Maandelijkse archieven: april 2023

Minister Van Gennip gaat kijken of Wet Certificeringsplicht aangepast moet worden

Minister Van Gennip (SZW) heeft de Tweede Kamer laten weten dat ze gaat kijken of en hoe het wetsvoorstel ‘verplichte certificering voor het ter beschikking stellen van arbeidskrachten’ aangepast kan worden. Ze reageert daarmee op een negatief advies van de Raad van State. Invoering van de wet gaat dus langer duren. 

Kritisch advies Raad van State 

De Raad adviseerde eerder om het wetvoorstel niet in de huidige vorm in te dienen bij de Tweede Kamer. De Raad constateerde dat misstanden in de uitzendsector niet op zichzelf staan, maar zijn (mede) het gevolg van een bestaande vraag naar goedkope arbeid, die weer (mede) het gevolg is van de maatschappelijke vraag naar goedkope producten en diensten. Daarom wijst de Raad van State op het belang van een integrale aanpak om misstanden op de arbeidsmarkt nog effectiever te bestrijden en van eerlijk werk de norm te maken, naast het aanpakken van malafide uitleners. Zo moeten bijvoorbeeld eisen ten aanzien van huisvesting van arbeidsmigranten volgens de Raad van State dan ook niet beperkt blijven tot uitzenders.

De Raad ziet een eenvoudigere stelsel voor zich waarin de overheid een centralere rol speelt. Ze zet daarbij vraagtekens of private inspectie instellingen – die in het voorstel van Van Gennip een belangrijke rol krijgen – voldoende capaciteit hebben.

Hernieuwd overleg 

De minister neemt deze kritiek dus serieus. “Het advies (…) geeft mij aanleiding om zorgvuldig te overwegen of en, zo ja, welke aanpassingen in het wetsvoorstel aangewezen zijn. Wat betreft de inrichting van het stelsel, staat voorop dat het stelsel effectief moet zijn in het beschermen van arbeidskrachten, waaronder arbeidsmigranten, en in het waarborgen van een gelijk speelveld voor bonafide uitleners” aldus de minister in haar brief aan de Tweede Kamer.

“Ik breng op korte termijn in kaart welke aanpassingen mogelijk en wenselijk zouden kunnen zijn. Daarbij betrek ik ook de sociale partners, waarmee ik heb samengewerkt bij de uitwerking van het advies van het Aanjaagteam. Ook de overige onderdelen van het advies bestudeer ik de komende periode nader.”

Urgentie blijft

Van Gennip benadruk wel de urgentie van het onderwerp. “We kunnen immers geen dag langer wachten dan noodzakelijk met het invoeren van een nieuw stelsel. Tegelijkertijd heeft het advies onvermijdelijk gevolgen voor het tijdspad. Deze gevolgen breng ik nu in kaart en neem ik mee in de besluitvorming. Ik zal uw Kamer daarover informeren.”

Ze sluit haar brief af met een oproep aan alle uit- en inleners in Nederland. “Niemand hoeft te wachten op wet- en regelgeving om arbeidskrachten, waaronder arbeidsmigranten, menswaardig te behandelen. Goed werkgeverschap en de waarde van werk horen daarbij centraal te staan.”

Op 20 april praat minister Van Gennip met de Tweede Kamer commissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid over het thema “Arbeidsmigratie” en de rol van uitzenders daarbij.

Geplaatst in Politiek | Reacties uitgeschakeld voor Minister Van Gennip gaat kijken of Wet Certificeringsplicht aangepast moet worden

Een op de drie HR-professionals voelt zich opgejaagd in het vinden van geschikt personeel

De druk op HR-professionals om geschikt personeel te vinden, neemt toe. Dit blijkt uit het HR Kopzorgen Onderzoek van Visma | YouServe onder meer dan 500 HR-professionals met een uitvoerende, (mede)beslissende of eindverantwoordelijke functie.

Maar liefst een op de drie HR-professionals voelt zich opgejaagd door collega’s in het vinden van nieuw personeel. Dit is een toename ten opzichte van vorig jaar, waar één op de vier aangaf zich opgejaagd te voelen. Vooral in de Randstad merken HR-professionals de toenemende druk vanuit de organisatie.

