Maandelijkse archieven: januari 2024

6,3 procent van werkzame Groningers wil meer uren werken

Er waren in Nederland 508 duizend onderbenutte deeltijders in 2022, dit is 5,3 procent van de totale werkzame beroepsbevolking. In de vier noordoostelijke provincies werd naar verhouding vaak in deeltijd gewerkt. Afgezet tegen de werkzame beroepsbevolking zijn daar ook de meeste onderbenutte deeltijders. In 2022 was dat percentage het hoogst in Groningen (6,3 procent) en het laagst in Zeeland (4,8 procent).

Bron CBS

 

Vaals (Limburg) heeft hoogste aandeel onderbenutte deeltijders 

In 2022 lagen de gemeenten met het laagste percentage onderbenutte deeltijders (4,4 procent) in Zeeland en Limburg: Borsele, Schouwen-Duiveland en Eijsden-Margraten. De gemeenten met de hoogste percentages waren Vaals (7,4 procent), gevolgd door Groningen (7,0 procent) en Wageningen (6,9 procent). Het percentage onderbenutte deeltijders is relatief hoog in studentensteden. Daar zijn ook verhoudingsgewijs veel werklozen en semiwerklozen.

Bron: CBS

 

 

Ruim 4 op de 10 onderbenutte deeltijders jonger dan 25 jaar 

Onderbenutte deeltijders zijn relatief jong. In 2022 was 43 procent van alle onderbenutte deeltijders 15 tot 25 jaar. Dit zijn vooral scholieren en studenten die een bijbaan hebben en zeggen direct beschikbaar te zijn om meer uren te werken. Het relatief hoge percentage onderbenutte deeltijders in de noordoostelijke provincies hangt samen met iets hogere percentages jongeren onder de werkzame beroepsbevolking.

Bron CBS

 

  • Lees het nieuwsbericht van het CBS hier
Geplaatst in Arbeidsmarktdata, In de wereld | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor 6,3 procent van werkzame Groningers wil meer uren werken

Dit is nieuwe wetgeving waar uitzenders in 2024 mee te maken krijgen

Wet verbetering zekerheid flexibele arbeidskrachten

Grootste impact voor uitzenders heeft ongetwijfeld het wetsvoorstel Meer zekerheid flexwerkers. Dit omvat deze drie concrete maatregelen:

  1. Positie oproepkrachten versterken door het afschaffen van nulurencontracten; deze worden vervangen door (vaste en tijdelijke) basiscontracten met een minimumaantal uur waarvoor werkenden worden ingeroosterd en betaald krijgen.
  2. Positie uitzendkrachten verbeteren door inperking uitzendtermijn; de maximale termijn van Fase A wordt verkort van 78 weken naar 52 weken, waarbij geen afwijkingen per CAO meer mogelijk zijn. (Dit is overigens al in de huidige Uitzend CAO bepaald). En de maximale termijn van Fase B gaat van 6 contracten in 4 jaar naar 6 contracten in 2 jaar. Na deze periode moet de uitzendkracht een vast contract krijgen bij het uitzendbureau. En er zal geen mogelijkheid meer zijn via cao hiervan af te wijken, wat betekent dat de uitzendtermijn (Fase A en B) maximaal 3 jaar wordt.
  3. Draaideurconstructies voorkomen; de onderbrekingstermijn waarna een werkgever iemand opnieuw in tijdelijke dienst mag nemen, gaat naar 5 jaar (die tussenpoos is nu nog 6 maanden). De termijn van 5 jaar geldt straks ook bij fase A en B bij uitzenden. Voor scholieren en studenten met een bijbaan gaan andere regels gelden. Ook voor seizoensarbeid blijft een uitzondering gelden; per cao kan een onderbrekingstermijn van 3 maanden worden afgesproken voor functies die maximaal 9 maanden per jaar kunnen worden uitgeoefend.

De status van dit wetsvoorstel is dat de internetconsultatie afgelopen najaar is afgerond. Na mogelijke aanpassingen op basis van het commentaar, gaat het concept-wetsvoorstel naar de Tweede Kamer. 

