Maandelijkse archieven: december 2023

HR professionals loyaal aan werkgever op uitdagende arbeidsmarkt

Ondanks de toenemende krapte op de arbeidsmarkt en het overvloedige aanbod aan banen, blijken HR-professionals loyaal aan hun huidige werkgever. Uit recent onderzoek van Berenschot, AFAS Software en Performa HR onder meer dan zeshonderd Nederlandse HR-professionals blijkt dat slechts vier procent actief op zoek is naar een andere baan.

Vorig jaar was nog twaalf procent van de HR-professionals op zoek naar nieuwe uitdagingen. Deze afname suggereert mogelijk een grotere invloed van economische ontwikkelingen op de keuze om bij de huidige werkgever te blijven.

Zorgen over economische omstandigheden

Niet verrassend spelen economische ontwikkelingen, zowel positief als negatief, een belangrijke rol in het werk van HR-professionals. Uit het onderzoek blijkt dat HR-professionals zich met name zorgen maken over het doorstaan van de coronacrisis en de resulterende prijsstijgingen.

Daarnaast uiten zij zorgen over de effecten van geopolitieke conflicten in Oekraïne en Israël. In twee jaar tijd steeg de bezorgdheid van HR-professionals over deze conflicten van 51 naar 81 procent, waarmee het de hoogste zorg op hun lijstje is.

Sterke positie ondanks zorgen

Ondanks de zorgen geeft bijna de helft van de HR-professionals aan dat hun positie op de arbeidsmarkt is verbeterd. Terwijl in 2021 slechts 27 procent vond dat ze een sterke positie hadden, is dat percentage nu gestegen naar 44 procent.

De cijfers werden gepresenteerd tijdens HR Live, het grootste jaarevenement voor HR-professionals, dat elk jaar wordt georganiseerd door Performa HR in samenwerking met AFAS Software en Berenschot.

Geplaatst in Arbeidsmarktdata, In de wereld | Tags | Reacties uitgeschakeld voor HR professionals loyaal aan werkgever op uitdagende arbeidsmarkt

Edwin van den Elst: “Ik wil de VvDN nóg beter op de kaart zetten”

Tijdens de ALV op donderdag 7 december hebben de VvDN-leden ingestemd met de benoeming van Edwin van den Elst.

Hiermee heeft de VvDN eindelijk een nieuwe frontman gevonden. Edwin van den Elst volgt de eerste voorzitter Maikel Pals op. Pals (ex-Brunel, oprichter/consultant van Peter Zebra) was in 2019 mede-oprichter en heeft de vereniging de eerste jaren een gezicht gegeven. Maar sinds de zomer van ’21 zit de VvDN al zonder voorzitter. De komst van Edwin van den Elst is dan ook meer dan gewenst.

Met een intensieve lobby, strenge kwaliteitseisen, een eigen MarktMonitor en wellicht in de nabije toekomst zelfs een eigen CAO timmert de VvDN al behoorlijk aan de weg. Aan Van den Elst de taak dit verder uit te bouwen. “Ik zal echt mijn best doen om de VvDN nóg beter op de kaart te zetten.”

Detacheren is geen flex

Nu Edwin van den Elst niet meer de dagelijkse leiding heeft als CEO voor Talent&Pro en de Redmore Group (zie kader) is er meer ruimte in zijn agenda om zich in te zetten voor de VvDN. Aan motivatie om detachering in de polder en politiek beter voor het voetlicht te brengen geen gebrek. “Ik maak mij al heel lang boos over het feit dat de rol van detachering niet wordt onderkend. De wetgever percipieert dit nog altijd als flex. Ik hoor (demissionair) minister Van Gennip (SZW) in elk interview zeggen dat vast de norm moet zijn en dat ze af wil van flex. Nog afgezien van de vraag of dat voor elke doelgroep gewenst is, geldt juist voor detacheren dat wij nou precies dat doen wat de politiek wil: wij bieden meer dan de gemiddelde werkgever vaste contracten, zorgen voor fatsoenlijke beloning en proberen onze mensen zo lang mogelijk aan ons te binden door veel te investeren in (persoonlijke) ontwikkeling om te zorgen dat zij gelukkig zijn en blijven in hun werk. En toch wordt detacheren nog altijd als flex gezien!”

