Premies 2022

0
17

Premies 2022

Update: 22 december 2021
Publicatiedatum: 22 september 2021

Hieronder volgt een overzicht van de variabelen in de kostprijs voor zover die (voorlopig) bekend zijn. Op 16 november zijn de definitieve premies voor de sociale verzekeringen in de Staatscourant gepubliceerd en op 29 november de premie ZVW. Op 20 december zijn de adviespremies voor de aanvulling op de Ziektewet bekend gemaakt.

Premies 2022 - update 22-12-2021
Premies 2022 – update 22-12-2021

Reserveringen
De reserveringen binnen de CAO van de ABU en NBBU zijn voor 2022 als volgt berekend: Meer informatie

Voorzieningen

Voorziening 2021 2022 Opmerking
Sociaal Fonds 0,075% 0,075%

 

CAO partijen hadden in eerste instantie aangekondigd om de maximale 0,2% te gaan heffen, maar uiteindelijk is dat niet doorgegaan en blijft de heffing gelijk aan die van 2021. Deze afdracht gold altijd gedurende 78 weken en was daarmee gelijk aan fase A/1/2. Het is nog onduidelijk of de periode vanaf 2022 net als fase A/1/2 zelf wordt verkort naar 52 weken.
Scholing 1,02% 1,02% Deze voorziening gold altijd gedurende 78 weken en was daarmee gelijk aan fase A/1/2. Het is nog onduidelijk of de periode vanaf 2022 net als fase A/1/2 zelf wordt verkort naar 52 weken.
Leegloop Dit percentage dient u zelf te bepalen
Ziekte Dit percentage dient u zelf te bepalen

Ook in 2022 zijn er diverse risico’s bij waar u als uitlener rekening mee moet houden, zoals kosten voor het verschuiven en afzeggen van roosters binnen 4 dagen voor aanvang bij oproepcontracten; leegloop in fase A/1/2 als het géén oproepcontracten (meer) zijn en de kosten van het geboorteverlof. Dit laatste moet in alle gevallen worden doorbetaald door de werkgever, ook bij contracten met uitzendbeding. Daar geldt een individuele reservering van 0,6%, maar dat zal nooit voldoende zijn om 5 dagen door te kunnen betalen.


Wachtdagcompensatie

2021 2022 Opmerking
Premiegroep I 0,71% 0,71% Geldt voor contracten met uitzendbeding
Premiegroep II 1,16% 1,16% Geldt voor contracten met uitzendbeding

Pensioenpremies
Het premiepercentage wordt jaarlijks door het bestuur van het pensioenfonds vastgesteld en kan dus ieder jaar wijzigen. Voor 2022 blijven ze ongewijzigd. De uurfranchise voor het pluspensioen en het maximum pensioengevend uurloon worden vaak pas eind december bekend gemaakt door StiPP, maar zullen vast stijgen.
De totale kosten van de pensioenregeling zullen echter wel stijgen, omdat de grondslag waarover premie moet worden betaald wordt uitgebreid naar ál het brutoloon (minus een evt. bijtelling voor een auto). De grootste kostenstijging zal te zien zijn in de factor van overuren, bruto vergoedingen en toeslagen, omdat daarover voortaan ook pensioenpremie moet worden betaald. Deze stijgen in onze standaard berekening met 2,5% als de basisregeling wordt gebruikt en 6,5% voor de plusregeling.

Totaal over grondslag Werkgeversdeel Werknemersdeel
Premie Basisregeling 2,6% 2,6% 0.0%
Premie Plusregeling 12,0% 8,0% 4,0%
Franchise Plusregeling (voorlopig) €7,13 n.v.t. n.v.t.
Max. pensioengevend uurloon €31,89

 

Transitievergoeding
Voor 2020 en 2021 hebben wij geadviseerd de volledige 2,78% voor de transitievergoeding in de kostprijs op te nemen Ten eerste, omdat werkgevers met terugwerkende kracht ook aan de bestaande populatie transitievergoeding moesten betalen als werknemers geen nieuw contract krijgen en zij daar waarschijnlijk onvoldoende rekening mee hadden gehouden. Ten tweede zouden er meer verzoeken binnenkomen van ex-werknemers om de vergoeding te betalen en ten derde, omdat het voor uitleners bijna niet mogelijk zal zijn de kosten te verhalen op de toevallige opdrachtgever waar de werknemer als laatste heeft gewerkt. Het is dan fair om alle opdrachtgevers naar rato van het aantal gewerkte uren hun aandeel te laten betalen. In de praktijk merkten we dat opdrachtgevers dit accepteerden.

Voor 2022 gelden die argumenten grotendeels nog steeds, maar is er natuurlijk wel een beter zicht op de werkelijke kosten. Het is in ieder geval verstandig serieus naar het percentage te kijken dat wordt opgenomen in de transitievergoeding. Ook zullen opdrachtgevers willen zien dat de transitievergoeding werkelijk wordt uitgekeerd.

Overige kosten
Hierboven staan de onderdelen van de kostprijs die min of meer vastliggen. Daarbovenop berekent u natuurlijk een marge om tot uw tarief te komen. Daarbij houdt u rekening met uw eigen kostenstructuur die vooral wordt bepaald door uw personeelskosten, huisvesting, marketing, enzovoort. Daarnaast heeft u minder zichtbare kosten, zoals die voor lidmaatschap van de branche- en andere organisaties, abonnementen op tijdschriften en websites, et cetera. Deze moeten uiteraard ook worden terugverdiend.

Onderstaande heeft strikt genomen geen betrekking op de kostprijs, maar maakt het beeld wel compleet.

Uurvergoedingen
• De minimumlonen voor 2022 zijn bekend.

Netto vergoedingen
De regelingen omtrent onbelaste reiskostenvergoeding veranderen niet in 2022. Dat betekent dat de maximale onbelaste km-vergoeding €0,19 blijft.

Vanaf 2022 hebben werkgevers ook de mogelijkheid een onbelaste thuiswerkvergoeding van € 2,00 te verstrekken. Als deze vergoeding aan de ‘eigen’ werknemers wordt gegeven, hebben uitzendkrachten er ook recht op, want de thuiswerkvergoeding wordt onderdeel van de inlenersbeloning. Ook als de thuiswerkvergoeding niet netto maar bruto wordt vergoed, moet hij aan uitzendkrachten worden betaald.

Auteur: Marcel Reijmers, FlexKnowledge, september 2021

Bron:
Miljoenennota, Belastingplan, begrotingen en bijbehorende stukken | Prinsjesdag: Miljoenennota en Rijksbegroting | Rijksoverheid.nl

Zie ook Premies 2021