Niet-controversieel verklaard

Minister Van Gennip kan ondanks haar demissionaire status doorgaan met de voorbereiding van de wet, omdat het onderwerp niet-controversieel is verklaard na de val van het kabinet. De Tweede Kamer zal het wetsvoorstel dus gewoon behandelen. Gezien de brede politieke steun voor strengere regelgeving voor flex, is de verwachting dat ook de nieuwe Tweede Kamer in een grote meerderheid de arbeidsmarktplannen van Van Gennip zal steunen. Uitzenders moeten er dus zeer ernstig rekening mee houden dat deze wet dit jaar zal worden aangenomen. 

Wet ‘toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten’ (Wtta)

Minister van Gennip wilde aanvankelijk een certificeringsplicht voor uitzenders invoeren. Maar na forse kritiek van de Raad van State en brancheorganisaties kwam zij met een alternatief: een toelatingsstelsel voor uitzendbureaus en andere bedrijven die arbeidskrachten ter beschikking stellen conform de WAADI. Dit geldt dus voor uitzendbureaus die hun eigen uitzendkrachten plaatsen bij opdrachtgevers maar daarnaast ook voor doorleners, payrollers en detacheerders. 

Malafide uitzenders weren

Idee hierachter is dat in dit nieuwe stelsel uitzendbureaus (uitleners) alleen op de markt mogen opereren als zij officieel zijn toegelaten. En bedrijven die gebruik maken van uitzendbureaus (inleners) mogen alleen zaken doen met bureaus die daadwerkelijk toegelaten zijn tot de markt. Doel is malafide uitzenders weren van de markt en daarmee misstanden bij (met name) de inzet van arbeidsmigranten voorkomen (in lijn met aanbevelingen van de Commissie Roemer).

Inhoud wetsvoorstel

In dit wetsvoorstel Wet ‘toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten’ (Wtta) staat onder meer dat het bemiddelingsbureau een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) moet indienen, een waarborgsom van € 100.000,- moet overmaken en moet kunnen aantonen dat het bureau het juiste loon en belastingen betaalt. Om te worden toegelaten tot de markt is een goedgekeurd inspectierapport nodig. Daarvoor moet de uitlener aantoonbaar voldoen aan een normenkader dat bestaat uit vijf onderdelen, waaronder het SNA-keurmerk.

Periodiek zal (door de Arbeidsinspectie) worden gecontroleerd of de uitzendbureaus zich aan de regels blijven houden. Het toezicht houdt onder andere in dat de Arbeidsinspectie boetes kan opleggen aan uitleners die zonder toelating arbeidskrachten ter beschikking stellen, en aan inleners die arbeidskrachten inlenen van niet-toegelaten uitleners.

Stand van zaken en tijdpad

Afgelopen oktober stuurde de minister het wetsvoorstel ‘Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten’ (Wtta) naar de Tweede Kamer. 

De Wtta ligt momenteel dus voor behandeling bij de Tweede Kamer. Experts verwachten dat ook deze wet er doorheen komt. Zonder vertraging treedt de Wtta dan per 1 januari 2026 in werking. Vanaf die datum start dus de handhaving. Dat lijkt ver weg, maar dat is het niet. Je moet als uitlener de aanvraag voor toelating uiterlijk vóór 1 juli 2025 bij de toelatende instantie indienen.

Het wetsvoorstel bevat ook overgangsrecht om – in aanloop naar de inwerkingtreding van de toelatingsplicht per 1 januari 2026 – uitleners te stimuleren om vóór 1 juli 2025 een toelating aan te vragen en zich, in aanloop daarnaartoe, vrijwillig te laten certificeren door de Stichting Normering Arbeid (SNA). 

Wet toezicht gelijke kansen bij werving en selectie

De Wet Toezicht gelijke kansen bij werving en selectie verplicht werkgevers en intermediairs om een werkwijze te hebben die gericht is op het voorkomen van discriminatie bij werving en selectie van werknemers.
De wet schrijft voor dat werkgevers met 25 of meer werknemers deze werkwijze schriftelijk moeten vastleggen. Ook intermediairs (denk daarbij aan uitzendbureaus en payrollbedrijven) moeten een dergelijke werkwijze hebben. 

