Maandelijkse archieven: april 2016

Werkloosheid gedaald naar 6,4%

In maart waren 574 duizend mensen werkloos, meldt CBS. Dat is 6,4 procent van de beroepsbevolking.

Het aantal werklozen daalde in de afgelopen drie maanden met gemiddeld 5 duizend per maand. UWV telde eind maart 470 duizend WW-uitkeringen.

UWV: minder nieuwe WW-uitkeringen
UWV verstrekte in het eerste kwartaal van dit jaar 151 duizend nieuwe WW-uitkeringen, 15 duizend minder (-9 procent) dan in dezelfde periode van 2015. Vanuit alle sectoren nam het aantal nieuwe WW-uitkeringen af, met uitzondering van het grootwinkelbedrijf waar het aantal uitkeringen bijna verdubbelde. Een sterke afname van het aantal nieuwe uitkeringen was er vanuit de sector zorg en welzijn (-27 procent).

Minder 25-plussers werkloos
De werkloosheid bedroeg in maart 6,4 procent. In december vorig jaar was nog 6,6 procent van de beroepsbevolking werkloos. De daling in de laatste drie maanden is toe te schrijven aan 25-plussers. Bij 25- tot 45-jarigen daalt de werkloosheid al twee jaar vrijwel continu. In maart was 4,9 procent werkloos. De daling onder 45-plussers is eind vorig jaar ingezet. Van hen was 6,1 procent werkloos. De werkloosheid onder jongeren is de laatste maanden daarentegen wat opgelopen en kwam afgelopen maand uit op 11,4 procent.

In februari 2014 piekte de werkloosheid met bijna 700 duizend werklozen. Toen was 7,9 procent van de beroepsbevolking werkloos. Vanaf maart 2014 is de werkloosheid bijna onafgebroken afgenomen.

Ook meer mensen aan het werk
Het aantal mensen met betaald werk is de eerste drie maanden van 2016 met gemiddeld 9 duizend per maand toegenomen. Enerzijds zijn er meer werklozen die een baan vinden dan dat er werkenden werkloos worden. Anderzijds is het aantal nieuwkomers op de arbeidsmarkt dat direct aan de slag gaat groter dan het aantal werkenden dat de arbeidsmarkt verlaat.

Ruim 8,3 miljoen werkenden
In Nederland wonen 12,7 miljoen mensen van 15 tot 75 jaar. Hiervan hadden er in maart 65,5 procent betaald werk, ruim 8,3 miljoen mensen. Het gaat om bijna 4,5 miljoen mannen en 3,9 miljoen vrouwen.

De overige 4,4 miljoen mensen van 15 tot 75 jaar hebben geen betaald werk. Hiervan zijn er 574 duizend werkloos en 3,8 miljoen mensen zijn niet op zoek of niet direct beschikbaar voor werk. In deze laatste groep zijn vrouwen met 2,2 miljoen in de meerderheid.

UWV: opnieuw forse toename WW-uitkeringen vanuit grootwinkelbedrijf
UWV telde eind maart 470 duizend lopende WW-uitkeringen, duizend meer dan in februari. Net als vorige maand nam vooral het aantal WW-uitkeringen vanuit het grootwinkelbedrijf sterk toe. Het aantal uitkeringen uit deze sector steeg met ruim 12 procent en is nu 60 procent hoger dan een jaar geleden. De sterke stijging houdt verband met het faillissement van een aantal grote winkelketens begin dit jaar. Een daling was er onder meer vanuit de sectoren onderwijs en landbouw.

Met de invoering van de Wet werk en zekerheid (Wwz) is er sinds juli 2015 een nieuwe WW-systematiek op basis van inkomstenverrekening. Deze systematiek heeft een structureel verhogend effect op het aantal lopende WW-uitkeringen. Dit komt enerzijds doordat mensen die gaan werken een aanvulling uit de WW kunnen behouden en anderzijds doordat het recht op uitkering pas wordt beëindigd in de uitkeringsadministratie nadat gebleken is dat de opgegeven inkomsten overeenkomen met de inkomstenopgave van de werkgever in de Polisadministratie.

