Maandelijkse archieven: augustus 2021

Zeven types zzp’ers – wat zijn hun startmotieven, hoe werk je goed samen?

Sjanne Marie van den Groenendaal heeft promotieonderzoek gedaan naar verschillende soorten zzp’ers en hun motieven.

Hoe speel je daar als intermediair en opdrachtgever goed op in en houd je rekening met hun motieven?

I-ZO, het platform Intermediairs voor Zelfstandig Ondernemers Nederland vat dit samen.

Het belangrijkste is om het gesprek aan te gaan, zegt Sjanne Marie van den Groenendaal. Zij begon haar onderzoek door startmotieven te inventariseren. Wat drijft mensen om zelfstandig ondernemer te worden?

Volgens het traditionele push-pull model zijn er factoren die mensen aantrekken tot zelfstandig ondernemerschap en factoren die ze wegdrijven van loondienstbetrekkingen, maar dat model vond zij te beperkt. Zij keek in haar onderzoek verder dan dit push-pull model. Door startmotieven te analyseren, kon zij zeven types zzp’ers identificeren.

Zeven types zzp’ers
Autonomen, 30%: Mensen die zelf willen bepalen hoeveel en wanneer ze werken.
Beroepsmatige zzp’ers, 17%: Beroepsuitoefenaren met een vak dat meestal op zzp-basis wordt uitgeoefend.
Uitdagingzoekers, 14%: Types die op zoek zijn geweest naar een uitdaging en altijd al als zelfstandige hebben willen werken.
Vluchters, 13%: Personeel dat niet meer voor een baas wil werken of wegvlucht van een bepaalde werksfeer.
Familiebedrijf zzp’ers, 11%: Zelfstandige ondernemers die een familiebedrijf overnamen.
Rasondernemers, 8%: Ondernemers die altijd al als zelfstandige hebben willen werken.
Gedwongen zzp’ers, 7%: Mensen die vanwege ontslag of gebrek aan een baan als zzp’er zijn begonnen.

Intrinsieke motivatie belangrijker dan fiscale prikkels
Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat er zeven verschillende types zijn, die vaker worden gedreven door intrinsieke motieven dan door fiscale voordelen of dwang. Nederland is nog niet ingericht op de verscheidenheid aan verschillende soorten zzp’ers, vindt Sjanne Marie van den Groenendaal. “Het is voor de overheid het makkelijkst om één beleid te voeren voor zzp’ers, maar een groot deel van de zzp’ers bestaat uit proactieve mensen die heel happy zijn, alles doen om hun situatie tot een goed einde te brengen en de lasten zelf kunnen dragen. Flexibilisering hoeft helemaal niet zo’n groot probleem te zijn. Richt overheidsbeleid op de precaire groepen en laat de proactieve zzp’ers met rust.”

Omgaan met verschillende typen zzp’ers
Er is niet één behandeling die bij alle verschillende soorten zzp’ers het beste werkt. Dit geldt zowel voor de politiek, als voor opdrachtgevers en zzp-dienstverleners. Van den Groenendaal raadt aan om het gesprek aan te gaan, zodat de zzp’er zelf aan kan geven welke wensen hij of zij heeft. Dan wordt het makkelijker om daarin te faciliteren.

“Sommige opdrachtgevers vinden dat iedereen erbij hoort, anderen vinden dat zzp’ers anders zijn dan vast personeel. Ook bij freelancers is er verschil. Sommigen vinden het leuk om uitgenodigd te worden voor de kerstborrel en dat soort sociale activiteiten, maar voor anderen is dit niet handig, bijvoorbeeld als ze een herstructurering binnen een bedrijf moeten leiden. Ga vooral het gesprek aan,” adviseert Sjanne Marie van den Groenendaal.

Bron: I-ZO.nl, 9 augustus 2021
Lees meer over Sjanne Marie van den Groenendaal

Lees ook
Corona versnelt stijging aantal zzp’ers

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Zeven types zzp’ers – wat zijn hun startmotieven, hoe werk je goed samen?

Flexcraft uitzendbureau | Horizon Holding neemt de Axxent Groep over

Flexcraft Group B.V. heeft met ingang van 27 juli 2021 Axxent Groep B.V. overgenomen.