Aanpassen van eisenpakket

Het onderzoek onderschrijft dat het in de huidige krappe arbeidsmarkt moeilijk is om geschikte kandidaten te vinden. Om toch geschikt personeel te vinden, geeft 43 procent van de HR-professionals aan hun eisen voor sollicitanten naar beneden bij te stellen. Ook kiest maar liefst één op de vijf voor agressievere wervingsmethoden, zoals het benaderen van personeel van de concurrent of cold callen van potentiële kandidaten.

“De krappe arbeidsmarkt dwingt werkgevers om creatievere manieren te vinden om personeel te werven”, zegt Diana Kooij, HR-directeur bij Visma | YouServe. “Het recruitmentproces moet anders worden ingericht. Wanneer werkgevers vasthouden aan strikte eisen, kan het langer duren om vacatures te vervullen. Maar door vacatures anders in te vullen, kan dit proces aanzienlijk worden versneld.”

Behoud van personeel

Er worden steeds meer aanpassingen doorgevoerd om bestaand personeel te behouden. Zo geeft veertig procent van de HR-professionals aan extra in de buidel te hebben moeten tasten om het vertrek van personeel te voorkomen. Vooral de jongere generatie vormt een risico voor hogere uitstroom. Maar liefst 73 procent vindt dat deze generatie minder loyaal is naar hun werkgever. Daarnaast heeft het management van organisaties het investeren in de scholing en ontwikkeling van medewerkers hoog op het lijstje staan. 81 procent geeft aan dit nodig te vinden. Dit is een kleine stijging in vergelijking met vorig jaar, waar het percentage op 78 procent lag.

“Het loont om regelmatig te monitoren of mensen nog op hun plek zitten. Wij houden zelf iedere twee maanden een medewerkerstevredenheidsonderzoek. Zo pik je eerder op dat iemand niet meer helemaal op zijn plek zit en kun je vervolgstappen gaan nemen”, aldus Diana. Ook benadrukt ze dat het belangrijker is om medewerkers te motiveren dan om hen simpelweg een hoger salaris te bieden. “Als je een hoger salaris biedt, wennen medewerkers daar na een paar maanden aan en komen de oorspronkelijke problemen alsnog weer boven water.”

Collectief hogere werkdruk

Niet alleen HR-professionals ervaren meer werkdruk. Ook andere collega’s binnen organisaties ervaren dit. Een vijfde is bang voor het uitbreken van een staking als de werkdruk niet verlaagd wordt. Ondanks de hogere werkdruk, blijkt dat bijna de helft (47%) veel terughoudendheid van personeel merkt om meer uren te gaan werken.

Over het onderzoek

Dit onderzoek is in opdracht van Visma | YouServe uitgevoerd door PanelWizard onder 538 Nederlandse uitvoerenden, (mede)beslissers en eindverantwoordelijken op het gebied van HRM/personeel van 18 jaar en ouder. Alle resultaten van het onderzoek zijn te lezen in het HR Kopzorgen Onderzoek 2023.

Bron: Visma | YouServe, 18 april 2023

Geplaatst in Nieuws | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Een op de drie HR-professionals voelt zich opgejaagd in het vinden van geschikt personeel

Negatieve trend omzet uitzendsector houdt aan

In periode 3 van 2023 (27 februari t/m 26 maart), daalde het aantal uren met 17% en daalde de omzet met 6% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Dat meldt de ABU in haar vierwekelijkse monitor.

Omzetontwikkeling

De ontwikkelingen per sector zijn als volgt:

  • Administratieve sector: Het aantal uren daalde met 30% en de omzet is gedaald met 14% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.
  • Industriële sector: Het aantal uren daalde met 9% en de omzet steeg met 2% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.
  • Technische sector: Het aantal uren daalde met 12% en de omzet daalde met 1% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar.
Ontwikkeling Uren (ABU monitor)
Geplaatst in Nieuws | Reacties uitgeschakeld voor Negatieve trend omzet uitzendsector houdt aan

1 op de 10 werknemers voelde zich in 2022 gediscrimineerd op werk

In 2022 voelde 10 procent van alle werknemers zich in de voorafgaande twaalf maanden gediscrimineerd op het werk. Dit blijkt uit cijfers van de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van het laatste kwartaal van 2022.

In 2022 voelde 1 op de 10 werknemers zich in het voorgaande jaar gediscrimineerd op het werk. Dit heeft grote gevolgen: werknemers die zich gediscrimineerd voelen zijn minder tevreden over hun werk en verzuimen vaker als gevolg van hun werksituatie. Dat blijkt uit de nieuwste cijfers van de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van het CBS en TNO, die in het laatste kwartaal van 2022 is uitgevoerd onder 61 duizend werknemers.

