Wat is de platformeconomie nu werkelijk? Geplaatst 14 september 2017 door Hendarin Mouselli Wat is de platformsamenleving of economie nu werkelijk? Deze column is een vervolg op Online platformen accu’s van de nieuwe economie Lees naast deze column ook de interviews met Jurriën Koops (ABU) en Kim Tjoa (Floow2 en HeelNederlandDeelt), waarin zij hun visie geven op de platformsamenleving / platformeconomie. Hoe nieuw is het? Is de platformsamenleving misschien ‘oude wijn in nieuwe zakken’? Maken we het niet moeilijker en nieuwer dan het werkelijk is? Wie is er niet naar een tweedehands rommelmarkt geweest in een sportschool om wat mooie spullen tegen een goede prijs aan te schaffen? Of wat dacht u van het regelmatig lenen van spullen aan de buurman als er weer eens een barbecue in de buurt wordt georganiseerd. En wat te denken van openbare boekenkasten waar iedereen vrijelijk boeken kan inzetten en uit kan halen om te lezen. Als de platformsamenleving in dat perspectief wordt geplaatst, dan is het eigenlijk allemaal toch niet zo nieuw en lijkt het veel simpeler dan het nu wordt geschetst. Wat maakt dan dat toch dat u tegenwoordig geen krant meer open kan slaan of het onderwerp wordt aan de kaak gesteld, er worden discussiemiddagen/avonden over georganiseerd of een jurist, zoals ik, klimt in de pen? Schaalvergroting Toch is er iets wat de platformsamenleving anders maakt dan de situaties zoals hiervoor geschetst. Het grote verschil tussen de platformsamenleving zoals het thans wordt gezien en de voornoemde situaties is dat het bij platformen gaat om internet en daardoor sprake is van schaalvergroting. De eeuwenoude ruilmethodiek op een rommelmarkt maakt dankzij moderne technologie een enorme schaalsprong. Deze technologieën zorgen ervoor dat transactiekosten voor vraag en aanbod sterk worden verlaagd. Ter illustratie: u hoeft niet af te reizen naar letterlijk een ‘marktplaats’ ergens in een sporthal, maar u kijkt op uw laptop of smartphone, een paar keer swipen en u vindt die topper waar u altijd al naar op zoek was. Iets wat heel ver weg was, is opeens heel dichtbij. Nieuw is dan ook dat mensen op grotere schaal diensten en producten gaan verhandelen, gefaciliteerd door de platformen. Dankzij deze platformen krijgen we niet langer meer mensen die consumeren, maar ook mensen die produceren. De producerende dan wel dienstverlenende consument wordt de concurrent van het bestaande bedrijfsleven en de werknemers. Wettelijke kaders nodig? Over alles wat nieuw is, heeft iedereen wel een mening, maar waar hebben we het nu eigenlijk over als we het hebben over de platformsamenleving of de platformeconomie? Het is belangrijk om hierbij stil te staan, om in staat te zijn te bepalen of (wettelijke) kaders nodig zijn om dit in goede banen te leiden. Als we naar de uitleg van Kim Tjoa kijken, dan ziet hij een verschil tussen de platformeconomie en de deeleconomie. Hij legt uit: “Onder platformen versta ik diensten zoals Uber en Deliveroo die leveren. Onder de deeleconomie schaar ik online deelmarktplaatsen”. Als we naar uitleg van anderen kijken, wordt ook wel als vertrekpunt de ‘collaborative economy’ genomen, hetgeen bestaat uit decentrale netwerken en markplaatsen die de waarde van onderbenutte goederen en diensten ontsluiten. Diensten en goederen, lastig onder één noemer te brengen Als we het hebben over de deeleconomie, dan worden al gauw diensten en goederen daaronder geschaard. Volgens onderzoek van het Ministerie van Economische Zaken is het problematisch als deze twee onder één noemer worden gebracht. Gewoonweg omdat de goederen- en diensteneconomieën van elkaar verschillen. Er dient dus onderscheid te worden gemaakt tussen goederen en diensten. Uit het onderzoek van het Ministerie van Economische zaken blijkt dat als we spreken van de deeleconomie, het gaat om “een economisch systeem waarbij consumenten elkaar gebruik laten maken van hun onderbenutte consumptiegoederen eventueel tegen betaling”. Terwijl als we het hebben over een economisch systeem waarbij banen, klussen en diensten worden verbonden met onafhankelijke aannemers, waardoor