Maandelijkse archieven: maart 2019

Onderhandelingsresultaat CAO Bos en Natuur 2018-2021



13 maart 2019

CAO Bos en Natuur

Download Onderhandelingsresultaat CAO Bos en Natuur 2018-2021
> Onderhandelingsresultaat CAO Bos en Natuur 2018-2021 (07-03-19)
> Begeleidend memo nieuwe functiehuis Ondernemingsdeel De Landschappen

Looptijd
De cao heeft een looptijd van 3 jaar, van 1 juli 2018 tot 1 juli 2021.

Loonmutaties
– 1,0% loonsverhoging per 1 januari 2019 (Deze verhoging is ook van toepassing opde uitloopperiodieken bij Natuurmonumenten.)
– 0,5% loonsverhoging per 1 juli 2019
– 0,5% loonsverhoging per 1 oktober 2019
– 1,0% loonsverhoging per 1 januari 2020
– 0,5% loonsverhoging per 1 juli 2020
– 0,5% loonsverhoging per 1 oktober 2020
– 1,0% loonsverhoging per 1 januari 2021
– 0,5% loonsverhoging per 1 april 2021
– 0,4% loonsverhoging per 1 juni 2021

Arbeidsvoorwaarden
– De uitloopschalen worden na 1 maart 2019 niet meer verhoogd totdat het schaalsalaris de uitloopschaal heeft bereikt.
– Na 1 maart 2019 wordt voor iedereen het vaste rooster vastgelegd.

Bron: CNV Vakmensen, 13 maart 2019

Geplaatst in Wetten & CAO’s | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Onderhandelingsresultaat CAO Bos en Natuur 2018-2021

Gemeente Nijmegen, interne mobiliteit en instroom jong talent

Wilma Berends
Wilma Berends

In de Gemeente Nijmegen is de interne mobiliteit goed geregeld. Daarnaast is er instroom van jongeren nodig, vindt Wilma Berends, Senior HR-adviseur, Gemeente Nijmegen.

Dit interview staat in het teken van het congres HRM in de Overheid, dat donderdag 11 april a.s. plaats vindt in Bussum. Hier wordt onder meer een discussieworkshop gehouden over de uitdagingen voor (semi)overheidsorganisaties in een krappe arbeidsmarkt. Hoe profileert de overheid zich als aantrekkelijk werkgever? De gemeente Nijmegen biedt hiertoe interessante praktijkervaringen.

Aantrekkelijk werkgever
Dat is Nijmegen zeker. Sinds twee jaar werkt HR met een intern mobiliteitstraject dat Oversteek wordt genoemd. Iedereen mag intern reageren op resultaatopdrachten bij afdelingen in de hele gemeentelijke organisatie. Dat geldt niet alleen voor het eigen personeel, ook ingehuurde krachten kunnen voor de resultaatopdrachten in aanmerking komen. Lees meer

Iedereen fit en enthousiast houden via interne doorstroom
Wie solliciteert op een baan als gemeenteambtenaar zit in Nijmegen niet jarenlang vast aan dezelfde functie of opdracht. Het is mogelijk intern door te schuiven naar een resultaatopdracht om een andere rol of taak te verkennen.

Goed bereikbaar en voldoende huisvestingsmogelijkheden
Ook qua bereikbaarheid, openbaar vervoer en huisvestingsmogelijkheden doet de stad het goed. Er komen jaarlijks 1.200 nieuwe woningen bij. Voor jong talent vormt de stad een prima uitgangspositie; wonen en werken in de omgeving, geen lange reistijden en de kans om in een mooie omgeving kinderen groot te brengen. Wie begaan is met de klimaatdiscussie kan zich hier ook thuis voelen; Nijmegen bouwt aardgasvrij en is gestart om bestaande wijken ook aardgasvrij te maken.

Mag de gemeente extern werven?
Wilma Berends: “Intern hebben wij het goed geregeld met resultaatopdrachten in plaats van vacatures. Alle vrijgekomen werkzaamheden worden intern aangeboden door middel van een resultaatopdracht. Op deze manier verdelen we intern het werk. Dit is uitstekend, maar… er is ook instroom van buiten nodig en met name verjonging van het personeelsbestand. Op dit moment werven we enkel voor specialistische functies extern. Ik zou graag ook voor niet specialistische functies en functies waar nog geen ervaring voor is vereist extern willen werven. Daar zou ik graag bewust meer ruimte voor willen maken.”

