Kamerbrief reactie op rapporten over schijnzelfstandigheid

0
297

Staatssecretaris Van Rij (Fiscaliteit en Belastingdienst) en minister Van Gennip (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) hebben gereageerd op de rapporten van de Algemene Rekenkamer en de Auditdienst Rijk, over de handhaving op het gebied van schijnzelfstandigheid door de Belastingdienst.

Het kabinet wil schijnzelfstandigheid op drie hoofdlijnen aanpakken:

  1. Een gelijker speelveld voor contractvormen in het arbeidsrecht, de sociale zekerheid en in de fiscale behandeling.
  2. Meer duidelijkheid over de criteria voor arbeidsrelaties: het verschil tussen werknemer en zelfstandige.
  3. Beter toezicht en handhaving op schijnzelfstandigheid.

Handhaving vanaf 2025
Voor de punten 1 en 2 zijn al stappen gezet. Voor het derde punt wil de ministerraad uiterlijk op 1 januari 2025 het handhavingsmoratorium opheffen, en het toezicht bij de Belastingdienst versterken. De komende maanden wordt daarvoor meer capaciteit vrijgemaakt, en komen er meer bedrijfsbezoeken en boekenonderzoeken.

Toetsen vooraf
Om dezelfde onrust als in 2016 te voorkomen (vanwege de Wet DBA), zal het kabinet eerst een uitvoeringstoets laten doen door de Belastingdienst. Ook komt er vooraf een MKB-toets en zullen UWV en de Arbeidsinspectie de gevolgen inventariseren. Verder worden de sociale partners erbij betrokken, en relevante sectoren zoals onderwijs, zorg, bouw, cultuur.

Downloads:
Voortgangsrapportage DBA juli-dec 2021
Definitief rapport toezichtplan arbeidsrelaties
Kabinetsreactie rapporten Algemene Rekenkamer (ARK) en Auditdienst Rijk (ADR)

Bron: Rijksoverheid, 24 juni 2022

Reacties van enkele belangenorganisaties
“Enigszins teleurgesteld las ik de brief van het kabinet. Er wordt helemaal niet ingegaan op de broodnodige nieuwe wet- en regelgeving om duidelijkheid te scheppen voor zelfstandigen”, zegt Margreet Drijvers, directeur PZO.

“De politiek dreigt nu zijn heil te zoeken in nieuwe criteria om te bepalen of iemand wel of niet arbeid in loondienst moet verrichten. Het gaat dan om criteria als ‘gezag’ en ‘inbedding in de organisatie’. Als deze criteria leidend worden, is dat redelijk rampzalig voor onze leden”, zegt Josien van Breda, I-ZO.nl (Intermediairs voor Zelfstandig Ondernemers). “Dan kan er nauwelijks iets meer.”