Wet VBAR kan de ijskast in Geplaatst 13 juli 2025 door Boris Emmerig Op 7 juli 2025 heeft het kabinet bij de Tweede Kamer een voorstel voor de Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR) ingediend. Op 6 oktober 2023 was al een concept van dit wetsvoorstel in een internetconsultatie gepubliceerd. Twijfels over werkbaarheid Wanneer de toelichtingen bij het concept-wetsvoorstel en het definitieve wetsvoorstel met elkaar worden vergeleken, dan blijkt dat er veel aanpassingen zijn aangebracht. De Raad van State was destijds niet enorm enthousiast over het concept-wetsvoorstel. Zo werd opgemerkt dat “het voorgestelde toetsingskader een mate van exactheid [suggereert] die, gelet op het casuïstische karakter van de beoordeling van een arbeidsrelatie, moeilijk waargemaakt kan worden”. Het kabinet laat deze kritiek onbeantwoord. In de reactie op het advies van de Raad van State wordt opgemerkt dat partijen “meer concrete handvatten” wordt geboden, waarbij is gekozen voor het “comprimeren van jurisprudentie” en daardoor wordt de “werkbaarheid met de regels” verbeterd. Hoe deze jurisprudentie is gecomprimeerd en welke jurisprudentie het betreft, wordt niet duidelijk. Wat daarvan verder ook zij, de werkbaarheid wordt naar mijn idee voor de praktijk niet verbeterd. De Belastingdienst merkt in dat kader op dat “de weging tussen de hoofdelementen echter niet [is] ingevuld [en er sprake] blijft van open normen”. Het Adviescollege toetsing regeldruk merkt op dat “de bewering dat “sturing en houvast” wordt geboden, empirische ondersteuning [mist]”. AMvB niet gepubliceerd Mijn tweede opmerking is dat het voorstel voorziet in een Algemene maatregel van bestuur waarin nadere regels zijn gesteld over wanneer sprake is van sturing door de werkgever, dan wel het voor eigen rekening en risico verrichten van de arbeid. Deze AMvB is echter nog niet gepubliceerd. Dat is een gemis, omdat hierdoor het volledige zicht op het toetsingskader wordt ontnomen. Het UWV maakt hierdoor bij zijn beoordeling van het voorstel een “voorbehoud […] omdat de lagere regelgeving die bij dit wetsvoorstel hoort, nog steeds ontbreekt”. Het valt overigens op dat de Belastingdienst, het ATR en het UWV wel om een nadere beoordeling van het wetsvoorstel is gevraagd, maar de Raad van State niet. Aanpassen aan Wet VBAR Veel bedrijven en organisaties zijn na de afschaffing van het handhavingsmoratorium aan de slag gegaan met beheersmaatregelen om de aard van hun arbeidsrelaties te kunnen beoordelen. Zij zijn daarbij uitgegaan van de Deliveroo-criteria. Een groot deel van het werk dat tot nu toe is verricht, zal aangepast moeten moeten aan het toetsingskader van de Wet VBAR. Ik ben niet overtuigd van de noodzaak daarvan. Of dit voorstel het haalt, is onzeker. Er zijn serieus te nemen kritische opmerkingen gemaakt en er komen verkiezingen aan. De ijskast is voor nu de beste plek. Geplaatst in In de wet | Tags Wet VBAR, Wetsvoorstel | Reacties uitgeschakeld voor Wet VBAR kan de ijskast in
Advies arbeidsmigratie: sectoraal uitzendverbod en sturen op sectorsubsidies Geplaatst 11 juli 2025 door Annet Maseland Grip op migratie, links en rechts wil het, maar zonder concrete invulling wordt het al snel een loze kreet. In het vandaag gepubliceerde Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) Arbeidsmigratie ‘Wat werkt voor de Toekomst’: staan concrete beleidsopties, waarvan sommige verder gaan dan de huidige kabinetsplannen. Sectoren leunen zwaar op laagbetaalde arbeidsmigratie De onderzoekers, onder voorzitterschap van Laura van Geest, directeur van het Centraal Planbureau, constateren dat een aantal sectoren zwaar leunt op laagbetaalde arbeidsmigratie, in plaats van op innovatie. “De industrie bijvoorbeeld reageert op de arbeidskrapte met de inzet van robots of AI. Andere sectoren, zoals landbouw, horeca en vervoer en opslag, reageren met het inzetten