Principeakkoord CAO HIDHA 2019-2021 Geplaatst 23 mei 2019 door Redactie FlexNieuws | Download CAO HIDHA » | 23 mei 2019 CAO Hidha Ook bekend als: CAO Huisarts in dienst bij huisarts Download Principeakkoord CAO HIDHA 2019-2021 > Principeakkoord CAO HIDHA 2019-2021 (21-05-19) Looptijd De cao loopt van 1 maart 2019 tot en met 28 februari 2021. Loonmutaties – 3,0% loonsverhoging per 1 september 2019 – 3,0% loonsverhoging per 1 augustus 2020 Arbeidsvoorwaarden – In de vorige cao staat dat als parttime Hidha’s gedurende een periode van 26 weken meer dan 10% overwerken (diensten uitgezonderd), ze hun werkgever kunnen verzoeken de omvang van het dienstverband uit te breiden. Om te voorkomen dat overwerken ‘structureel’ wordt, is afgesproken dat deze periode wordt verkort van 26 naar 13 weken. – De LHV en LAD vinden de vergoeding voor het verrichten van diensten op de Huisartsen Diensten Structuur niet brancheconform, daarom willen ze gezamenlijk optrekken richting de NZa om de vergoeding te verhogen. Bron: LHV, 23 mei 2019 Geplaatst in Wetten & CAO’s | Tags cao, CAOWijzer, HIDHA, Huisarts in dienst bij huisarts | Reacties uitgeschakeld voor Principeakkoord CAO HIDHA 2019-2021
Eerste Kamer en Wet Arbeidsmarkt in balans Geplaatst 23 mei 2019 door Hinke Wever Op maandag 20 mei heeft de Eerste Kamer vergaderd over het wetsvoorstel Wet Arbeidsmarkt in balans (WAB). De meerderheid van de Kamer lijkt voor invoering te zijn. Op 28 mei a.s. wordt erover gestemd. [ Update 24 mei Brief aan de Eerste Kamer, met uitleg over samenhang van maatregelen ] Wat zijn de uitkomsten van het debat, met name voor de flexbranche in enkele grote lijnen? En hoe zit het met de uitvoerbaarheid? De ICT-operatie die nodig is voor uitvoering van de wet is bijvoorbeeld zeer omvangrijk. Arbeidsmarkt als waterbed De Eerste Kamer vreest, net als de Raad van State, dat de maatregelen in de Wet Arbeidsmarkt in balans zullen leiden tot escape-gedrag. Flexibel werk, uitzenden en payrolling worden aanzienlijk duurder. De problemen kunnen zich daardoor makkelijk verplaatsen zoals water in een waterbed; die trends zijn al zichtbaar: payroll wordt ‘omgekat’ tot uitzenden*, uitzendkrachten worden ontslagen en worden vervolgens ingehuurd als (schijn)zzp’ers en er wordt steeds vaker gebruik gemaakt van contracting (waarvan sommige vormen legaal zijn, andere niet). Ook zal inhuur via buitenlandse constructies toenemen. Zonder integrale aanpak van alle maatregelen die nodig zijn, zoals een oplossing voor de Wet DBA ten behoeve van richtlijnen voor zzp’ers is er geen garantie dat de Wab het gewenste effect zal hebben. Dan worden de verschillen tussen vast en flex niet kleiner. Schaken op vele borden Met andere woorden, de minister moet schaken op vele borden om ontwijkgedrag en verplaatsing van de problemen tegen te gaan. De Eerste Kamer vroeg daarom om een overzicht van dat ‘schaakbord’ in de vorm van een ‘spoorboekje’, een kort document van de routes. Beter nu “We kunnen al deze maatregelen beter nu doorvoeren, in een periode van hoogconjunctuur, dan in een periode van laagconjunctuur,” zo beargumenteert de minister. Koolmees belooft spoorboekje met maatregelen arbeidsmarkt Binnenkort kennen wij dus allen dat spoorboekje van minister Koolmees van de integrale maatregelen voor de arbeidsmarkt. De minister belooft a.s. vrijdag voor 12.00 uur een overzichtelijk document te publiceren dat de timing van de maatregelen en vooral hun onderlinge samenhang laat zien. Op dit moment wordt hier op het ministerie van SZW koortsachtig aan gewerkt. [ Update 24 mei Brief aan de Eerste Kamer, met uitleg over samenhang van maatregelen ] Drie trajecten tegelijkertijd Het kabinet wil tegelijkertijd drie trajecten doorvoeren; de Wet arbeidsmarkt in balans, het zzp-maatregelenpakket en maatregelen rondom loondoorbetaling bij ziekte (de mkb verzuim- en ontzorgverzekering). Dit laatste is vaak een drempel voor werkgevers om mensen in vaste dienst te nemen. Uitstel voor gelijk trekken payroll pensioenen met een jaar Payroll blijft mogelijk. Het gelijktrekken van pensioenen is ingewikkeld. Daarom wordt de invoering van het artikel omtrent payrollpensioen uitgesteld tot 1 januari 2021. Er zitten nog veel haken en ogen aan de uitvoering. Zzp-maatregelen De zzp-maatregelen zijn ook divers. “Het kabinet werkt aan een hervorming van het belastingstelsel, waarbij alle aftrekposten, waaronder de zelfstandigenaftrek, geleidelijk worden afgebouwd naar het basistarief, een tarief van de eerste schijf. De eerste stap wordt op 1 januari 2020 gezet, in het komende Belastingplan. Daarbij worden de zelfstandigenaftrek en de mkb-winstaftrek tegen het basistarief afgetrokken.” De minister werkt aan een minimumtarief voor zelfstandigen. De beoogde invoeringsdatum is 1-1-2021. De wetsmodule die onderscheid moet geven wie wel/niet zzp’er is zou begin volgend jaar gereed moeten zijn. Voor de zomer van dit jaar stuurt de minister een brief naar de Tweede Kamer met de handhavingsplannen voor de zzp-wetgeving. Transitievergoeding Er is vanaf dag één een transitievergoeding. De ontwikkelings- en opleidingskosten worden in mindering gebracht op de transitievergoeding. Hierover wordt nog advies gevraagd bij de Raad van State. Het plan is om dit per 1 januari 2020 in werking te laten treden. De Eerste Kamer vroeg uiteraard aandacht voor nog veel meer aspecten uit de wet. Tot slot, omdat het grote pakket aan wijzigingen technisch nog wel moet worden uitgevoerd, aandacht voor de ICT-kant van de WAB. Zeer omvangrijke technische operatie Een noviteit is dat de aard van het contract bij de inwerkingtreding van de WAB moet worden vermeld op de loonstrook. Om de premiedifferentiatie technisch goed uit te voeren zal er veel meer gegevensuitwisseling nodig zijn tussen het UWV en de Belastingdienst. Waarom? Een schets van de implicaties: er is een lage WW-premie voor vaste dienstverbanden, BBL en bijbaantjes tot 12 uur per week voor iedereen onder 21 jaar. Er is een hoge WW-premie voor overige dienstverbanden. Mocht het vaste dienstverband niet doorgaan (ook door het stoppen van een werknemer) of een 21-minner met een bijbaantje werkt meer dan 12 uur, dan moet de lage premie met terugwerkende kracht gewijzigd worden naar de hoge WW-premie. De uren worden geteld per aangifte tijdvak, dus 48 per 4-weken of 52 per maand, en niet per gewerkte week. Als blijkt dat er niet voldaan wordt aan de urennorm per aangiftetijdvak voor de 21-minner, dan moet dat betreffende tijdvak worden aangemerkt met de hoge WW-premie. In de memorie van toelichting wordt een viertal redenen voor herziening van de hoogte van de WW-premie genoemd, o.a. wanneer een werknemer binnen een jaar een WW-uitkering krijgt. Wat zegt de minister hierover? “Om de herzieningen naar boven te kunnen halen en terug te kunnen rapporteren aan de Belastingdienst worden vier tools ontwikkeld door het UWV. Zeker in het begin zal het een ingewikkeld proces zijn dat het UWV terug rapporteert aan de Belastingdienst. Dat moet echt nog worden ingeregeld in die eerste fase. Beide diensten waarschuwen ervoor dat we hier goed op