Bron: CBS en Statline, 21 april 2016

Geplaatst in Nieuws | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Werkloosheid gedaald naar 6,4%

Zzp’ers gedupeerd door verschuiving AOW-leeftijd

Voorzitter Stichting ZZP Nederland eist in RADAR compensatie van Kabinet

Het kabinetsbesluit om de AOW-leeftijd minimaal twee jaar te verschuiven, kan fatale gevolgen hebben voor het inkomen van zzp’ers met een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Deze polissen hebben in de meeste gevallen een eindleeftijd van 65 jaar of bij sommige beroepen zelfs 60 of 55 jaar. “Wie dan nog arbeidsongeschikt is, kan minimaal twee jaar op een houtje bijten”, zegt voorzitter Maarten Post, tijdens de televisie-uitzending van RADAR. De overheid heeft met dit besluit de spelregels veranderd tijdens het spel, zonder rekening te houden met bestaande private verzekeringscontracten met een einddatum 65.

Verzekeraars weigeren zzp’ers die reeds arbeidsongeschikt zijn te compenseren, omdat men spreekt van brandende huizen, die niet te verzekeren zijn. Stichting ZZP Nederland is van mening, dat de overheid die deze brand heeft veroorzaakt door de AOW-leeftijd te verschuiven de gedupeerde zzp’ers dient te compenseren voor de inkomensschade die zij daarvan ondervinden.

Bekijk de uitzending van Radar met Maarten Post.

Overgangsregeling schiet tekort
De door het Kabinet ingestelde “overgangsregeling OBR” is voor de meeste gedupeerden volstrekt ontoereikend en heeft alle kenmerken van een bijstandsregeling. “Het is onbegrijpelijk en onbestaanbaar, dat volksvertegenwoordigers in de Tweede Kamer hiermee akkoord zijn gegaan”, zegt voorzitter Maarten Post.

Stichting ZZP Nederland vindt dat in alle AOV-polissen de optie moet worden aangeboden om de AOW-leeftijd als eindleeftijd te nemen. “Daarmee voorkom je nog meer ellende, als de overheid de AOW-leeftijd nog verder opschuift”, aldus Post. Intussen moet ook een oplossing worden gevonden voor zzp’ers, die nu niet worden geaccepteerd vanwege hun beroep of met een lagere eindleeftijd (soms 55 jaar) genoegen moeten nemen.

Stichting ZZP Nederland raadt zzp’ers aan om hun polis te controleren op eindleeftijd en stappen te ondernemen voor het te laat is. Leden kunnen zich melden bij de AOV-AOW-helpdesk van ZZP Nederland voor informatie en advies. De stichting roept hiermee gedupeerde zzp’ers op om zich te melden op e-mailadres info@zzp-nederland.nl, zodat de omvang van het probleem in kaart kan worden gebracht. Voorzitter Post: “Wij zullen er alles aan doen om de beweging in gang te zetten naar compensatie van de overheid voor de inkomensschade die men veroorzaakt bij hardwerkende ondernemers.”

Bron: ZZP Nederland, 19 april 2016

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Zzp’ers gedupeerd door verschuiving AOW-leeftijd

Bovib informatiebijeenkomst Wet DBA – impressie

Impressie Bovib informatiebijeenkomst Wet DBA
De Bovib (Brancheorganisatie voor intermediairs en brokers) heeft een informatiebijeenkomst georganiseerd op dinsdagmiddag 19 april 2016 in Hotel De Valk te Houten, die werd bezocht door ruim 300 belangstellenden, waaronder veel intermediairs.
Rob de Laat, voorzitter van de Bovib, heette de bezoekers welkom en nam het eerste deel van de presentatie voor zijn rekening.

