Maatregelen tegen schijnzelfstandigheid, reacties uit de markt Geplaatst 22 juli 2022 door Hinke Wever De maatregelen tegen schijnzelfstandigheid van minister Van Gennip en staatssecretaris Van Rij leiden tot veel reacties uit het veld. Hieronder een samenvatting, maar eerst even een kort overzicht van de hoofdlijnen en de voorgestelde maatregelen. Het kabinet wil schijnzelfstandigheid op drie hoofdlijnen aanpakken: Een gelijker speelveld voor contractvormen in het arbeidsrecht, de sociale zekerheid en in de fiscale behandeling. Meer duidelijkheid over de criteria voor arbeidsrelaties: het verschil tussen werknemer en zelfstandige. Beter toezicht en handhaving op schijnzelfstandigheid. Een uitgebreider overzicht staat hier. Maatregelen Oproepcontracten en min-max-contracten worden vervangen door basiscontracten met meer werkzekerheid en roosterzekerheid. De positie van uitzendkrachten wordt beter met gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden aan werknemers die direct in dienst zijn. Opeenvolgende tijdelijke contracten (‘draaideurflex’) wordt tegengegaan door de pauze in de keten te schrappen. Een aparte regeling voor seizoenswerk wordt onderzocht. De verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen laat nog enkele jaren op zich wachten, maar komt er wel. Er komen mogelijkheden om pensioen op te bouwen voor zelfstandigen en beperking van de zelfstandigenaftrek. Voor bepaling van de arbeidsrelatie wordt het begrip ‘gezag’ verduidelijkt en er komt een ‘rechtsvermoeden’; de werkgever (in plaats van de werkende) moet voortaan bewijs leveren dat er geen sprake is van een dienstverband. Toezicht en handhaving op schijnzelfstandigheid wordt verbeterd, waarbij het handhavingsmoratorium (Wet DBA) uiterlijk 1 januari 2025 wordt afgeschaft. Er komen ook maatregelen om interne flexibiliteit te verbeteren, zoals deeltijd-WW en verbetering van de regeling loondoorbetaling bij ziekte in het tweede jaar. Certificering arbeidsbemiddelaars vanaf 2025 Een uitgebreider overzicht staat hier. ABU: samenhang en rechtsvermoeden De Algemene Bond Uitzendondernemingen roept het kabinet op om het SER-advies over uitzenden en zzp gelijktijdig en in samenhang om te zetten in wetgeving: “De voorstellen om schijnzelfstandigheid aan te pakken zijn nog te weinig concreet en zullen mogelijk pas lang na de nieuwe uitzendregels ingevoerd worden. Zeer onwenselijk, want dit zal leiden tot een waterbedeffect van goed gereguleerd uitzendwerk naar nog meer schijnzelfstandigheid.” Daarnaast vindt de ABU het belangrijk dat het SER-advies als een samenhangend en uitgebalanceerd geheel wordt behandeld. Er mogen geen krenten uit de pap worden gehaald of aanvullingen komen. De ABU hecht verder waarde aan het SER-advies om een rechtsvermoeden van werknemerschap te laten gelden bij een tarief onder het maximumdagloon (30 à 35 euro per uur). Dit beschermt de kwetsbaarste werkenden; een generieke verduidelijking van het gezagscriterium doet dit onvoldoende. NBBU: sectoraal maatwerk De NBBU is er, net als de minister, een voorstander van als werkenden, dus zowel werknemers als zelfstandigen bij ziekte of arbeidsongeschiktheid gelijkwaardig verzekerd zijn. Daarmee wordt een groot deel van de ongelijkheid weggenomen. Wel vindt men dat de minister te voorzichtig is bij het moderniseren van de arbeidswetgeving. Rigide vasthouden aan het begrip ‘gezag’ in de beoordeling van de arbeidsrelatie is de reden dat tot dusverre de overheidspogingen om duidelijkheid te bieden zijn mislukt. De NBBU vindt dat de oplossing gezocht moet worden in sectoraal maatwerk, zodat werkenden in de verschillende sectoren herkennen en begrijpen waar de grenzen liggen bij het al dan niet werken als zelfstandig ondernemer. I-ZO: rampzalige criteria “De politiek dreigt nu zijn heil te zoeken in nieuwe criteria om te bepalen of iemand wel of niet arbeid in loondienst moet verrichten. Het gaat dan om criteria als ‘gezag’ en ‘inbedding in de organisatie’. Als deze criteria leidend worden, is dat redelijk rampzalig voor onze leden”, zegt Josien van Breda van I-ZO.nl (Intermediairs voor Zelfstandig Ondernemers). “Dan kan er nauwelijks iets meer.” VvDN: volg Belgisch model De Vereniging van Detacheerders Nederland heeft samen met de ABU, Bovib, I-ZO Nederland, NBBU en RIM een brief gestuurd naar de minister en de staatssecretaris. Ook daarin wordt samenhang benadrukt: handhaving, verduidelijking en vernieuwing van regels moeten inderdaad hand in hand gaan. De brief roept het kabinet op om de voordelen van de Belgische Arbeidsrelatiewet te onderzoeken. Naast neutrale en algemene criteria die voor alle ingehuurde zzp’ers gelden, zijn er aanvullende strengere regels (inclusief een rechtsvermoeden van werknemerschap) voor sectoren met een hoger risico op misbruik. De aanvullende criteria voor specifieke sectoren zijn opgesteld in overleg met de sociale partners. De sectorale benadering vergroot de effectiviteit van handhaving en doet recht aan de behoeftes van verschillende branches. Omdat de criteria voor een groot deel specifiek zijn toegesneden op de situatie waarin een werkende wordt ingehuurd door een opdrachtgever, is het Belgische model werkbaarder dan de Nederlandse webmodule. FNV Zelfstandigen: te traag, en geen eerlijk speelveld FNV Zelfstandigen vindt de deadline veel te ruim; het kan en moet sneller. Ook het feit dat er nauwelijks handhaving plaatsvindt is onwenselijk. De bond is verder ontevreden over de manier waarop de minister en staatssecretaris de fiscale verschillen tussen werknemers en zelfstandigen verkleinen. Er worden diverse regelingen voor zelfstandigen afgeschaft, terwijl zelfstandigen geen redelijk alternatief wordt geboden. Dat past niet bij een eerlijk speelveld. PZO en VZN: wet- en regelgeving Dat laatste bezwaar wordt gedeeld door het Platform Zelfstandige Ondernemers en VZN. De lasten van zelfstandigen stijgen, maar niet direct hun inkomsten. De zelfstandige wordt getroffen en de opdrachtgever ongemoeid gelaten. Dan is het de vraag of er daadwerkelijk een gelijk speelveld ontstaat. Of dat juist de kwetsbare zelfstandigen nog verder de armoede in raken. Ze vinden het goed dat het kabinet met schijnzelfstandigheid aan de slag gaat, maar zijn verbaasd dat er niet wordt ingegaan op de broodnodige nieuwe wet- en regelgeving. De zzp-organisaties stellen verder voor het ondernemerschap weer in de beoordeling van de arbeidsrelatie terug te brengen. Ze benadrukken dat in het coalitieakkoord staat dat ondernemers de ruimte moeten krijgen, en niet moeten worden beoordeeld als werknemer. Werkvereniging: betaalbaar sociaal stelsel De Werkvereniging vindt het terecht dat de handhaving wordt opgeschort, omdat het anders de geloofwaardigheid zou ondermijnen. Maar het doel moet niet zijn om van iedereen een werknemer te maken, het gaat niet om het begrip gezagsverhouding. Het gaat om bescherming van zwakkere werkenden en een betaalbaar sociaal stelsel voor iedereen. Werkenden hebben meer behoefte aan autonomie, duidelijkheid, wendbaarheid, weerbaarheid en wederkerige solidariteit. De Werkvereniging pleit ervoor om zekerheden te koppelen aan de werkenden zelf, zodat ze zelf kunnen bepalen hoe ze willen werken. Zet werkenden en het werk centraal, niet het stelsel en de contractvorm. Geplaatst in Branchenieuws | Tags Karien van Gennip, schijnzelfstandigheid, zzp | Reacties uitgeschakeld voor Maatregelen tegen schijnzelfstandigheid, reacties uit de markt
Meer nieuwkomers op de werkvloer Geplaatst 21 juli 2022 door Redactie FlexNieuws Het aantal mensen met een nieuwe baan is in het afgelopen jaar gestegen. In Q1 2022 waren er ruim 1,9 miljoen werkenden die korter dan twaalf maanden terug met hun nieuwe baan waren gestart. Dat zijn er bijna 400.000 meer dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS en Eurostat. De toename van de nieuwkomers geldt vooral voor werknemers, en in mindere mate voor zelfstandigen. Het gaat zowel om mensen die (opnieuw) beginnen met werken als om mensen die van baan zijn gewisseld. De nieuwkomers namen toe in een periode waarin