Interne mobiliteit soms te dominant?
“Ik ben blij met onze ervaren medewerkers, laat daar geen misverstand over bestaan. Voor het evenwicht in het personeelsbestand kunnen we meerdere instrumenten inzetten. Medewerkers van 60 jaar en ouder mogen bij ons tegen aantrekkelijke condities minder gaan werken, waarbij de pensioenopbouw niet wordt aangepast. De bedoeling van dit Generatiepact is enerzijds dat we oudere medewerkers vitaal hun pensioengerechtigde leeftijd kunnen laten bereiken en dat ze langer inzetbaar zijn. Dit is mooi, want deze medewerkers beschikken over veel kennis en ervaring. Doordat de medewerkers deels al ruimte maken voor een ander ontstaat de mogelijkheid om nieuwe jongere medewerkers aan te trekken. Helaas wordt het werk van de medewerker die van het Generatiepact gebruik maakt, niet exclusief voor een jongere opengesteld. We hebben nu eenmaal afgesproken dat we alle werkzaamheden eerst intern verdelen en als dat niet lukt gaan we extern werven.”

Verjonging
“Onze organisatie heeft instroom van jongeren nodig. Ik ben ervan overtuigd dat je in sommige functies beter iemand kunt werven die net van school komt, omdat die van nature de digitale vaardigheden heeft die oudere werknemers niet hebben, of niet in diezelfde mate.

Op dit moment werven we enkel extern als het gaat om heel specifieke functies, waar intern niemand voor beschikbaar is. En dan stel ik in de vacaturetekst de eis dat iemand al vijf jaar ervaring heeft in die rol of dat vakgebied. Het gevolg is, dat er relatief weinig jongeren instromen, want welke startende jongere kan voldoen aan vijf jaar ervaring in een specifiek vakgebied? Ik zou het goed vinden als we ook jonge starters (mbo-, hbo- en wo-niveau) laten instromen, die nog moet worden opgeleid.”

Trainee-programma
“We hebben nu een mooi trainee-programma voor hbo- en wo-niveau, maar ik zou dat willen uitbreiden met een breed instroomprogramma voor jongeren, gekoppeld aan het Generatiepact. Daar hebben we op dit moment geen concreet beleidsinstrument voor, omdat we met de werknemersorganisaties hebben afgesproken dat interne medewerkers eerst alle kansen moeten krijgen.”

Wel doorstroom, maar te weinig instroom?
“Ja, in die loep zitten we nu wel. Ik denk dat verdere ontwikkeling van onze strategische personeelsplanning een uitweg biedt. Als wij weten welk type medewerkers wij de komende jaren nodig hebben, is beter te onderbouwen voor welke rollen en functies wij extern moeten gaan werven.”

‘Dakpan’ constructie
Waarom gebruik je het beeld van een dakpan?
“Idealiter laat je, op het moment dat iemand wil gaan uitstromen in het kader van het Generatiepact, vanaf de start van het Generatiepact iemand instromen in die vrijkomende functie. Dan overlappen de uitstroom en instroom elkaar, net zoals je dakpannen over elkaar heen legt. Zo kun je een tijdlang ervaring overdragen; de oudere coacht de jongere en draagt ervaring over, terwijl de functie is vervuld. De instromende medewerker is al aanwezig. Als wij het op die manier inrichten krijgen wij the best of both worlds. Dit is ideaal, hoewel deze overlap qua kosten niet altijd is te realiseren; het Generatiepact is een mooie, maar dure oplossing.”

Ouderen leren van jongeren en omgekeerd
“Medewerkers kunnen van elkaar leren, maar dat moet je dan wel organiseren en stimuleren. Bij de afdeling Informatie en Automatisering (I&A) zijn wij er bijvoorbeeld goed in geslaagd om een ‘dakpan’-model toe te passen: twee oudere medewerkers zijn stapsgewijs aan het uitstromen, terwijl er vanaf de start twee jonge projectleiders werden aangenomen. Zij zijn als trainee binnengekomen en hebben intern op de resultaatopdracht gereageerd. Zij worden begeleid door de ervaren medewerkers, zodat hun kennisoverdracht is geborgd. Omgekeerd benutten wij nu de frisse blik en moderne vaardigheden van de jonge medewerkers.”

Ideale situatie kost geld
“Op dit moment is het vrijblijvend of een jonge medewerker instroomt, zodra een oudere aangeeft te willen uitstromen. Niet iedere ROP (resultaatopdracht) die ontstaat in het kader van het Generatiepact is geschikt voor een trainee. Een trainee krijgt bij ons een aanstelling voor twee jaar. In die periode werkt hij of zij aan vier opdrachten, die elk een half jaar beslaan. Na een jaar mag een trainee instromen op een afdeling als daar behoefte aan is.