van arbeidsmigranten. Onderzoek van de SEO laat zien dat een toenemende inzet van arbeidsmigranten in de praktijk samen lijkt te gaan met minder innovatie. Ook vermindert arbeidsmigratie bij werkgevers de prikkels tot investeren in arbeidsvoorwaarden en opleiden of omscholen van eigen personeel.” Arbeidsmarktbeleid dat zich richt op het stimuleren van de arbeidsvraag, heeft als gevolg arbeidsmigratie in laagbetaalde banen. En dat is geen duurzame oplossing, constateren de auteurs. Uitzendverbod Voor meer grip op arbeidsmigratie is het volgens de onderzoekers noodzakelijk om de vraag naar laagbetaalde arbeid te verminderen. Het rapport noemt een aantal maatregelen die effect sorteren. Een opvallende maatregel – want controversieel – is een uitzendverbod in risicosectoren. Demissionair minister Van Hijum (SZW) is een verklaard voorstander om dit als ‘uiterste redmiddel’ in te zetten, om te beginnen in de vleessector. Onder partijen als VVD en BBB ligt dit punt gevoelig. Ook een verplicht percentage werknemers in eigen dienst nemen in risicosectoren wordt genoemd als een beleidsoptie. Branchevereniging ABU ziet geen heil in een uitzendverbod. Peter Loef, programmamanager arbeidsmigratie bij de ABU, zegt in een reactie. “Om te beginnen is het niet het geëigende middel. Je ondermijnt het toelatingsstelsel dat we nu aan het optuigen zijn. Dat is juist bedoeld om de rotte appels uit de branche te weren. Bovendien straf je met een sectoraal verbod ook de bedrijven die het wél goed doen. Een individueel uitleenverbod is effectiever.” Bron: IBO Arbeidsmigratie 2025 Duurder maken van laagbetaalde arbeid Om de vraag naar laagbetaalde arbeid te verminderen, zoomen de onderzoekers in op de uitzendbranche. De flexibele arbeidsmarkt die Nederland typeert, bevordert namelijk de vraag naar arbeidsmigranten. Ze stellen voor om uitzendwerk minder flexibel te maken. Het inperken of duurder maken van flexwerk – en in het bijzonder uitzendwerk – kan de arbeidskosten verhogen. Daarmee maak je laagbetaalde arbeidsmigratie minder aantrekkelijk, zo staat te lezen in het rapport. Deze beleidsoptie is overigens al grotendeels gerealiseerd in de nieuwe flexwet die dit voorjaar door de Tweede Kamer is aangenomen. Daarin wordt de flexibiliteit van uitzendwerk ingeperkt. De beperking van de uitzendtermijn, het afschaffen van nulurencontracten en het gelijktrekken van arbeidsvoorwaarden, maken uitzendwerk duurder. Dit kan ertoe leiden dat uitzendwerk meer wordt ingezet voor ‘ziek & piek’ en minder voor werk op structurele basis. De onderzoekers geven nog ter overweging om flex in z’n algemeenheid duurder te maken dan vast. Maar dat is minder efficiënt, nuanceren ze. Want daarmee raak je de hele arbeidsmarkt, en in mindere mate de laagbetaalde arbeidsmigranten. Daarom achten de onderzoekers dit vooralsnog minder geschikt om te sturen op laagbetaalde arbeidsmigratie. Een andere maatregel die volgens de onderzoekers effect sorteert, is verhoging van het minimumloon. Het Nederlandse minimumloon is in 2024 gecorrigeerd naar koopkracht nog altijd dubbel zo hoog als in Bulgarije en respectievelijk 1,5 en 1,25 keer zo hoog als in Roemenië en Polen. Doorleenverbod De onderzoekers noemen doorlenen als een constructie die de positie van de arbeidsmigrant kwetsbaarder maakt en stellen voor dit te verbieden. Voor werknemers maakt het doorlenen onduidelijk wie hun werkgever is en waar zij hun recht kunnen halen. Daarnaast wordt doorlenen gebruikt om werkgeversverplichtingen te ontduiken, omdat ondoorzichtig is welke (cao)verplichtingen gelden. Doorleenconstructies kunnen ook grensoverschrijdend voorkomen. Overigens zijn binnen de branche zelf al maatregelen genomen om misstanden met grensoverschrijdende doorleenconstructies tegen te gaan. Voor SNA-gecertificeerde bureaus geldt: sinds juli 2023 mag een werknemer waarvoor een A1-verklaring is afgegeven (op grond van artikel 12) niet doorgeleend worden. Versoberen ETK-regeling De fiscale prikkel van de ETK (extraterritoriale kosten)-regeling staat toe dat uitzendwerkgevers onder een aantal voorwaarden delen van het loon fiscaal kunnen uitruilen tegen een onbelaste kostenvergoeding. Daarmee wordt het brutoloon van de uitzendkracht lager en hoeven daardoor ook minder sociale premies te worden betaald. De onderzoekers noemen afschaffen of versoberen van de ETK-regeling als een mogelijkheid om laagbetaalde arbeidsmigratie af te remmen. Bouw subsidies af aan sectoren met veel migranten De onderzoekers raken nog een ander gevoelig punt aan: bouw fiscale subsidies af aan sectoren die veel arbeidsmigranten in dienst hebben. Het aandeel arbeidsmigranten onder de uitzendkrachten in de land- en tuinbouw is 90%. Sommige sectoren – zoals de (glas)tuinbouw en delen van de landbouw – profiteren van subsidies die de productiekosten verlagen en de vraag vergroten. Dit bevordert de vraag naar arbeidsmigratie. Ze wijzen erop dat bedrijven in arbeidsmigratie-intensieve sectoren een relatief groot beslag op het natuurlijk kapitaal, zoals via het gebruik van land en uitstoot van broeikasgassen. De economische baten van arbeidsmigratie kunnen daardoor negatiever uitvallen. Meer of minder kennismigranten? In plaats van elke vorm van arbeidsmigratie af te remmen, geven de onderzoekers ter overweging om een tweesporenbeleid te voeren en juist actiever te werven op hoogwaardige arbeidsmigranten. Denk aan internationale specialisten, tech-talent of onderzoekers. Dit vraagt om het aantrekkelijker maken van Nederland als vestigingsland, bijvoorbeeld door de expatregeling te intensiveren of de kennismigrantenregeling te verruimen. Deze aanpak draagt volgens de onderzoekers bij aan innovatie, concurrentiekracht en economische groei. Recent heeft minister Van Hijum juist een aanscherping van de kennismigrantenregeling aangekondigd. Door de minimum-salariseis te verhogen, wordt het lastiger om bedrijven buiten de EU naar Nederland te halen. Ook de expatregeling (30%-regeling) staat al jaren onder druk. In een motie hebben GL-PvdA gevraagd om een versobering van de regeling. Een eerder voorgenomen versobering werd in het Belastingplan grotendeels teruggedraaid. Vakkrachtenregeling Als een mogelijkheid om specialisten aan te trekken voor maatschappelijke transities, wijzen de onderzoekers op de vakkrachtenregeling. Deze werd geïntroduceerd in het rapport ‘Grip op arbeidsmigratie’. De regeling zou moeten gelden voor sectoren waar tekorten bestaan, zoals de zorg en de energietransitie. Na een maximale termijn van enkele jaren keren migranten naar het land van herkomst. Aan zo’n regeling kleven ook nadelen, schrijven de onderzoekers. De druk op publieke voorzieningen en de woningmarkt neemt toe. Ook kan er misbruik van de kennismigrantenregeling plaatsvinden. Van Hijum gaf eerder aan niks te voelen voor een vakkrachtenregeling. “Ik voel weinig enthousiasme om aan de ene kant maatregelen te bedenken voor beperking en aan de andere kant aan regelingen te werken om nieuwe groepen weer aan te trekken.” Hij wees op andere wegen om aan personeel in kraptesectoren te komen, zoals omscholing. Van Hijum: Nederland is verslaafd aan laagbetaalde arbeid Minister Van Hijum (SZW) reageerde instemmend op het rapport. ‘Nederland is verslaafd aan laagbetaalde arbeid. Dit rapport laat zien dat de huidige omvang van arbeidsmigratie onhoudbaar is en het geeft de politiek concrete beleidsopties. We zijn met onze aanpak al een eind op weg en we gaan op basis van dit advies kijken hoe we die aanpak verder kunnen versterken.’ Hij gaat het IBO aandachtig besturen. Na de zomer verwacht het kabinet ook van de SER een advies over arbeidsmigratie. ABU: lange-termijnvisie ontbreekt Peter Loef, van de ABU, heeft meer moeite met het rapport. “De analyses uit het rapport kloppen, maar er liggen al zoveel rapporten met mooie analyses over arbeidsmigratie. De grote vraag is wat er nu eindelijk gaat gebeuren. We zijn met elkaar al hard bezig de positie van arbeidsmigranten te beschermen, maar er is meer en iets anders nodig.” Vooral de aanname in het onderzoek dat je arbeidsmigratie kunt tegengaan door flexwerk – en vooral uitzendarbeid – te beperken, deelt de ABU niet. “Wat we missen, is een lange-termijnvisie over wat voor soort economie en arbeidsmarkt we willen voor Nederland. Pas daarna ga je bedenken welke aanpassingen in de arbeidsmarkt daarbij horen. Gaan we meer en langer werken, onderbenutting aanpakken, de productiviteit verhogen? En welk type arbeidsmigratie past daar bij? Vervolgens is het aan de uitzendbranche om die arbeid netjes te regelen.” Over dat netjes regelen bestaat geen discussie. De malafiditeit in de branche moet worden aangepakt, vindt ook de ABU. Op dat vlak zijn stappen gezet, maar nog lang niet genoeg. “Wat mij en onze leden stoort, zonder de misstanden te bagatelliseren – want iedere situatie is er een te veel – is dat de uitzendbranche telkens opnieuw geassocieerd wordt met wantoestanden. Terwijl we al zoveel aanbevelingen van de commissie Roemer in de praktijk hebben gebracht. Om te beginnen natuurlijk de invoering van de Wtta, en de intensivering van de handhaving door de Nederlandse Arbeidsinspectie, het verhogen van de boetes, het eerder strafbaar stellen en het stilleggen van bedrijven bij misstanden.” Maar de lijst is veel langer. Loef somt moeiteloos de belangrijkste mijlpalen op. “De scheiding van de arbeidsovereenkomst en de huurovereenkomst. De afspraken in de uitzend-cao, zoals gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden en het prijskwaliteit-systeem voor huisvesting en de overgangstermijn van vier weken dat nog gebruik mag worden gemaakt van de woonruimte bij einde van de arbeidsovereenkomst. De inkomensgarantie voor de eerste twee maanden bij een eerste keer verblijf in Nederland. De meldpunten bij gemeenten en het vangnet dat onze leden aanbieden als migranten zonder werk komen te zitten. We hebben heel veel dingen al georganiseerd, er gebeurt al zoveel. Het is jammer dat het onderzoek het daar niet over heeft. Belangrijkste advies zou zijn ontwikkel een visie op de toekomst van Nederland en ga dan een actieplan inrichten en publiek privaat aan de slag om daar te komen.” Paal en perk aan sluiproute voor derdelanders ‘Derdelanders’ die werken en verblijven in een andere lidstaat kunnen in Nederland worden gedetacheerd. Deze internationale detachering is de afgelopen tien jaar sterk toegenomen. In 2024 was 27% van de gedetacheerden afkomstig uit landen van buiten de EU/EER. Bij A1-verloning blijven werknemers die elders in de EU werken in hun ‘thuisland’ sociaal verzekerd. Dit doen werkgevers om loonkostenvoordeel te realiseren op basis van lagere sociale lasten in het thuisland. Derdelanders worden via sluiproutes naar gedetacheerd; zoals Indiërs via Portugal en Filippijnen via Duitsland. Paal en perk stellen aan deze sluiproute is essentieel, maar lastig, erkennen de onderzoekers. Dat neemt niet weg dat Nederland in de EU kan inzetten op aanpassingen van of nieuwe Europese regelgeving, en op betere samenwerking met andere Europese lidstaten. Het gaat dan bijvoorbeeld om verduidelijking van het juridisch kader rondom detacheringen van derdelanders; betere handhaving en normering omtrent A1 verklaringen; het versterken van grensoverschrijdende handhaving, bijvoorbeeld via de Europese Arbeidsautoriteit; en de inspanningen om EU-voorstellen op dit terrein zoals de EU-talentenpool, en afstemming van expatregelingen in verschillende landen op Europees niveau. Lees ook: Kabinet werkt aan uit- en inleenverbod voor sectoren met verhoogd risico op misstanden Arbeidsmigratie is nodig op weg naar de vergrijsde dynamische economie Aanpak misstanden arbeidsmigratie: komt oplossing tóch uit de polder? Frank van Gool blijft na afscheid pleitbezorger van arbeidsmigratie: “Wilders kan mijn telefoontje verwachten” Uitzendverbod? Laat eerst de Wtta zijn werk doen Tweede Kamer stemt in met toelatingsstelsel uitzendbranche (Wtta) Geplaatst in In de wereld, Politiek | Tags arbeidsmigratie, ETK-regeling, Kennismigranten | Reacties uitgeschakeld voor Advies arbeidsmigratie: sectoraal uitzendverbod en sturen op sectorsubsidies