Wetgeving werkt contraproductief

Probleem is natuurlijk dat detachering door de driehoeksarbeidsrelatie opdrachtgever-werknemer-werkgever onder de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi) valt en daardoor juridisch als ‘uitzenden’ wordt gezien.

“Die one size fits all-wetgeving past niet bij ons detacheerders”, stelt Van den Elst. “Bij ons, binnen House of HR (zie kader), bestaan prachtige vormen van flex naast elkaar. Er zijn verschillende doelgroepen werkenden, daarvoor zou ook verschillende regelgeving moeten bestaan.”

Volgens hem werkt de huidige wetgeving juist contraproductief. “Detacheerders werken vaak met jonge, hoogopgeleide professionals. Die kunnen overal terecht, dus moeten wij alles uit de kast halen om hen aan ons te binden. Het moeten voldoen aan de huidige wetgeving maakt dat er niet gemakkelijker op.” Van den Elst noemt als voorbeeld de inlenersbeloning. “Die jonge professional wil net als zijn collega-gedetacheerden een goed, eerlijk loon, investering in zijn opleiding en ontwikkeling, misschien een lease-auto en een goede pensioenregeling. En als hij goed heeft gepresteerd, volgend jaar een verhoging van het salaris. Dan wil je geen inlenersbeloning moeten toepassen, waarbij zijn loon afhankelijk is van de opdrachtgever waar hij zit.” Hetzelfde geldt voor de pensioenregeling. “Wij zijn verplicht aangesloten bij de StiPP-pensioenregeling. Dat betekent voor veel gedetacheerden dat zij een slechtere pensioenregeling hebben dan zij anders zouden krijgen.” Van den Elst concludeert: “We moeten af van de grillen die de inlenersbeloning voor detachering met zich meebrengt.”

Veel werk te doen

Er is komend jaar genoeg te doen voor de VvDN en de kersverse voorzitter. Over het lange termijndoel is Van den Elst helder: “Het ultieme doel is een eigen juridische positie voor detachering in de wet. En een eigen loonhuis voor onze (vaste) professionals.” Zo ver is het nog lang niet. Eerst moet gewerkt worden aan het verbeteren van de maatschappelijk status van detachering. “Mensen moet beter gaan begrijpen wat wij doen.” Van den Elst zoekt daarbij nadrukkelijk de samenwerking met andere stakeholders. “We moeten dit sectorbreed aanpakken. Ik ben blij met de ABU-erkenning van de pluriformiteit van flex. Dat is positief. Ik voel de uitgestoken hand en wil hierin ook graag samen optrekken.” Ook gaat Van den Elst graag het gesprek aan met de vakbonden. “Wij streven naar een eigen CAO die recht doet aan de positie van detacheren. Daarvoor is nog veel werk te doen. Maar dit is voor ons belangrijk, zie het als een tussenoplossing om het ultieme doel te bereiken: een eigen juridische positie voor detachering.”

Boodschap voor Den Haag

Het is ook (mede) aan Van den Elst om in politiek Den Haag het geluid van de VvDN te laten horen. Het heeft lang geduurd voordat de brancheorganisatie een nieuwe voorzitter heeft gevonden, maar volgens hem is de timing van zijn benoeming juist heel goed. “Het zijn woelige tijden in Den Haag. Er zit heel veel wetgeving aan te komen die ook detachering raakt. De politiek en sociale partners percipiëren nog steeds alles als één berg flex. Daar is veel meer nuance nodig. De misstanden in de uitzendsector die je in het nieuws ziet, bijvoorbeeld bij arbeidsmigranten, zijn schokkend. Het is volkomen terecht dat men dat wil aanpakken door betere regelgeving en handhaving, maar het staat volkomen los van wat wij doen als detacheerders.”

Die boodschap overbrengen is meer dan ooit van belang, zeker nu met de komst van nieuwe partijen en vele nieuwe Kamerleden, denkt Van den Elst. “Daar is educatie nodig, uitleggen dat detachering echt anders is dan flex en de belangrijke, eigen positie van detachering duidelijk maken. Daar ga ik graag mee aan de slag.”


Carrière Edwin van den Elst

Hij is bepaald geen onbekende in de detacheringsbranche. In ’96 zette Edwin van den Elst als hypotheekadviseur bij de Rabobank de eerste stappen in de financiële wereld. Kort daarop volgde een baan als docent bij financieel detacheerder Welten Groep. Hij startte in 2006 zijn eigen executive search-bureau voor de bank- en verzekeringswereld en maakte kort daarna de ‘lastige tijd’’ van de financiële crisis mee.