Resumerend: we hebben een prachtige stap gezet met het faciliteren van interne mobiliteit. Laten we nu nog zorgen dat de interne mobiliteit en de externe instroom elkaar niet gaan uitsluiten. Leeftijdsdiscriminatie mag niet, terwijl we wel behoefte hebben aan instroom van jongeren. Dat is een ‘dingetje’.

Hoe dan ook, wij willen graag het beste voor de stad. We gunnen iedereen kansen en willen gemotiveerde medewerkers voor ons winnen. Nijmegen is het waard.”

Interview: Hinke Wever, FlexNieuws

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Gemeente Nijmegen, interne mobiliteit en instroom jong talent

EU-uitzendkrachten duurzaam inzetbaar, hoe pak je dat aan?

Marga Hendriksen
Marga Hendriksen

EU-uitzendkrachten duurzaam inzetbaar maken en houden. Hoe breng je het onder de aandacht? En hoe pak je dat aan?

In dit blog vertelt Marga Hendriksen, HR-specialist van AB Midden Nederland, over hun aanpak van duurzame inzetbaarheid. Klanten tonen interesse. Nu de uitzendkrachten nog zien te overtuigen van het nut ervan. Dat is extra lastig als het om arbeidsmigranten uit andere EU-landen gaat. Taal en cultuur zijn een drempel, maar toch… als er één schaap over de dam is, volgen er meer. En er zijn vouchers beschikbaar voor opleidingen.

AB Midden Nederland is als coöperatie met name actief in de agrarische sector. Als personeelsbemiddelaar zijn we ook in de sectoren techniek, bouw & infra, logistiek & magazijn, groen en food & productie goed vertegenwoordigd.

Samenwerken zit in het DNA bij AB Midden Nederland. Daarom werk ik hier ook met zoveel plezier als HR medewerker. Sinds september 2018 werk ik samen met drie DI-specialisten mee aan het project de Duurzame Uitzendkracht, een van de mooie projecten van Doorzaam. Een project waarbij opdrachtgevers, uitzendkrachten en AB Midden Nederland met Duurzame Inzetbaarheid aan de slag gaan.

De opdrachtgevers waren snel aan boord. Zij zijn benieuwd hoe AB Midden Nederland met Duurzame Inzetbaarheid omgaat en willen graag advies. Door met elkaar in gesprek te gaan, brengen we elkaar op ideeën en leren we van elkaar. Het helder maken van de verwachtingen, dat komt ook de duurzame inzetbaarheid van de uitzendkracht ten goede.

Vol enthousiasme gingen we verder aan de slag. Onze uitzendkrachten zijn veelal EU-medewerkers. Bij AB Midden Nederland zijn we dus gewend om met verschillende talen en culturen om te gaan. In de voorbereiding werden vragenlijsten in het Pools vertaald en de workshop voor de uitzendkrachten in het Engels gemaakt.

Goed voorbereid dus, nu de uitzendkrachten nog ‘even’ uitnodigen…
Tja, wat we ons vooraf al gerealiseerd hadden, bleek in de praktijk te gebeuren. Duurzame Inzetbaarheid is best een lastig begrip, niet alleen in het Nederlands, het geldt voor iedere taal. En deze groep EU-medewerkers komen soms in Nederland met het idee om hier een aantal maanden of jaren te werken en daarna terug te keren. Dat maakt het extra uitdagend om betrokkenheid te krijgen. Het liep niet direct storm met aanmeldingen voor het project.

Gelukkig zijn er genoeg deelnemers die anderen later kunnen inspireren. Zij waarderen met name de aandacht en de opzet van het project. Door met elkaar in gesprek te gaan, leren de uitzendkrachten van elkaar. Ook de DI-specialist leert de uitzendkrachten beter kennen en ontdekken wat voor hem/haar belangrijk is. Hierdoor kan hij/zij de uitzendkracht nog beter ondersteunen. Door samen met hen te kijken naar hun inzetbaarheid worden uitzendkrachten uitgedaagd hier zelf ook over na te denken. Deelnemers vonden het hierdoor ook verfrissend. Tijdens de workshop bieden we vrijblijvend een voucher voor een opleiding aan. Dit maakt dat uitzendkrachten zich echt serieus genomen voelen in hun loopbaan ondersteuning.