Vergewisplicht 

Er komt ook een ‘vergewisplicht’. Wanneer een werkgever (of intermediair) een derde partij inschakelt voor de werving en selectie (dat kan ook een geautomatiseerd systeem zijn) dan is de werkgever (of intermediair) verplicht zich ervan te ‘vergewissen’ dat die derde partij de wet op een juiste manier naleeft. Oftewel, een goede werkwijze heeft tegen arbeidsmarktdiscriminatie.

Meldplicht 

Voor intermediairs geldt er dan ook nog een meldplicht. Intermediairs moeten beschikken over een procedure voor het omgaan met discriminerende verzoeken van hun klanten. Intermediairs worden verplicht (vermoedelijke) arbeidsmarktdiscriminerende verzoeken te melden bij de Arbeidsinspectie.

Lees ook: Wet toezicht gelijke kansen bij werving en selectie, wat houdt het in?

De Inspectie SZW ziet erop toe dat werkgevers een dergelijke werkwijze hebben. Als die ontbreekt, kan de Inspectie daarvoor een boete opleggen, die vervolgens ook openbaar wordt gemaakt. Het doel is om werkgevers bewuster te maken van arbeidsmarktdiscriminatie. De Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) en de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi) worden voor dit wetsvoorstel aangepast.

Het voorstel voor de wet Toezicht gelijke kansen bij werving en selectie ligt momenteel in behandeling bij de Eerste Kamer. De wet is dus nog niet aangenomen en nog niet van kracht.

Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR)

De Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR) kan worden gezien als de opvolger van de omstreden Wet DBA.
Doel van het voorstel is om schijnzelfstandigheid te voorkomen en handhaving beter mogelijk te maken. De wet beoogt namelijk te verduidelijken wanneer een werkende ingehuurd kan worden als zzp’er en is bedoeld om mensen die werken voor een uurtarief lager dan € 32,24 betere bescherming te bieden.

De wet bestaat uit twee onderdelen: 

  1. Het eerste deel beoogt te verduidelijken wanneer iemand ingehuurd kan worden als zzp’er. Daarvoor zijn drie type criteria opgesteld. A. Krijgt iemand werkinstructies? B. Is iemand ‘ingebed’? C. Is er sprake van ondernemerschap (binnen de opdracht)?
    Indien A en B geheel ontbreken, dan kan een opdracht uitgevoerd worden door een zzp’er. Indien A en/of B (deels) aanwezig is, dan dient naar C te worden gekeken. Indien criteria C niet zwaar genoeg tegenwicht biedt, dan kan een opdracht niet ‘buiten dienstbetrekking’ gedaan worden.
  2. Het tweede deel moet zzp’ers die ingehuurd worden voor een uurtarief van onder de € 32,24 per uur betere bescherming bieden. Als een zakelijke opdrachtgever een zzp’er minder dan 32,24 per uur betaalt, bestaat een ‘rechtsvermoeden van werknemerschap’ en mag deze zzp’er werknemersrechten opeisen

Lees ook: ZiPtalk explainer: Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden

Het is nog lang niet zeker of deze wet er komt. Een voorstel voor deze wet is nog niet ingediend bij de Tweede Kamer. De conceptwet VBAR is door minister Van Gennip in november ’23 ter internetconsultatie voorgelegd. Dit leverde een recordaantal kritische reacties op van vrijwel alle relevante brancheorganisaties. Met name het eerste deel van de wet stuit om stevige weerstand, zowel in de politiek als bij vertegenwoordigers van werkgevers en de flexbranche.

Demissionair minister Van Gennip moet, na analyse en beoordeling van alle reacties, nog komen met een inhoudelijk reactie. Een overleg met de (nieuwe) Tweede Kamer over haar zzp-beleid staat gepland op 25 januari 2024. 

Geplaatst in In de wet, Wetten & CAO’s | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Dit is nieuwe wetgeving waar uitzenders in 2024 mee te maken krijgen

Wat is ‘CSRD’ en wat moet ik ervoor doen?

Op 1 januari 2024 is de CSRD van kracht gegaan. Deze Europese duurzaamheidsrichtlijn verplicht bedrijven om transparanter te zijn over hun bedrijfsvoering. Veel bedrijven zijn nog niet op de hoogte van wat CSRD is en wat deze richtlijn voor hen gaat betekenen. Ook uitzendbedrijven kunnen indirect te maken krijgen met deze nieuwe richtlijn. 