Talent&Pro
Van den Elst ging vervolgens als interimmer aan de slag bij detacheerder in de financiële dienstverlening Talent&Pro, waar hij in 2008 directeur werd. Samen met enkele compagnons nam hij het bedrijf in 2010 over. Mede door enkele overnames is Talent&Pro de afgelopen 15 jaar uitgegroeid tot een van de grootste financieel detacheerders van Nederland.

Redmore
In 2014 gingen de bedrijven Talent&Pro, Triple A – Risk Finance, Triple S Unlimited , Profource op in de Redmore Group, waar Van den Elst vanaf 2018 CEO is geweest. Onder zijn leiding groeide de organisatie uit tot een bedrijf van meer dan 2.500 medewerkers in zeven Europese landen met een totale omzet van € 250 miljoen op jaarbasis. Van den Elst droeg afgelopen zomer het stokje over aan Arjen de Boer (CEO) van ITDS, dat inmiddels ook onderdeel van Redmore is geworden.

HOHR
In 2017 werd Redmore al overgenomen door de Belgische uitzendreus House of HR. Nadat Edwin van den Elst in juli van dit jaar besloot zijn rol als CEO van Talent&Pro en van Redmore over te dragen, is hij – naar eigen zeggen in een ‘vrijere rol’ actief voor HOHR-organisatie. Hij leidt onder meer het leadership programma, zit de ESG-commissie voor en houdt zich bezig met de M&A-activiteiten van het concern.


 

Geplaatst in Branchenieuws | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Edwin van den Elst: “Ik wil de VvDN nóg beter op de kaart zetten”

Nétive VMS neemt FlexForceMonkey over: “We kunnen nu de hele keten ondersteunen in verdere professionalisering”

Nétive VMS en FlexForceMonkey hebben al jaren intensief contact, vertellen Patrick Tiessen, directeur bij Nétive VMS en Doede van Haperen, CEO (Chief Enthusiasm Officer) van FlexForceMonkey. Die gesprekken leidden stapsgewijs tot een bijna vanzelfsprekende formalisering van die samenwerking, leggen Patrick en Doede uit.

Per 21 november is FlexForceMonkey overgenomen door Nétive VMS. “We vullen elkaar op diverse terreinen zo sterk aan dat het samengaan van onze bedrijven voor ons beiden als een hele logische stap voelt”, aldus Patrick. “We zitten natuurlijk sowieso allebei op hetzelfde werkgebied, namelijk de flexbranche. Bij Nétive VMS richten we ons als VMS Suite primair op het hele proces van werven en administratieve ondersteuning van de opdrachtgever. FlexForceMonkey zit juist vooral op het faciliteren van het aanbodproces en richt zich primair op de leverancier. Dat is wat ons betreft een sterke ‘winwin’, want door onze expertise te bundelen kunnen we nu de hele keten ondersteunen in hun verdere professionalisering en digitalisering.

Verdere digitalisering

Wij waren zelf met de ontwikkeling van een nieuwe tool, Nétive VMS Connect, al stappen aan het zetten voor de uitwisseling van gegevens tussen onze VMS Suite en de systemen van de leveranciers. We wilden die digitalisering van de flex supply-chain dus al oppakken. FlexForceMonkey deed dit al als specialisme. Toen we met Doede in gesprek kwamen concludeerden we dat we die nieuwe kennis veel sneller en beter via Doedes bestaande expertise konden binnenhalen dan het allemaal zelf te gaan doen. Samen kunnen we deze nieuwe activiteiten met onze complementaire expertises veel beter in de markt zetten.”
Doede: “Voor ons zit de winst sterk in het feit dat we nu een veel bredere basis hebben om onze missie – digitaal samenwerken tot standaard te verheffen – te realiseren.”