moeten letten omdat er risico’s aan zitten. Maar het systeem is robuust genoeg om per 1 januari op te starten. De komende jaren zullen het UWV en de Belastingdienst extra inzetten op het verbeteren van de kwaliteit van de gegevens in de loonaangifteketen. Het is een combinatie van deze twee punten. Ook vanaf 2020 zullen we de loonaangifte goed blijven monitoren om er zeker van te zijn dat de implementatie van de nieuwe payrolldifferentiatie voorspoedig verloopt. Er zijn zeker risico’s. Ik heb al benadrukt dat het een ingewikkelde ICT-klus is, maar de voorbereidingen lopen op stoom en alle partijen zijn betrokken bij de implementatie hiervan.” Aldus de minister, die veel complimenten kreeg voor zijn toelichting op de vragen uit de Kamer. Olietanker van de arbeidsmarkt Resumerend: het worden boeiende tijden met als doel de olietanker van de arbeidsmarkt stapje voor stapje bij te sturen. Uitzend-cao Tot slot: hoe pakt de nieuwe uitzend-cao van de ABU uit? De ABU en de NBBU werken hierin samen op hoofdlijnen. Hoe wordt er ingespeeld op de nieuwe wetgeving? Heeft payrolling in deze cao nog een plek? De onderhandelingen zijn in volle gang. Voorlopige samenvatting: Hinke Wever, FlexNieuws * artikel NRC ‘Plannen om payrollwet te omzeilen’ Hoe zit het nu precies met de effecten van de WW-premie? Lees dit uitvoerige artikel: WW-premie en Wet Arbeidsmarkt in balans Zie ook Payroll verdwijnt helemaal onder de WAB Gelijke beloning? Prima, maar WAB doet geen recht aan realiteit Verwachtingen bij debat Eerste Kamer over de WAB Geplaatst in Rechtspraak | Tags Eerste Kamer, minister Koolmees, Wet Arbeidsmarkt in Balans | Reacties uitgeschakeld voor Eerste Kamer en Wet Arbeidsmarkt in balans
Gelijke beloning? Prima, maar WAB doet geen recht aan realiteit Geplaatst 22 mei 2019 door Hinke Wever Gelijke beloning? Prima, maar WAB doet geen recht aan realiteit Bob Weghorst, directeur payrolling bij Persoonality/Timing, is een van de experts die de senatoren in de Eerste Kamer van praktische informatie heeft voorzien om de knelpunten in de uitvoeringspraktijk van de Wet Arbeidsmarkt in balans (WAB) te verduidelijken. Inmiddels, na het debat op 21 mei jl, is bekend dat een meerderheid van de Eerste Kamer geneigd is voor de invoering van de wet te stemmen. Op 28 mei a.s. wordt er gestemd. Nog teveel vragen bij uitvoerbaarheid “Over het debat in de Eerste Kamer was ik op voorhand niet erg hoopvol,” zegt Weghorst. “Mijn verwachtingen zijn helaas bevestigd. Nu moet ik de senatoren ook meegeven dat de Eerste Kamer extreem veel uitvoeringsvragen op zijn bord heeft gekregen, die eigenlijk al bij de behandeling in de Tweede Kamer aan de orde hadden moeten komen. Toen had men al veel kritischer moeten doorvragen naar de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van deze wet. Ik denk ook dat de uitzendsector meer input had kunnen leveren over de knelpunten in de uitvoering. Aan de andere kant was er veel politieke druk om het wetsvoorstel erdoor te krijgen.” Uitstel payrollpensioen tot 1-1-2021 “Gelukkig heeft de minister in zijn antwoorden op vragen in de Eerste Kamer wel toegezegd dat hij een uitstel geeft op de payroll-pensioen-paragraaf van 1 jaar; tot 1-1-2021. Voor het andere grote knelpunt dat ik noem, de oplossing voor het ‘migratieprobleem’ (overgenomen uitzendkrachten bij wisseling van uitzendwerkgever) zie ik nog geen tegemoetkoming. In grote lijnen worden wij geconfronteerd met een wet die nog jaren van onzekerheid en jurisprudentie gaat opleveren.” Vast & flex dekt niet meer de lading Wat