de werkgelegenheid in Nederland sterk groeide. Minder mensen één tot twee jaar in huidige baan Hoewel er meer werkenden zijn die korter dan twaalf maanden geleden aan de slag gingen met nieuw werk, zijn er juist minder mensen die één tot twee jaar in hun huidige baan werken. Mensen die al langer dan twee jaar op hun plek zitten, veranderden in aantal relatief weinig. Relatief veel jongeren onder de nieuwkomers In Q1 2022 hadden 792.000 jongeren een baan waarin ze minder dan een jaar eerder waren begonnen. Dat zijn ruim 4 van elke 10 werkenden met een nieuwe baan. Bij bijna 55% van de jongeren was dit een baan van minder dan twintig uur per week, en 25% had een voltijdbaan. Ook in oudere leeftijdsgroepen waren er meer werkenden met nieuw werk. Bij 25-plussers was 12% van de nieuwkomers voor minder dan twintig uur per week aan de slag en 53% in een voltijdbaan. Meer starters in meeste EU-landen De toename van het aantal starters gold voor de meeste EU-landen, waar net als in Nederland het totaal aantal werkenden veelal sterk groeide. Van deze landen zijn er enkel cijfers over de werkzame beroepsbevolking die in de afgelopen drie maanden startte. In het eerste kwartaal van 2022 had in de EU gemiddeld 4,1% een baan die in de afgelopen drie maanden begon. Een jaar eerder was dat nog 3,6%. Binnen de EU was, na Finland, het percentage nieuwkomers op de werkvloer in Nederland met 6,1 het hoogst. Bron: CBS, 21 juli 2022 Geplaatst in Nieuws | Tags CBS, jongeren, starters | Reacties uitgeschakeld voor Meer nieuwkomers op de werkvloer
Werkloosheid iets gestegen naar 3,4 procent in juni 2022 Geplaatst 21 juli 2022 door Redactie FlexNieuws Het aantal werklozen kwam in juni 2022 uit op 339 duizend. Dat is 3,4 procent van de beroepsbevolking. Gemiddeld over de afgelopen drie maanden steeg het aantal werklozen met 4 duizend per maand. Het aantal werkenden van 15 tot 75 jaar nam in de afgelopen drie maanden met gemiddeld 18 duizend per maand toe, ondanks een lichte afname in juni. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers over de beroepsbevolking. UWV registreerde eind juni 161 duizend lopende WW-uitkeringen. Niet-beroepsbevolking gedaald In juni hadden 3,7 miljoen mensen van 15 tot 75 jaar om uiteenlopende redenen geen betaald werk. Naast werklozen ging het om 3,3 miljoen mensen die niet recent hebben gezocht en/of niet direct beschikbaar zijn voor werk. Zij worden niet tot de beroepsbevolking gerekend. Het gaat voornamelijk om mensen die met pensioen zijn, of niet kunnen werken vanwege ziekte of arbeidsongeschiktheid. In de laatste drie maanden is deze niet-beroepsbevolking met gemiddeld 7 duizend per maand afgenomen naar het laagste aantal sinds juni 2009. Werkloosheidspercentage in juni toegenomen Om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt in verschillende landen te kunnen vergelijken, wordt gebruikgemaakt van de werkloosheidsindicator van de International Labour Organization (ILO). Volgens deze indicator zijn mensen werkloos als ze geen betaald werk hebben, maar daar wel recent naar hebben gezocht en direct beschikbaar zijn. Dit cijfer heeft betrekking op de bevolking van 15 tot 75 jaar. In april 2022 bereikte de werkloosheid met 3,2 het laagste percentage in de reeks met maandcijfers vanaf 2003. Daarna nam de werkloosheid licht toe, naar 3,4 procent in juni. Werkloosheid onder jongeren toegenomen In april bedroeg de werkloosheid onder jongeren in de beroepsbevolking 6,9 procent, in juni steeg dat naar 7,5 procent. Onder 25- tot 45-jarigen steeg de werkloosheid van 2,5 naar 2,8 procent van de beroepsbevolking. Bij 45- tot 75-jarigen nam de werkloosheid naar verhouding het minst toe, van 2,3 naar 2,4 procent. Ondanks de (lichte) stijging van de werkloosheid in de afgelopen drie maanden waren er in juni van dit jaar bijna 300 duizend meer mensen aan het werk dan in juni 2021. Er zijn daarmee ook meer nieuwkomers op de werkvloer. Ten opzichte van andere EU-landen was het aantal starters in Nederland relatief hoog. UWV: weer minder WW-uitkeringen