Slimme koppelingen

Bij FlexForceMonkey hebben we er onze specialiteit van gemaakt om al die handmatige processen te vervangen door slimme koppelingen. Wij zijn een integratieplatform dat is ontstaan vanuit geluiden in de markt van leveranciers om met de inhuurprocessen van opdrachtgevers samen te werken. De frustratie van de leverancier is vaak dat de opdrachtgever vooral bezig is met interne optimalisatie, maar dat die leverancier het vervolgens maar moet uitzoeken. Om dat probleem op te lossen hebben wij een platform gebouwd waar alle leveranciers software-onafhankelijk gebruik van kunnen maken, zodat iedereen in zijn eigen omgeving kan optimaliseren. Het platform ondersteunt processen en kan verschillende processen aan elkaar knopen. Wij werken veel voor grote uitzenders en van hen kreeg ik ook al regelmatig de vraag: ‘Kun je niet eens met Nétive VMS gaan praten’”

Patrick: “We zijn ervan overtuigd dat onze samenwerking voor de markt heel belangrijk is, want we zien dat de vraag bij opdrachtgevers steeds breder wordt. Het gaat dan over vragen over interfaces, integraties, et cetera. Als we tegenwoordig met een nieuwe klant in gesprek gaan, gaat hun eerste vraag ook altijd over koppelingen: ‘Kun je het koppelen aan Workday? Kun je het koppelen aan SAP?’ In de huidige situatie moeten intercedenten of consultants vaak nog handmatig gegevens overkloppen van een VMS naar het systeem waar de uitzend- of detacheringsorganisatie mee werkt. Dat is natuurlijk ontzettend tijdrovend en kost dus onnodig geld.”

“We zien dat de vraag bij opdrachtgevers steeds breder wordt”

Doede: “Ook andere ontwikkelingen zorgen ervoor dat het eisenpakket bij de opdrachtgever steeds zwaarder wordt. Denk aan AVG-gerelateerde zaken. Dat vraagt om opschalen van het team bij de opdrachtgever. Wij kunnen onze ervaring inzetten om ze daarbij te helpen. En we kunnen ze praktisch ondersteunen door afspraken met leveranciers te maken.”

Patrick: “Exact. Als wij praten met softwareleverancier X, bijvoorbeeld een ATS of front-/backoffice systeem, en we weten dat 30 van hun klanten met Nétive VMS werken, dan is het handig om in één keer de afspraak met die leverancier te maken dat het gecertificeerd is. Dan zijn zij blij, wij blij en is vooral de klant blij. Wij zijn dus al met dit soort partijen in gesprek.”

Enorme efficiencyslag

De efficiencyslag die met het slim automatiseren van al die processen gemaakt kan worden is enorm. Patrick legt uit: “Als je kijkt naar ons totale netwerk aan stakeholders, dan heb je het over 300 opdrachtgevers en 6.500 unieke leveranciers. Die leveranciers leveren allemaal bij verschillende partijen en wij willen de lijntjes die daar achter zitten allemaal automatiseren. Je moet je voorstellen dat in de huidige situatie grote uitzenders van 150 klanten die de Nétive VMS Suite gebruiken iedere maandag mailtjes krijgen dat er urenstaten klaarstaan. Vervolgens loggen allemaal mensen in op al die verschillende portals om handmatig al die uren af te vinken. Ze gebruiken een tooltje hier en een tooltje daar om dat allemaal in het eigen systeem te krijgen.

Het gaat bij dit soort handelingen om vele uren per week aan handmatig werk. Straks is al dat handmatige werk niet meer nodig. In plaats daarvan krijgt die grote partij alleen nog maar één lijst met pak ‘m beet 2.000 mensen waarvan de facturen zijn gecontroleerd. Alle onnodige administratieve handelingen halen we er op die manier uit en dat scheelt natuurlijk bakken met tijd.

En dezelfde besparing krijg je bij de opdrachtgever. Stel dat je een planning hebt en een dag van tevoren melden meerdere mensen zich ziek. Je moet drie aanvragen uitzetten. Dan wil je dat die recruiter er meteen mee aan de slag gaat zonder dat hij van systeem naar systeem hoeft te gaan. Als je alles aan elkaar hebt geknoopt dan kan ook dat proces veel sneller gaan lopen.”

Versnelling

Doede: “De markt vraagt natuurlijk ook om die versnelling. Op een arbeidsmarkt waar het moeilijk is om mensen te vinden heb je steeds snellere processen nodig. De roep om innovatie wordt steeds groter, net als het streven naar operational excellence: je wilt met zo min mogelijk mensen zoveel mogelijk werk kunnen verzetten.