Arbeidsdeelname nieuwkomers stijgt met 20% Geplaatst 11 juli 2025 door Redactie FlexNieuws Steeds meer nieuwkomers, van asielzoekers tot Oekraïense vluchtelingen, vinden de weg naar betaald werk. Dankzij krapte op de arbeidsmarkt én aangepaste regelgeving stijgt hun arbeidsparticipatie fors. Flexibele contractvormen en begeleiding via uitzendbureaus blijken daarbij belangrijk. Dat blijkt uit het vandaag verschenen rapport ‘Werkgevers weten nieuwkomers steeds beter te vinden’ van ABN AMRO. De bank verwacht dat het totale aantal werkende vluchtelingen in 2025 met 17.500 arbeidskrachten toeneemt, van ruim 88.000 in 2024 naar 105.000 in 2025. Dat is een stijging van twintig procent. De bank wijst op een combinatie van factoren voor die stijging: aanhoudende personeelstekorten, aangepaste wetgeving en betere toegang tot werk. Lees ook: ABN AMRO: ondanks krappe arbeidsmarkt stuwt de overheid de economie “De werkloosheid blijft naar verwachting laag, onder meer door vergrijzing. Intussen hebben bijna alle sectoren te maken met personeelstekorten”, zegt Mario Bersem, sectoreconoom Zakelijke Dienstverlening van ABN AMRO. “Daarnaast maakt gewijzigde wet- en regelgeving het voor nieuwkomers eenvoudiger werk te vinden. Door deze optelsom van factoren komt een groot deel van nu nog onbenut arbeidspotentieel in beeld, wat kansen biedt in veel sectoren en wat goed is voor de Nederlandse economie.” Regelgeving maakt verschil De impact van beleid is het duidelijkst zichtbaar bij Oekraïense vluchtelingen. Zij mogen sinds 2022 vrijwel direct aan het werk dankzij de Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming. Dat heeft effect: eind 2024 werkte bijna 60 procent van de Oekraïense vluchtelingen in Nederland, ruim 55.000 mensen. In 2025 groeit dit aantal naar verwachting naar 65.000 (+18%). Ook het aantal werkende asielzoekers stijgt snel. Door het vervallen van de zogenoemde 24-wekeneis, die voorheen bepaalde dat asielzoekers maximaal 24 weken per jaar mochten werken, kon hun arbeidsparticipatie verdrievoudigen: van 2.500 in 2023 naar ruim 8.000 in 2024 (+200%) volgens de cijfers van UWV. Voor 2025 wordt een extra groei van 25 procent verwacht. Statushouders (vluchtelingen met verblijfsvergunning) profiteren op hun beurt van de Wet inburgering 2021, die nadrukkelijk inzet op arbeidsparticipatie. In 2025 zullen naar verwachting 5.500 statushouders toetreden tot de arbeidsmarkt, een stijging van 22 procent ten opzichte van vorig jaar. Flexsector als opstap naar duurzame banen Met name de uitzendsector speelt een sleutelrol in de eerste stappen van nieuwkomers op de arbeidsmarkt. In sectoren met veel instapbanen, zoals de horeca, schoonmaak en groenvoorziening, blijken flexibele contractvormen de ideale opstap naar duurzame participatie. Werkgevers starten volgens het rapport vaak met tijdelijke contracten, maar schakelen snel op zodra blijkt hoe gemotiveerd en betrouwbaar deze medewerkers zijn. Lees ook: Eén op de vijf migranten benut arbeidspotentieel niet Uit UWV-data blijkt dat 53 procent van de Oekraïense vluchtelingen in Nederland voltijds werkt, met name in sectoren als horeca, landbouw, schoonmaak, groenvoorziening, detailhandel en logistiek. Hoe langer ze in Nederland zijn, hoe vaker ze meerdere banen combineren en hoe hoger hun gemiddelde uurloon wordt (van €15 naar €16 na een jaar). Ook groeit het aandeel met een tijdelijk of