Echt een probleem
“Onder de Wet DBA houdt de huidige werkwijze van veel opdrachtgevers, zelfstandigen en intermediairs niet stand voor 50 tot 60% van de situaties,” zo waarschuwde De Laat. “Er zijn nog veel knelpunten op te lossen in overleg met de Belastingdienst. Opdrachtgevers zijn onvoldoende op de hoogte van wat er op hen afkomt en ook intermediairs moeten zich goed laten informeren om de juiste keuzes te kunnen maken en het gesprek aan te gaan met hun klanten.”
Hij riep intermediairs op om lid te worden van de Bovib, ten behoeve van het draagvlak voor verbetering en oplossing van de knelpunten van de Wet DBA.

Deloitte
De Bovib werkt samen met Deloitte, Tax Director Boris Emmerig, aan een Modelovereenkomst, die breed toepasbaar is en zodanig ingericht dat intermediairs die zelfstandigen via tussenkomst bemiddelen en zelf opdrachtgever van de zp’ers worden, er veilig mee kunnen werken. De goedkeuring voor de Bovib Modelovereenkomst van de Belastingdienst, zal niet lang meer op zich laten wachten, zo geeft De Laat aan.
Boris Emmerig, Deloitte, verzorgde een deel van de presentatie tijdens deze bijeenkomst en beantwoordde een stroom aan vragen uit het publiek.

Tussenkomst intermediairs
De meerderheid van de intermediairs bij de Bovib hanteert het tussenkomstmodel, meestal omdat de klant daarom vraagt, zo lichtte De Laat in zijn laatste deel van de presentatie toe.

Dat dit zonder aanvullende maatregelen riskant is, blijkt overigens alleen al uit het feit dat de Belastingdienst op haar site laat weten dat er gerede kans is dat zelfstandigen hun status verliezen als ze via intermediairs, uitzenders of detacheerders werken.
Zie bijvoorbeeld: Belastingdienst/Ondernemerscheck De vrijwaring van loonheffing door de VAR bestaat niet meer per 1 mei. Er is weliswaar een transitiejaar tot 1 mei 2017, maar dat wil niet zeggen dat de Belastingdienst niet achteraf over 2016 heffingen kan opleggen.

NEN
“Voor het lidmaatschap van de grote brancheorganisaties, zoals ABU en NBBU, is certificering een vereiste. Voor het verkrijgen of laten verlengen van de NEN 4400-I certificering vormt straks het niet gebruikmaken van een modelovereenkomst een ‘minor’, een verbeterpunt, dat moet worden aangepakt alvorens de certificering kan worden behaald of verlengd,” zo gaf Rob de Laat aan tijdens de bijeenkomst.

“Breng dus in kaart hoe groot je probleem is,” zo adviseerde De Laat de aanwezige brokers en intermediairs. “Kijk niet alleen naar de mensen die als zp’er voor je werken, maar ook naar de mensen die via een bureau zijn ingezet bij een grote klant. Informeer klanten en zelfstandigen dat je hiermee aan de slag gaat. Zorg dat de klant er zodanig bij betrokken is dat het een risicovraagstuk wordt. Daarvoor is het ook nodig dat de managers van de Inkoop- en de HR-afdelingen erbij worden betrokken, zodat het gekozen beleid breed wordt gedragen.”

Gezagsverhouding complex vraagstuk
“De Belastingdienst kan al vrij snel de conclusie trekken dat er is sprake van een gezagsverhouding. Om die reden leggen we nadruk op het vraagstuk rondom gezag in onze discussie met de fiscus. De Belastingdienst ziet iemand bijvoorbeeld niet als zelfstandige, wanneer hij/zij dezelfde werkzaamheden uitvoert als een eigen medewerker; net zoals interne medewerkers deelneemt aan teamoverleg; instructies krijgt voor hoe werkzaamheden moeten worden verricht en bijvoorbeeld deelneemt aan vrijdagmiddag- of kerstborrels.”

Voor 50 tot 60% van de zp’ers zou in de praktijk kunnen gelden dat ze dezelfde werkzaamheden doen als eigen medewerkers, zo werd opgemerkt in de zaal.