er werk en diensten op afroep worden aangeboden, doorgaans tegen betaling, we het hebben over de zogenoemde ‘on-demand economie’. Het maakt dus kennelijk uit waar we het over hebben. De eerste vraag die wij ons moeten stellen bij ieder platform is daarom: wat doet het platform of beter gezegd, wat biedt het aan; diensten of goederen? Grote diversiteit platformwerkers Jurriën Koops gaat nog verder en geeft aan dat we moeten waken om platformwerkers over één kam te scheren. Oftewel niet alleen is het ene platform het andere niet, kennelijk is ook de ene platformwerker de andere niet. In het licht van het verschil zoals hiervoor uiteengezet is dat begrijpelijk en logisch. De grens tussen de ondernemer en de privé persoon is niet altijd duidelijk en kan zelfs per platform verschillen. Ik vraag mij dan wel af, hoe gaan we dat regelen? Zeker als we zien dat platformen niet altijd even transparant zijn en de succesvolle platformen juist ook op Europees niveau of internationaal opereren. We kunnen het allemaal wel in Nederland bedenken, maar een paar kilometers buiten onze landsgrenzen kan het er anders aan toegaan. Dat maakt de situatie niet eenvoudiger. Over landsgrenzen Zelfregulering is inderdaad altijd fantastisch en bijna een droom. Laat de markt het zelf doen. Eigenlijk zijn Kim Tjoa en Jurriën Koops allebei voorstander van dit uitgangspunt, waarbij Jurriën Koops wel een kanttekening maakt in de vorm van introductie van een wettelijke minimumbescherming voor platformwerkers. Een minimumbescherming op nationaal niveau. Deze wettelijke minimumbescherming op nationaal niveau lijkt makkelijker dan het in werkelijkheid is. Uiteraard afhankelijk van hoe succesvol een platform en de platformwerker zijn. De regulering van minimumbescherming kan naar mijn mening niet slagen zonder dit breder te trekken, voorbij de Nederlandse grenzen. Als we naar het uitzenden kijken, dan zien wij dat ook daar internationale afspraken over zijn gemaakt, juist vanwege de ervaringen over de landsgrenzen heen. Discussie Ik denk dat op Europees niveau er wel meer geregeld kan worden voor de platformeconomie. Net zoals we dat nu ook voor uitzenden hebben gedaan. Al realiseer ik mij dat dit niet eenvoudig is. Er is werk aan de winkel voor de markt. Het vertrekpunt is gezet en de discussies zijn gestart. Hendarin Mouselli, VRF Advocaten Lees ook Interview met Jurriën Koops (ABU): Platformeconomie, raakvlakken met uitzenden? Interview met Kim Tjoa (Floow2): Deeleconomie, hoe werkt het? Innoveren in deeleconomie, Ministerie van Economische Zaken, 2015 Debat Op donderdag 14 september 2017 vindt een discussieavond plaats in Pakhuis De Zwijger, Amsterdam, met stakeholders over de platformsamenleving / platformeconomie. Geplaatst in Branchenieuws | Tags Hendarin Mouselli, Jurriën Koops, Kim Tjoa, platformeconomie | Reacties uitgeschakeld voor Wat is de platformeconomie nu werkelijk?
Platformwerkeconomie, raakvlakken met uitzendwerk? Geplaatst 14 september 2017 door Hinke Wever Platformwerkeconomie, zijn er raakvlakken met uitzendwerk? Interview met Jurriën Koops, Algemeen Directeur van de ABU Dit interview is onderdeel van een serie over de platformeconomie, waarin verschillende stakeholders en experts aan het woord komen. De platform- en/of deeleconomie verandert de manier waarop mensen werken. Welke invloed heeft dat op onze samenleving, op ons arbeidsrecht en op ons stelsel van sociale zekerheid? In dit interview geven we het woord aan Jurriën Koops, Algemeen Directeur van de ABU, de Algemene Bond Uitzendondernemingen. Hij vindt dat de platformeconomie kan leren van de beginjaren van uitzenden. De discussies over ‘kluswerk’ in de platformeconomie speelden ook bij de start van de geschiedenis van het uitzendwerk, nu bijna 60 jaar geleden. “Als arbeidsvorm was uitzendwerk tot dan toe onbekend en dus onbemind,” vertelt Koops. “Uitzenders hadden in die tijd bovendien een slecht imago. Ze werden gezien als snelle jongens die rijk werden over de rug van arbeiders. ‘Koppelbazen in jacquet,’ zo werden ze genoemd. De periode van maatschappelijke weerstand duurde tot de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw. Op enig moment keerde dat om, bij de politiek ontstond het besef dat deze vorm van werk de drempel naar de arbeidsmarkt verlaagde. Via uitzendwerk konden mensen kennismaken met werkgevers en makkelijker instromen in regulier werk. In de jaren ’80 werd het kabinet Lubbers zich bewust van de kracht van uitzendwerk. De uitzendbranche werd vaker ingeschakeld om de jeugdwerkloosheid aan te pakken. In die periode werd ook uitzendorganisatie Start opgericht die tripartite werd aangestuurd om de jeugdwerkloosheid terug te dringen.” Drempelverlagend “Een soortgelijke ontwikkeling zie ik bij de nu opkomende platformeconomie. Het is nog niet gekaderd en mede daardoor groeit het sterk. Het zorgt voor meer betaald werk en biedt mensen daartoe een eenvoudige toegang. Wie deze nieuwe werkvormen negeert of probeert te verbieden, zorgt ervoor dat platforms buiten beeld raken, maar niet verdwijnen. Daarom zullen we als samenleving moeten accepten dat de platformeconomie bestaat. De diversiteit van vormen waarin werk gestalte krijgt is een fact of life. We moeten het duidelijk wel in goede banen leiden, want het botst aan alle kanten met ons arbeidsrecht en ons sociale stelsel.” Zelfregulering “Ik vind dat de platformsector een vorm van zelfregulering nodig heeft. Vooral om transparantie te bieden en daarnaast om de schapen van de bokken te scheiden. Anders verliezen de platformaanbieders support van de samenleving en dat zie je al gebeuren. Daar zie ik opnieuw een parallel met uitzenden; ook in de uitzendsector wordt met zelfregulering gewerkt. Bij uitzenden was er geen specifieke regulering tot de sector in 1999 zelf kwam met de uitzendovereenkomst. In overleg met de overheid en Stichting van de Arbeid is deze overeenkomst geborgd in het rechtsbestel. Zo hebben we als ABU ook een cao gesloten voor uitzendkrachten. Voor die cao hebben we een algemeen verbindend verklaring aangevraagd, zodat er een vorm van ordening en regulering ontstond in de markt.” Privacy, big data, de werkende zelf aan het stuur “Een ander punt is de positie van de werkende. De platformeconomie genereert enorm veel persoonsgegevens, big data. Die data zijn ‘goud waard’ voor dataverzamelaars, maar in feite zijn die data van de werkenden zelf. In Amerika zie je nu apps die erop zijn gericht om de data, verzameld via allerlei platformen, terug te brengen bij de werkende zelf. Die kan daarmee zelf zijn optimale werkplekken en werktijden zoeken en beheren. De werker kan dus meer centraal komen te staan en profiteren van zijn eigen data. Dat gaat niet vanzelf. Het moet bewust worden geregeld. Vanuit die insteek kan de kwetsbaarheid van platformen ook een kracht worden, ten dienste van de werkenden. Met de platformaanbieders zouden wij daar graag over willen nadenken. Ook op dit punt zijn er raakvlakken met vraagstukken waar de uitzendbranche mee te maken heeft. Ik zou graag met de platformsector willen kijken waar de gemeenschappelijke belangen zitten, of waar gemeenschappelijke problemen zijn.” Grote diversiteit aan platformwerkers “Zo speelt al langer de vraag ‘wat is een zelfstandige?’ Ook voor de platformeconomie is die vraag van belang. Of breder nog: wat is de juridische status van de platformwerker die allerlei klussen uitvoert, mogelijk gemaakt door een algoritme? Platforms zijn er in alle soorten en maten. Business to business, business to consumer, consumer to consumer. Platformwerkers kunnen we niet over één kam scheren. Dat gebeurt al met de zelfstandigen, terwijl die groep enorm divers is. Zo is het aanbesteden van een klus via Werkspot juridisch bijvoorbeeld van een heel andere orde dan het bestellen van een maaltijd via bezorgservices zoals Foodora of Deliveroo.” Wanneer is iemand zelfstandig (freelancer of zzp’er)? “Als ik kijk naar een platform zoals Temper, dat een marktplaats biedt voor medewerkers in de horeca, heb ik daar gemengde gevoelens bij. Temper bemiddelt zelfstandigen voor de horeca en dan gaat het om toiletmedewerkers, garderobemedewerkers, bistropersoneel, noem maar op. Hun werk