De gevolgen van handhaving schijnzelfstandigheid tekenen zich af in de zorg Geplaatst 24 februari 2025 door Redactie FlexNieuws Volgens ongeveer de helft van de duizend zorgprofessionals die een enquête van beroepsorganisatie NU’91 invulden, heeft de strengere naleving negatieve invloed op het werk. De kwaliteit van zorg wordt door het wegvallen van zzp’ers negatief beïnvloed, vindt opnieuw de helft. 57% geeft aan dat veel zzp’ers zijn gestopt of dat hun overeenkomst is beëindigd. Als gevolg daarvan merkt 59% een hogere werkdruk voor vaste medewerkers. Werkgevers zijn zoekende Misschien nog wel het opvallendste feit uit de enquête: 13% van de zzp’ers geeft aan te stoppen met hun werk in de zorg. Of ze dat ook echt gaan doen en om welk type zorgprofessionals het gaat, blijkt niet uit dit onderzoek. Maar Michel van Erp, woordvoerder van NU’91 weet dat er onder de zzp’ers vrouwen zijn die het ondernemerschap hebben omarmd om de zorg met gezinstaken te combineren. ‘Die groep bijvoorbeeld zou nu wel eens de zorg kunnen verlaten.’ Vooral in de ouderenzorg is de situatie nijpend. ‘In ziekenhuizen worden bedden gesloten of operaties uitgesteld, maar dat kan een verpleeghuis niet doen’, vervolgt hij. ‘In de ouderenzorg zijn werkgevers erg zoekende. We horen veel verschillende geluiden. Sommige werkgevers zoeken het in detachering en uitzenden. Andere trekken extra lager geschoold personeel aan, puur om extra handen te hebben. Weer anderen doen helemaal niets en wachten af of de teams het zelf oplossen.’ De zorgsector kampt al met enorme tekorten en het wegvallen van zzp’ers verergert deze crisis alleen maar, benadrukt de beroepsorganisatie. De handhaving terugdraaien is voor Van Erp niet wat NU’91 voorstaat. Volgens hem zijn de werkgevers nu aan zet om te zorgen dat werken in loondienst aantrekkelijker wordt. ‘Betere salarissen, meer zeggenschap, meer waardering. Het is een feit dat goed werkgeverschap zich uitbetaalt in een groeiend aantal vaste dienstverbanden.’ Goed werkgeverschap Tim Engelen, woordvoer van het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis, bevestigt dat je met goede arbeidsvoorwaarden werknemers aan je kunt binden. ‘Medewerkers hebben bij ons meer zeggenschap gekregen over de roosters’, vertelt hij. Sinds 2024 is een flink aantal zzp’ers bij het ETZ in vaste dienst gekomen. ‘Helemaal zonder lukt ons nog niet. Zij worden nog wel ingezet om de hoogste nood te lenigen. Wat overigens wel meespeelt is dat we de luxe hebben om een ziekenhuis te zijn. In verpleeghuizen en de thuiszorg zijn de problemen ernstiger.’ Dat ook een zorginstelling in de ouderenzorg helemaal zonder zzp’ers kan, bewijst Libertas Leiden. Toen bestuurder Benjamin Martens daar in 2021 aantrad, werkten er naast 650 vaste medewerkers 1.500 zzp’ers en uitzendkrachten die (soms eenmalig) diensten draaiden, zo vertelde hij aan de Volkskrant. Martens nam in 2022 de beslissing om in één klap te stoppen met de inhuur van zzp’ers en uitzendkrachten. Makkelijk was dat niet, blikt de betrokken HR-adviseur terug. Alle mogelijke hulptroepen werden ingezet, van familie, vrijwilligers en kantoorpersoneel tot de directeur die in hoogst eigen persoon meedraaide; alles om de zorg maar doorgang te laten vinden. Twee jaar later is de situatie tot rust gekomen. Elke maand wordt er 150 duizend euro bespaard op externe inhuur, waarvan 60 duizend euro als arbeidsmarkttoeslag terugvloeit naar de vaste medewerkers. Hun aantal groeide het afgelopen jaar van 630 naar 750. ‘Nog steeds is het af en toe spannend om de roosters rond te krijgen, zeker als er veel zieken zijn’, zegt de HR-adviseur. Onderaan de streep zijn de medewerkers tevreden over het besluit. ‘Bewoners én collega’s zijn blij met meer vaste gezichten. Ook is er veel minder paniek omdat mensen last-minute niet komen opdagen. Dat was een grote ergernis.’ Stimuleren, niet dwingen Jeroen Swanen van Vitalis herkent zich evenmin in de problemen die NU’91 schetst. ‘Wij hebben gesprekken gevoerd met onze zzp’ers en ze de vraag gesteld wat ze nodig zouden hebben om in loondienst te willen komen bij ons. Met een heel aantal, rond de vijftig, zijn we rondgekomen en die zijn in loondienst gekomen. De rest van de zzp’ers is naar FAIR, een regionale zzp-pool, overgegaan of bij ons gestopt.’ ‘Wij geloven in loondienst,’ vervolgt hij, ‘en zijn, althans zo denken we zelf, een heel fijne werkgever’, ‘We bouwen de zzp inzet af en hopen op enig moment grotendeels zonder te kunnen. We zien nu al een terugloop van zzp-inzet van 30% zonder dat de roosters daaronder lijden. De kwaliteit en continuïteit van zorg is bij ons geborgd. We zien nog steeds zzp’ers de overstap maken naar loondienst en dat is goed. We blijven stimuleren, niet dwingen.’ Swanen ziet geen zzp’ers de zorg verlaten. ‘Wel zagen we bij de overgang naar FAIR, waarbij AI controleert op echtheid van documenten, dat een klein aantal zzp’ers die controles weigerden te ondergaan of niet over de juiste documenten bleken te beschikken. Met die groep zijn we gestopt.’ Lees ook: Een regionale zzp-pool voor de zorg: in Zuidoost-Brabant lukte het wél ABN AMRO: 250.000 zzp’ers mogelijk schijnzelfstandige Paniek rond- en bij zzp’ers? “De verschillen per sector zijn groot” Kamer van Koophandel: groei van aantal zzp’ers in Nederland vertraagt in 2024 Geplaatst in In de wereld, Werken 4.0 | Tags Gezondheidszorg, ouderenzorg, personeelstekort, schijnzelfstandigheid, werkdruk, zzp | Reacties uitgeschakeld voor De gevolgen van handhaving schijnzelfstandigheid tekenen zich af in de zorg
Dekkers bereikt mijlpaal met levering van 10.000ste fiets aan OTTO Work Force Geplaatst 23 februari 2025 door Redactie FlexNieuws Dekkers Business Bikes, de zakelijke fiets specialist, heeft een belangrijke mijlpaal bereikt door de 10.000ste fiets te leveren aan OTTO Work Force. Sinds 2018 werken beide bedrijven samen om arbeidsmigranten op een vitale en duurzame manier te ondersteunen in hun dagelijkse vervoer van huisvesting naar werk. Dekkers en OTTO delen een gezamenlijke visie op duurzame mobiliteit van arbeidsmigranten. Met trots heeft Dekkers in de afgelopen jaren een breed scala aan fietsen geleverd. Doordat het zakelijke service team van Dekkers het onderhoud verzorgt, zijn er waardevolle inzichten opgedaan in mobiliteitsbehoeften van OTTO Work Force en haar medewerkers. “Dit gezamenlijke leerproces heeft geleid tot de ontwikkeling van de Karo OTTO E-bike en de Karo OTTO City,” aldus Jip van Mil, commercieel manager bij Dekkers Business Bikes. “Deze fietsen zijn niet alleen praktisch en onderhoudsvriendelijk, maar ook afgestemd op intensief gebruik. Met Airless fietsbanden behoren lekke banden tot het verleden, en dankzij het robuuste ontwerp bieden ze maximale betrouwbaarheid voor dagelijks woon-werkverkeer.” De fietsen, ontworpen met zo min mogelijk onderhoudsgevoelige onderdelen, zijn bovendien voorzien van een uniek OTTO-design met onder meer logo’s onder de lak voor extra bescherming tegen slijtage en diefstal. Een toekomst vol fietsmobiliteit Voor 2025 staat de uitlevering van nog eens 1.250 fietsen op de planning. Deze fietsen ondersteunen OTTO’s medewerkers in hun dagelijks werk en dragen bij aan groeiende vraag naar slimme en duurzame mobiliteitsdoelen van beide bedrijven. Geplaatst in Nieuws | Tags Advertorial | Reacties uitgeschakeld voor Dekkers bereikt mijlpaal met levering van 10.000ste fiets aan OTTO Work Force
