FNV winkelt bij Picnic met het mandje van CNV

0
675

FNV winkelt bij Picnic met het mandje van CNV

Hendarin Mouselli
Hendarin Mouselli

Vakbond FNV heeft aangekondigd naar de rechter te stappen, omdat ‘online supermarkt’ Picnic personeel in distributiecentra niet volgens de supermarkt-cao zou willen betalen. Hoe sterk is de zaak van FNV?

Is de ‘Supermarkt cao’ hier van toepassing? Heeft de vakbond inhoudelijk een punt? En hoe zit het met het vorderingsrecht? Drie vragen met antwoorden.

Vraag 1: Is Picnic gebonden aan de Supermarkt-cao?
In het spraakgebruik wordt vaak de term ‘Supermarkt cao’ gebruikt. Er zijn twee cao’s, die in het spraakgebruik onder de zogenoemde ‘Supermarkt cao’ worden geschaard, te weten de Cao voor personeel van grootwinkelbedrijven in levensmiddelen (Cao GIL) en de Cao voor het levensmiddelenbedrijf. Het zijn echter twee verschillende cao’s.

De Cao GIL liep af op 1 april 2017. Sindsdien is er geen nieuwe cao afgesloten. Deze cao was afgesloten tussen de Vereniging van Grootwinkelbedrijven in Levensmiddelen (VGL) en CNV Vakmensen. De Cao GIL-bepalingen waren destijds niet algemeen verbindend verklaard. Dit betekent dat die cao niet voor de gehele bedrijfstak gold.

Picnic is geen lid van de VGL. Als Picnic de Cao GIL niet heeft geïncorporeerd in de arbeidsovereenkomsten met haar werknemers, is zij nu niet gebonden aan de Cao GIL.

De Cao voor het levensmiddelenbedrijf is er momenteel wel en loopt per 1 april 2019 af. De bepalingen uit de Cao voor het levensmiddelenbedrijf zijn in tegenstelling tot de Cao GIL wel algemeen verbindend verklaard. Hierdoor zou Picnic wel gebonden kunnen zijn aan deze algemeen verbindend verklaarde cao-bepalingen, ook al zou Picnic geen lid zijn van VGL of de cao niet hebben geïncorporeerd in de arbeidsovereenkomsten. Dat geldt alleen voor de periode dat de cao-bepalingen algemeen verbindend zijn verklaard, omdat een algemeen verbindend verklaring geen zogenoemde ‘nawerking’ heeft.

Vraag 2: Valt Picnic onder de werkingssfeer van de Supermarkt cao?
Naast gebondenheid aan een cao, moet de werkgever (althans de activiteiten van de onderneming) ook vallen onder de werkingssfeer van een cao. De Cao GIL alsmede Cao voor het levensmiddelenbedrijf hebben allebei een eigen werkingssfeerbepaling. Nu er sowieso geen nieuwe Cao GIL is en die dus ook niet algemeen verbindend is verklaard, is alleen de Cao voor het levensmiddelenbedrijf hiervoor relevant.
Artikel 1 Cao voor het levensmiddelenbedrijf bevat de zogenoemde ‘werkingssfeerbepaling’. Eén van de onderdelen in dit artikel is, dat het om werkgevers dient te gaan die één of meer winkels exploiteren die voldoen aan het hetgeen is bepaald in artikel 2 onder a Cao voor het Levensmiddelenbedrijf. Blijkens de definitie van ‘Winkel’ in artikel 2 onder a gaat het om een fysieke en virtuele inrichting. Vervolgens wordt een reeks van onderdelen opgesomd en ‘type’ winkels. Of, een fysieke EN virtuele inrichting, cumulatieve vereisten zijn, is onduidelijk. Wat een virtuele inrichting is, wordt evenmin nader omschreven in de cao. Of Picnic onder een fysieke en/of virtuele inrichting kan worden gerangschikt, is om die reden discutabel.

Stel dat Picnic onder de werkingssfeer van de Cao voor het levensmiddelenbedrijf zou vallen, dan rijst de vraag of zij een beroep zou kunnen doen op een van de uitzonderingsgevallen van de werkingssfeerbepaling. Dit kan voor Picnic relevant zijn, afhankelijk van de activiteiten. Eén uitzondering is genoemd in artikel 1 lid 1 onder b Cao voor het levensmiddelenbedrijf. Dit artikellid geeft aan dat de cao niet van toepassing is op personen die uitsluitend of in hoofdzaak werkzaam zijn in of voor een distributiecentrum van de werkgever, waaronder begrepen chauffeurs, als hun arbeidsvoorwaarden in een andere cao geregeld zijn.

Weliswaar noemt Picnic zich op zijn website een online supermarkt, maar de vraag is of dat wel zo is. Het lijkt erop dat het puur een marketinginstrument is om zich een ‘supermarkt’ te noemen. Een verdere blik op de website laat namelijk zien dat Picnic meerdere activiteiten heeft naast die van een ‘traditionele’ supermarkt. Er kunnen digitaal (via een app) bestellingen worden gedaan voor boodschappen. Vervolgens worden de bestelde boodschappen gesorteerd door zogenoemde ‘shoppers’ in een vijftal centra in Nederland. Na het sorteren worden de boodschappen door de ‘bezorgers’ bezorgd bij de klanten in milieuvriendelijke elektrische autootjes van Picnic. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Jumbo, Albert Heijn of enige andere supermarkt, kun je bij Picnic niet fysiek shoppen. Het lijkt erop dat de activiteiten van Picnic dus vooral gericht zijn op het slim sorteren en bezorgen van boodschappen tegen een scherpe(re) prijs.

Vraag 3: Heeft FNV een eigen vorderingsrecht?
Een vakbond die partij is bij een cao, kan als contractspartij uit eigen hoofde nakoming vorderen van in die cao opgenomen verplichtingen. Daarvoor is het niet nodig dat er werknemers zijn die zich hebben verzet of die bezwaar hebben gemaakt tegen de handelwijze van hun werkgever. Als contractpartij heeft een vakbond op grond van de artikelen 8 lid 1 en 9 Wet cao een eigen belang bij en recht op nakoming.
Zowel de Cao GIL alsmede de Cao voor het Levensmiddelenbedrijf zijn vanuit de werknemerskant enkel afgesloten door CNV Vakmensen en niet door FNV. Oftewel FNV is geen partij bij deze cao’s. Hiermee staat vast dat FNV zelf geen ‘eigen’ vorderingsrecht heeft jegens Picnic. Hoogstens zou FNV namens een of meerdere werknemer(s) als gemachtigde kunnen optreden, maar dat heeft dan alleen gevolgen voor het individuele geval (vergelijkbaar met de zaak van Deliveroo).

Mandje gevuld?
In supermarkttermen geredeneerd, zal FNV met het mandje van CNV bij Picnic boodschappen moeten doen. De kans op succes is klein.

De oproep van Tweede Kamerlid Dennis Wiersma (VVD) aan Minister Koolmees* om als mediator op te treden, is begrijpelijk. Hij wil voorkomen dat FNV de kwestie gaat uitvechten bij de rechter. Daarmee zou een langdurige strijd kunnen ontstaan, zoals rondom Deliveroo, die niet tot een praktische oplossing leidt.

Hendarin Mouselli, VRF Advocaten

* Citaat uit zijn Kamervragen: Deelt u de mening dat u als Minister in deze een mediator-rol kan vervullen om partijen gezamenlijk aan tafel te krijgen en in het belang van werkenden over eigen taboes heen te laten stappen? Ziet u mogelijkheden voor bonden en bedrijven in de sector e-commerce om met eigen en meer passende collectieve afspraken te komen?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here