levert een hoog netto-inkomen op, maar zijn dit echt zelfstandigen? Ondertussen werkt Temper wel met een ruling van de Belastingdienst. Het wordt een rommeltje. Het is goed dat er een brede discussie over platformwerk komt. Over de kansen die het biedt, over de status van de kluswerker, maar ook over zaken als gelijk speelveld en adequate bescherming. De Tweede Kamer opteert voor een hoorzitting. In meerdere landen buigen rechters zich over zaken. De media hebben er aandacht voor. Nu de sector zelf nog. Het opiniestuk van de voorman van Deliveroo in FD deze week was meer een commercial dan een echte bijdrage aan deze discussie.” Transparant inrichten “Het zou mooi zijn als de platforms transparant worden in hun services en in de positie van hun platformwerkers. Ook zouden we moeten nadenken over hoe we bescherming bieden aan degenen die bescherming nodig hebben en vrijheid aan wie voldoende zelfredzaam is. Geen verstoppertje spelen over risico’s bij ongevallen of arbeidsongeschiktheid. Gewoon duidelijk zijn en goed regelen.” Is een platformaanbieder een intermediair? “Volgens mij is een platform een intermediair, maar dan in een andere vorm. Op de arbeidsmarkt ontstaan voortdurend initiatieven. Er blijven intermediairs nodig, hoewel een deel van de intermediaire rol wordt overgenomen door big data en algoritmen. Het vak van intermediair verandert van karakter. Kortom, ik omarm de initiatieven van de platformeconomie, het biedt meer kansen op werk, maar ben er wel voorstander van dat er wordt bekeken hoe er een gelijk speelveld kan ontstaan en de arbeidsrisico’s niet eenzijdig bij de platformwerkers worden neergelegd.” Interview: Hendarin Feyli (VRF.nl) en Hinke Wever (FlexNieuws.nl) Leestip Serving workers in the gig economy Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags ABU, deeleconomie, Jurriën Koops, Kluswerker, platformeconomie, schijnzelfstandigheid, Uitzenden, zzp | Reacties uitgeschakeld voor Platformwerkeconomie, raakvlakken met uitzendwerk?
Adecco Group neemt BioBridges over Geplaatst 14 september 2017 door Hinke Wever Adecco Group heeft donderdag de overname aangekondigd van BioBridges, gespecialiseerd in professionals en personeelsdiensten voor de biowetenschappen. BioBridges is opgericht in 2005, het hoofdkantoor is gevestigd in de omgeving van Boston. BioBridges bemiddelt hooggekwalificeerde professionals die veel ervaring hebben in de biotech-, farmaceutische en medische apparatuurindustrie. De omzet van BioBridges bedraagt in 2017 ongeveer $ 35 miljoen bedragen. Hoeveel Adecco Group voor de overname heeft betaald, is niet bekendgemaakt. Jason Falchuk, oprichter en president van BioBridges, blijft in zijn huidige rol na de overname. Jeff Souza, de huidige CEO van BioBridges, zal de rol van Senior Vice President van Client Services op zich nemen. Cindy Steinberg, oprichter en partner, blijft na de overname als consultant aan het bedrijf verbonden. Bron: Adecco Group, 14 september 2017 Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags BioBridges, Life Science, overname, professionals, The Adecco Group | Reacties uitgeschakeld voor Adecco Group neemt BioBridges over
Deeleconomie, hoe werkt het? Geplaatst 14 september 2017 door Hinke Wever Interview met Kim Tjoa, mede-oprichter van FLOOW2 en HeelNederlandDeelt, over de deeleconomie. Dit interview is onderdeel van een serie over de platformeconomie, waarin verschillende stakeholders en experts aan het woord komen. De platform- en/of deeleconomie verandert de manier waarop mensen werken. Welke invloed heeft dat op onze samenleving, op ons arbeidsrecht en op ons stelsel van sociale zekerheid? Kim Tjoa, voorheen als advocaat en interim jurist werkzaam in de rechtspraktijk, is sinds 2012 ondernemer in de deeleconomie. Hij is bestuurder van de Nederlandse Vereniging van Deelplatformen en mede-oprichter van deelplatformen FLOOW2 en HeelNederlandDeelt. Tjoa is overtuigd promotor van een andere manier om naar de wereld te kijken, van een ander economisch bewustzijn en van een circulaire manier van handelen. Om te beginnen: het fenomeen ‘delen’ is niet ergens