Moba Aoulad Ben Arroun, CEO van Horizon Holding, ziet grote voordelen in de combinatie van Flexcraft Uitzendbureau en Axxent Groep. “Met het toevoegen van Axxent aan de Flexcraft familie wordt ons verzorgingsgebied binnen Nederland nog verder uitgebreid”. Door de knowhow en het netwerk van beide organisaties te combineren kunnen we onze klanten en uitzendkrachten nog beter bedienen. De overname van Axxent past in de groeistrategie van Horizon Holding en Flexcraft Group. Gezamenlijk krijgen we meer mogelijkheden om structureel te investeren in mensen en middelen.”

Met deze overname breidt Flexcraft Group haar positie verder uit op de Nederlandse uitzendmarkt. Flexcraft Group is een van de dochtermaatschappijen die vallen onder Horizon Holding B.V. Axxent Groep voert de uitzend-labels Axxent en Dutch Days. Beide labels zijn onderdeel van de transactie. Axxent Groep heeft zeven vestigingen in het midden en oosten van het land. Beide organisaties hebben een lange historie in uitzenden en vertegenwoordigen een grote groep uitzendkrachten in de productie, food, techniek, transport en logistiek.

Eerder dit jaar heeft Flexcraft MC-Do-It overgenomen. Flexcraft Uitzendbureau heeft zich door deze en autonome groei inmiddels op de 19de plek van Nederlandse uitzendbureaus gevestigd. Inmiddels werken er dagelijks meer dan 10.000 mensen voor de Flexcraft groep en wordt een omzet gerealiseerd van bijna 300 miljoen euro (2020). Naast het uitzenden van vakmensen verzorgt Flexcraft ook opleidingen met baangarantie in de transport, logistiek, zorg en hospitality.

Axxent en Dutch Days blijven in de huidige vorm zelfstandig bestaan en blijven aangestuurd door het huidige management Cees Noorderijk en Wouter van Asselt.

Bron: Flexcraft Group, 18 augustus 2021

Lees ook
Horizon Holding BV neemt McDo-It BV over
Horizon Holding neemt Flexcraft Group over

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Flexcraft uitzendbureau | Horizon Holding neemt de Axxent Groep over

Jeroen Tiel nieuwe algemeen directeur Randstad Nederland

Jeroen Tiel
Jeroen Tiel

Randstad Nederland heeft een nieuwe algemeen directeur. Jeroen Tiel nam de functie per 9 augustus 2021 over van Dominique Hermans.

Zij werd in april CEO bij Randstad Groep Nederland en bekleedde in de tussentijd beide functies.

Jeroen Tiel is geen onbekende voor de organisatie. Het is dit jaar precies 25 jaar geleden dat hij zijn loopbaan begon als consultant bij Tempo-Team in Roosendaal, ook onderdeel van Randstad Groep Nederland. Sindsdien is hij in verschillende managementfuncties werkzaam geweest in Zeeland, Brabant, Utrecht en Rotterdam. In 2007 trad Jeroen als managing director in dienst bij Randstad Denemarken, na vijf jaar volgde Zweden. Sinds 2017 was Tiel regional managing director van Randstad Polen en tevens verantwoordelijk voor de regio Centraal Oost-Europa.

“Ik heb de afgelopen maanden erg uitgekeken naar deze uitdaging en om met mijn gezin terug te keren naar Nederland. Ook kijk ik met veel genoegen terug op de afgelopen jaren en de verschillende mooie ervaringen die ik bij onze internationale organisatie heb opgedaan. Met die kennis en inzichten hoop ik in mijn nieuwe rol bij te kunnen dragen aan het verder bouwen aan de sterke organisatie die er nu al staat. In deze snel veranderende wereld van werk staan wij, onze klanten en talenten steeds voor nieuwe uitdagingen. Dat biedt kansen die we door het slim inzetten van de nieuwste inzichten en innovaties samen kunnen benutten. Opleiding en ontwikkeling hebben daarbij onze bijzondere aandacht. Daarover ga ik de komende tijd graag het gesprek aan met onze klanten en collega’s,” zegt Jeroen Tiel.

Naast algemeen directeur van Randstad Nederland is Jeroen Tiel nu ook onderdeel van de directie van Randstad Groep Nederland (RGN). RGN bestaat uit de merken: Randstad Nederland, Tempo-Team, Yacht en BMC, en hun respectievelijke submerken.

Bron: Randstad Groep Nederland, 18 augustus 2021

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Jeroen Tiel nieuwe algemeen directeur Randstad Nederland

Werkplatform Maqqie groeit en verhuist naar Sliedrecht

Online werkplatform Maqqie groeit zo snel, dat een nieuw hoofdkantoor is gezocht en gevonden in Sliedrecht.
Maqqie kantoor Sliedrecht
Het bedrijf, dat in 2017 startte vanaf een zolderkamer, heeft inmiddels bijna 50 medewerkers en barstte uit haar voegen in Gorinchem. Het nieuwe hoofdkantoor aan de A15 in Sliedrecht biedt de perfecte uitvalsbasis om door te groeien.