vast dienstverband ten koste van het aantal uitzendkrachten. Interne acceptatie bij werkgevers blijft cruciaal. HR-teams en leidinggevenden moeten worden meegenomen in het proces. Veel bedrijven investeren daarom in trainingen over diversiteit en inclusieve aansturing. Goede begeleiding blijkt de sleutel tot succes, niet alleen voor de nieuwkomer, maar ook voor het bestaande team. Kweekvijver van nieuw talent Want het arbeidspotentieel van asielzoekers en statushouders is nog lang niet volledig benut. ABN AMRO ziet hier grote kansen voor werkgevers, zeker in sectoren met structurele tekorten zoals de horeca, logistiek, schoonmaak en de zorg. Werkgevers die investeren in begeleiding van nieuwkomers, bijvoorbeeld in samenwerking met uitzendbureaus en HR-dienstverleners, kunnen zo een kweekvijver van talent aanboren. “Dat biedt niet alleen oplossingen voor personeelstekorten, maar is ook goed voor de integratie van nieuwkomers”, zegt Bersem. Een goed voorbeeld van gerichte inzet op arbeidsparticipatie is het Reboot-programma van ABN AMRO. Dit programma koppelt statushouders aan managers binnen de bank. Bij een goede match volgt een betaalde functie. Sinds de start zijn 126 mensen geplaatst, van wie 75 procent nog altijd bij de bank werkt. “Waar veel werkgevers vanwege een gat in het cv afhaken, is dat bij Reboot geen probleem”, zegt Nicole Böttger, Hoofd Diversity, Equity & Inclusion van ABN AMRO. Met gerichte coaching en opleidingen biedt de bank nieuwkomers structurele kansen om hun loopbaan op een passend niveau voort te zetten. Geplaatst in Branchenieuws, In de branche | Tags ABN AMRO, arbeidsdeelname, vluchtelingen | Reacties uitgeschakeld voor Arbeidsdeelname nieuwkomers stijgt met 20%
PageGroup weer eerste met Q2-cijfers, iets sterkere krimp dan in Q1 Geplaatst 10 juli 2025 door Wim Davidse De PageGroup is weer de eerste beursgenoteerde staffing company met kwartaalcijfers. Net als bij de vorige kwartaalcijfers twee belangrijke kanttekeningen bij deze Page-cijfers. Ten eerste: de groep is een ietwat vreemde eend in de flex-bijt: uitzenden, detacheren en zzp-bemiddeling (Temporary, Temp) zijn relatief onbelangrijk voor de groep, goed voor minder dan een derde van de totale mondiale brutomarge. Permanent (Perm, recruitment voor vast) is goed voor 70%; bij Randstad is dat ongeveer 16% – de business- en verdienmodellen verschillen dus aanzienlijk. Ten tweede: de groep rapporteert geen omzetcijfers, maar de bruto marge. Maar omdat PageGroup als eerste beursgenoteerde corporate z’n kwartaalcijfers publiceert, is het toch interessant om te bekijken hoe het ze is vergaan. (Uit hun Financial Information blijkt overigens dat in de afgelopen 5 jaren hun bruto marge ongeveer 50% van hun omzet bedroeg – een hoog percentage dat kan worden teruggevoerd op het grote aandeel Permanent in hun business.) Gecorrigeerd voor wisselkoersen, werkbare dagen en dergelijke, is de totale mondiale bruto marge in Q2 met -10,5% gekrompen ten opzichte van een jaar eerder. In Q1 was dat nog -9,2%, een hele verbetering ten opzichte van de -13,0% in Q4 van 2024 – een soort van stagnatie dus, bij de groep. De Permanent-marge kromp harder dan de Temporary-marge: -11,3% om -8,2%. De wereldwijde bruto marge van de groep zakte daarmee naar 194,8 miljoen Britse ponden, momenteel bijna 226 miljoen euro. Ter vergelijking: de mondiale bruto marge van Randstad NV en van Adecco Group was vorig jaar ongeveer 5 keer zo groot. Die krimp ligt zeker niet aan de VS (+14% in Q2), India (+13%), Zuid-Oost Azië (+10%) of Hong Kong (+16%) en des te meer aan de voor de groep belangrijke landen Frankrijk (13% van de groep) en Duitsland (12% van de groep): daar kromp de bruto marge in Q2 met een duizelingwekkende -20% respectievelijk -21%. Beide landen zijn, net als Nederland, onderdeel van de EMEA-regio (Europa, Midden-Oosten en Afrika), die in Q2 nog goed was