loading
views

Billijke vergoeding bij (onterechte) non-actiefstelling

Billijke vergoeding bij (onterechte) non-actiefstelling

Billijke vergoeding op grond van (onterechte) non-actiefstelling

De kantonrechter kan aan de werknemer een billijke vergoeding toekennen, wanneer de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld jegens de werknemer. Uit de wetsgeschiedenis volgt dat het toekennen van een billijke vergoeding is bedoeld om te voorzien in uitzonderlijke gevallen. In de rechtspraak zijn billijke vergoedingen toegekend onder andere in gevallen waarin de werkgever – na een veroordelend vonnis te hebben ontvangen – opnieuw zijn verplichtingen jegens de werknemer niet nakomt of bewust, maar onder valse voorwendselen aanstuurt op beëindiging van het dienstverband. In de beschikking van 30 september 2016 (ECLI:NL:RBNHO:2016:9056) heeft de kantonrechter te Haarlem een billijke vergoeding toegekend aan de werknemer, die ten onrechte op non-actief is gesteld door zijn werkgever.

Casus
De werkgever verzoekt de kantonrechter de arbeidsovereenkomst met zijn werknemer te ontbinden wegens verwijtbaar handelen, dan wel een verstoorde arbeidsverhouding. In dit verband stelt de werkgever dat de werknemer stelselmatig weigert te voldoen aan algemene regels binnen het bedrijf, door onder andere te laat op werk te verschijnen, een slechte houding aan te nemen en te discussiëren over het aantrekken van bedrijfskleding bij de opening van een nieuw bedrijfspand. Deze discussie heeft de zogenaamde druppel gevormd voor de werkgever, als gevolg waarvan de werknemer op non-actief wordt gesteld en de werkgever de arbeidsovereenkomst wil beëindigen.

De kantonrechter overweegt dat het gepretendeerde verwijtbare handelen van de werknemer niet is komen vast te staan, in welk verband er ook op wordt gewezen dat de werkgever geen duidelijk, kenbaar beleid voert of handhaaft. Onder verwijzing naar de aanhoudende kritiek van de werkgever op de werknemer wordt een verstoorde arbeidsverhouding wel aangenomen, te meer de werknemer onderkent dat daarvan sprake is. Op grond van de verstoorde arbeidsverhouding wordt de arbeidsovereenkomst ontbonden onder toekenning van de transitievergoeding.

Naast de transitievergoeding wordt aan de werknemer ook een billijke vergoeding toegekend van € 5.000,- bruto (bij een bruto maandsalaris van € 2.014,65 exclusief emolumenten). Verwijzend naar de wetsgeschiedenis overweegt de kantonrechter dat een billijke vergoeding kan worden toegekend wanneer een verstoorde arbeidsverhouding is ontstaan als gevolg van de grovelijke wijze waarop de werkgever zijn verplichtingen jegens de werknemer niet is nagekomen. Naar het oordeel van de kantonrechter doet deze situatie zich voor, omdat de werkgever de maatregel van non-actiefstelling niet heeft gebruikt waarvoor het is bedoeld. Deze maatregel is gerechtvaardigd wanneer de aanwezigheid van de werknemer op de werkvloer in redelijkheid niet langer door de werkgever kan worden geduld. De discussie tussen partijen over het aantrekken van bedrijfskleding bij de opening van een nieuw bedrijfspand was niet van dien aard, dat een non-actiefstelling was gerechtvaardigd.

Conclusie
Ingevolge bovenbedoelde beschikking komt het raadzaam voor dat de werkgever niet overhaast te werk gaat en acht slaat op de mogelijke gevolgen de gevolgen van een (te treffen) maatregel voor zijn arbeidsverhouding met de werknemer, voordat de maatregel wordt getroffen. Indien de werkgever een harde lijn volgt, kan dat door de kantonrechter worden gesanctioneerd. Ook indien de feiten en omstandigheden de indruk geven dat de maatregel begrijpelijk kan worden geacht.

Deze bijdrage is geschreven door mr. Remmelt Suir.

Voor meer informatie over de uitspraak of over Van Diepen van der Kroef Advocaten: stuur een email naar mw. mr. Babs Dubois – Van Kleef Van Diepen Van der Kroef Haarlem, tel. 023 542 42 92.

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek