Maandelijkse archieven: november 2023

Aantal uitzendbanen met 7.000 gedaald afgelopen kwartaal

In het derde kwartaal van 2023 is de spanning op de arbeidsmarkt iets afgenomen. Er waren ook minder vacatures. Wel is er nog altijd sprake van banengroei. Maar uitzendbranche weet daar niet van te profiteren. Dat blijkt uit de nieuwste kwartaalcijfers van het CBS.

Minder vacatures

Voor het vijfde achtereenvolgende kwartaal waren er minder vacatures dan in het kwartaal ervoor. Eind september stonden er 416.000 vacatures open, 12.000 minder dan aan het einde van het tweede kwartaal.

De meeste vacatures waren ook dit kwartaal te vinden in de handel (79.000), de zakelijke dienstverlening (70.000) en de zorg (64.000). Gezamenlijk zijn deze drie bedrijfstakken goed voor de helft van alle openstaande vacatures.

De vacaturegraad, het aantal openstaande vacatures per duizend banen van werknemers, nam in het derde kwartaal af van 49 naar 46. De bedrijfstakken met de hoogste vacaturegraad blijven de bouw (75) en de horeca (64).

Meer banen, maar minder uitzendbanen

Hoewel het aantal banen blijft groeien, geldt dit niet voor uitzendbanen. Het totaal aantal banen is inmiddels ongeveer een 11,5 miljoen. Het afgelopen kwartaal nam het aantal banen van mensen in loondienst toe met 18.000, het aantal banen dat is ingevuld door zzp’ers nam toe met 14.000.

Maar de uitzendbranche profiteert opnieuw niet van de banengroei. Bij de uitzendbureaus waren in het derde kwartaal 7.000 banen minder dan in het voorgaande kwartaal, een daling van -1% procent. In het tweede kwartaal van 2023 daalde het aantal banen in de uitzendbranche ook, met 20.000.

Minder flexkrachten, meer vast en zzp’ers

In het derde kwartaal van 2023 waren er 2,7 miljoen werknemers met een flexibele arbeidsrelatie. Dat zijn er 29.000 minder dan een kwartaal eerder.

Het aantal werknemers met een vaste arbeidsrelatie nam in het afgelopen kwartaal met 32.000 toe tot 5,4 miljoen. Dit aantal steeg vrijwel voortdurend sinds het vierde kwartaal van 2015. Het aantal zelfstandigen groeide met 5.000, en kwam uit op 1,6 miljoen. Dit aantal is de afgelopen jaren vrijwel continu gegroeid, maar dit jaar is de groei wat afgevlakt.

Werkloosheid loopt iets op

De werkloosheid nam iets toe en is momenteel 3,6% van de beroepsbevolking, wat nog altijd duidt op krapte op de arbeidsmarkt. De werkloosheid nam vooral toe bij jongeren, van 8,2 naar 8,7%.

Geplaatst in Flexdata, In de branche | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Aantal uitzendbanen met 7.000 gedaald afgelopen kwartaal

Werkgevers keren zich tegen zzp-wet, ook NBBU zeer kritisch

De internetconsultatie over de Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden levert een ongekend aantal (negatieve) reacties op. Werkgeversorganisaties waaronder VNO-NCW keren zich tegen het wetsvoorstel. Ook de NBBU is zeer kritisch. De ABU plaatst slechts enkele kanttekeningen.

De weerstand onder werkgevers- en zzp-organisaties is zo groot en fundamenteel, dat de toekomst van het wetsvoorstel ongewis is, concludeert ZiPconomy op basis van een eigen analyse.

Tot afgelopen vrijdag kon er via een internetconsultatie gereageerd worden op het concept-wetsvoorstel. Daarin wil minister Karien Van Gennip van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de criteria verduidelijken of iemand als zzp’er ingehuurd mag worden. Er moet dan gekeken worden naar de criteria werkinhoudelijke aansturing, inbedding en of er binnen de opdracht voldoende ondernemersrisico wordt gelopen.

Werkgevers tegen wetsvoorstel

Werkgeversorganisaties VNO-NCW, MKBNederland, AWVN en LTO zien niets in het concept-wetsvoorstel ‘Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden’. Volgens VNO-NCW en de andere werkgeversorganisaties zal de term ‘inbedding’ zorgen voor grote onzekerheid bij zowel opdrachtgevers als zelfstandigen. “Dit kan niet de bedoeling zijn, want juist aan deze onzekerheid wilden we met elkaar een einde maken”, zo schrijven de grootste werkgeversorganisaties.

