Mijlpaal Wtta: aangenomen door de Tweede Kamer. En nu? Geplaatst 24 april 2025 door Tugba Karabulut Het zal duidelijk zijn dat wij niet blij zijn met sommige aanpassingen, zoals de sectorale uitzonderingen en de uitbreiding van het normenkader met een extra verplichting m.b.t. de registratie van arbeidsmigranten. Dit zijn aanpassingen die in de voorbereiding van het wetsvoorstel bewust niet zijn opgenomen, omdat ze het gelijke speelveld ondermijnen en ineffectief zijn. We zijn bovendien teleurgesteld dat in het wetsvoorstel expliciet is opgenomen dat een uitzendverbod tot de mogelijkheden behoort. We zullen dan ook blijven uitleggen waarom een uitzendverbod niets doet verdwijnen, behalve het draagvlak voor de Wtta. Aan de andere kant is de Tweede Kamer gekomen met een waarborg voor de kosten van de toelating, in de vorm van een maximumbedrag voor de leges. Dit bedrag kan overigens worden verhoogd als dat noodzakelijk is voor een goed functionerende Toelatende Instantie — iets waar ondernemers veel belang bij hebben, omdat zij de dupe kunnen worden als die instantie niet goed functioneert. Ook wordt de wet eerder dan gepland, namelijk na drie jaar, geëvalueerd, met specifieke aandacht voor de werkbaarheid van de normeisen. Daarnaast heeft de Tweede Kamer belangrijke moties aangenomen waarin wordt gevraagd om minder regeldruk en aparte rapportages over de opbouw van de kosten. De behandeling van de Wtta in de Tweede Kamer is afgerond, maar het wetsvoorstel heeft nog een lange weg te gaan. Het is nu aan de Eerste Kamer om het wetsvoorstel, conform haar kerntaak, te toetsen op rechtmatigheid, uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid. Dat zijn belangrijke toetsingscriteria voor ons en zouden dat ook moeten zijn voor iedereen die wil dat de doelen van de Wtta worden bereikt. Daarna is het aan de Toelatende Instantie om aan de slag te gaan en — heel belangrijk — aan de Arbeidsinspectie om te handhaven. Zonder effectieve handhaving zal de Wtta mislukken. Regels die niet worden gehandhaafd, leveren weinig op. Maar als ondernemingen zonder toelating (en de daarmee gepaard gaande kosten) vrolijk actief kunnen zijn op de markt, geeft de overheid hen ook nog eens een concurrentievoordeel cadeau. Handhaving wordt dus belangrijker dan ooit. Verder is het natuurlijk aan ondernemers om zich voor te bereiden op alle nieuwe verplichtingen. Daar blijven wij onze leden uiteraard bij ondersteunen. Maar nu is het eerst wachten op de invoeringsdatum, die voor het einde van deze maand bekend zal worden gemaakt. Het zou goed zijn als de minister met een realistische datum komt, zodat het risico op uitstel zoveel mogelijk wordt beperkt. We zullen het snel genoeg weten. Geplaatst in Branchenieuws, In de branche | Tags ABU, Wet TTA, WTTA | Reacties uitgeschakeld voor Mijlpaal Wtta: aangenomen door de Tweede Kamer. En nu?
De FlexNieuws TOP 100 van 2025: met alle (record)cijfers, toppers en inzichten Geplaatst 23 april 2025 door Wim Davidse De omzetgroei bedroeg net iets meer dan 2 procent, in een context van een langzaam opkrabbelende economie, blijvende grote krapte op de arbeidsmarkt, een zeer actieve wetgever en volop geopolitieke en geo-economische spanningen. In een serie artikelen gaan we een aantal van hen en hun keuzes beter leren kennen, maar hier beginnen we met een overzicht. Minder groei, meer krimpers, meer bureaus, veel versnippering, en records De totale Nederlandse flexbranche – in de statistieken aangeduid met de Standaard Bedrijfsindeling (SBI) code 78 – is in 2024 jaar gegroeid naar een totale omzet van 47,229 miljard euro. Wederom de grootste omvang ooit gemeten, na een groei van 2,1% ten opzichte van 2023. (In 2023 was de totale omzetgroei nog 6,1%.) Dat enorme bedrag werd gerealiseerd door het niet minder aanzienlijke aantal van zo’n 19.936 flexbureaus (het gemiddelde aantal in de 4 kwartalen van 2024), een groei van liefst 9,4% ten opzichte van 2023. In het derde kwartaal groeide het aantal flexbureaus naar 20.085, de eerste keer dat de 20.000-drempel werd geslecht. De gemiddelde omzet per bureau was daarmee in 2024 grofweg 2,37 miljoen euro, in 2023 was dat met 2,54 miljoen euro ietsjes meer. Iedereen die de kwartaalcijfers van de grote internationale beursgenoteerde staffing companies zoals Randstad, Adecco Group, ManpowerGroup en Brunel een beetje volgt, ziet dus telkens heel veel euro’s, en maar een fractie van de bureaus voorbij komen. Er zijn inderdaad maar “een paar” grote tot heel grote bureaus, enige tientallen middelgrote en duizenden kleine tot heel kleine bureaus. Dat beeld bevestigen we ook met onze tweede FlexNieuws TOP 100. Onze TOP 100 was in 2024 in totaal goed voor 22,868 miljard euro (22,112 miljard in 2023), dus bijna de helft (iets meer dan 48%) van de omzet van de totale flexbranche, met maar een fractie (0,49%) van alle flexbureaus. En binnen onze TOP 100 was de TOP 10 goed voor 58% van de TOP 100 (praktisch gelijk aan 2023), ofwel 28% van de totale flexbranche-omzet. Kortom, de flexbranche lijkt een sector die wordt gedomineerd door een paar alom bekende reuzen, maar is eigenlijk vooral sterk versnipperd en enorm dynamisch, met veel ruimte voor totaal verschillende, gedreven ondernemers. Lees ook dit artikel van Wim Davidse: Arbeidsmigratie is nodig op weg naar de vergrijsde dynamische economie In de TOP 100 zitten dit keer 34 bureaus die hun omzet in 2024 zagen krimpen, in de vorige TOP 100 waren er nog maar 21 krimpers. Desalniettemin: de nummer 100 boekte de grootste omzet ooit van een nummer 100, namelijk bijna 20 miljoen euro. Randstad nog net de grootste, voelt de adem van HeadFirst Group Natuurlijk was in 2024 Randstad weer het grootste flexbureau van Nederland. Met een omzet van 3,008 miljard euro bleven zij de nummer 2 HeadFirst Group Nederland voor – maar niet meer zo heel erg ver. Dus voor het eerst in decennia kunnen we niet meer zeggen: was Randstad weer veruit het grootste flex-concern van Nederland. Want de HeadFirst Group groeide in 2024 wederom keihard (17,5%, na 17,3% in 2023), naar 2,656 miljard euro, waar Randstad in Nederland juist de omzet met -7,1% zag krimpen, na al -9,4% krimp in 2023. Dus waar het omzet-gat tussen de twee in 2022 nog liefst 1,6 miljard euro was, bedroeg dat in 2024 nog net wat meer dan 300 miljoen euro. Ik ben nu al benieuwd naar de omzetten in 2025! Als gevolg hiervan daalde het Nederlandse marktaandeel van de Randstad-groep van 8,1% in 2022 via 7,0% in 2023 naar 6,4% in 2024. Ook de andere aloude, gevestigde namen – RGF Staffing, ManpowerGroup en Adecco Group, samen met Randstad de Traditionele Vier – hadden het weer moeilijk in 2024: allemaal zagen zij hun Nederlandse omzet een beetje tot stevig krimpen. De 100 flexbureaus in de FlexNieuws TOP 100 groeiden in 2024 samen 3,4%, dus meer dan de totale flexbranche (zoals gezegd: 2,1%), en dat relatief hoge groeitempo werd gerealiseerd ondanks de gezamenlijke krimp van de Traditionele 4 van -7,2%. De overige 96 in onze TOP 100 groeiden samen met 6,5%, nog duidelijker harder dan de flexbranche als geheel. RGF Staffing NL was in 2018 na zeker 15 jaar voor het laatst de op één na grootste groep in Nederland, gemeten in omzet, en al wel op enorme afstand van Randstad. In 2019 zakte RGF Staffing voor het eerst naar de derde plek, voorbij gestreefd door HeadFirst Group. In 2024 zakte RGF Staffing naar de 8e plek in onze TOP 100, van de 5e in 2023. In 2024 werd de groep ingehaald door Circle8 Group, door PROMAN (met Timing en Luba) en door OTTO Work Force. Daarmee lijkt de daling in de lijst voorlopig voorbij, want de nummers 9 en 10 op de lijst, Nash Squared en Maandag, realiseerden een Nederlandse omzet die vooralsnog honderden miljoenen euro’s kleiner is dan die van RGF Staffing. De derde krimper in de TOP 10 was – voor het eerst – House of HR Nederland: na nog meer dan 11% groei in 2023 was er in 2024 een lichte omzetkrimp van -1,6%, naar 1,331 