief onderhandelingsklimaat bij, vindt de werkgeversvereniging. AWVN adviseert werkgevers en vakbonden daarom om per bedrijf of bedrijfstak samen in kaart brengen waar een sector of bedrijf in de toekomst heengaat en samen te bepalen welk arbeidsvoorwaardenbeleid daarbij het beste past. Behalve om loon moet het bijvoorbeeld ook gaan om zaken als inzetbaarheid en gezondheid van werknemers. En om het slimmer organiseren van het werk. Afspraken daarover zullen leiden tot een hogere arbeidsproductiviteit en dus tot meer verdienvermogen voor werknemer en onderneming, aldus AWVN. Geplaatst in Arbeidsmarktdata, In de wereld | Tags AWVN | Reacties uitgeschakeld voor ‘Focus op korte termijn bij cao-onderhandelingen kost groeivermogen’
ABU cijfers: min 11,6 procent uren Geplaatst 27 december 2023 door Redactie FlexNieuws In periode 12 van 2023, die liep van 6 november tot en met 3 december, daalde het aantal uitzenduren met 11,66%. Dat meldt de ABU op basis van haar vierwekelijks onderzoek. In de periodes 9,10 en 11 lag de daling nog rond de 13%. De omzet daalde met 0,67% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. In periode 11 was de omzet daling bijna 2%, in periode 10 bijna 3%. De ontwikkelingen per sector zijn als volgt: Administratieve sector: Het aantal uren daalde met 20% en de omzet is gedaald met 7% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Industriële sector: Het aantal uren daalde met 8% en de omzet steeg met 2% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Technische sector: Het aantal uren daalde met 8% en de omzet steeg met 4% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. België De cijfers die de Belgische brancheorganisatie Federgon laat zien zijn ook niet veel beter. In de maand november liet de uitzendsector een daling optekenen van -9,64% ten opzichte van een jaar eerder. Geplaatst in Flexdata, In de branche | Tags ABU marktmonitor, Federgon | Reacties uitgeschakeld voor ABU cijfers: min 11,6 procent uren
Feestdagen, hoe zit het met de uitbetaling? Geplaatst 23 december 2023 door Linda Bol Wanneer is er sprake van loondoorbetalingsplicht bij een feestdag? Belangrijk om weer eens onder de aandacht te brengen hoe je hier als uitzendorganisatie mee om moet gaan. Reservering feestdagen Wanneer er gebruik wordt gemaakt van uitzendovereenkomsten met uitzendbeding, kan er op individueel niveau worden gereserveerd voor de feestdagen. De reservering komt op de loonstrook te staan en wanneer er een feestdag is waarop niet wordt gewerkt, dient de feestdag te worden doorbetaald vanuit deze reservering. Wanneer er nog niet voldoende reservering is opgebouwd, dan hoeft dit niet te worden aangevuld. Stel dat de werknemer recht heeft op 8 uur loondoorbetaling, maar er is slechts een reservering ter waarde van 4 uur opgebouwd, dan wordt er ter waarde van 4 uur uitbetaald. Het is bij uitzendovereenkomsten met uitzendbeding ook mogelijk om af te spreken dat de feestdagen worden doorbetaald als voldaan wordt aan de voorwaarden voor loondoorbetaling. Deze afspraak moet schriftelijk worden overeengekomen en geldt dan voor alle werknemers. De loondoorbetalingsplicht geldt voor alle uitzendovereenkomsten zonder uitzendbeding. Wanneer is er recht op loondoorbetaling? Er is recht op loondoorbetaling als er normaal gesproken op deze dag gewerkt wordt, maar dit nu niet wordt gedaan omdat de inlener waar gewerkt wordt gesloten is, of omdat er sprake is van minimale bezetting bij de inlener in verband met de feestdag. Wanneer er geen sprake is van een vaste arbeidsomvang, wat vaak voorkomt bij uitzendovereenkomsten, dan geldt de “zeven uit dertien” regel om vast te stellen of er recht is op loondoorbetaling en hoeveel uur er moet worden doorbetaald. Bij een vaste arbeidsomvang is duidelijk hoeveel uur er normaal op de dag waarop de feestdag valt zou worden gewerkt en deze uren moeten dan worden doorbetaald. Zeven uit dertien-regel Wanneer er dertien weken voorafgaand aan de feestdag, zeven keer op de dag waarop de