Vertrek Deliveroo markeert grens platformeconomie

0
274

Nu Deliveroo vertrekt uit Nederland tekent de grens van de platformeconomie zich af.

In navolging van het Hof wordt de Hoge Raad verwacht te oordelen dat de maaltijdbezorgers van Deliveroo werknemers zijn, en geen ondernemers. ABN AMRO verwacht dat de uitspraak gevolgen heeft voor 60.000 platformwerkers.

Dat de maaltijdbezorgers vrij zijn om al dan niet te werken door ‘in te loggen’ maakt ze nog geen zelfstandige ondernemer omdat ze ook “ingebed” zijn in de organisatie van Deliveroo. De verwachte uitspraak heeft gevolgen voor alle platformwerkers die op vergelijkbare wijze ‘inloggen’, zo’n 60.000 schat ABN AMRO.

De uitspraak van de Hoge Raad wordt in december verwacht; doorgaans volgt deze het advies van de advocaat-generaal dat op 17 juni is gepubliceerd. Het advies stelt in klare taal dat de maaltijdbezorgers van Deliveroo werken op basis van een arbeidsrelatie omdat ze “ingebed” zijn in de organisatie. Het argument dat maaltijdbezorgers vrij zijn om al dan niet te werken door ‘in te loggen’ wijst de advocaat-generaal, net als het Hof eerder, van de hand. Deliveroo wacht het finale oordeel van de Hoge Raad niet af en kiest eieren voor zijn geld.

Het lijkt er sterk op dat de nieuwe platformeconomie wordt afgestopt door de vakbonden. FNV spande met succes de zaak tegen Deliveroo aan. FNV procedeert ook voortvarend tegen taxi-platform Uber, een zaak waarin de rechtbank al oordeelde dat Uber-chauffeurs werknemers zijn en onder de taxi-cao vallen. Uber is in beroep gegaan. Helpling, een platform dat schoonmakers bemiddelt, bleek volgens het Hof in Amsterdam toch een uitzendbureau. En recent is FNV (samen met CNV) ook ontvankelijk verklaard om een procedure aan te spannen tegen Temper, een ‘werkplatform’ voor bemiddeling van arbeidskrachten.

Terwijl de vakbonden en de platforms elkaar in de rechtszaal de tent uitvechten, tekent zich in Den Haag een brede politieke consensus af voor nieuwe wetgeving om vast te stellen of iemand een zelfstandige is, of een ‘schijnzelfstandige’. Wie minder verdient dan 35 euro – het meest genoemde uurtarief – wordt straks verondersteld in loondienst te werken met alle verplichtingen van dien, zoals verlof, vakantiegeld, pensioen en een verzekering tegen arbeidsongeschiktheid.

Platformisering afgeremd
Hoewel de platformisering of ‘ver-zzp’ing’ al jaren een glorieuze toekomst wordt toegedicht, lijkt het dat de rechtspraak en de politiek daar dus een stokje voor steken. De rechtspraak heeft gevolgen voor het hele zzp-spectrum. Ook de ‘zelfstandig’ financieel specialist die jaren op een ‘klus’ bij een pensioenfonds zit is ingebed en zou volgens het gezagscriterium een werknemer zijn. De verdere aanscherping van de uitleg van datzelfde gezagscriterium snijdt platform de pas af waarop ‘zelfstandigen’ inloggen om werk te plannen. Het gaat naar schatting om 60.000 zzp’ers die via platforms werken.

ABN AMRO verwacht dat de uitspraak van de Hoge Raad meer duidelijkheid schept over de vraag wie zelfstandige is, en wie ‘schijnzelfstandige’. Datzelfde geldt voor nieuwe wet- en regelgeving. Platformbedrijven zullen de kosten en risico’s van potentiële rechtszaken en reputatieschade afwegen tegen de kosten van werkgeverschap, al dan niet tijdelijk of via uitzendbureaus (inlenen in jargon). Voor de werkbemiddelingsplatforms lonkt een toekomst als uitzenders, waar sommige ook al uit voortkomen, zoals bijvoorbeeld YoungOnes van YoungCapital.

Het is onmiskenbaar dat sommige flexwerkers, die heel bewust en zonder enige dwang kiezen voor een vrije rol, de dupe zijn van deze juridische en politieke ontwikkelingen; denk aan de blije barman die van grand hotel naar grand hotel hopt om zijn kunsten te vertonen. Wellicht vinden de werkplatforms een manier om hun bedrijfsmodel zodanig aan te passen dat flex behouden blijft, maar de sociale zekerheid gelijk wordt getrokken met werknemers. Temper en YoungOnes hebben een eerste stap gezet door standaard een arbeidsongeschiktheidsverzekering mee te leveren met iedere bemiddeling. Maar ook dan nog blijft de uitleg van het gezagscriterium via inbedding een risico.

Gevolgen uitzendbranche
Voor de uitzendbranche is het op zich goed nieuws dat schijnzelfstandigheid via de inhuur van zzp’ers de pas wordt afgesneden. Wanneer bedrijven toch van flexibele arbeid gebruik willen blijven maken, kunnen ze dat doen door werknemers via reguliere uitzenders in te huren. Maar de kosten nemen in dat geval wel toe, aangezien voor uitzendkrachten ook in de bijkomende arbeidsvoorwaarden moet worden voorzien.

Anderzijds krijgt ook de uitzendbranche krijgt met extra regels te maken, waarbij het aangaan van tijdelijke contracten moeilijker en duurder wordt, zo blijkt uit de beleidsvoornemens van minister van Gennip van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) in een kamerbrief van 5 juli. Strengere eisen aan zzp’ers laten daarentegen juist op zich wachten. Afgezien van het ‘rechtsvermoeden’ van werknemerschap bij een loon onder de 35 euro, wordt aan de regulering van zzp’ers weinig urgentie gegeven: de handhaving schijnzelfstandigheid volgt pas vanaf 2025 of later, de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering vanaf 2027 of later en de afbouw van de zelfstandigenaftrek gaat zeer geleidelijk.

Bron: ABN AMRO, 18 augustus 2022