ondergebracht in het recht. In het Nederlandse privaatrecht zijn er regels voor ‘huren’, ‘lenen’, ‘kopen’. ‘Delen’ is eigenlijk een verzamelbegrip voor deze varianten. Verspilling van middelen, kennis en kunde tegengaan Hoe kenschets jij de deeleconomie? “De deeleconomie is mijns inziens het economische en sociale fenomeen dat particulieren, bedrijven, maatschappelijke organisaties en (semi-) publieke instellingen, eventueel tegen betaling, elkaar gebruik laten maken van hun tijdelijk onbenutte consumptie- en bedrijfsgoederen dan wel van hun tijdelijk onbenutte kennis en kunde.” Op welk punt verschilt de deeleconomie van de platformeconomie? “Onder platformen versta ik diensten zoals Uber en Deliveroo die leveren. Onder de deeleconomie schaar ik online deelmarktplaatsen zoals FLOOW2 of HeelNederlandDeelt. In de deeleconomie gaat iemand in zijn auto van A naar B en ‘lift’ er iemand mee. De bestaande capaciteit (zitplaatsen) wordt in die rit van A naar B beter benut. In het geval van Uber vindt er ook een rit plaats van A naar B, maar die wordt ingevuld door een chauffeur die deze rit, als een taxiservice, dus op afroep, faciliteert. Hier ontstaat dus een extra economische activiteit, inclusief de extra druk op uitstoot in het milieu, toename van het verkeer op de weg, enzovoort.” Op welke manier verschilt Heel Nederland Deelt van FLOOW2? “FLOOW2 World’s Reset Button is een internationale deelmarktplaats waarop bedrijven en instellingen wereldwijd tijdelijk bedrijfsmaterieel, diensten en materialen aan elkaar kunnen uitlenen, dan wel kunnen verhandelen. FLOOW2 stelt aan diverse organisaties eigen interne deelmarktplaatsen ter beschikking. HeelNederlandDeelt is een Nederlands deelplatform dat particulieren, maatschappelijke en sociale initiatieven, scholen, (sport-)verenigingen, bibliotheken en andere organisaties de mogelijkheid geeft om op lokaal, regionaal of landelijk niveau spullen, klussen of diensten met elkaar te delen.” Uitruilen van personeel, hoe werkt dat? “Via het deelplatform van FLOOW2 stellen wij bedrijven en instellingen in de gelegenheid om hun medewerkers tijdelijk uit te zenden of te detacheren bij collega ondernemers. De deeleconomie introduceert een nieuwe manier van bedrijfsvoering. Capaciteit, in de vorm van mensen of materieel, die tijdelijk onder bezet is, kan via FLOOW2 aan derden worden verhuurd of uitgeleend. Op deze manier wordt de bestaande (over)capaciteit beter benut. Daar profiteert iedereen van en er is minder verspilling van werkkracht en materiaal.” Mentaliteitsomslag Wat zijn de ervaringen? “Enkele organisaties, zoals bijvoorbeeld in de gezondheidszorg maken gebruik van onze marktplaats. Er zijn een aantal positieve ervaringen met het intern uitwisselen van personeel, al staat het fenomeen nog in de kinderschoenen. Niet iedere werkgever of werknemer staat open voor de introductie van het delen van assets in hun onderneming. Het vraagt een mentaliteitsomslag en het vraagt vertrouwen van en in de gebruikers.” Make, use and return “De platformeconomie maakt onderdeel uit van de nieuwe economie. Jan Rotmans, hoogleraar Transitiekunde aan de Erasmus universiteit, stelt dat wij momenteel niet zozeer leven in een tijdperk van veranderingen maar in een verandering van tijdperken. We bewegen ons weg van de oude op lineaire principes gebaseerde economie naar een nieuwe op circulaire principes gebaseerde economie. Take, Make and Dispose maakt plaats voor Make, Use and Return. Materialen en grondstoffen blijven in de kringloop. Tegelijkertijd zijn wij getuige van een verandering van normen, waarden en persoonlijke voorkeuren van mensen. De belangrijkste kanteling is dat we weg bewegen van hiërarchie en top down management structuren en dat er meer ruimte komt voor individuele verantwoordelijkheid en samenwerking op basis van gedeelde waarden. In de nieuwe economie worden we geconfronteerd met business modellen die vanuit hun aard meervoudige waarden creëren, te weten: economische, ecologische en sociale waarden. In de nieuwe economie draait het dus om meer dan alleen om geld. Ook maatschappelijke en