Wat is CSRD?

CSRD is een richtlijn van de Europese Unie en staat voor Corporate Sustainability Reporting Directive. Door deze richtlijn moeten grote bedrijven vanaf 1 januari 2024 meer rapporteren in hun jaarverslag dan voorheen. Waar normaal gesproken jaarverslagen over in- en uitgaande geldstromen gaan, moeten deze door de CSRD ook transparantie geven over zaken als CO2-uitstoot, de langetermijnduurzaamheidsdoelen, arbeidsmisstanden in de bedrijfsketen, enzovoorts. In totaal zijn er 1100 verschillende punten waarover bedrijven mogelijk moeten rapporteren, waarvan zij over 195 punten verplicht transparantie moeten geven. 

Vervanger van de NFRD

De CSRD is de vervanger van de al bestaande Non-Financial Reporting Directive (NFRD). Deze richtlijn was minder uitgebreid en bood bedrijven te veel vrijheid in het rapporteren over een aantal duurzaamheidscriteria. Daardoor was het moeilijk om bedrijven onderling te vergelijken.

Met de CSRD hoopt de Europese Unie een goede aanzet te geven om de klimaatdoelstellingen van Parijs te behalen. De CSRD moet bedrijven aanzetten om onder andere te verduurzamen door in hun bestuursverslag ook de impact van het bedrijf op het klimaat te vermelden. Dit biedt investeerders, maatschappelijke organisaties en andere stakeholders inzicht in de sociale en duurzame prestaties van een bedrijf. Zo zou het ook ‘greenwashing’ tegengaan, waarbij bedrijven zich groener voordoen dan zij daadwerkelijk zijn. De richtlijn is onderdeel van de Europese Green Deal.

Hoewel de richtlijn onderdeel is van de Europese Green Deal, gaat het om meer dan alleen klimaatdoelstellingen. Ook sociale criteria zijn onderdeel van de richtlijn. Denk bijvoorbeeld aan de arbeidsomstandigheden van arbeiders in Chinese fabrieken die de onderdelen fabriceren van leaseauto’s. Of de verhouding tussen de hoeveelheid mannen en vrouwen in leidinggevende functies.

Wat heeft ESG hiermee te maken?

ESG is een bredere term en verwijst naar de Environmental (milieu), Social (sociaal), en Governance (bestuur) criteria die worden gebruikt om duurzaamheidsprestaties van bedrijven te beoordelen. Het is een term die vaak tegelijk valt met juridische richtlijnen die in dit kader passen, zoals de CSRD.

Met andere woorden, ESG is het bredere concept dat de aspecten Environmental, Social, en Governance omvat, terwijl de CSRD een specifieke regelgeving is die bedrijven verplicht om gedetailleerde duurzaamheidsinformatie te rapporteren. ESG-criteria vormen een belangrijk onderdeel van die rapportage.

Op wie is de CSRD van toepassing?

De CSRD is niet overal van kracht gegaan in 2024. De richtlijn zal in het begin enkel gelden voor ‘grote bedrijven’, die aan twee van de volgende criteria voldoen: de omzet is hoger dan €40 miljoen per jaar; een balanstotaal van meer dan €20 miljoen; meer dan 250 medewerkers (gemiddeld over een jaar). Voor veel bedrijven is dit niet van toepassing. Voor niet-beursgenoteerde mkb-bedrijven wordt gekeken naar een lichtere CSRD-variant die voor hen beter uitvoerbaar is.

Omdat de grote bedrijven verplicht zijn om hun hele keten inzichtelijk te maken, moeten ook kleine bedrijven zich op tijd voorbereiden op deze richtlijn. Daardoor is de kans groot dat uitzendbureaus door hun opdrachtgevers zullen worden gevraagd om inzicht te geven in bijvoorbeeld de man-vrouw verhouding in leidinggevende posities.