Het voorstel gaat volgens hen veel verder dan een ‘simpele verduidelijking’. De werkgeversorganisaties vinden het wetsvoorstel ook niet “in lijn met het SER-advies”. Opvallend, want tijdens debatten in de Tweede Kamer in aanloop naar het voorstel deed minister Van Gennip het voorkomen alsof het wetsvoorstel juist is opgesteld met brede steun uit de polder.

Brancheorganisaties

Een brede coalitie van Bovib, RIM, VvDN, NBBU samen met zzp-organisaties VZN en PZO, noemt het hanteren van het criterium inbedding een ‘middel dat erger is dan de kwaal’. Ook wijzen ze erop dat het inzetten van zzp-professionals feitelijk onmogelijk wordt gemaakt, terwijl er in veel sectoren wel behoefte is aan flexibiliteit. De organisaties vinden dat er bij de beoordeling van de arbeidsrelatie vooral ook gekeken moet worden naar het ondernemerschap van de persoon zelf. Dat element heeft in het voorstel van Van Gennip slechts een marginale plek.

NBBU vreest effecten arbeidsmarkt

Het inbeddingscriterium is volgens de NBBU een zeer ingrijpend hoofdelement dat de mogelijkheid om als zzp’er te kunnen blijven werken enorm zal beperken. De NBBU vreest dan ook de effecten op de arbeidsmarkt bij de inwerkingtreding van de wet.

Het wetsvoorstel gaat uit van een verschuiving van zelfstandigen richting werknemers, maar de NBBU denkt niet dat alle werkenden die niet langer als zzp’ers kunnen blijven werken, ook daadwerkelijk een dienstverband zullen aangaan. Dit betekent onder andere uitstroom uit hun sector op een toch al krappe arbeidsmarkt.

Sectorale afspraken

De NBBU is wel vóór sectorale afspraken. Momenteel is deze ontwikkeling ook gaande, zoals de gesprekken rondom het fiscaal kader dat de inzet van zzp’ers in de zorg op grond van de kwaliteitswet (Wkkgz) onder voorwaarden mogelijk maakt. De NBBU is hier een voorstander van.

Collectiviteit in de sociale zekerheid

De NBBU meent dat de echte oplossing voor de in het conceptwetsvoorstel bedoelde problematiek ligt in het herstellen van de collectiviteit in de sociale zekerheid. Uiteindelijk dienen alle werkenden mee te betalen aan sociale voorzieningen. Dit conform de voorstellen in het rapport van de Commissie Regulering van Werk (Commissie Borstlap). Zekerheden, bescherming en verplichtingen loskoppelen van de contractvorm is volgens de NBBU de oplossing om de arbeidsmarkt toekomstbestendig te maken én de houdbaarheid.

Handhaving onhaalbaar

Hoewel het kabinet voornemens is om meer te verduidelijken blijft het werknemerschap dwingendrechtelijk. Dit betekent dat meer duidelijkheid bieden vooraf helaas slechts marginaal zal zijn omdat de feiten en omstandigheden doorslaggevend zijn. De NBBU voorziet dat de handhaving daarmee arbeidsintensief blijft en waarschijnlijk onhaalbaar.
De NBBU pleit ervoor meer waarde te hechten aan de ondernemerscriteria van de zelfstandig ondernemer.

ABU: handhaving rechtsvermoeden arbeidsrelatie

De ABU onderschrijft uitdrukkelijk het belang van invoering van een wettelijk rechtsvermoeden van werknemerschap. Het wettelijk rechtsvermoeden van werknemerschap biedt bescherming en rechtszekerheid aan de groep werkenden met een kwetsbare onderhandelingspositie op de arbeidsmarkt. De ABU ziet hoe de schijnzelfstandigheid die plaatsvindt op de arbeidsmarkt het gelijke speelveld aantast en concurrentie op arbeidsvoorwaarden en inkomenszekerheid creëert.

De ABU waarschuwt al langer voor het waterbedeffect dat zal optreden als uitzenden wel strenger gereguleerd wordt en zzp niet. Een gelijk speelveld voor zowel uitzenden als zzp moet dat voorkomen. De ABU pleit dan ook voor gelijktijdige invoering met samenhangende wet- en regelgeving om te komen tot ‘meer balans op de arbeidsmarkt’.