Aard van discriminatie


De meest voorkomende discriminatiegrond op het werk is op de eerste plek afkomst, huidskleur of nationaliteit, gevolgd door leeftijd en geslacht. Zo’n 2 tot 3 procent van alle werknemers tussen de 15 en 75 jaar voelt zich op een van deze gronden gediscrimineerd.

Gevoelens van leeftijdsdiscriminatie kwamen het meest voor onder werknemers tot 25 jaar (4 procent) en onder 65-plussers (5 procent). Terwijl 4 procent van de vrouwen zich gediscrimineerd voelt vanwege hun geslacht, is dit percentage lager bij mannen: minder dan 1 procent.

Migranten meer discriminatie
Wel zijn er grote groepsverschillen. Discriminatie op basis van afkomst, huidskleur of nationaliteit komt het meest voor onder migranten van buiten Europa (16 procent), gevolgd door migranten uit Europese landen (10 procent) en in Nederland geboren personen met een buiten-Europese herkomst (9 procent).

Discriminerende opmerkingen, negeren en buitensluiten
De meest voorkomende vormen van discriminatie zijn discriminerende opmerkingen, negeren en buitensluiten. Dit werd aangegeven door 35 procent van de gediscrimineerde werknemers. Andere vormen van discriminatie zijn beperkte kansen voor promotie of ontwikkeling (25 procent), minder aantrekkelijk werk (18 procent) of lagere beloning voor hetzelfde werk (17 procent). Bedreigingen, geweld of agressief gedrag komen minder vaak voor (6 procent).

Meeste gevoelens van discriminatie in vervoer en opslag
Werknemers in de bedrijfstak vervoer en opslag voelen zich het meest gediscrimineerd op het werk (12 procent), vergeleken met werknemers in andere bedrijfstakken. Werknemers in de bouw en landbouw ervaren naar verhouding minder discriminatie (6 procent).

Gediscrimineerde werknemers minder tevreden met werk
Gediscrimineerde werknemers zijn over het algemeen minder tevreden met hun werk. Dit zien we terug in de cijfers. Van de werknemers die in 2022 geen discriminatie hebben ervaren, was 80 procent (zeer) tevreden met hun werk tegenover 5 procent die (zeer) ontevreden waren. Van de werknemers die wel last hadden van discriminatie was 51 procent (zeer) tevreden, en 17 procent (zeer) ontevreden.

Meer verzuim bij discriminatie
Gediscrimineerde werknemers zijn niet alleen minder tevreden met hun werk, ook verzuimen ze vaker en schrijven ze hun verzuimklachten vaker toe aan hun werksituatie. Zo gaf in 2022 69 procent van de gediscrimineerde werknemers aan verzuimd te hebben tegenover 55 procent van de werknemers die daar geen last van hadden. Ook wijten gediscrimineerde werknemers het werk gerelateerde verzuim vaker aan een ruzie, conflict of grensoverschrijdend gedrag.

Bron: Centraal Bureau voor de Statistiek, 18 april 2023

Geplaatst in Nieuws, Werken 4.0 | Tags , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor 1 op de 10 werknemers voelde zich in 2022 gediscrimineerd op werk

“Maak certificeringsstelsel uitleners eenvoudiger”

De Raad van State heeft onlangs geadviseerd over het wetsvoorstel om verplichte certificering voor uitleners in te voeren. Belangrijkste conclusie: het zou veel eenvoudiger moeten. Werkgeversvereniging AWVN is het daar volledig mee eens. Ruud Blaakman, adviseur internationale arbeidsmobiliteit van AWVN, geeft een aanzet voor zo’n eenvoudiger systeem

Door Ruud Blaakman, AWVN 

Het wetsvoorstel voorziet in een verplicht certificeringsstelsel voor ondernemingen die arbeidskrachten ter beschikking stellen (uitleners). Ondernemingen die gebruik maken van ter beschikking gestelde arbeidskrachten (inleners) mogen alleen van de diensten van gecertificeerde uitleners gebruik maken.

De Raad van State plaatst in haar advies het wetsvoorstel en de advisering daarover in een breder kader, namelijk dat van de Nederlandse arbeidsmarkt. Er zijn grote verschillen tussen de behandeling van arbeid in vaste dienst, flexibele arbeid en arbeid als zelfstandige – en vanuit dat oogpunt bezien, is certificering van enkel uitlening geen oplossing.