in juni Tussen eind mei en eind juni 2022 is het aantal lopende WW-uitkeringen verder gedaald met 4 duizend naar 160,7 duizend (-2,5 procent). Een jaar geleden werden er nog 238,3 duizend uitkeringen verstrekt. In een jaar tijd is het aantal dus met bijna 78 duizend afgenomen (-32,6 procent). UWV: grootste daling in horeca, bouw, landbouw en cultuursector Ten opzichte van mei daalde het aantal WW-uitkeringen vanuit de horeca weer verder (-12,1 procent). Ook de bouw (-11,8 procent) en de landbouw (-9,0 procent) lieten een forse daling zien. Daarbij speelde het seizoen een rol. Omdat deze zomer veel evenementen plaatsvonden, die voorgaande jaren vanwege corona geen doorgang vonden, daalde ook het aantal WW-uitkeringen in de cultuursector (-7,1 procent). Ook in de andere sectoren daalde het aantal WW-uitkeringen, alleen bij de overheid was er een lichte stijging (+0,8 procent). Bron: CBS, 21 juli 2022 Geplaatst in Nieuws | Tags CBS, werkloosheid, WW | Reacties uitgeschakeld voor Werkloosheid iets gestegen naar 3,4 procent in juni 2022
Arbeidsmarkt iets minder krap dan hoogtepunt in voorjaar Geplaatst 21 juli 2022 door Redactie FlexNieuws Het aantal openstaande vacatures in Nederland is de laatste tijd stabiel gebleven. Op dit moment ligt het vacatureniveau 40% boven het niveau van voor de pandemie. Een jaar geleden was dit slechts 10%. Dit blijkt uit de maandelijkse analyse van vacaturesite Indeed. Druk op kinderopvang Waar het aantal vacatures in de kinderopvang in het eerste kwartaal van dit jaar nog toenam met ruim tien procentpunt, is dit in de afgelopen maand met ruim zeven procentpunt afgenomen. Wel ligt het niveau in de sector op dit moment 29% boven het vacatureniveau van voor de pandemie. Het dieptepunt was tijdens de zomer vorig jaar, toen lag het vacatureniveau bijna 50% onder het niveau van voor de pandemie. “De druk op de kinderopvang neemt steeds verder toe. Meer kinderen dan ooit gaan op dit moment naar de kinderopvang, terwijl personeel steeds lastiger te vinden is,” zegt Kelly Oude Veldhuis van Indeed. “Vanwege het personeelstekort zijn opvangorganisaties bijvoorbeeld plotseling genoodzaakt contracten op te zeggen.” Defensie werft volop De sector met het hoogste aantal openstaande vacatures is op dit moment defensie, waar het niveau 150% boven het niveau van voor de pandemie ligt. Afgelopen maart was dit zelfs bijna 200%. Oude Veldhuis: “Dit is waarschijnlijk een direct gevolg van de oorlog in Oekraïne. Naar aanleiding van de geopolitieke spanningen is onder andere de discussie aangewakkerd over het personeelstekort waar de Nederlandse defensie mee kampt. Het aantal vacatures laat duidelijk zien dat zij druk bezig zijn met het oplossen hiervan.” Problemen in de bouw In de bouwsector ligt het vacatureniveau op dit moment 35% boven dat van voor de pandemie. “Economen van ABN AMRO voorspelden moeilijkheden in de bouw, mede door aanstaand personeelstekort in de sector.” Dit effect ziet Indeed ook duidelijk terug in de cijfers. “Dat het niveau redelijk stabiel is, betekent helaas niet dat het aantal openstaande vacatures afneemt. Dit betekent mogelijk alleen dat een plafond is bereikt”, zegt Oude Veldhuis. Onderwijs werft tijdens vakantie De stijging van het aantal openstaande vacatures in het onderwijs zet nog steeds door. Het huidige niveau ligt 53% boven het niveau van voor de coronacrisis. Oude Veldhuis: “Normaal gesproken is in de zomerperiode sprake van een afname van vacatures in het onderwijs. Het lijkt erop dat werkgevers nu al voorsorteren op het nieuwe schooljaar.” Bron: Indeed, 21 juli 2022 Geplaatst in Nieuws | Tags Indeed, vacatures | Reacties uitgeschakeld voor Arbeidsmarkt iets minder krap dan hoogtepunt in voorjaar
Persoonlijke boetes voor managers van flexbedrijven Geplaatst 21 juli 2022 door Redactie FlexNieuws Minister Van Gennip (SZW) wil malafide praktijken bestrijden van leidinggevenden in de flexbranche, vanwege de manier waarop zij omgegaan met ingehuurde arbeidskrachten. Daarom wil zij hen persoonlijk kunnen beboeten als zij bij herhaling nieuwe uitzendbureaus oprichten. Bovendien wil zij de Wet Bibob gaan toepassen bij certificering. Vluchtig ondernemerschap Een belangrijke oorzaak voor het voortduren van malafide praktijken is vluchtig ondernemerschap: het gemak waarmee uitleners hun onderneming kunnen liquideren om vervolgens een nieuwe onderneming te starten. In veel gevallen komen deze uitleners weg met onderbetaling van werknemers en met ontduiking van belastingen en premies. Goedwillende uitleners ondervinden hiervan concurrentienadeel. Bestuursrechtelijk bestuursverbod beperkt toepasbaar Na een bestuursrechtelijk bestuursverbod kan iemand voor een bepaalde periode geen bestuurder van een bedrijf zijn. Het verschil met het bestaande civielrechtelijke bestuursverbod is dat het sneller kan, omdat er geen toestemming van een rechter nodig is. Ook kan het preventief werken. Belangrijk nadeel is dat veel bestuurders het zullen proberen aan te vechten, of ‘katvangers’ zullen inzetten. Daarom is het waarschijnlijk beperkt toepasbaar. Daarom wil de minister twee andere maatregelen nemen. 1. Feitelijk leidinggevenden beboeten Naast een rechtspersoon kan ook de persoon die feitelijk leiding heeft gegeven aan de verboden gedraging worden beboet. Dat kan ook de bestuurder zijn. Dit geldt ook voor personen die formeel geen leidinggevende zijn, maar waarvan dit wel kan worden aangetoond. De leidinggevende wordt hierdoor in zijn privévermogen geraakt. Het doel is om de spil achter een overtreding aan te pakken, en deze direct als persoon te treffen. Dit voorkomt dat deze de overtreding zonder persoonlijke consequenties bij dezelfde of een andere rechtspersoon kan herhalen. Alle arbeidswetten Het is een complex instrumment, maar de minister wil de beleidsregels inzake boeteoplegging uitbreiden, om de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) ertoe in staat te stellen om feitelijk leidinggevenden bij een overtreding van alle arbeidswetten te beboeten. 2. Wet Bibob toepassen bij certificering Het wetsvoorstel verplichte certificering voor het ter beschikking stellen van arbeidskrachten, is opengesteld voor internetconsultatie. Daarmee wil de minister de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) van toepassing verklaren op het certificeren van uitleners. Dat biedt de Certificerende Instelling (CI) de mogelijkheid om een certificaat te weigeren of in te trekken als het risico groot is dat dit voor criminele doeleinden zal worden misbruikt. Als dit risico minder groot wordt ingeschat, kan de CI voorschriften verbinden aan het certificaat. Bankgarantie Op grond van de Wet Bibob kan de CI een eigen onderzoek instellen en hiervoor informatie opvragen bij politie en justitiële diensten. Dat onderzoek kan zich ook richten op de feitelijk leidinggevenden. Als dit criminele aanwijzingen oplevert, kan de CI het Landelijk Bureau Bibob om advies vragen, bijvoorbeeld om een certificaat af te wijzen of in te trekken. Om ‘vluchtig ondernemerschap’ tegen te gaan wordt het bovendien verplicht om bij de aanvraag van een certificaat een bankgarantie te stellen. Als deze garantie wordt aangesproken, verhaalt de bank de betreffende bedragen op de uitlener. Repressief en preventief Het beboeten van feitelijk leidinggevenden werkt repressief, en als de pakkans en de boete voldoende hoog zijn werkt het ook preventief, omdat de boete ten koste gaat van het profijt van malafide gedragingen. De Wet Bibob werkt preventief, zonder certificaat kan de uitlener immers niet (langer) arbeidskrachten ter beschikking stellen. Vanaf 2023 krijgen de Arbeidsinspectie en de Belastingdienst meer capaciteit voor extra toezicht op de uitzendbranche. Later dit jaar komt de minister met een nadere uitwerking van deze nieuwe manieren tegen misstanden in de branche. Bron: Tweede Kamer, 14 juli 2022 Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags aanpak malafide uitzendbureaus, Karien van Gennip, Wet Bibob | Reacties uitgeschakeld voor Persoonlijke boetes voor managers van flexbedrijven