“Op een arbeidsmarkt waar het moeilijk is om mensen te vinden heb je steeds snellere processen nodig”

Samenvattend zorgt onze samenwerking ervoor dat we sneller stappen kunnen maken. Wil je optimale efficiency, dan is het heel eenvoudig: Hoe minder administratieve handelingen, des te beter. Dus het gaat puur om koppelen. Hoe beter de systemen aan de achterkant samenwerken des te fijner en sneller de processen. Alles moet samen kunnen werken. En dat is precies wat wij door het bundelen van onze vaardigheden vanuit Nétive VMS en FlexForceMonkey nu gaan realiseren. We gaan zorgen voor een stuk versnelling van de processen én voor een foutloze werking. Daar worden niet alleen wij blij van, maar de hele markt!”

Geplaatst in Bedrijfsnieuws, In de branche | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Nétive VMS neemt FlexForceMonkey over: “We kunnen nu de hele keten ondersteunen in verdere professionalisering”

BackOfficer en PRO HRM bundelen de krachten

Toekomstbestendig

PRO HRM en BackOfficer hebben de afgelopen jaren intensief gewerkt aan hun merken, proposities en klantenbestanden. Gezien de eisen van de competitieve flexbranche hebben beide organisaties nu besloten hun krachten te bundelen. Deze samenwerking beoogt niet alleen een betere voorbereiding op toekomstige uitdagingen, maar ook een effectievere bediening van partners en het bieden van meer groeimogelijkheden voor medewerkers.

Vanaf vandaag opereren BackOfficer en PRO HRM als zusterbedrijven naast elkaar. Gedurende het komende jaar zullen PRO HRM en BackOfficer respectievelijk vanuit Eindhoven en Oss blijven opereren als afzonderlijke merken.

Geplaatst in Bedrijfsnieuws, In de branche | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor BackOfficer en PRO HRM bundelen de krachten

Frank van Gool (OTTO): ‘orange card’ voor arbeidsmigratie van buiten de EU

RTL Nieuws bericht dat de verkiezingsuitslag leidt tot zorgen bij bedrijven. Begrijpelijk, want Nederland kán niet zonder arbeidsmigranten.

Fatsoenlijke behandeling

De personeelstekorten zijn en blijven groot. De toenemende automatisering en efficiency wegen immers niet op tegen de vergrijzing van de (beroeps)bevolking. Zonder arbeidsmigranten loopt de Nederlandse economie vast en kunnen uiteindelijk onze hulpbehoevenden niet meer verzorgd worden. Binnen de EU kent de arbeidsmarkt geen grenzen. Maar de overheid moet wel grenzen stellen aan uitbuiting, ondermaatse huisvesting en andere malafide praktijken. Dat vraagt om heldere regels en stringente handhaving. Hardwerkende arbeidsmigranten verdienen een fatsoenlijke behandeling.

‘Orange Card’

Maar ook de andere EU-landen vergrijzen en voor beroepen in cruciale sectoren, zoals gezondheidszorg en techniek, zal het nodig zijn om professionals van buiten de EU aan te trekken. Om grip te houden op deze vorm van arbeidsmigratie pleit ik voor de introductie van een ‘Orange Card’, ofwel een vakkrachtenregeling. Op die manier kan arbeidsmigratie van buiten de EU worden gereguleerd. De functionele toets is daarbij van groot belang.

De Orange Card is er alleen voor de tekorten in de cruciale beroepen. Tenslotte moet deze vorm van arbeidsmigratie ook circulair zijn. De internationale werknemers komen maximaal 5 jaar in Nederland werken, waarna zij hun opgedane kennis, vaardigheden en gespaarde salaris kunnen gebruiken in hun land van herkomst. Hiermee wordt de welvaart in het thuisland ook verbeterd.

Keuze aan de politiek

De keuze is nu aan de politiek. We kunnen ervoor kiezen om de supermarkten niet meer te bevoorraden, groente en fruit niet meer te oogsten of pakketjes niet meer thuis te laten bezorgen. Maar de meeste Nederlanders zijn daar geen voorstander van. We willen voorkomen dat Nederland stilvalt. Wat wel helpt zijn betere regelgeving en handhaving, het zorgen voor fatsoenlijke huisvesting en het introduceren van een Orange Card voor arbeidsmigratie van buiten de EU: gereguleerd, functioneel en circulair.

Geplaatst in In de wereld, Politiek | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Frank van Gool (OTTO): ‘orange card’ voor arbeidsmigratie van buiten de EU