De drie grootste risico’s bij verouderde cao-data Geplaatst 23 februari 2025 door Brightmine De urgentie voor correcte cao-data neemt toe. Cao’s veranderen regelmatig en beloningsstructuren steeds complexer. Daarnaast zien we dat toezichthouders strenger controleren op naleving en meer bewustzijn bij werknemers over hun rechten. Toch zien we in de praktijk dat verouderde of onjuiste cao-informatie regelmatig leidt tot kostbare claims en juridische procedures. Voor flexondernemers is het belangrijker dan ooit om te werken met actuele en betrouwbare cao-data. We zetten de drie grootste risico’s van het werken met verouderde cao-data op een rij: 1. Onjuiste inlenersbeloning Een van de meest voorkomende problemen is het incorrect toepassen van de inlenersbeloning. Dit gebeurt bijvoorbeeld wanneer periodieken verkeerd worden berekend of wanneer toeslagen over het hoofd worden gezien. Ook komen foute functie-indelingen regelmatig voor, waardoor medewerkers in een verkeerde loonschaal terechtkomen. De gevolgen? Claims voor nabetaling en mogelijk zelfs boetes van toezichthouders. 2. Gemiste cao-verhogingen Cao-verhogingen die niet tijdig worden doorgevoerd, leiden vaak tot een hoop gedoe. Niet alleen moet je als werkgever achterstallige loonbetalingen corrigeren, ook ben je verplicht om rente te betalen over deze gemiste betalingen. Daarnaast leidt dit vaak tot ontevreden medewerkers en een verhoogd risico op arbeidsonrust. 3. Verkeerde toepassing arbeidsvoorwaarden De impact van onjuiste cao-data gaat verder dan alleen het salaris. Denk aan verkeerd berekende vakantiedagen, fouten in de pensioenopbouw of gemiste ADV-regelingen. Deze fouten komen vaak pas laat aan het licht en kunnen dan leiden tot kostbare juridische procedures en reputatieschade. Hoe voorkom je deze risico’s? Het voorkomen van claims, nabetalingen en juridische procedures begint bij het werken met een betrouwbare cao-database. Zorg ervoor dat je systeem automatisch updates ontvangt bij cao-wijzigingen en monitor deze wijzigingen proactief. Het is daarnaast essentieel om alle aanpassingen goed te documenteren, zodat je altijd kunt aantonen wanneer en waarom bepaalde wijzigingen zijn doorgevoerd. Brightmine’s cao-database biedt de zekerheid die je als flexondernemer nodig hebt. Met real-time toegang tot actuele cao-informatie en automatische updates bij wijzigingen ben je altijd op de hoogte van de laatste ontwikkelingen. Onze juridisch gevalideerde data zorgt ervoor dat je met vertrouwen beslissingen kunt nemen over arbeidsvoorwaarden en beloningen. Het systeem stuurt automatisch notificaties bij belangrijke veranderingen, zodat je nooit meer een cruciale wijziging mist. Zo kun jij je focussen op je core business, terwijl wij ervoor zorgen dat je cao-data altijd actueel en correct is. Geplaatst in In de wet, Wetten & CAO’s | Tags Brightmine | Reacties uitgeschakeld voor De drie grootste risico’s bij verouderde cao-data
