TNO: werktevredenheid oproepkrachten gedaald

0
59

Oproep- en invalkrachten zijn steeds ontevredener over hun werk. 45% ervaart hoge fysieke belasting en slechts 32% kan zelf werktempo bepalen. Was in 2007 nog 80% tevreden met het werk, in 2017 is dat gedaald tot 73%.

Dit blijkt uit het rapport Trends in kwaliteit van de arbeid van flexibele en vaste werknemers en multi-jobbers van TNO.

Financiële problemen
Tussen 2005 en 2017 is het aandeel oproep- en invalkrachten verdubbeld van 4% (292.000 werknemers) naar 8% (546.000) van de werknemers in Nederland. Zij hebben bovendien meer moeite om rond te komen: 20% heeft meerdere banen, ten opzichte van 4% gemiddeld in Nederland. In meer dan de helft (59%) heeft dit een financiële reden.

Werktempo bepalen
Oproep- en invalkrachten hebben steeds minder vrijheid en regelmogelijkheden om bijvoorbeeld zelf het werktempo te kunnen bepalen: in 2007 kon 45% van hen dit, in 2017 32%. Het verschil met werknemers in vaste dienst wat betreft het zelf kunnen bepalen van het werktempo is de laatste jaren bovendien alleen maar groter geworden. Tegelijkertijd geeft in 2017 32% van de oproep- en invalkrachten aan te maken te hebben met hoge taakeisen (erg hard, snel of veel werk moeten uitvoeren); in 2007 was dit nog 21%.

TNO: trends in werktevredenheid oproepkrachten 2007-2017

Fysieke belasting
Voor de fysieke belasting is het verschil met vaste werknemers de afgelopen jaren bijvoorbeeld groter geworden als het gaat om het regelmatig herhalende bewegingen moeten maken in het werk. In 2017 moet 45% van de oproep- en invalkrachten regelmatig dit soort werk doen, terwijl dat 10 jaar eerder nog 33% was, tegenover 32% van de vaste werknemers in 2017 (en 35% in 2007).

Ploegendienst
Ten slotte is de omvang van de groep oproep- en invalkrachten die werkt in ploegendienst, de afgelopen 10 jaar gestegen met ruim 10 procentpunt naar 36% in 2017. Dat is een sterkere stijging dan onder de vaste werknemers (3 procentpunt naar 17% in 2017).

De onderzoeksresultaten laten voor oproep- en invalkrachten een toename zien in de onregelmatigheid van werktijden én ongunstigere werkomstandigheden. De ontwikkelingen vormen een risico voor hun gezondheid en welbevinden en werktevredenheid, ook in de (nabije) toekomst.

Bron: TNO, 8 april 2019