Meer wendbaarheid echte zelfstandigen

Het wetsvoorstel beoogt schijnzelfstandigheid te verminderen en een duidelijk toetsingskader te bieden zodat werkenden en werkgevenden meer duidelijkheid en zekerheid hebben over hun rechtspositie. Dat hiermee bescherming wordt geboden aan werkenden met een kwetsbare positie binnen de maatschappij ondersteunt de ABU. De onvoorspelbaarheid van het toetsingskader en het loskoppelen van element C+ leidt er volgens de brancheorganisatie echter toe dat de vrijheid van ondernemerschap van echte zelfstandigen meer dan nodig wordt ingeperkt. De ABU adviseert om element C+ direct te betrekken bij de toetsing van element C, zodat niet alleen wordt gekeken of de werkende voor eigen rekening en risico opereert binnen de arbeidsrelatie, maar ook daarbuiten aan wezenlijke indicatoren van het ondernemerschap voldoet.

Lees ook: Directeur Randstad: zzp wet veroorzaakt nieuwe ruis

Geplaatst in In de wereld, Politiek | Tags | Reacties uitgeschakeld voor Werkgevers keren zich tegen zzp-wet, ook NBBU zeer kritisch

Detacheerders zien omzet in derde kwartaal stijgen met +7%

De omzet van detacheerders is in het derde kwartaal van dit jaar met 6,9% gestegen ten opzichte van een jaar eerder. Wat opvalt is dat detacheerders meer vaste contracten bieden en hun tarieven hebben verhoogd.

Dat blijkt uit de MarktMonitor van de Vereniging van Detacheerders Nederland (VvDN).

Fred Boevé, bestuurslid VvDN, zegt in een toelichting op uitkomsten van de MarktMonitor: “Vergeleken met een jaar geleden groeien we nog steeds qua omzet. Maar de groei ten opzichte van het vorige kwartaal zwakt wel voor de tweede achtereenvolgende kwartaal af. Toch zijn we zeer positief dat we ons staande weten te houden in een markt waar opdrachtgevers meer afwachten en een pas op de plaats maken.”

De omzetgroei is minder groot dan in het tweede kwartaal (+8%) en eerste kwartaal (+11%) van dit jaar. De omzetgroei dit jaar is ook aanzienlijk minder sterk dan in het topjaar 2022, waarin de omzet in de detacheringsbranche gemiddeld steeg met +18%.

Tarieven omhoog

De detacheerders hebben volgens de VvDN de groei kunnen vasthouden door hun tarieven te verhogen. Vooral bij nieuwe en verlengde opdrachten hebben ze de tarieven naar boven kunnen bijstellen. Boevé: “Bij de langdurige contracten is het moeilijker om daar wijzigingen in te laten doorvoeren. Maar bij de kortere opdrachten of waar er sprake is van verlenging lukt het om de tarieven mee te laten groeien met de inflatie. Dit heeft een positief effect op de omzet.”

Meer vaste contracten

Ruim 60% van de medewerkers bij detacheerders had het afgelopen kwartaal een vast contract, een stijging van 11 procentpunten ten opzichte van een jaar geleden. Dit is meer dan in andere sectoren, waar het gemiddelde op zo’n 55% ligt. Boevé: “Onze leden nemen nog steeds meer mensen aan in vaste dienst. We zien duidelijk dat medewerkers graag zekerheid van een detacheerder zoeken om verzekerd te zijn van opdrachten”.

Rem op ICT

Opvallend is dat het vakgebied ICT met 1% groei ten opzichte van een jaar eerder, bijna lijkt stil te vallen. Dit terwijl dit vakgebied veelal als de motor van de detacheringswereld wordt gezien. “We zien dit kwartaal dat bij grote ICT-projecten de rem erop gaat. Dit heeft alles te maken met het huidige economische klimaat, de wil om te kijken of projecten met eigen mensen kunnen worden opgepakt maar ook met aanstaande budgetrondes die er aankomen waar vermoedelijk er bezuinigd moet gaan worden op het ICT-budget”, stelt Boevé. Inkoop en Logistiek is zelfs met 11% gedaald. De afname in de maakindustrie en overvolle pakhuizen zijn hier debet aan.

Enkele kerncijfers uit de MarktMonitor over het derde kwartaal 2023:

  • Omzet per werkbare dag wederom gegroeid met 6,9% in vergelijk met tweede kwartaal van 2022.
  • Omzet per gedetacheerde en per werkdag gestegen.
  • Aantal gedetacheerden met 2,4% gestegen t.o.v. een jaar eerder.
  • Percentage leegloop toegenomen naar 4,6%.
  • Het percentage medewerkers met vast dienstverband blijft verder toenemen. In het derde kwartaal 2023 was dit 60,1%
  • Verkooptarief stijgt met 6,5%

Eigen positie van detachering

Waar detacheerders nu nog formeel vallen onder de uitzend CAO, pleit de VvDN al langer voor een eigen CAO. Boevé: “Keer op keer tonen de cijfers aan dat wij niet te vergelijken zijn met de uitzendsector. We nemen enorm veel mensen in vaste dienst, hebben uitstekende arbeidsvoorwaarden en bieden zekerheid. Met een eigen CAO kunnen we de huidige regeldruk van de uitzendsector van ons afschudden en ons gewoon richten op waar we goed in zijn. Het is zo langzamerhand echt een ‘must’.”