Een van de DI-specialisten, Jaco Muijs, gaf onlangs de DI-workshop. Een medewerker van wie hij het niet direct verwachtte, was getriggerd door de workshop. Hij wil nu een opleiding tot lasser volgen. Samen pakken ze dit op. Jaco gaat hierdoor zelf enthousiaster met zijn DI-workshops en gesprekken verder. En de medewerker heeft hierdoor meer (duurzame) mogelijkheden in de toekomst. Misschien wil hij bij een volgend project wel als ambassadeur worden ingezet… kortom, wordt vervolgd.

Marga Hendriksen, HR-specialist AB Midden Nederland

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor EU-uitzendkrachten duurzaam inzetbaar, hoe pak je dat aan?

Wet Arbeidsmarkt in Balans brengt concurrentiepositie uit balans

Wet Arbeidsmarkt in Balans brengt concurrentiepositie uit balans

Waarom de WAB iedereen raakt en bedrijven nu pas wakker worden

Paul Haarhuis
Paul Haarhuis

De Nederlandse economie draait nu nog redelijk. Maar als straks de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) is ingevoerd zal iedereen merken dat we er op achteruit gaan. Een kwetsbaarder land, minder besteedbaar inkomen en banenverlies zullen het gevolg zijn. Waarom? Omdat nog veel mensen denken dat de WAB enkel gaat over flexwerk en uitzendbureaus. Niets is echter minder waar. De WAB gaat over alle contracten voor bepaalde tijd in heel Nederland. Dus alles wat niet onbepaalde tijd is zoals een maand, half- of jaarcontracten. Het gevolg? Bedrijven krijgen straks te maken met een gemiddelde kostenverhoging van 8 tot 10% en de vraag is: wie gaat dit betalen? Het antwoord: u, wij, de samenleving! Daarmee brengt ons land de concurrentiepositie uit balans door de zoveelste verkapte belastingverhoging.

De politiek doet of hun neus bloedt, maar deze grimmige stelselherziening zal de zoveelste mislukking worden om de arbeidsmarkt te hervormen. Meer schijn-zzp’ers, een grotere kloof tussen vast en flex en het versneld uithollen van ons sociaal stelsel zijn de gevolgen. Op dit moment worden bedrijven zich langzaam bewust van de mogelijke gevolgen van de WAB. Het beeld dat het slechts ging om inhuurkrachten maakt plaats voor de harde feiten. Alles wat niet onbepaalde tijd is, zal de WAB merken door hogere premies aan de staat af te dragen. De werknemer krijgt daar niets voor terug.

In Nederland moet en zal arbeid dus nog duurder worden als het aan de politiek ligt. Hierdoor zullen bedrijven straks harde keuzes moeten maken: vluchten, verstijven of vechten. Blijven of net de grens overgaan? Voor grote partijen in de logistiek en productiebedrijven is een vlucht over de grens straks extra aantrekkelijk door het verschil in loonkosten. Ons land verkleint daarmee de concurrentiepositie. Niet alleen banen, maar vooral ook belastinginkomsten worden zo misgelopen. De tweede mogelijkheid is verstijven. Dit is het meest logisch voor bedrijven die vastzitten en niets anders kunnen dan hun bedrijfsmodel anders inrichten binnen de bestaande marges. Minder loonstijging van vaste contracten om de meerkosten van flex te compenseren is dan voor de hand liggend. Op deze manier gaan nog meer werkenden de rekening van de WAB betalen en zal door minder koopkracht de groei van de economie tot stilstand komen. Het laatste alternatief is vechten tegen de WAB door het risico te verleggen. Dit betekent dat er nog meer zzp’ers en schijnconstructies komen waardoor ons sociaal stelsel nog sneller asociaal wordt. Geen oude dag, geen verzekering en veel extra armoede. Kortom: meer mensen die aan de kant komen te staan terwijl de wet het tegenovergestelde tot doel heeft.

De grote vraag is of dit een angstscenario is? Helaas zie ik bij veel klanten dat dit niet het geval is. Na het Brexit-monster is de WAB bij iedereen op het vizier aan het komen en alle opties worden daarin meegenomen. Het is echter een wet die op verkeerde veronderstellingen en aantoonbaar foute interpretaties van cijfers tot stand is gekomen.