Pieter Jacob Leenman, founder/CEO van Maqqie, licht de stap naar Sliedrecht toe: “Wij zijn onze dienstverlening altijd aan het verbeteren en uitbreiden. Met name voor onze groeiende IT- en Supportafdeling is op dit moment veel extra ruimte nodig. Met onze ambitie en groeicurve willen we niet het risico lopen dat we over enkele jaren weer moeten verhuizen, dus zochten we echt een pand dat de komende 3-5 jaar met ons mee kan groeien.”

Pieter Jacob: “Bij Maqqie zien we een toekomst ontstaan waarin online platformen de spil vormen van de arbeidsmarkt. De enige oplossing voor de steeds schaarser wordende arbeidsmarkt. Wij ontzorgen bedrijven met een online platform waarop ze hun werkvoorraad delen met tienduizenden werkenden. Algoritmes zorgen voor de beste match. De werkende plant zijn werkweek in via de Maqqie werk-app, kan afwisselend aan de slag voor meerdere bedrijven. Diezelfde app regelt tevens de volledige contractuele afwikkeling van iedere samenwerking, via een flexibel of vast contract.”

Maqqie steekt haar ambitie niet onder stoelen of banken. Het wil middels haar dienstverlening aan werkgevers en werknemers uitgroeien tot de ‘grootste werkgever van Nederland’. Met een groei van 500% in 2020 zijn de eerste stappen gezet.

Bron: Maqqie, 17 augustus 2021

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags | Reacties uitgeschakeld voor Werkplatform Maqqie groeit en verhuist naar Sliedrecht

Waarom mag Wibra wel de min-uren laten inhalen en een ander niet?

Waarom mag Wibra werknemers wel de min-uren laten inhalen en een ander niet?

Moniek Kennis
Moniek Kennis

Door Moniek Kennis, advocaat Arbeid & Organisatie bij Marxman Advocaten

Tijdens de door de overheid ingestelde lockdown moest Wibra, net zoals vele andere winkels, vanaf 15 december 2020 haar deuren sluiten. Vanaf 1 januari 2021 heeft Wibra haar werknemers vervolgens voor minder uren ingeroosterd, om de gevolgen van de winkelsluiting te overbruggen. Gedurende de lockdown was er bovendien weinig werk voor de werknemers. Dit werk werd steeds meer, doordat klanten eerst alleen telefonisch en online producten konden kopen, vervolgens ook op afspraak en vanaf 28 april 2021 was de winkel weer geheel open. Toch hebben de werknemers in deze maanden een bovengemiddeld aantal min-uren opgebouwd.

In kort geding heeft FNV de Wibra verzocht om de min-uren die de werknemers in deze periode hebben opgebouwd te laten vervallen. Wibra zag daar geen aanleiding toe en wilde dat de werknemers deze min-uren in de zomer zouden inhalen.

Hoe oordeelde de rechter in kort geding hierover?
De rechter heeft in het voordeel van Wibra geoordeeld. De min-uren hoeven niet te worden geschrapt en Wibra mag de werknemers verzoeken om deze in te halen door in de komende periode meer te werken.

Nu vraagt u zich misschien af, hoe dit mogelijk is. En of dit ook voor andere werkgevers mogelijk is. Om antwoord te geven op deze vraag zal ik eerst toelichten, waarom de rechter Wibra gelijk gaf.

Oordeel in Wibra-zaak
Binnen Wibra is de cao Retail Non-food van toepassing. In de cao staat de volgende afspraak ten aanzien van flexibel werken:
“Indien flexibel werken is overeengekomen, kan de werkgever binnen een bandbreedte van + en – 35 procent ten opzichte van het aantal basisuren de medewerker verplichten wekelijks meer of minder arbeidsuren te werken. Daarbij geldt dat in ieder geval een minimale bandbreedte van + en – 6 uur ten opzichte van het aantal basisuren mogelijk is en een maximum aantal in te roosteren uren van 45 uur per week.”

In cao’s mogen afspraken worden gemaakt over flexibele inzet van werknemers, waarbij pieken en dalen in het aanbod van werk kunnen worden opgevangen, zonder dat dit invloed heeft op het vaste loon van werknemers. Deze afspraken mogen uiteraard niet de wettelijke grenzen ter bescherming van de positie van de werknemers overschrijden.