Versterken employer branding

Voor veel bedrijven zal de CSRD als een hoofdpijndossier aanvoelen. Tegelijkertijd schept deze richtlijn ook veel inzicht, zo schrijft Acture in een whitepaper. “Wij ontdekten dat wanneer je actief aan de slag gaat met duurzaamheid, dit juist tal van voordelen met zich meebrengt. Bijvoorbeeld een concretere missie en visie: waar willen we aan werken de komende jaren? Wat is onze stip op de horizon? Maar ook een betere propositie richting (potentiële) klanten en een beter onderscheidend vermogen ten opzichte van concurrenten.” 

Naast de kansen die deze nieuwe richtlijn Acture bood in het verscherpen van hun missie en visie, onderschrijven zij ook de kansen die ze biedt voor het versterken van hun employer brand. De nieuwste en de volgende generatie op de arbeidsmarkt (millennials en Gen Z) willen niet voor een bedrijf werken dat fossiele brandstof verslindt en dorpen in de derde wereld vernielt. Met de CSRD wordt particuliere bedrijfsvoering van algemeen belang en juist het algemeen belang wil deze generatie dienen.

Invloed op carrièrekeuze jongeren

Zo willen millennials dat individuen gerespecteerd worden, niet enkel binnen het bedrijf maar ook daarbuiten. Dit valt onder de peiler ‘Social’ binnen ESG. Ook Gen Z’ers houden in hun carrièrekeuze rekening met de maatschappelijke meerwaarde van een bedrijf. Zij willen onderdeel zijn van organisaties die goed willen doen voor de wereld. Zij geven de voorkeur aan werkgevers die duurzaamheid, sociale rechtvaardigheid en ethisch leiderschap hoog in het vaandel hebben staan. 

Zo’n 55% van Gen Z’ers en millennials geeft aan dat zij eerst de ecologische invloed van een bedrijf onderzoeken voordat zij een baan aannemen. En zo’n 40% van de Gen Z’ers geeft aan zij een andere baan hebben gezocht vanwege de negatieve impact van hun werkgever op het milieu.

Met andere woorden: deze jonge professionals zoeken niet slechts een aanstelling, maar een bedrijf dat aansluit bij hun idealen en die zich in willen zetten om de wereld te verbeteren. Daar komt bij dat deze doelgroep momenteel 38% van de werkende bevolking omvat, een percentage dat zal oplopen naar 58% in 2030. 

Vier strategieën voor de nieuwe generatie 

Zo somt dit whitepaper vier strategieën op voor succes in employer branding voor millennials en Gen Z’ers: 

  • Inzet voor duurzaamheid
  • Transparante rapportage
  • Betrokkenheid tot de medewerkers
  • Diversiteit en inclusie

Dat maakt dat drie van de vier strategieën haalbaar zijn door middel van de CSRD. Een uitstekende kans om je employer brand op te poetsen en de jongste en aankomende generatie professionals aan je organisatie te binden.

Geplaatst in Bedrijfsnieuws, In de branche | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Wat is ‘CSRD’ en wat moet ik ervoor doen?

“In 2024 nog grotere tekorten op arbeidsmarkt”

Als de regering het plan doorvoert om structureel arbeidsmigratie en flexibiliteit op de arbeidsmarkt terug te dringen, dan zal dit ertoe leiden dat essentiële sectoren zoals de zorg, techniek en logistiek niet langer normaal kunnen functioneren. Dat stelt Rika Coppens, CEO van multinational House of HR: “Er zal altijd behoefte zijn aan flexibel personeel, in elke sector en op elk moment. Ook willen mensen zelf meer en meer flexibel werken.” De overheid dient te faciliteren, volgens Coppens. Anders zullen bedrijven zelf initiatieven ontplooien om flexwerk te organiseren. “We verwachten dat dit in 2024 een vlucht zal nemen.”

Behoefte aan ZZP blijft, werkgevers gaan dit meer zelf organiseren

Daarnaast verwacht House of HR dat flex in 2024 onverminderd populair blijft. Met name onder hoogopgeleiden zal de behoefte blijven bestaan om op detacheringsbasis of als zzp’er te werken. Coppens: “Die behoefte aan flex, van zowel medewerkers als werkgevers, zullen we ook wettelijk moeten faciliteren.” Voor laaggeschoolde werknemers biedt het zzp’erschap vaak meer nadelen dan voordelen omdat een sociaal vangnet ontbreekt, meldt het bedrijf. 