voor 53% van de totale groeps-marge (Q1: 55%), na een krimp van -17,1% (Q1: -12,0%). Over de ontwikkelingen in Nederland, België, Benelux ineens geen woord – wat dat betekent, na de enorme krimp in de loop van vorig jaar en de wat minder sterke krimp in Q1, is niet duidelijk. De omzet in de ABU Marktmonitor groeide in Q2 met +1,5%. Verder is er nu nog niets over andere omzetontwikkelingen in Q2 bekend, daarover veel meer in de komende zomerweken. Geplaatst in Bedrijfsnieuws, In de branche | Tags krimp, Page Group, Wim Davidse | Reacties uitgeschakeld voor PageGroup weer eerste met Q2-cijfers, iets sterkere krimp dan in Q1
Is impact van AI al zichtbaar in de flexbranchecijfers in het eerste halfjaar van 2025? Geplaatst 10 juli 2025 door Wim Davidse De cijfers uit de ABU Marktmonitor tot en met periode 6 laten een voorzichtig herstel van de uren en de omzet zien in de loop van de eerste helft van 2025, zeker in de tweede helft van het tweede kwartaal. Dat ABU-herstel komt eigenlijk zo goed als volledig voor rekening van de Industrie-uren – de Techniek-uren krimpen nog steeds sterk en de Administratie-uren nóg sterker. Die drie verschillende ontwikkelingen heb ik al vaker benadrukt en verklaard. Straks meer daarover, nu eerst even uitzoomen naar de eerste symptomen van de impact van AI op de arbeidsmarkt. Werkloosheid jongeren relatief sterk gestegen, is dat nu al vanwege AI? Generatieve AI zal naar verwachting vooral startersbanen onder druk kunnen gaan zetten. Zien we daar al iets van? De afgelopen maanden lag de werkloosheid in Nederland rond de 3,8%. De laagste werkloosheid noteerden we in april 2022, dus inmiddels ruim 3 jaar geleden: 3,2%. Sindsdien is deze totale werkloosheid – van iedereen tussen 15 en 75 jaar oud, want dat is de leeftijdsdefinitie van de beroepsbevolking –dus met +0,6 procentpunt gestegen. Bij de groep van 25-45 jarigen was dat +0,3 procentpunt tot een niveau van 3,1% in mei van dit jaar, en bij de groep van 45-75 jarigen was dat +0,2% tot een werkloosheid van maar 2,3%, afgelopen mei. Onder jongeren, de 15-25 jarigen, groeide de werkloosheid echter met een fikse +1,9 procentpunt, van 6,9% naar 8,8%; dat was dus relatief sterk. Sterker nog: inmiddels beleven we de langste (gelukkig vooralsnog niet de heftigste) periode van een stijgende jongerenwerkloosheid in deze 21e eeuw – en dat terwijl we vóór 2022 drie gigantische crises hebben beleefd in deze eeuw: de hypotheken- en bankencrisis, de eurocrisis en de coronacrisis (en we zijn deze eeuw begonnen met een ruim twee jaar durende economische stagnatie, na de internetbubbleburst en de aanval op de Twin Towers). Zou dit dus inderdaad al het begin van de voorspelde impact van AI zijn, die startersbanen zou gaan laten verdwijnen – en dan met name van hoogopgeleiden? AI of toeval? Het is nu opletten geblazen Het antwoord op die vraag is nu natuurlijk nog niet duidelijk, maar er wordt zoals gezegd de laatste tijd veel over geschreven en gesproken, over die AI-klap voor startersbanen en dan met name die van hoogopgeleide starters, en dat is natuurlijk heel goed beredeneerbaar. In de CBS-kwartaalcijfers zien we inmiddels de volgende feiten. De werkloosheid is sinds het 2e kwartaal van 2022 relatief het hardst gestegen bij … hoogopgeleiden. Hun werkloosheid was met 3,2% in het 1e kwartaal van dit jaar (ze zijn niet per maand beschikbaar, en nog niet voor het 2e kwartaal) weliswaar lager dan die van middelbaar en basisgeschoolden (3,7% resp. 6,1%), maar dat was na een stijging van liefst +28% in die bijna 3 jaar (bij de middelbaar en basisgeschoolden was dat met +20% resp. +16% duidelijk minder; totaal gemiddeld was de stijging van de werkloosheid +21%). Die sterke stijging onder de hoogopgeleiden kwam daarbij ook nog bijna volledig voor rekening van de personen tot 35 jaar: onder hoogopgeleiden in de leeftijdscategorie 25-35 jaar steeg het