feestdag valt, wordt gewerkt, dan is er recht op loondoorbetaling. Wanneer de werknemer nog geen dertien weken in dienst is, dan geldt de loondoorbetalingsplicht wanneer in meer dan de helft van de weken vanaf indiensttreding op de dag waarop de feestdag valt, is gewerkt. Het aantal uur dat moet worden uitbetaald wordt berekend aan de hand van het gemiddelde van de gewerkte uren op de dag waarop de feestdag valt. Bijvoorbeeld: 13 weken voorafgaand aan de feestdag is er acht keer op maandag (eerste kerstdag) gewerkt. Er is in die 8 weken 40 uur gewerkt op maandag. Loondoorbetaling voor eerste kerstdag is dan 5 uur. Overuren zijn uitgesloten, tenzij er sprake is van structurele overuren. Feestdagtoeslag In veel sectoren wordt gewoon gewerkt op een feestdag. Wanneer er gewerkt wordt op een feestdag heeft de werknemer recht op het loon, zoals is uitgevraagd bij de inlenersbeloning. De inlenersbeloning vermeldt wat de inlener zelf aan zijn eigen werknemers betaalt wanneer er op een feestdag wordt gewerkt. Wanneer de inlener onder een CAO valt, dan staat hierin ook altijd duidelijk beschreven hoe het loon op een feestdag moet worden uitbetaald. In de meeste gevallen zal er sprake zijn van toeslag op het loon. Hoe om te gaan met feestdagen is ook terug te lezen in een eerder geschreven blog: Feestdagen reserveren en uitbetalen volgens de uitzend-cao’s Allemaal alvast fijne feestdagen gewenst, en het nieuwe jaar begint ook weer met een feestdag op de maandag. Geplaatst in Compliance, In de wet | Tags CAO voor Uitzendkrachten, feestdagen, Linda Bol, loondoorbetaling | Reacties uitgeschakeld voor Feestdagen, hoe zit het met de uitbetaling?
Toch geen akkoord over EU-platformwerkrichtlijn Geplaatst 23 december 2023 door Redactie FlexNieuws De ambassadeurs van EU-lidstaten hebben toch niet ingestemd met een akkoord over een richtlijn voor de regulering van platformwerk. Eerder werd aangekondigd dat er, onder leiding van het Spaanse voorzitterschap, een akkoord was bereikt in de onderhandelingen tussen de Europese Commissie en het Europees Parlement. Beiden moeten instemmen met de richtlijn. In het overleg tussen de landen bleek toch dat een meerderheid ontbrak. Volgens de website Euractiv lieten 12 lidstaten, waaronder de Baltische staten, Bulgarije, Tsjechië, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, en Zweden, weten niet in te kunnen stemmen met het bereikte compromis. Ze vonden dat deze te ver afweek van de versie van de Raad van de richtlijn. Duitsland onthoudt zich al langer van een standpunt. Daarmee was een benodigde gekwalificeerde meerderheid – waarin ten minste 55% van de lidstaten voor moeten stemmen, plus dat een voorstel wordt gesteund door lidstaten die ten minste 65% van de totale EU-bevolking vertegenwoordigen – zo ver uit het zicht dat het Spaanse voorzitterschap het niet aandurfde het compromis in stemming te brengen. De Franse regering voelt weinig voor een al te grote Europese inmenging in lokale arbeidswetgeving. Daarbij vreest het land dat regelgeving technologische innovatie tegenhoudt, in een markt waar niet-Europese platformen toch al de markt domineren. Heronderhandelingen Het dossier wordt nu doorgeschoven naar België, dat vanaf 1 januari het voorzitterschap van Spanje overneemt. België ondertekende, samen met Nederland en Spanje, een jaar geleden een brief met een oproep om vaart te maken met Europese regels om schijnzelfstandigheid bij platformwerk tegen te gaan. Onder Belgisch voorzitterschap zullen de onderhandelingen met het Europees Parlement waarschijnlijk worden heropend. Daarbij speelt een rol dat in juni, vlak voor het einde van de termijn van België, er verkiezingen zijn voor het Europees Parlement. Met de verwachting dat het linkse blok in het parlement – voorstander van regulering – na de verkiezingen waarschijnlijk kleiner zal zijn. Geplaatst in In de wereld, Werken 4.0 | Tags arbeidsmarktplatform, EU platformrichtlijn | Reacties uitgeschakeld voor Toch geen akkoord over EU-platformwerkrichtlijn