Tegelijkertijd merken zij op dat veel laaggeschoolden naast hun vaste werk een bijbaan nemen voor de variatie. Daarom pleiten zij voor uitzendwerk met certificeringen van bureaus. Dit biedt meer bescherming ten opzichte van andere, minder gereguleerde systemen. “Maak als overheid uitzendwerk dus niet kapot door te veel flexibiliteit van het systeem weg te halen, want anders zullen (buitenlandse) slecht controleerbare constructies opduiken.” aldus Coppens. Zij stelt dat er een wetgeving moet komen die ‘meer differentieert naar doelgroepen’ en flexibiliteit mogelijk maakt in tijd, type job en thuiswerken. “Als we dit niet aan de regering kunnen overlaten, zullen er steeds meer initiatieven ontstaan vanuit het bedrijfsleven die flex toch mogelijk maken.” 

Verduurzaming vraagt om nieuwe skills

Coppens voorziet komend jaar dat het verwachte economische herstel zal leiden tot een nog veel krappere arbeidsmarkt: “We kunnen onze borst natmaken, want er zal een enorme vraag naar arbeid komen met voor sommige sectoren niet in te vullen tekorten. De verduurzaming en de elektrificatie van vervoer gaan enorm veel gekwalificeerde mensen vragen.” 

De huidige krappe arbeidsmarkt en de behoefte aan specialistisch opgeleid personeel maakt dat een grote uitdaging. Coppens: “De vraag is dan: hoe benut je de huidige arbeidsmarkt beter, hoe zorg je ervoor dat je de benodigde opleidingen gaat faciliteren en stimuleren?” Een optie is volgens Coppens om de opleidingen gratis te maken of door meer bijzonder flexibele arbeidsvoorwaarden te bieden waardoor onderwijs en werk nog gemakkelijker gecombineerd kunnen worden en het dus interessanter wordt om te studeren terwijl je deeltijds aan het werk bent.

“Er komen steeds meer kansen voor mbo-geschoolde jongeren om hun vakmanschap in te zetten. Ook ontkom je er niet aan om de arbeidsmarkt van buitenaf te versterken. De overheid zou ervoor moeten zorgen dat asielzoekers sneller aan het werk kunnen. Een mooi voorbeeld daarvan waren de Oekraïners het afgelopen jaar, zij konden direct aan het werk en hebben veel vacatures ingevuld.” aldus Coppens.

Artificial Intelligence maken HR en recruitment eenvoudiger, maar ethische inzet wordt belangrijk

House of HR ziet nu al dat AI meer ingezet wordt om de arbeidsproductiviteit te vergroten. De rol van ChatGPT hierin zal zich in 2024 verder ontwikkelen. Denk aan vacatureteksten automatisch opstellen, het maken van vertalingen voor arbeidsmigranten en AI inzetten om snellere maar nog steeds kwalitatieve keuzes te maken tijdens een selectieproces. 

Rika Coppens: “Met behulp van AI kun je veel gemakkelijker matches maken, alhoewel daarin ook een gevaar schuilt omdat discriminatie door automatische selectie op de loer ligt. Daarom verwachten we dat in 2024 en de jaren erna er steeds meer aandacht komt voor het verantwoord inzetten van AI. Als grotere organisatie in de HR, maken wij zelf al beleid en afspraken voor de ethische inzet van AI in HR.” 

Maar AI zal ook een invloed hebben op de arbeidsmarkt en het type banen, voorspelt House of HR. Zo zullen bijvoorbeeld copywriters, software ontwikkelaars en vertalers steeds minder nodig zijn en vervangen slimme chatbots steeds vaker callcenter medewerkers. 

Toch zal de arbeidsmarkt altijd open staan voor mensen die met technologie kunnen werken, dus een opleiding AI is ook voor veel mensen een nuttige investering. “Bijscholen is zeker aan te raden, want wat de industrialisatie en automatisering heeft betekend voor arbeidersbanen, zal AI ook betekenen voor banen als bijvoorbeeld ober of schoonmaker. Zorg dus dat je bijblijft en met AI kan werken!”

