Rechters drukken stempel op platformwerk

0
251

In korte tijd waren er twee belangrijke gerechtelijke uitspraken over platformwerk.

Jeroen Brouwer
Jeroen Brouwer, ABU

Door Jeroen Brouwer, Strategisch beleidsadviseur Arbeidsverhoudingen, ABU

Op 13 september oordeelde de rechtbank Amsterdam dat chauffeurs die via Uber werken, moeten worden aangemerkt als werknemers. En deze week oordeelde het gerechtshof Amsterdam dat mensen die via de schoonmaakapp Helpling werken uitzendkrachten zijn. Twee mooie overwinningen voor FNV, die de procedures voerde. En goed nieuws voor de uitzendbranche?

De chauffeurs en Uber spraken schriftelijk af dat er sprake is van zelfstandig ondernemerschap van de chauffeurs. Maar die vlieger gaat niet op volgens de rechtbank. Bepalend is niet het papier, maar de praktijk: ‘wezen gaat voor schijn’. Feitelijk is sprake van een arbeidsovereenkomst, omdat aan de drie kenmerken daarvan is voldaan: loon, arbeid en gezag. Meest interessant is de overweging van de rechtbank dat Uber ‘modern werkgeversgezag’ uitoefent, omdat Ubers algoritme financiële prikkels bevat en een ‘instruerende werking’ heeft.

In de Helpling-zaak oordeelde het hof dat tussen de schoonmakers en Helpling een uitzendovereenkomst bestaat. In eerste aanleg had de kantonrechter nog geoordeeld dat Helpling ‘slechts’ bemiddelde bij de totstandkoming van een arbeidsovereenkomst tussen de schoonmakers en de particulieren. Maar het gerechtshof ziet dus een grotere rol voor Helpling: het bedrijf zou de schoonmakers ter beschikking stellen aan particulieren, om onder leiding en toezicht van die particulieren het werk te verrichten.

Deze twee uitspraken geven een extra impuls aan de discussie over platformarbeid. Ze passen in een trend van jurisprudentie en wetgevingsinitiatieven en -adviezen waarbij ‘zzp’ers’ onder de bescherming van het arbeidsrecht worden gebracht. Met name de Uber-zaak zet het zzp-model aan de basis van de arbeidsmarkt verder onder druk. En de Helplink-casus bevestigt dat platforms niet zomaar wegkomen met de stelling dat ze alleen maar als een soort prikbord fungeren. Al met al een steun(tje) in de rug voor uitzendondernemingen die – met of zonder platform – de verantwoordelijkheid voor het werkgeverschap nemen en de CAO voor Uitzendkrachten toepassen. Wie de uitzendformule toepast, heeft immers van de recente jurisprudentie niets te vrezen.

Bron: ABU, 23 september 2021

Lees ook
Uberchauffeurs vallen onder CAO Taxivervoer
Helpling, prikbord voor schoonmaakhulp, is uitzendbureau