werkloosheidspercentage met een enorme +38%, onder hoogopgeleiden van 15-25 jaar (de starters) zelfs met +86%… Nog een bijzondere ontwikkeling: sinds eind 2022 is het werkloosheidspercentage van middelbaar opgeleiden van 15-25 jarigen elk kwartaal láger dan dat van de hoogopgeleiden onder de jongeren – een nieuw verschijnsel, dat al dan niet toevallig parallel loopt aan de introductie en opmars van ChatGPT en generatieve AI… Eind juli publiceert het CBS de statistieken over het 2e kwartaal, waarmee we kunnen zien of deze ontwikkelingen zich doorzetten. AI-druk ook al op de flexbranche? Hier zoom ik even in op de keihard geraakte Administratieve medewerkers en de Administratieve uitzenduren. AI zal volgens de verwachtingen niet alleen relatief veel impact hebben op (hoogopgeleide) startersbanen, maar onder andere ook op administratief-financieel-economisch werk. De feiten over dat werk zijn nu al indrukwekkend, en veelzeggend. Zo is het totale aantal personen die als Administratief medewerkers werken na 2008 keihard gekrompen, stabiliseerde toen min of meer tot in de coronacrisis, en krimpt inmiddels weer hard. In totaal is die groep méér dan gehalveerd (de totale werkgelegenheid groeide met zo’n 15%!). Het aantal uitzendkrachten die als Administratief medewerker werken is sinds 2008 ruim door de helft (het totale aantal uitzendkrachten inclusief gedetacheerden (de D in de grafiektitel) ligt na veel krimp, groei en weer krimp op grofweg hetzelfde niveau als in 2008). In de ABU Marktmonitor krimpt het aantal Admin-uren in de meeste kwartalen sinds 2008, en momenteel inmiddels alweer bijna 4 jaar hard en onafgebroken. In de 4-5 jaren na 2008 was het zo dat Administratief werk waar voorheen uitzendkrachten voor werden ingehuurd, met name op lager niveau, in hoog tempo verdween door digitalisering en door offshoring. En nu, nu komen de enorme mogelijkheden van kunstmatige intelligentie (AI) dat werk verder onder druk zetten. Administratief personeel was in 2008 de grootste categorie van uitzendkrachten & gedetacheerden en omvatte er 24,7% van – nu is dat nog maar 13,6%. Misschien dat ChatGPT weet waar dit de komende jaren naartoe tendeert. Waarschuwing: zet AI in als versterker, niet als vervanger, nu de vergrijzing in turbostand komt De afgelopen anderhalf à twee jaar hebben steeds meer uitzend- en (vooral) detacheringsbureaus en zzp-bemiddelaars gemerkt dat inleners minder enthousiast waren voor onervaren kandidaten. Na de super drukke jaren 2021-2022 werd het steeds meer pauze op de arbeidsmarkt, volgens veel werk- en opdrachtgevers een mooie context om de onervarenheid van junioren minder makkelijk door de vingers te zien. Maar anderzijds is dit mogelijk al het voorsorteren op de volgende fase van digitalisering: AI – dat werk van die starters, laat dat maar door AI uitgevoerd worden. Starters en “hun” flexbureaus zullen dus veel nadruk moeten leggen op hun digital & AI skills, hun social skills als samenwerken en een goed gesprek kunnen voeren, en hun turbulence skills als kunnen omgaan met veranderingen en onzekerheden, kritisch denken, systeemdenken en initiatief tonen. Tegelijk moeten opdrachtgevers zich ook realiseren: nu minder jongeren aannemen doordat hun werk (gedeeltelijk) kan worden overgenomen door AI gaat later problemen opleveren – nu geen junioren, dan heb je straks geen medioren en senioren, en nu al direct minder digital savvy mensen in je personeelsbestand. Zie AI daarom niet als vervanger, maar als versterker: starters kunnen moeilijkere taken aan met AI – als dan binnenkort die vergrijzende senioren uitstromen, want dat gaat onvermijdelijk en onverbiddelijk gebeuren, staan de moderne opvolgers direct klaar. Geplaatst in AI, In de cloud | Tags ABU, AI, arbeidsmarkt, starters | Reacties uitgeschakeld voor Is impact van AI al zichtbaar in de flexbranchecijfers in het eerste halfjaar van 2025?