 

 

Geplaatst in Flexdata, In de branche, Nieuws | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Detacheerders zien omzet in derde kwartaal stijgen met +7%

Kamer kleedt ondoordacht de Expatregeling verder uit

De 30%-regeling viert zijn 25e verjaardag, maar helaas is er weinig reden voor een feestje. In een opmerkelijke beslissing in de nacht van 26 oktober heeft de Tweede Kamer ervoor gekozen om deze regeling drastisch te versoberen. Een onverstandig en kortzichtig besluit wat Pieter Jacob Leenman betreft, in dit opiniestuk vertelt hij er meer over.

De voorgestelde versobering zou weleens een flinke impact kunnen hebben op het Nederlandse vestigingsklimaat. De 30%-regeling, ook wel bekend als de Expatregeling, werd in 1998 geïntroduceerd om Nederland aantrekkelijker te maken voor hoogopgeleide buitenlandse werknemers. Het heeft echter ook bijgedragen aan aanzienlijke vermindering van administratieve lasten voor werkgevers en werknemers, en draagt positief bij aan de Nederlandse schatkist, afgaand op de laatst uitgevoerde evaluatie van de regeling.

De kern van de 30%-regeling is de daadwerkelijke Extraterritoriale Kosten (ETK)-regeling, waarmee werkgevers de werkelijke kosten die werknemers buiten hun eigen land maken, onbelast kunnen vergoeden. De 30%-regeling is een vereenvoudigde variant van deze fiscale regeling, waarbij werkgevers zonder nader bewijs 30% van het loon en de vergoeding onbelast kunnen geven als gerichte vrijstelling voor de extraterritoriale (ET) kosten.  Hiermee worden discussies en juridische geschillen over welke kosten als extraterritoriaal kunnen worden beschouwd, voorkomen.

Het amendement dat de Tweede Kamer op 26 oktober heeft aangenomen, brengt verdere beperkingen in de 30%-regeling aan. Op 1 januari 2019 was de maximale termijn waarin buitenlandse medewerkers gebruik kunnen maken van deze regeling al ingekort van 8 naar 5 jaar. Per 1 januari wordt het forfaitaire percentage van 30% gefaseerd verlaagd naar 10%. De basis, de werkelijke ETK-regeling, blijft echter ongewijzigd.

Vraagtekens bij budgettaire opbrengst

De budgettaire opbrengst van deze versobering wordt door de Kamer voorzien vanaf 2026 en bouwt op naar jaarlijks ca. 200 miljoen vanaf 2029. Daar heb ik grote bedenkingen bij. In mijn optiek wordt enkel uitgegaan van de out-of-pocket kosten van deze regeling welke relatief makkelijk te becijferen zijn. Er wordt onvoldoende rekening gehouden met het aantrekkelijk en competitief houden van het Nederlands vestigingsklimaat en de effecten daarvan, zoals productiviteitswinst voor bedrijven en belastingopbrengsten over de toegevoegde waarde die dat oplevert.

In 2017 werd in opdracht van het Ministerie van Financiën een evaluatie uitgevoerd van de 30%-regeling. Een van de conclusies uit dit onderzoek was dat de regeling een doeltreffend beleidsinstrument is, dat de Nederlandse schatkist per saldo meer oplevert dan het kost. Het budgettaire voordeel wordt ruimschoots gecompenseerd door de directe en indirecte macro-economische effecten van de regeling. Het verminderen van de regeling zal volgens de onderzoekers leiden tot:

  • Minder inkomstenbelastingopbrengsten door afname van het aantal expats of doordat zij hun beloningswijze fiscaal zullen optimaliseren door belastingheffing in het buitenland te laten plaatsvinden, bijvoorbeeld door remote werk.
  • Toename van het gebruik van de generieke fiscale regeling. Vergoeding vindt dan plaats op basis van de werkelijke ET-kosten resulterend in honderden miljoenen minder inkomstenbelastingopbrengsten. Daarbij komt de forse administratieve lastenverzwaring wegens het bijhouden van de werkelijke kosten, discussies en rechtszaken over welke kosten daadwerkelijk extraterritoriaal zijn.