miljard euro. Inmiddels zijn Pro-Industry en Wolfram Chain overgenomen door de groep, dus mogelijk is de weg terug naar groei alweer ingeslagen. De 90 bureaus buiten de TOP 10 groeiden samen met 3,6% – vorig jaar was dat nog 7,3%. De wet van groei en grootte Natuurlijk bestaan er grote verschillen tussen de flexbureaus in onze TOP 100. We hebben onze lijst daarom weer op drie manieren gesegmenteerd, om die verscheidenheid zo goed mogelijk in beeld te kunnen brengen. Om te beginnen hebben we de 100 bureaus gerangschikt van grootste omzet naar kleinste omzet, en ze vervolgens in vijf omzetklassen geclusterd. In de grafiek zijn de omzetklassen weergegeven, en het totale groei- of krimppercentage per klasse. Een snelle blik op de grafiek suggereert natuurlijk weer: hoe groter, hoe minder groei. De snelst groeiende omzetklasse is die van maximaal 50 miljoen euro omzet per bureau of groep / concern in 2024. Voor de volledigheid moet daarbij wel worden opgemerkt, dat het kleinste bureau uit die kleinste omzetklasse bepaald niet klein was, want dat boekte op een paar ton na 20 miljoen euro omzet in 2024. In deze kleinste omzetklasse zitten nu 38 bureaus. Hard groeien gaat natuurlijk makkelijker als je nog relatief klein bent en al wel een basis hebt gelegd. Als je al (heel) groot bent, blijkt sterk groeien doorgaans een heel stuk ingewikkelder. Een aanvullende verklaring is dat een omzetniveau tussen 20 en 50 miljoen euro omzet per jaar, want daar komt het in deze klasse nu dus feitelijk op neer, een fraaie symbiose biedt van ondernemerschap en professionalisering. Te veel ondernemerschap kan leiden tot chaos, te eenzijdige aandacht voor professionalisering onderdrukt het ondernemerschap. Het vinden en onderhouden van synergie tussen ondernemerschap en professionaliteit is een cruciale component voor het recept voor succes. En makkelijker gezegd dan gedaan. Orion Engineering kwam in 2023 nipt binnen in de omzetklasse van 50-100 miljoen euro omzet, maar is in 2024 weer teruggezakt naar de klasse < 50 miljoen. Haldu Groep zakte in 2023 net door de grens van 20 miljoen euro omzet. Vier bureaus zijn in 2024 “gepromoveerd” naar de grotere klasse van 50-100 miljoen euro omzet: Bluetrail, TecqGroep, Maqqie en Staan. Gek genoeg groeide de omzetklasse van 200 tot 500 miljoen euro omzet in 2024 duidelijk het minst; maar de verklaring daarvoor is duidelijk: hierin zitten “toevallig” een paar bureaus van het type Groot generiek, en daar vielen relatief harde klappen. Vooral de enorme omzetkrimp van Adecco Group (geraamd op -14%) en de nog grotere omzetkrimp van YoungCapital (The Works) vallen op. Die laatste groep, de groeikampioen van het vorige decennium, is in 2024 met maar liefst -17,0% gekrompen (na al -9,8% in 2023 en -11,0% in 2022), en daardoor ook uit de TOP 10 gevallen, naar nummer 13. Groot generiek is ook stevig vertegenwoordigd in de omzetklasse met meer dan 500 miljoen euro omzet in 2024, maar in die klasse zitten ook twee heel hard groeiende leden uit het typesegment Broker/MSP/Employer of Record (EOR) én een groot, hard groeiend specialistisch uitzendbureau. (De typesegmenten komen later in dit artikel aan bod.) Elke omzetklasse heeft een flexbureau dat in 2024 harder groeide dan de rest in die klasse. Dit zijn onze FlexNieuws KLASSETOPPERs. We presenteren ze in de tabel. Ook vermelden we het laagste groeicijfer in elke omzetklasse; zo wordt duidelijk dat er in elke omzetklasse aanzienlijke variaties in groeisnelheden waren. Maar natuurlijk eerst: gefeliciteerd FlexNieuws KLASSETOPPERs! Op herhaling: ook vorig jaar waren Hero, Flextender en OTTO Work Force al KLASSETOPPER. Ook is weer zichtbaar dat geen enkele omzetklasse is gevrijwaard van omzetkrimp. Klein of groot: krimp is altijd mogelijk. In een ander artikel gaan we dieper in op de opvallende inzichten in deze branchesegmentatie, en gaan we in gesprek met onze KLASSETOPPERs. Typen flexbureaus en hun groei Als we de TOP 100 clusteren