“Dat is inderdaad een groot risico,” gaf De Laat toe, “en zolang de Belastingdienst daar geen heldere uitspraken over doet, is er een probleem.
Wij hebben er als brancheorganisatie daarom voor gekozen om niet te veel mee te bewegen. We zijn niet gebaat bij een snelle goedkeuring van onze modelovereenkomst, zolang intermediairs daarmee geen handvatten krijgen om het proces zodanig in te richten, dat het risico wordt beperkt. De Belastingdienst is evenwel positief over ons voorstel voor een set van twee modelovereenkomsten (intermediair – zelfstandige, klant – intermediair) met een bijbehorend beheersplan, het Tax Control Framework.”

Beheersmaatregelen
“Welke contractafspraken de intermediair ook maakt, het is van belang dat de opdrachtgever, zowel als de inhurende manager, op de hoogte is van wat er in de overeenkomst is opgenomen en dat evenzeer de zzp’er betrokken wordt bij de tekst van de overeenkomst. Ieder moet zich daar aan houden, omdat een modelovereenkomst slechts vrijwaring geeft als in de praktijk ook volgens de afspraken wordt gewerkt. Dat is een grote verandering vergeleken met de huidige werkwijze. Bij voorkeur zouden beiden ook mee moeten tekenen voor de nieuwe werkwijze. Denk bijvoorbeeld aan de afspraak dat de werkzaamheden zelfstandig worden ingedeeld. Bij een afwijking van de afspraken, zou ook een interne structuur van melding moeten worden geregeld. Zelfstandigen moeten ook niet steeds weer worden ingehuurd zonder goede opdrachtomschrijving, wat dan lijken ze immers weer op een werknemer.

Bij grotere projecten is de inhuurperiode vaak drie of meer maanden. Voor deze situaties is er geen eenduidige oplossing. Een overeenkomst van opdracht met een duidelijke doelstelling is in ieder geval nodig. Alle contracten dienen daarom te worden gecheckt en opnieuw geformuleerd volgens de principes van een overeenkomst van opdracht. Het min of meer automatisch verlengen van contracten is, zoals al eerder opgemerkt, riskant.

De Belastingdienst heeft vijf jaar de tijd om met terugwerkende kracht loonheffing op te leggen (inclusief het jaar 2016) of in ieder geval tot het laatste jaar waarover de zelfstandige het definitieve bericht van zijn inkomstenbelasting heeft ontvangen. Met andere woorden: de Belastingdienst heeft ruim de tijd voor controles en conclusies achteraf.

De intermediairs, de opdrachtgevers en de zelfstandigen hebben die tijd niet. Zij moeten goed weten wat ze doen. De datum van 1 mei staat al voor de deur.”

Rob de Laat ziet bij alle lastenverhoging en waarschuwingen toch een lichtpunt voor intermediairs en brokers. “Meer dan voorheen komt de intermediair in de rol van partner, in plaats van leverancier. Hij zal echt samen met de klant naar oplossingen moeten zoeken. Hij kan de administratieve stroom in beeld brengen.”

Henk Wesselo, scheidend directeur van FNV Zelfstandigen, lichtte aan het slot van de bijeenkomst toe waarom de bond heeft meegewerkt aan de totstandkoming van de wet DBA.

Samenvatting: Hinke Wever, FlexNieuws

Seminar DBA 31 mei a.s.
Bezoek ook het FlexNieuws seminar DBA.
Met presentaties door Karl van der Horst (Bovib) en Lisette van Rossum (ABU). Beiden zijn diepgaand gespecialiseerd in de juridische aspecten van de Wet DBA en lid van Team en Werkgroep Wet DBA, dat overlegt met de Belastingdienst over de implementatie van de wet.
Marcel Reijmers (FlexKnowledge) licht toe hoe het administratieve proces veilig kan worden ingericht.
Nieuw: Tijdens dit seminar gaat Myrthe van den Heuvel (advocaat arbeidsrecht Marree en Dijxhoorn) in op het aspect van de gezagsverhouding.
Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Bovib informatiebijeenkomst Wet DBA – impressie