Gedragseffect onzeker

Deze ‘gedragseffecten’ beïnvloeden de omvang van het budgettair belang en zijn verwerkt in de conclusies van genoemde evaluatie. Ik vraag me echter af in hoeverre de Tweede Kamer rekening heeft gehouden met deze effecten. Te vrezen valt dat zij in drang om budgettaire ruimte te vinden gemakshalve slechts zijn afgegaan op de zichtbare out-of-pocket kosten van deze regeling.

Het is niet voor niets dat staatssecretaris Van Rij de Tweede Kamer woensdag opriep om eerst de al aangekondigde nieuwe evaluatie van de expatregeling af te wachten. ‘Als je wijzigingen aanbrengt, doe dat dan op basis van een goede analyse. Anders kunnen er zowel qua uitvoering als qua overgangsrecht juridische problemen rijzen. Voordat je het weet, moet de Belastingdienst dan weer allerlei extra fte’s aantrekken om dat allemaal te kunnen begeleiden’, aldus de staatssecretaris.

Kortom, het besluit van de Tweede Kamer getuigt van onvoldoende doordenking en zal ertoe leiden dat minder bedrijven zich in Nederland vestigen, de internationale positionering en innovatiekracht van Nederland afneemt, de arbeidsmarktkrapte verder toeneemt en per saldo de Nederlandse schatkist minder inkomsten binnenkrijgt. Kleine kans, maar het is te hopen dat de Eerste Kamer dit wetsvoorstel afwijst of terugstuurt naar de Tweede Kamer en adviseert om de al aangekondigde nieuwe evaluatie van de expatregeling af te wachten.

Jacob Leenman – CEO Maqqie

 

Geplaatst in In de wereld, Nieuws, Politiek | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Kamer kleedt ondoordacht de Expatregeling verder uit

USG Restart bereikt detachering van haar duizendste kandidaat

USG Restart heeft een mijlpaal bereikt met de detachering van haar duizendste kandidaat, bij Prénatal in Amersfoort. Restarter Shannon gaat na een succesvolle proefplaatsing aan de slag op een prettige en veilige werkplek waar haar talenten tot hun recht komen.

Hoewel inclusief ondernemen steeds belangrijker wordt, weten veel werkgevers niet precies hoe zij hun steentje bij kunnen dragen. Veel werkgevers in Nederland willen werk bieden aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, maar het ontbreekt hen vaak aan kennis of capaciteit om voor de juiste begeleiding te zorgen. Daarom kloppen organisaties steeds vaker aan bij USG Restart, die bedrijven ondersteunt bij succesvolle- en duurzame detachering van werknemers met een arbeidsbeperking. USG Restart detacheert en begeleidt haar kandidaten, waarbij zij alle begeleiding biedt aan de werkgever en werknemer die nodig is. In bijna alle gevallen leidt dit tot duurzame plaatsing: 95% van de kandidaten gaat uiteindelijk over op een vast contract bij de werkgever.

”Samen met werkgevers gaan we op zoek naar een passende werkplek, waar de talenten van onze kandidaten het beste tot hun recht komen en zich kunnen ontwikkelen”, vertelt Saskia Timmermans directeur van USG Restart. “We doen er alles aan om de potentie te benutten van iedereen die wel wil werken, maar voor wie een baan niet vanzelfsprekend is. En dat levert veel op in tijden van krapte op de arbeidsmarkt: een samenleving waarin zoveel mogelijk mensen werken, werkt uiteindelijk beter voor iedereen.”

De zoektocht naar waardevol werk

Prénatal en USG Restart werken sinds 2022 met elkaar samen. “Het doel van dit mooie partnership is het bieden van waardevol werk aan mensen die een extra steuntje in de rug nodig hebben. Shannon heeft haar plek als verkoopmedewerker al helemaal gevonden. We zijn erg blij dat we haar een werkplek kunnen bieden waar zij zich veilig en comfortabel voelt”, zegt Iris Peeten-van Limpt, People & Culture Business Partner van Prénatal.

Nadat Shannon (31) bij verschillende werkgevers had gewerkt, ontdekte zij dat ze moeite had om zich vaardigheden eigen te maken die zij nodig had om haar werk goed te kunnen doen. Dat maakte haar onzeker. Dat veranderde toen Shannon via het UWV in contact kwam met USG Restart en deelnam aan een Werk Fit-traject. Samen met een jobcoach bracht ze haar talenten en drijfveren in kaart en werd een coachingsplan opgesteld. Ook werkte Shannon met haar coach aan sollicitatievaardigheden, waarna USG Restart haar werkprofiel voordroeg bij Prénatal. Na een geslaagd sollicitatiegesprek, ondersteund door haar coach, volgde een proefplaatsing.

Geplaatst in Bedrijfsnieuws, In de branche, Nieuws | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor USG Restart bereikt detachering van haar duizendste kandidaat