Zorg voor een arbeidsmarkt die kan meebewegen

Als deze ontwikkelingen samen maakt dat het een interessant jaar wordt. Coppens: “Ons pleidooi aan de politiek is vooral: zorg voor een arbeidsmarkt die kan meebewegen met wat werkgevers nodig hebben en wat werknemers het liefste willen. Dat kan alleen als er een goede balans is tussen flex en vast, als mensen goed opgeleid worden voor de nieuwe banen en als we voldoende mensen van buiten kunnen aantrekken om de personeelstekorten het hoofd te bieden.” 

Indien de overheid deze benodigdheden bemoeilijkt, zullen bedrijven en werkgevers zelf veel creatiever moeten zijn in de mogelijkheden voor flexibele en vaste banen, stelt Coppens. “Of het gevolg wordt dat bedrijven zich gaan verplaatsen naar landen waar flexibiliteit en arbeidskrachten wel aanwezig zijn. Een absolute bedreiging voor onze welvaart.”

Geplaatst in In de wereld, Politiek | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor “In 2024 nog grotere tekorten op arbeidsmarkt”

Leonie Gorissen volgt Lucas Polman op als Business Director Nederland bij Protime

Per 1 januari 2024 is Leonie Gorissen (43) aangesteld als Business Director Nederland bij Workforce Management specialist Protime. Ze neemt in deze rol het stokje over van Lucas Polman (53), die 25 jaar geleden de Nederlandse tak van Protime heeft opgericht. In haar nieuwe rol is Gorissen  verantwoordelijk voor de prestaties en verdere ontwikkeling van Protime Nederland. Polman gaat de rol van Strategic Officer bekleden. In deze functie richt hij zich op de strategische uitbreiding van de Nederlandse organisatie door middel van overnames & partnerships.

Al zo’n twintig jaar bij Protime Nederland

Leonie is al lang verbonden aan Protime Nederland. Al in 2002 startte ze hier als Sales Consultant. Binnen haar dienstverband van meer dan twintig jaar heeft zij diverse rollen vervuld. Voor haar benoeming tot Business Director Nederland was Leonie verantwoordelijk in de rol van Sales Director. De ervaring die ze in de verschillende functies opdeed, in combinatie met eigenschappen zoals empathie, nieuwsgierigheid en resultaatgerichtheid, maken haar volgens Protime de juiste persoon om de functie van Business Director Nederland te vervullen.

Groeien door samenwerkingen en overnames

De rol die Polman gaat vervullen als Strategic Officer is een nieuwe rol binnen Protime. De Workforce Management specialist groeit op dit moment elk jaar meer dan tien procent en heeft de ambitie deze groei de komende jaren te versnellen. Om dit te realiseren, is Protime actief op zoek naar samenwerkingen en overnames. Polman zal hier in zijn nieuwe functie invulling aan geven.

Lucas Polman: “Het is bijzonder om na zo’n lange periode het stokje over te dragen. Sinds de komst van Leonie heb ik haar zien groeien tot de succesvolle professional die ze vandaag de dag is. Het is fijn om te zien dat zij de waarden deelt waar onze groei al die jaren op is gebaseerd; het verschil maken voor onze klanten, samenwerking stimuleren en een sterk betrokken cultuur ondersteunen. Ik heb er dan ook alle vertrouwen in dat Protime Nederland onder haar leiding een nog stevigere positie in de markt weet te verwerven.”

Meer kennisdeling en diversiteit

Leonie Gorissen over haar aanstelling: “Ik kijk er ontzettend naar uit invulling te geven aan mijn nieuwe verantwoordelijkheden. Het bedrijf dat Lucas in de afgelopen 25 jaar gebouwd heeft, staat als een huis: we hebben een hecht team, trouwe klanten en de business groeit elk jaar. Ik vind het een eer om dit voort te mogen zetten. Daarin blijf ik focus houden op wat voor ons het belangrijkst is: onze medewerkers. Verder is mijn aanstelling een mooie gelegenheid om te kijken wat we als bedrijf nóg beter kunnen doen. Zo wil ik kennisdeling meer stimuleren en de diversiteit binnen de organisatie vergroten.”

Geplaatst in Bedrijfsnieuws, In de branche | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Leonie Gorissen volgt Lucas Polman op als Business Director Nederland bij Protime