zie jij als de grootste hobbel? “Het wetsvoorstel gaat uit van ‘oud denken’, er wordt gedacht vanuit een achterhaald systeem van vast & flex. Het effect zal zijn dat Nederland minder competitief wordt en de echte problemen op de arbeidsmarkt niet worden aangepakt maar doorgeschoven. Er is een integraal beleid nodig.” Gekunsteld vasthouden aan contract voor onbepaalde tijd Het kabinet werkt aan een totaal pakket van maatregelen en kan niet ‘op zijn handen zitten’, zo formuleert minister Koolmees. “Ik zie flexibiliteit binnen onze arbeidsmarkt als een feit, het is noodzakelijk en onafwendbaar. Wij lijken als samenleving gekunsteld te willen vasthouden aan de ‘standaard-norm’, een contract voor onbepaalde tijd, terwijl de arbeidsmarkt in razend tempo aan het veranderen is. Die impasse lossen wij met een zeer vergaande wet zoals de Wab niet op.” Consumentengedrag van invloed op organisatie van werk Werk- en inkomenszekerheid is van wezenlijk belang, het is toch goed dat het kabinet daar op stuurt? “Jazeker, maar je kunt wel denken dat je van bovenaf invloed uitoefent, terwijl ondertussen onderin de samenleving een andere beweging gaande is. De veranderingen ontstaan namelijk vanuit een verandering in het consumentengedrag. Daar doen wij als samenleving allemaal aan mee. Ondernemers spelen hier op in. Als zij vandaag een opdracht krijgen, moeten zij vandaag ook leveren omdat wij dat als consumenten normaal zijn gaan vinden. Dit betekent dat de orderportefeuille van bedrijven steeds minder voorspelbaar is. Ondernemers hanteren daarom ook minder voorraad en gaan anticiperen op grote pieken en dalen in het werk. Dat is weer van grote invloed op de manier waarop zij personeel inzetten. Deze economische ontwikkeling is niet de schuld van uitzenden of van flex in het algemeen, zoals teveel mensen nog willen geloven. Het is een economische werkelijkheid, waar we als samenleving een adequaat antwoord op moeten geven.” Flex duurder; paard achter de wagen Wie flex werkt zou daarvoor financieel moeten worden gecompenseerd, dat is een logische gedachte. “De maatregelen in de Wet Arbeidsmarkt in balans maken flex veel duurder. Het idee daarachter is echter dat dit de inzet van flex ontmoedigt; het is niet bedoeld als beloning van flex, maar als straf. Het is er op gericht om werkgevers te stimuleren en min of meer te dwingen om meer mensen in vaste dienst te nemen. Dat vind ik naïef. Ondernemers gaan door deze wet niet massaal werknemers voor onbepaalde tijd aannemen, want de economische realiteit is niet veranderd.” Groei vast versus flex Flex helpt de economie op gang in onzekere tijden, als een gangmaker. Het heeft in het afgelopen decennium wel erg lang geduurd voor vaste contracten groeiden ten opzichte van flex. Sinds kort verschuift het weer in het voordeel van vaste contracten. Hoe zie jij dat? “De verschuiving naar vast is er zeker, waarbij het de vraag is in hoeverre dit komt door de economische situatie. De discussie over het aandeel flex wordt ook niet zuiver gevoerd. Onder flex worden door het CBS ook alle onbepaalde-tijd-contracten zonder vaste uren meegeteld. Waar ook niemand rekening mee houdt is de toegenomen participatiegraad; we hebben nu ook ± 500.000 meer werkenden dan tien jaar geleden. Door de aantrekkende economie zijn met name de laatste jaren veel nieuwe (her)intreders op de arbeidsmarkt waarbij het logisch is dat velen van hen zijn begonnen met een tijdelijk contract.” Evenwicht in beloning is een goed streven Ongelijkheid in arbeidsvoorwaarden bij gelijk werk is niet uit