Certificerende instelling en normenkader 
De Raad van State geeft in haar advies aan dat de keuze voor verplichte certificering nadere motivatie behoeft. Voorts is de Raad van State er niet van overtuigd dat er een nieuw zelfstandig bestuursorgaan, de Certificerende Instelling, moet komen. Bovendien zou niet een zelfstandig bestuursorgaan het normenkader voor certificering moeten opstellen, maar zou dat kader in een algemene maatregel van bestuur moeten worden opgenomen.

De conclusie van de Raad van State is dan ook dat een eenvoudiger vormgegeven stelsel de voorkeur verdient. Alvorens het wetsvoorstel naar de Tweede Kamer te sturen, zou het moeten worden aangepast, aldus de Raad van State. Dit is een dusdanig commentaar dat het in de lijn der verwachtingen ligt dat de parlementaire behandeling vertraging zal oplopen.

Eenvoudiger systeem
AWVN heeft in een eerder commentaar ook reeds aangegeven dat een eenvoudiger systeem aan te bevelen is. Redenen hiervoor zijn – behalve twijfels over de werking van het voorgestelde, ingewikkelde systeem – twijfels over de analyse van de geconstateerde problematiek en de praktische oplossingen die thans reeds voorhanden zijn.
Het gaat per slot enkel om arbeidsmigranten – niet om alle Nederlandse werknemers die uitzendbureaus of andere ondernemingen ter beschikking stellen. Het thans voorliggende voorstel raakt evenwel alle vormen van terbeschikkingstelling. Ook raakt het voorstel andere ondernemingen dan uitzendbureaus die arbeidskrachten ter beschikking stellen, én alle Nederlandse opdrachtgevers. Is dat nog proportioneel?

De analyse van de geconstateerde problematiek
Het rapport van de commissie-Roemer is opgesteld in een periode waarin corona en huisvestingsproblemen voor arbeidsmigranten, hoogtij vierden; de periode waarin ook de SER haar visie op de toekomstige arbeidsmarkt gaf.
Het wetsvoorstel dat nu voor ligt raakt niet alleen de ongeveer 400.000 arbeidsmigranten, maar de gehele uitzendsector in Nederland, plus alle ondernemingen die incidenteel uitlenen. Er is dus geen sprake van focus op buitenlandse arbeidsmigranten zoals de bedoeling was. In alle gevallen, voor alle bedrijven (en dus niet alleen uitzendbureaus) waarbij er sprake is van ter beschikkingstelling van arbeidskrachten, zal volgens het wetsvoorstel de certificeringsplicht gelden.
Een voorbeeld ter illustratie van hoever dat gaat: een adviesorganisatie helpt haar klanten van tijd tot tijd met het ter beschikking stellen van werknemers voor tijdelijke vervanging. Volgens het wetsvoorstel zal deze adviesorganisatie gecertificeerd moeten zijn en zal de klant certificatie moeten controleren. De adviesorganisatie zal zelf ook de waarborgsom voor verplichte certificering moeten betalen.

Praktische oplossing
Voor alle Nederlandse en buitenlandse uitzendbureaus zijn er reeds voldoende geschikte instrumenten voorhanden om illegale arbeid te voorkomen en naleving van het wettelijk minimumloon en de inleenbeloning te bevorderen.
Door een privaatrechtelijke drietrapsraket kunnen de geconstateerde problemen snel opgelost zijn: 1. SNA-certificering tegen illegale arbeid, afdrachten loonbelasting en sociale verzekeringspremies, 2. PayOK-certificering voor de inleenbeloning, 3. certificaat voor geschikte huisvesting. Daarmee is een werkbaar en proportioneel systeem realiseerbaar, waarin de focus op uitzendbureaus ligt. De overheid en met name de Nederlandse Arbeidsinspectie kan zich dan concentreren op handhaving bij uitzendonderneming en opdrachtnemers die zich bewust onttrekken aan het beperken van de risico’s die certificering biedt. Verder zou het een mogelijkheid zijn om sociale partners de inleenbeloning te laten definiëren, zodat vooraf duidelijk is waarop gehandhaafd moet worden.

Bron: AWVN

Lees meer:

Ministerraad akkoord met wetsvoorstel verplichte certificering voor uitzendbureaus
Verplichte certificatie voor uitzendbureaus, wat betekent dit voor u?
Compliance als strategische prioriteit voor bureaus

Geplaatst in Politiek | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor “Maak certificeringsstelsel uitleners eenvoudiger”