Het moest voor de coalitie klakkeloos en snel door de Tweede Kamer komen. Dat is gelukt. En het bizarre is dat de flexibele werknemer in de eigen portemonnee niets merkt van alle hogere premies. Dus voor wie levert de wet nu echt meerwaarde? Dit plan van Koolmees zal nog lang nazingen als de Eerste Kamer nu niet ingrijpt en het huiswerk over laat doen. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.

Paul Haarhuis
CCO Timing

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Wet Arbeidsmarkt in Balans brengt concurrentiepositie uit balans

Nederlandse werkgevers licht positief over werkgelegenheid

Ten opzichte van vorig kwartaal is de werkgelegenheidsverwachting onder Nederlandse werkgevers hetzelfde gebleven.

Dit blijkt uit de ManpowerGroup Employment Outlook Survey (MEOS Q2 2019) uitgevoerd onder 59.000 werkgevers, waarvan 750 uit Nederland.
Werkgelegenheidsverwachting Nederland, tweede kwartaal 2019, bron ManpowerGroup
Financiële sector is minder positief gestemd
Het werkgelegenheidscijfer komt uit op +4% en illustreert het positieve voornemen van werkgevers om medewerkers aan te nemen. Desondanks verwachten werkgevers in drie van de negen arbeidssectoren minder medewerkers aan te nemen. Voor de financiële sector is dit zelfs de eerste negatieve werkgelegenheidsverwachting in vijf jaar.

“Hoewel de werkgelegenheidsverwachting ten opzichte van vorig kwartaal gelijk is gebleven, is deze op jaarbasis met maar liefst vijf procent gedaald”, zegt Jeroen Zwinkels, Algemeen Directeur ManpowerGroup Nederland. “Vergeleken met het afgelopen jaar is het voor Nederlandse werkgevers nog lastiger om de juiste kandidaten te vinden voor hun openstaande vacatures.”

Negatieve verwachtingen
Werkgevers in de financiële sector verwachten voor het eerst sinds Q1 2014 minder medewerkers aan te nemen (-3%). Andere arbeidssectoren met een negatieve werkgelegenheidsverwachting zijn landbouw & visserij (-4%) en de transportsector (-1%). Werkgevers in de energiesector (+19%) en de bouw (+14%) zijn het meest optimistisch. Zwinkels: “Digitalisering en automatisering zijn niet alleen van invloed op de inhoud van banen, ze veranderen ook de gevraagde kennis en vaardigheden om succesvol te zijn. In plaats van salarisverhogingen of nieuwe medewerkers aan te nemen, raad ik werkgevers aan te investeren in hun huidige werknemers met behulp van om- of bijscholing.”

Groeiende tekorten
Maar liefst tweederde van de werkgevers in de financiële sector¹ zegt dat veel moeite kost om geschikte kandidaten te vinden voor hun openstaande vacatures. 42 procent van hen zegt daarom betere arbeidsvoorwaarden te bieden ten opzichte van vorig jaar. Slechts 45 procent van de werkgevers in de financiële sector geeft aan meer te investeren in het om- en bijscholen van huidige medewerkers. Zwinkels: “Scholing is dé oplossing voor de huidige krapte op de Nederlandse arbeidsmarkt. In de toekomst hoeven werkgevers zich niet meer blind te staren op het vinden van de perfecte kandidaat. In plaats daarvan moeten potentiële werknemers worden beoordeeld op hun groeicapaciteit, waarbij de werkgever zorgt voor additionele scholing en trainingen.”

Regionale verschillen
Zowel werkgevers uit het oosten (+12%) als het westen (+8%) van Nederland verwachten dit kwartaal meer werknemers aan te nemen. Opvallend zijn echter de verschillen met het zuiden (-1%) en het noorden (-4% ) van het land, waar werkgevers negatief zijn over de aanwas van nieuwe medewerkers. Zwinkels: “Deze cijfers laten zien dat er ook op landelijk niveau aanzienlijke verschillen bestaan in het optimisme onder werkgevers. Het zou kunnen dat de negatieve werkgelegenheidsverwachting te wijten is aan de krimpende bevolkingsaantallen in zowel het noorden als het zuiden van Nederland waardoor het werkgevers meer moeite kost om hun vacatures vervuld te krijgen.”

Europese verwachting
Werkgevers in alle Europese landen blijven positieve werkgelegenheidscijfers rapporteren. Spanje is het minst optimistisch (0%). Duitsland noteert +8%, België +6%. Italië, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk zijn onderdeel van een grotere groep landen met een bescheiden +4%.

Bron: ManpowerGroup, 12 maart 2019

Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Nederlandse werkgevers licht positief over werkgelegenheid