te leggen. “Laat ik voorop stellen dat ik onderschrijf dat het goed is om de beloning van payrollkrachten in evenwicht te brengen met die van werknemers die rechtstreeks in dienst zijn. Daar is geen twijfel over. Het gaat dan wel om de vraag hoe je dat doet. Ik verwacht dan oplossingen waar werknemers werkelijk van gaan profiteren. En dat is nu niet zo. De kostprijsverhoging voor flexibele arbeid, de ‘flex-boete’ van 5% extra premie komt niet ten goede aan de werkenden. Dit zie ik in de regelgeving als een enorme gemiste kans. Deze nieuwe wet is dus met goede bedoelingen gemaakt, maar pakt naar mijn idee verkeerd uit. De kans dat werkgevers door de maatregelen kiezen voor minder gereguleerde flex, voor de ongewenste varianten, is veel groter. Ik verwacht een nog grotere escape naar schijnzelfstandigheid en foute buitenlandconstructies.” Groei in flex ontstaat niet door uitzenden of payroll Waar baseer jij die voorspelling op? “De grote groei in flex zit ‘m niet in de uitzendbranche en zeker niet in de payrollbranche. Dat is al jaren zichtbaar in de Flexbarometer. De meeste groei zit in zzp, met name in de schijnzelfstandigheid en in oproepkrachten. Daarnaast is de platformeconomie niet te stoppen door de veranderende economische realiteit. Op zich is dat ook niet het probleem. Problematisch is wel dat platformwerk drijft op schijnzelfstandigheid. Dat wordt niet aangepakt en gereguleerd, omdat onze wet-/regelgeving ernstig is achterhaald.” Welke aanpak werkt wel? “Een fundamentele en integrale aanpak van de arbeidsmarkt is noodzakelijk, maar het vraagt wel lef om dit te gaan aanpakken. De ‘Commissie Regulering van werk’ (ook bekend als de ‘commissie Borstlap’) is hier druk mee bezig. Wij moeten gezamenlijk nadenken over onze arbeidsmarkt met alle betrokkenen; werknemers/werkgevers, zzp’ers, freelancers, platformwerkers et cetera. En ons daarbij afvragen: 1. Hoe organiseren wij al het werk in Nederland; rekening houdend met de veranderende arbeidsmarkt door robotisering, platformisering en meer; wat betekent dit voor de wet- en regelgeving? 2. Een belangrijke vraag daarbij is: hoe blijven we met elkaar ons (minimale) sociale bestel financieren, inclusief pensioen en ontwikkeling? Daarbij richten wij ons tot nu toe veel te veel op de vragen rondom vast of flex, terwijl we naar de situatie toe moeten waarbij de contractvorm niet allesbepalend is bij de financiering van een koop-/huurwoning en/of andere verplichtingen. Daar gaat het uiteindelijk om. Dat biedt perspectief voor alle werkenden, hoe hun contract er ook uit ziet.” Is het leggen van die puzzel eenvoudiger? “Nee, ook niet. Linksom of rechtsom, we staan voor grote uitdagingen.” Interview: Hinke Wever Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags Bob Weghorst, Eerste Kamer, interview, WAB | Reacties uitgeschakeld voor Gelijke beloning? Prima, maar WAB doet geen recht aan realiteit
Nieuwe tekst CAO Vlakglas 2018-2020 Geplaatst 22 mei 2019 door Hinke Wever | Download CAO Groothandel in Vlakglas, Glasbewerkings- en Glazeniersbedrijf | 22 mei 2019 Naam CAO Vlakglas CAO Stamicarbon BVCAO Groothandel in Vlakglas, Glasbewerkings- en Glazeniersbedrijf Download CAO Vlakglas 2018-2020 > CAO Vlakglas 2018-2020 (22-01-19) De complete tekst van CAO Vlakglas 2018-2020 (code loonheffing 199) looptijd 01-07-2018 – 30-06-2020 is geplaatst op CAOWijzer. Bron: SZW, 22 januari 2019 Geplaatst in Wetten & CAO’s | Tags cao, CAOWijzer, Vlakglas | Reacties uitgeschakeld voor Nieuwe tekst CAO Vlakglas 2018-2020