naar de verschillende typen flexbureaus, worden de groeiverschillen tussen de segmenten groter. Je zou dus (voorzichtig) mogen vaststellen dat bureautype meer invloed heeft op het groeipotentieel dan de huidige omvang van het flexbureau – een belangrijke strategische constatering. (Een multi-specialist definiëren wij als een groep / concern van flexbureaus die elk hun eigen specifieke markt bedienen met een eigen (merk)naam. Generieke bureaus bedienen een veelheid aan marktsegmenten met één (merk)naam dan wel concernnaam; het verschil tussen generiek en groot generiek wordt bepaald door minder respectievelijk meer dan 200 miljoen euro omzet in 2024.) Het sterkst groeiende type flexbureau was net als vorig jaar het segment van de Brokers & Managed service providers (Msp’s) & Employers of record (EOR), met een gezamenlijke omzetgroei van 12,2% (nog 18,2% in 2023). De zzp-bemiddeling groeide nu nog wat harder dan in 2023 (toen 8,8%), de gespecialiseerde uitzendbureaus (het grootste typesegment, met 38 bureaus uit de TOP 100) juist wat minder hard (9,7% in 2023). De detacheringsbureaus (18 bureaus in de TOP 100) en de multi-specialisten groeiden aanzienlijk minder hard dan het jaar daarvoor: 1,8% versus 10,3% een jaar eerder, respectievelijk 2,8% versus 8,6% in 2023. De gezamenlijke omzet van de generieke uitzendbureaus groeide met 7,0% duidelijk harder dan een jaar eerder (toen nog 1,3%). In dit typesegment, met 8 bureaus / groepen, zitten 3 krimpers, 2 kleine groeiers en 3 (zeer) stevige groeiers: EU-Roots Uitzendbureau (14,1% omzetgroei), Gi Group Holding (33,1%) en 365Werk (47,4%). Het typesegment Groot generiek kromp in 2024 wat minder hard dan in 2023 (toen -7,3%). In dit segment zitten 9 bureaus / groepen, waaronder 7 krimpers en maar 2 groeiers. PROMAN Group zag de omzet met 5,3% groeien, Carrière met liefst 38,1%. Het segment van de HR- & backofficedienstverleners kromp nu wat harder (-1,5% in 2023). In dit kleine segment (maar 3 bureaus) komt de krimp volledig voor rekening van Staff capital (-23,0%, na -15,5% in 2023), mooie tot heel mooie groei was er voor Please (7,8%, 15,1% in 2023) en BackOfficer (16,3%, 21,9% in 2023). Elk bureautype heeft een flexbureau dat in 2024 harder groeide dan de rest, onze FlexNieuws TYPETOPPERs. In combinatie met het laagste groeicijfer in elk typesegment wordt duidelijk dat er in elk typesegment aanzienlijke variaties in groeisnelheden waren. En natuurlijk ook hier: gefeliciteerd FlexNieuws TYPETOPPERs! Ook in deze clustering is geen enkel segment gevrijwaard van krimp, met uitzondering van de Brokers / Msp’s / EOR. In een ander artikel gaan we dieper in op de opvallende inzichten in deze branchesegmentatie, en gaan we in gesprek met onze TYPETOPPERs. Ten slotte wordt duidelijk dat de grote generieke bureaus en de Brokers/Msp’s/EOR de meeste omzet boeken: samen waren zij in 2024 goed voor 59% van de omzet in de TOP 100 (was 60% in 2023). Segmentatie naar doelgroep Tot slot kunnen we de TOP 100 ook nog segmenteren naar de doelgroep(en) waarin flexbureaus zich specialiseren; bij deze segmentatie zijn de groeiverschillen ook indrukwekkend, dus ook strategisch relevant. Het snelst groeiende segment bestond uit flexbureaus gefocust op Finance (in 2023 nog 26,9% groei). Sterke omzetgroei was er ook voor de bureaus gericht op Logistiek (& Retail), Publieke sector (overheid, onderwijs en/of zorg), IT en Agro / Groen / Food. In de segmenten Tech en Industrie lag de omzetgroei rond de 5%, dus ook nog duidelijk hoger dan de gemiddelde marktgroei. Opmerkelijk genoeg lieten de bureaus die zich op het bemiddelden van hoogopgeleiden richten (vooral detacheringsbureaus en zzp-bemiddeling) als enige specialisatie een omzetkrimp zien; in 2023 was de groei daar nog 12,5%. Van de 6 bureaus / groepen die in dit segment vallen, zijn er 5 gekrompen in 2024. Mogelijk is die specialisatie niet specifiek genoeg. Ook het IT-segment vertoont een beeld met een hoge standaarddeviatie: van de 7 bureaus / groepen in dit segment zijn er 4 licht gekrompen (tussen de -2 en -3%), 1 licht gegroeid (5,2%) en 2 hard gegroeid (beide ruim 33%). Van de 13 bureaus in Tech zijn er 7 gegroeid en 6 gekrompen. In Bouw (& Tech) zijn er 2 van de 8 bureaus / groepen behoorlijk gekrompen (-5 tot -9%) en 1 hard gekrompen (-24,7%). Ook elke doelgroepspecialisatie heeft een flexbureau dat in 2024 harder groeide dan de rest, onze FlexNieuws DOELGROEPTOPPERs. In combinatie met het laagste groeicijfer in elke doelgroep wordt duidelijk dat er in elk segment aanzienlijke variaties in groeisnelheden waren. En natuurlijk ook nu: gefeliciteerd FlexNieuws DOELGROEPTOPPERs! En ook in deze clustering bevatten meerdere segmenten een of enkele flexbureaus die hun omzet in 2024 zagen krimpen. In een separaat artikel gaan we dieper in op de opvallende inzichten in deze branchesegmentatie, en gaan we in gesprek met onze DOELGROEPTOPPERs. Specialiseren is wel verstandig maar niet voldoende Die conclusie is dit jaar nog duidelijker dan vorig jaar: ook kleinere generieke bureaus kunnen (nog steeds) heel hard groeien, zo blijkt uit onze analyse van de FlexNieuws TOP 100, jaargang 2025. In onze turbulente, gigantische flexbranche, waar in 2024 uiteindelijk zelfs meer dan 20.000 flexbureaus samen meer dan 47 miljard euro omzetten, zijn op z’n minst een paar interessante zaken zichtbaar. Zo was onze FlexNieuws TOP 100, met dus maar 0,49% van alle flexbureaus, goed voor 48% van de totale branche-omzet. Uit de analyse van die TOP 100 blijkt dat dubbel specialiseren loont, of je nou uitzendbureau, detacheringsbureau, zzp-bemiddelaar, broker, msp of HR- & backofficedienstverlener, klein of groot bent, op welke doelgroep je je ook richt. Heel simpel gezegd: kies een business model, kies een doelgroep – en wees daar goed voor. Maar dat is dus nog niet het hele verhaal. Ook dit jaar is het heel duidelijk geworden: dubbel kiezen is niet genoeg, want bijna elk segment kende ook in 2024 relatief trage groeiers en zelfs krimpers, en ook generieken kunnen keihard groeien! Het gaat óók om gezamenlijke ambitie, wilskracht, daadkracht en organisatiekracht. Werk daarom continu aan een paradoxale, magische mix van ondernemerschap en professionaliteit. De komende weken en maanden gaan we daarover – en meer – in gesprek met onze KLASSETOPPERs, TYPETOPPERs en DOELGROEPTOPPERs, waarover je hier dan natuurlijk alles kunt lezen. Download het rapport Future proof ondernemen in de wereld van flex hier. Geplaatst in Flexdata, In de branche | Tags FlexNieuws TOP 100, omzetcijfers, omzetgroei | Reacties uitgeschakeld voor De FlexNieuws TOP 100 van 2025: met alle (record)cijfers, toppers en inzichten
Kansen voor flex in woelige wereld van werk Geplaatst 23 april 2025 door Arthur Lubbers ‘Umwertung aller werte’, oftewel de omkering van alle waarden – historicus Han Mesters haalt filosoof Nietzsche aan om duidelijk te maken dat we in een gekke tijd leven waarin de (flex)wereld op z’n kop staat. “Al die prognoses die zijn gemaakt, maak er maar een prop van en gooi ze in de prullenbak.” Mesters wijst als eerste op de hectische geopolitieke ontwikkelingen. “Neem Amerika waar sinds januari Trump aan de macht is. Het vertrouwen van de consument en ondernemers stort in. Twee maanden geleden werd nog gesproken over een briljante economie en nu over een grote recessie die aanstaande is.” We leven volgens Mesters in een ruige wereld van steeds meer autarkische machtsblokken (met een beginnende tarievenoorlog) waarin een cyberoorlog gaande is. Handelsstromen veranderen en de wereldwijde economische groei staat onder druk. Te weinig groei voor uitzendsector Deze dreiging raakt ook de flexbranche in Nederland. De werkloosheidsprognose is voor dit jaar 3,8% en volgend jaar 4,1%. Blijvend krap dus. En de verwachte economische groei in ons land is 1,8% dit jaar en 1% volgend jaar. Dat is niet veel. Misschien valt deze hoger uit door overheidsinvesteringen (in Defensie bijvoorbeeld). Maar ook daarover heerst onder economen grote onzekerheid. Die beperkte groei, gecombineerd met de krapte, is te weinig om de uitzendsector weer uit het dal te laten kruipen, weet ook FlexNieuws-hoofdredacteur Wim Davidse*. “Over het algemeen heb je zeker 2% economische groei nodig. Een paar kwartalen lang. Dan merken ondernemers dat ze het werk niet aan kunnen en mensen nodig hebben. En dan is de eerste stap doorgaans uitzendkrachten inzetten. Bij langzame groei hebben bedrijven niet zo snel uitzendkrachten nodig.” Defensie-industrie als aanjager Maar als die 800 miljard euro vanuit de EU in Defensie daadwerkelijk wordt geïnvesteerd,kan zich een heel ander scenario voltrekken, schetst Mesters. “Het is moeilijk in te schatten, maar als je naar een groeiprognose van 2,5% schiet, dan begint die multiplier wel te werken. Dan maak je een grote sprong.” Mesters verwacht dat de overheidsinvesteringen naar de kant van de defensie-industrie opschuiven. “Het was altijd het een no-go industrie, zowel om in te beleggen als te financieren, maar onder druk wordt alles vloeibaar. Ga er maar vanuit dat er veel discussies zijn met de executives, de top van onze bank en Defensie om te kijken hoe wij onze financieringsrol naar de defensie-industrie kunnen verbeteren.” Volgens Mesters zal dit leiden tot meer economische groei en productiviteitsgroei, aangezien defensietechnologie van oudsher vooroploopt op civiele technologie. Hij adviseert uitzenders juist de defensiemarkt goed in de gaten te houden. “Defensie wordt een hele belangrijke ijkmarkt, vergelijkbaar met de teststraten van de GGD tijdens de coronacrisis. Dus investeer daar ook tijdig in.” Vergrijzing en productiviteit Grootste probleem op de arbeidsmarkt is de vergrijzing. “De babyboomers gaan massaal met pensioen, in het onderwijs, et cetera.” Dat moet deels worden opgevangen door de jongere generatie, weet Mesters. Maar zo eenvoudig is dat niet. “De jongere generatie heeft een andere arbeidsethos. Je kunt niet zomaar zeggen ‘als we nou eens allemaal wat meer gaan werken, dan zijn de tekorten zo opgelost’.” Want dat gebeurt niet. “Er is nu eenmaal een natuurwet die bepaalt dat boven een bepaalde economische drempel we als maatschappij gewoon gaan minder werken. In heel West-Europa zijn we 30% minder per week gaan werken de afgelopen 50 jaar.” De oplossing moet dus gezocht worden in productiviteitsgroei, efficiënter werken. En dan denk je al gauw aan AI en andere technologische ontwikkelingen. Mesters: De grote vraag is natuurlijk altijd hoeveel banen gaat het creëren en hoeveel banen gaan er weg. Ik denk dat er echt veel repetitieve banen gaan verdwijnen. Kijk naar de ABU-cijfers over de administratieve sector. Daar vreet het automatiseringsspook alles op.” Meer weten? Han Mesters is de slotspreker op het FlexNieuws Top 100 Live event op 20 mei. Trend naar outsouring Als flexondernemer moet op zoek gaan naar specialisatie, stelt Mesters. Hij ziet een duidelijke trend. “Bedrijven kiezen ervoor kernactiviteiten zelf te doen en andere werkzaamheden door anderen te laten doen. Liefst met resultaatverplichting. Je moet als uitzender niet zeggen ‘wij leveren alleen handjes’, maar je moet zorgen dat je dat spel beheerst en die outsourcingsdiensten kunt leveren. Dan heb je toekomstperspectief.” Dat geldt volgens Mesters zowel voor uitzenders als detacheerders. “Wat vroeger als twee aparte takken van sport werden gezien – uitzenden en detacheren – groeit naar elkaar toe. Uitzenden is piek en ziek, maar daar is specifiek bijgekomen. De bovenkant van de uitzendmarkt komt in de buurt van detacheren.” Schoonmaakbeveiliging, catering, receptiewerkzaamheden – werk dat niet bedrijfskritisch is – ook Davidse ziet daarin mogelijkheden voor uitzenders. “Dat is in de jaren 90 allemaal ge-outsourced. We kunnen best een nieuwe golf outsourcing verwachten.” En het is aan de (flex)ondernemer om daarop in te spelen. “Je ziet dat die