Uitzendbureaus verantwoordelijk voor juiste BRP-registratie arbeidsmigranten Geplaatst 21 februari 2025 door Redactie FlexNieuws Minister Van Hijum van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft aangekondigd dat uitzendbureaus voortaan verantwoordelijk worden voor een correcte registratie van arbeidsmigranten in de Basisregistratie Personen (BRP). Die verantwoordelijkheid ligt op dit moment alleen bij de arbeidsmigrant zelf. De minister wil via deze maatregel de registratie van arbeidsmigranten verbeteren en problemen door onjuiste inschrijving te voorkomen. Verantwoordelijkheid bij de uitzendbureaus Arbeidsmigranten die langer dan vier maanden in Nederland verblijven, moeten zich binnen vijf dagen na aankomst inschrijven in de gemeente waar ze wonen. Korter verblijf kan leiden tot registratie als niet-ingezetene. Te vaak staan arbeidsmigranten echter onterecht als niet-ingezetene in de BRP, wat problemen veroorzaakt voor zowel gemeenten als de migranten zelf, aldus de minister in een brief aan de Kamer. De nieuwe maatregel dwingt uitzendbureaus ertoe om hun werknemers te helpen bij de registratie en te controleren of deze correct is uitgevoerd. Minister Van Hijum benadrukt: “Grip op migratie begint bij een goede registratie van arbeidsmigranten. Van honderdduizenden arbeidsmigranten weten we niet precies waar ze zich bevinden. We kunnen ze daardoor niet bereiken. Ook kan de arbeidsmigrant zelf tegen allerlei problemen aanlopen, zoals onverzekerd zijn na het verliezen van een baan. We moeten de verantwoordelijkheid daar leggen waar die hoort: bij de uitzendbureaus die deze mensen naar Nederland halen.’’ Maatregelen binnen de Waadi De verplichte ondersteuning door uitzendbureaus bij inschrijving in de BRP wordt opgenomen in de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi). Dit betekent dat alle werkgevers die arbeidsmigranten uitzenden zich aan deze regels moeten houden. Uitzendbureaus zullen arbeidsmigranten niet alleen moeten helpen met inschrijven, maar ook controleren of de registratie daadwerkelijk goed is uitgevoerd. Dit kan bijvoorbeeld door het verstrekken van informatie in de taal van de arbeidsmigrant en het actief controleren of de inschrijving is voltooid. Aanvullende maatregelen Naast de verantwoordelijkheid van uitzendbureaus, zet de Rijksoverheid in op extra maatregelen om de BRP-registratie te verbeteren: Bewustwording onder arbeidsmigranten: Via e-mails en gerichte communicatie worden migranten beter geïnformeerd over hun registratieverplichtingen. Registratie contactgegevens: Sinds 2022 worden de contactgegevens van arbeidsmigranten bij inschrijving als niet-ingezetene vastgelegd. WorkinNL-informatiepunten: Op verschillende locaties in Nederland worden fysieke en mobiele informatiepunten ingericht waar arbeidsmigranten terecht kunnen voor hulp en advies over registratie in de BRP. De dienstverlening is beschikbaar in meerdere talen. Geplaatst in In de wet, Wetten & CAO’s | Tags arbeidsmigranten, uitzendbureaus, Van Hijum, Waadi | Reacties uitgeschakeld voor Uitzendbureaus verantwoordelijk voor juiste BRP-registratie arbeidsmigranten
Ondernemerschap zzp is volgens Hoge Raad volwaardig criterium bij beoordeling arbeidsrelatie Geplaatst 21 februari 2025 door Redactie FlexNieuws Of een Uber-chauffeur een arbeidsovereenkomst met Uber heeft, kan mede ervan afhangen of deze chauffeur zich in het economisch verkeer als ondernemer gedraagt. Dat staat in het vandaag verschenen antwoord van de Hoge Raad op prejudiciële vragen die het hof stelde in de zaak Uber. De Hoge Raad gaf in het Deliveroo-arrest een aantal gezichtspunten om een arbeidsrelatie te beoordelen. Een daarvan is extern ondernemerschap. In de situatie van Uber zou de arbeidsrelatie voor hetzelfde werk dan anders kwalificeren. Het hof vroeg aan de Hoge Raad of dat effect ook zo bedoeld was. Advies van de AG In september vorig jaar bracht een advocaat-generaal (AG) De Bock advies uit. Ze vond de betekenis die bij de beoordeling van een arbeidsrelatie moet worden gegeven aan persoonlijke ondernemerscriteria ‘beperkt’. ‘Ze doen ertoe, maar ze kunnen niet de ‘balans doen omslaan’, als op grond van andere criteria is geoordeeld dat de werkrelatie als arbeidsovereenkomst moet worden aangemerkt’. Volgens haar telt dus niet zozeer de persoon van de werkende, maar de arbeidsrelatie bij de kwalificatievraag. In het antwoord wijkt de Hoge Raad af van haar conclusie; hetzelfde werk voor dezelfde opdrachtgever kan voor een werkende met ‘ondernemerschap’ geen arbeidsovereenkomst betekenen en voor een werkende zonder ‘ondernemerschap’ wel. Arbeidsrechtadvocaat Joost van Ladesteijn vindt het een terechte uitspraak. ‘Precies wat ik had verwacht, in lijn met de welbekende toetsing en arresten.’ Hij beargumenteerde eerder in een commentaar dat het advies van A-G Bock onjuist was. De uitspraak van de Hoge Raad van vandaag sluit voor de antwoorden van alle prejudiciële vragen aan bij zijn commentaar. Van Ladesteijn constateerde dat de Belastingdienst in lijn werkte met het advies van De Bock en ‘extern ondernemerschap’ pas meetelt als er geen uitsluitsel is op basis van de andere acht criteria. ‘A priori stellingnames over functies verhouden zich moeizaam met een holistische toets’, zegt hij. ‘Dit werkt door naar alle tools van de Rijksoverheid, alsook beoordelingen die zijn verricht op basis van het advies van A-G De Bock en de wet VBAR.’ Wet VBAR De antwoorden van de Hoge Raad zijn belangrijk voor de wet VBAR. De rangorde werd namelijk ook aangehouden in het wetsvoorstel. In de toelichting bij de wet staat dat ‘het ondernemerschap van de persoon van de werkende niet centraal staat bij de beoordeling van een concrete arbeidsrelatie’. Het belangrijkst bij de beoordeling zijn het werk, de samenwerking binnen de organisatie en de risico’s, verantwoordelijkheden en investeringen van de zelfstandige voor deze specifieke opdracht. Pas als dat geen uitsluitsel geeft, wordt er naar de persoon gekeken. Minister Van Hijum (SZW) heeft eerder aangegeven het antwoord te betrekken in het wetgevingstraject. Hij zal de Tweede Kamer informeren over de gevolgen voor het wetsvoorstel. Procedure Een andere vraag aan de Hoge Raad ging over de procedure waarop je de arbeidsrelatie moet vaststellen. De FNV begon de procedure op basis van de Wet AVV (algemeen verbindend verklaringen van bepalingen van cao’s). De chauffeurs die wél ondernemers zijn, zouden dus ongewild bij de beslissing van het hof betrokken worden. Volgens de Hoge Raad kan de rechter zal in een procedure op de voet van art. 3 lid 2 Wet AVV geen algemeen oordeel geven over de kwalificatie van tussen de werkgever/opdrachtgever en werkenden gesloten overeenkomsten als blijkt dat de individuele omstandigheden van de (groepen) werkenden daarvoor te veel uiteenlopen. Voor zover de rechter bij de kwalificatie van de overeenkomsten wel oordelen kan geven voor bepaalde (groepen) werkenden, kan de rechter dit tot uitdrukking brengen in het dictum van de uitspraak. Het antwoord op deze prejudiciële vraag is dus bevestigend. Meer lezen: Belastingdienst weegt persoonlijk ondernemerschap zelden mee in oordeel over schijnzelfstandigheid. ‘Onjuiste toepassing’ Advies AG aan Hoge Raad: betekenis ondernemerscriteria bij beoordeling arbeidsrelatie ‘beperkt’ Minister Van Hijum gaat ‘nog eens goed’ naar wet VBAR kijken Arbeidsrechtdeskundigen pleiten voor aanpassing wetsvoorstel VBAR. ‘Of iemand zich als ondernemer gedraagt, is een essentieel criterium’ Geplaatst in Nieuws | Reacties uitgeschakeld voor Ondernemerschap zzp is volgens Hoge Raad volwaardig criterium bij beoordeling arbeidsrelatie