VNO-NCW en Randstad: Nederlands talent interesseren voor banen in Brussel Geplaatst 22 mei 2019 door Hinke Wever Toenemend belang Europa vergt sterkere vertegenwoordiging in Brussel, zo vinden VNO-NCW en Randstad. Juist nu het belang van de EU groeit en Nederland unieke kennis en competenties kan inbrengen in de Europese besluitvorming dreigt ons land ondervertegenwoordigd te raken in Brussel. Komende jaren gaat namelijk een derde van de Nederlandse topambtenaren bij de Europese Commissie met pensioen. Ook droogt de pijplijn met nieuw talent op doordat er (te) weinig Nederlanders actief zijn op lagere Europese beleidsfuncties. Daarom slaan Randstad en VNO-NCW de handen ineen om samen met de Nederlandse overheid en anderen deze trend te keren en meer jonge talenten te interesseren voor een functie bij de EU. ‘Dit is een direct Nederlands belang’, aldus de twee organisaties. Pijplijn droogt op Op topniveau is Nederland bij de Europese Commissie nu nog goed vertegenwoordigd met o.a. meerdere Directeuren-generaal (3), directeuren (6) en afdelingshoofden (45). Doordat er echter te weinig jonge Nederlanders solliciteren in Brussel en er veel mensen met pensioen gaan dreigt in de toekomst structureel een ondervertegenwoordiging van Nederlanders bij de Europese beleidsvorming. Oorzaak is onder meer de lange Europese sollicitatieprocedure (1 jaar!) en het feit dat de interessante banen in Nederland momenteel voor het oprapen liggen. Daarnaast droogt de pijplijn voor toptalenten op doordat er weinig Nederlanders in lagere beleidsfuncties actief zijn. Doodzonde ‘Deze ontwikkeling is doodzonde’, aldus Hans de Boer van VNO-NCW. ‘De EU is voor Nederland een belangrijk handelingsniveau en het is direct in het Nederlands belang om daar voldoende Nederlandse inbreng te hebben. Juist op het EU-niveau zijn er ook unieke kansen om mee te werken aan de grote maatschappelijke vraagstukken van deze tijd, zoals een goed klimaatbeleid of een veiliger en socialer Europa. Dat is een uitdaging voor jonge talenten, in het belang van de EU én van Nederland.’ Andere blik en competenties ‘Omdat de EU steeds belangrijker wordt in alle facetten van ons leven vinden wij het essentieel dat ook het aantal Nederlanders op peil blijft. Nederlanders kijken soms net anders naar zaken dan EU-ambtenaren uit andere landen. Daarom gaan wij jonge talenten samen met VNO-NCW beter attenderen op interessante banen bij de Europese instellingen’, aldus Jacques van den Broek, CEO van Randstad. Maak een periode in Brussel verplicht voor topambtenaren De nieuwe samenwerking tussen VNO-NCW en Randstad bestaat uit meerdere onderdelen. Zo gaat Randstad-dochter Yacht/BMC op korte termijn samen met VNO-NCW aan de slag met het ontwikkelen van een specifieke campagne om banen bij Europese instellingen beter onder de aandacht te brengen bij met name Nederlandse jonge talenten. VNO-NCW en Randstad vinden daarnaast dat ook de Nederlandse overheid extra stappen moet zetten. Zo zou het voor de ambtelijke top in Nederland (ABD) ‘verplicht’ moeten zijn om ervaring in Brussel op te bouwen. Ook zouden ambtenaren die in Brussel gedetacheerd worden verzekerd moeten zijn van een goede vervolgstap bij terugkeer in Nederland. ‘Dit is nu vaak een ondergeschoven kindje waardoor bijvoorbeeld het aantal detacheringen in Brussel al jaren terugloopt’, aldus de organisaties. Bron: VNO-NCW en Randstad, 22 mei 2019 Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags randstad, VNO-NCW | Reacties uitgeschakeld voor VNO-NCW en Randstad: Nederlands talent interesseren voor banen in Brussel