flexibele schil meer is dan alleen piek, ziek en specifiek. Het is ook vaak een bron van innovatief vermogen, omdat die innovatiekracht niet in organisaties zelf zit.” Han Mesters (ABN AMRO) Waar ligt het omslagpunt? De volumes (uitzenduren, red.) blijven dalen, zo blijkt uit de cijfers van de ABU Marktmonitor. En vooralsnog is er nog geen sprake van een omslagpunt, waarbij de uitzendsector de weg naar boven weer vindt. Davidse wijst erop dat in de ABU-cijfers de internationale, beursgenoteerde bedrijven sterk vertegenwoordigd zijn. En die hebben het al jaren moeilijker dan de rest van de flexbranche. Toch heeft ook de rest van de sector het moeilijk. En toch zijn er flexbureaus die helemaal geen krimp kennen. Hoe dat kan? “Een combinatie van schaalgrootte, de juiste eindmarkten en de juiste mensen”, stelt Mesters. Want het echte omslagpunt in de flexbranche moet volgens Mesters van de flexbedrijven zelf komen. Door in te spelen op veranderingen in de markt en de manier waarop we werken. “Er zijn innovatieve uitdagingen voor grote bedrijven. En juist corporates zijn goed in het managen en optimaliseren (exploitation), maar presteren slecht als het gaat om innovatie (exploitation).” Mesters die wijst op onderzoek van Boston Consulting Group onder de S&P 500 bedrijven in Amerika, waaruit blijkt dat slechts 2% goed scoort op exploitation. Daar liggen dus de kansen voor flex. “Je ziet dat die flexibele schil meer is dan alleen piek, ziek en specifiek. Het is ook vaak een bron van innovatief vermogen, omdat die innovatiekracht niet in organisaties zelf zit.” Vermenselijking Niet de assets, maar de mensen maken het verschil. De HR-service sector – waar Mesters uitzenders en detacheerders onder schaart – heeft veel meer te bieden aan organisaties die de transitie van hiërarchisch naar ‘vermenselijking’ moeten maken. “Er zijn twee redenen waarom mensen weggaan: bedrijfscultuur en management. Weet jij als impresario voor die kandidaat op te treden, hem of haar te begeleiden in zijn of haar loopbaan?” Mesters ziet in veranderingen van organisaties en de manier waarop werk wordt georganiseerd de echte kansen voor flexbedrijven. “Je hebt veel meer slagvaardigheid als klein bedrijf, met een hele effectieve, grote flexibele schil. Ondersteund door technologie. Dat is de toekomst en daar is een belangrijke rol weggelegd voor de flexbranche.” Ervan uitgaande dat de flexibele schil binnen organisaties inderdaad zal groeien. Mesters ziet die omslag in de markt wel komen. “Organisaties ontwikkelen zich van een vaste kern met flexibele schil naar een flexibele kern met vaste schil.” *Han Mesters (sectorbankier ABN AMRO) deelt zijn visie op de wereld van flex in gesprek met Wim Davidse (hoofdredacteur FlexNieuws) tijdens het recente Webinar Week Kijk het gesprek hieronder terug. Geplaatst in In de wereld, Werken 4.0 | Tags ABN AMRO, flexschil, HR-dienstverlening | Reacties uitgeschakeld voor Kansen voor flex in woelige wereld van werk
Strengere regels BRP-registratie: wat betekent dit voor uitzendbureaus? Geplaatst 21 april 2025 door BackOfficer Iedereen die in Nederland woont, moet ingeschreven staan in de Basisregistratie Personen (BRP). Dit is het landelijke bevolkingsregister waarin belangrijke gegevens worden vastgelegd, zoals naam, geboortedatum, adres en nationaliteit. Een correcte BRP-registratie is essentieel om toegang te krijgen tot sociale voorzieningen, zorg en belastingvoordelen. Arbeidsmigranten die langer dan vier maanden in Nederland verblijven, zijn verplicht zich in te schrijven bij de gemeente waar ze wonen. Toch gaat dit in de praktijk vaak mis. Hierdoor kunnen arbeidsmigranten problemen krijgen met zorgverzekeringen, toeslagen en zelfs hun verblijfsstatus. Om dit te voorkomen, heeft minister Van Hijum van Sociale Zaken en Werkgelegenheid nieuwe regelgeving aangekondigd: voortaan zijn uitzendbureaus verantwoordelijk voor een correcte BRP-registratie van hun werknemers. Lees ook: Uitzendbureaus verantwoordelijk voor juiste BRP-registratie arbeidsmigranten Waarom deze maatregel? Veel arbeidsmigranten blijven onjuist geregistreerd als niet-ingezetene, wat kan leiden tot misverstanden over hun verblijfsstatus, zorgverzekering en woonadres. Dit brengt niet alleen risico’s mee voor de migranten zelf, maar ook voor gemeenten en werkgevers. Door uitzendbureaus verantwoordelijk te maken voor de correcte BRP-registratie, wil de overheid misstanden voorkomen en de administratieve afhandeling verbeteren. Vanaf nu moeten uitzendbureaus: Actief controleren of arbeidsmigranten correct staan ingeschreven. Migranten begeleiden in het inschrijfproces en hen informeren over hun rechten en plichten. Aansprakelijkheid dragen als de registratie niet volgens de regels verloopt. Deze verandering wordt opgenomen in de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi), waardoor handhaving en sancties bij niet-naleving mogelijk worden. De impact op uitzendbureaus Voor uitzendbureaus betekent deze maatregel een grotere administratieve verantwoordelijkheid. Waar eerder de focus lag op contracten en loonadministratie, komt daar nu een extra verplichting bij: zorgen dat elke arbeidsmigrant op tijd en correct is geregistreerd bij de gemeente. Dit vraagt om een gestructureerde aanpak, duidelijke communicatie met arbeidsmigranten en extra controles binnen de bedrijfsvoering. Minister Van Hijum benadrukt dat deze maatregel essentieel is voor een transparante en eerlijke arbeidsmarkt. Zonder een sluitende registratie ontstaan er problemen in sociale zekerheid, belastingafdracht en handhaving. Hoe nu verder? Hoewel deze nieuwe verantwoordelijkheid extra werk met zich meebrengt, zijn er oplossingen om dit proces goed te organiseren. Zo kunnen uitzendbureaus samenwerken met gespecialiseerde dienstverleners, zoals BackOfficer, die helpen bij correcte documentatie en naleving van wetgeving. BackOfficer speelt als juridisch werkgever van flexmedewerkers een belangrijke rol in het naleven van deze verplichting. Bij de start van een dienstverband wordt gecontroleerd of de inschrijving in de BRP correct is verlopen. Daarnaast krijgen wij een meldplicht wanneer er fouten of onregelmatigheden in de registratie worden gesignaleerd. Op deze manier dragen wij bij aan een transparante en correcte inschrijving van arbeidsmigranten. De komende tijd zal duidelijk worden hoe deze regelgeving in de praktijk werkt en welke stappen nodig zijn om deze soepel te laten verlopen. Wat vaststaat: een correcte BRP-registratie is geen keuze meer, maar een wettelijke verplichting die streng zal worden gecontroleerd. Geplaatst in In de wet, Wetten & CAO’s | Tags backoffice, BackOfficer, BRP-registratie, uitzendbureau | Reacties uitgeschakeld voor Strengere regels BRP-registratie: wat betekent dit voor uitzendbureaus?
Kabinet gaat minimumjeugdloon flink verhogen Geplaatst 18 april 2025 door Redactie FlexNieuws Het wettelijk minimumjeugdloon gaat voor iedereen van 16 tot en met 20 jaar met gemiddeld 20% omhoog. Het gaat om een geleidelijke verhoging per leeftijd, zo laat het kabinet weten. De verhoging maakt onderdeel uit aanpassingen in de begroting en moet op 1 januari 2027 ingaan. Het kabinet beschouwt 16- tot en met 20-jarigen als een ‘groep in de knel’, zo staat in de Voorjaarsnota te lezen. Het minimumjeugdloon is een percentage van het wettelijke minimum loon (WML) voor volwassenen (= boven de 21 jaar). De verhoging van de percentages gaat er als volgt uit zien: Minister Van Hijum maakt hiervoor structureel € 60 miljoen beschikbaar. De precieze uitwerking en bedragen worden door het ministerie nog verder uitgewerkt. De uiteindelijke wijze van aanpassing zal voor de zomer gedeeld worden in de kabinetsreactie op de verkenning minimumjeugdloon. Lees ook: Per 1 juli 2025 stijgt het wettelijk minimumuurloon naar €14,40 Geplaatst in In de wereld, Politiek | Reacties uitgeschakeld voor Kabinet gaat minimumjeugdloon flink verhogen