Lockdown door corona is risico voor werkgever
In de Wibra-procedure heeft FNV zich op het standpunt gesteld dat voorgaande afspraak in strijd is met de wet (artikel 7:268 BW) en daarom nietig is. Dit artikel zou volgens de FNV ertoe leiden dat het risico van het niet kunnen verrichten van de overeengekomen werkzaamheden bij de werknemers komt te liggen, terwijl het op grond van dit wetsartikel bij de werkgever hoort te liggen.

De rechter oordeelt daarentegen dat de situatie uit artikel 7:628 lid 1 BW zich hier niet voordoet. Zo stelt de rechter vast dat op grond van de cao de werknemers van de Wibra een gemiddeld aantal uren per week moeten werken, waarvoor de werknemers maandelijks een overeengekomen vast bedrag aan loon ontvangen, ook als er geen werk beschikbaar is. Conform deze bepaling in de cao heeft Wibra gehandeld, aldus de voorzieningenrechter.

Daarbij heeft Wibra het loon de gehele periode volledig betaald. Volgens de rechter betekent dit dat de afspraak in de cao geen afwijking behelst van artikel 7:628 lid 1 BW en om die reden niet nietig is. Ook merkt de rechter op dat het gemiddeld aantal gewerkte uren per week niet tussentijds kan worden beoordeeld, omdat de referteperiode conform de cao loopt van januari t/m december.

Gebruik NOW in strijd met goed werkgeverschap
FNV heeft ook aangevoerd dat Wibra zich niet als goed werkgever gedraagt in de zin van artikel 7:611 BW door enerzijds gebruik te maken van de NOW-subsidies en anderzijds de geregistreerde min-uren bij de werknemers ‘in rekening te brengen’, waardoor de werknemers geheel of gedeeltelijk ‘gratis’ voor Wibra werken. Volgens de rechter heeft de FNV miskend dat deze subsidies door Wibra volledig zijn aangewend voor de betaling van de overeengekomen (basis)lonen van de werknemers, ook in de periode dat deze niet hebben gewerkt, overeenkomstig de bedoeling van de NOW-regeling. De subsidie is gerelateerd aan het omzetverlies van een onderneming. Ook als de werknemers wel hun gemiddeld aantal uren hadden gewerkt en Wibra had toch omzetverlies geleden, had Wibra van de NOW-regeling gebruik kunnen maken om aan haar loonbetalingsverplichting te kunnen voldoen.

Hoe zit het ‘normaal’ met min-uren?
In de wet is geen definitie opgenomen van min-uren. In bepaalde cao’s zijn daarentegen wel afspraken over min-uren en ook in de arbeidsovereenkomst kunnen partijen min-uren regelen.

Bij een min-urenregeling geldt meestal dat de werkgever het loon doorbetaalt, ook over de niet-gewerkte uren. In principe zal de werkgever daarna de werknemer verzoeken om de uren op een later moment in te halen. Wanneer de werknemer vervolgens meermaals zonder goede reden een verzoek om de uren in te halen weigert, kan de werkgever hier gevolgen aan verbinden. Zo kunnen uiteindelijk de uren voor rekening van de werknemer komen.

De hamvraag: mag iedere werkgever dit nu verlangen?
Het antwoord daarop is simpel: nee. Voor de uitspraak van de rechter in de Wibra-zaak heeft minister Koolmees ook laten weten dat het voor risico van de werkgever komt, als werknemers niet (voldoende) kunnen werken tijdens de verplichte sluitingen door de coronamaatregelen. Hierbij heeft hij wel de uitzondering genoemd, dat het mogelijk is als partijen hierover afspraken hebben gemaakt in de cao of arbeidsovereenkomst.

Daarbij is er discussie over de vraag of een werkgever van de werknemer mag verlangen om min-uren in te halen, indien de werkgever van de NOW-regeling gebruik heeft gemaakt. Deze rechter heeft geoordeeld van wel, maar het zou ook kunnen dat dit nog wijzigt. Daarbij zijn een aantal punten door FNV niet (voldoende) onderbouwd. Of een rechter in een andere procedure of het Gerechtshof in hoger beroep hetzelfde oordeelt, staat dus zeker niet vast.

Moniek Kennis, advocaat Arbeid & Organisatie bij Marxman Advocaten te Amersfoort

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Waarom mag Wibra wel de min-uren laten inhalen en een ander niet?