sociale perspectieven en belangen komen daar aan de orde. De kanteling van waarden wordt goed weergegeven in onderstaande afbeelding.” Rol van overheid Wat is naar jouw mening de rol van de overheid als het aankomt op de platformsamenleving; gebruiker, regulator, ontwikkelaar of anders? “Ik verwacht dat de overheid er alles aan zal doen om zich een positie te verwerven in de platformsamenleving door daarin te participeren, deze te stimuleren en waar mogelijk te reguleren. Dat hoort bij de rol van de overheid.” Lusten en lasten Worden de voor- en nadelen van de platform- of deelsamenleving vanzelfsprekend gelijkmatig verdeeld over iedereen die erbij betrokken is? “Het is een proces dat zich ontrolt,” zegt Tjoa. “Je moet het een kans geven en het niet meteen tot in detail willen reguleren. Het kenmerk van de nieuwe economie (weconomy) is namelijk meervoudige waardecreatie. We worden er individueel en collectief uiteindelijk beter van. Tjoa citeert prof. dr. Jan Jonker: Jonker, hoogleraar Duurzaam Ondernemen aan Radboud Universiteit van Nijmegen, schrijft: ‘In de klassieke economie wordt alles georganiseerd rondom een centrale waarde, te weten zoveel mogelijk financieel voordeel. In de nieuwe economie draait het meer om samenwerking, om anders organiseren, om beter benutten. Door zo te organiseren worden samen gedeelde en collectieve en meerdere waarden gecreëerd. Dat is te benoemen als de combinatie van meervoudige, gedeelde en collectieve waardecreatie. Financiële waardecreatie wordt zo één onderdeel naast het creëren van andere waarden.’ “Met andere woorden, anders dan in de oude economie, zullen er in de nieuwe economie minder negatieve effecten van economisch handelen optreden,” zegt Tjoa. “Het handelen is immers meer waardegedreven(wederzijds profijtelijke waardecreatie) in plaats van transactiegedreven. We ontwikkelen ons van ééndimensioneel (financieel) naar meer-dimensioneel (sociaal, ecologisch en economisch) handelen. Dat geldt zowel voor de platformeconomie als voor de deeleconomie.” Bescherming platformwerker? Hebben platformwerkers recht op arbeidsrechtelijke en sociaalzekerheidsrechtelijke bescherming? “Platformwerkers zijn de arbeidskrachten in de nieuwe economie. Zij zijn de werkers in, wat we noemen, de vierde industriële revolutie. Hun keuzes, voorkeuren en prioriteiten wijken af van de werkers in de oude economie. In de oude economie worden vaste dienstverbanden belangrijk gevonden. Veel platformwerkers vinden dat minder belangrijk. Zij werken vanuit een ander normen- en waardepatroon dan hun collega’s in de oude economie. Zo zijn ook de doelen en idealen van de vakbonden of de overheid bij de gemiddelde platformwerker niet ‘top of mind’. Bij hun staan passie, vrijheid en zelfredzaamheid voorop. Het is aan de platformwerkers om zich eventueel te organiseren en, al dan niet via tussenkomst van vakbonden of de overheid, arbeidsrechtelijke of sociaalzekerheidsrechtelijke bescherming te zoeken. Ikzelf verwacht dat de platformwerker daar ver weg van blijft. Een goed voorbeeld van het zelf regelen zijn de broodfondsen die de afgelopen jaren met veel succes zijn opgericht en een goed vangnet vormen voor zelfstandig professionals. Daarbij werkt het principe van delen, voor jezelf en voor elkaar zorgen, heel goed. De overtuiging ergens ‘recht op te hebben’ is een gedachte die, mijns inziens, hoort bij het geloofssysteem uit de oude economie.” Platform vergelijkbaar met uitzendbureau? Is een platformaanbieder een uitzendbureau dat werkers ter beschikking stelt om onder toezicht en leiding van de platformgebruiker te werken? Waarom wel of waarom niet? Wat onderscheidt een zogenoemde platformwerker naar uw mening van een traditionele werknemer of een uitzendkracht? “Ik zie het platform niet als een uitzendbureau, maar als een klassieke marktplaats. Het faciliteert de uitwisseling van producten of diensten tussen partijen. Het platform zorgt voor transparantie van vraag en aanbod naar producten en diensten. Daardoor worden producten en diensten verhandelbaar. In de rechtsverhouding tussen partijen speelt het platform verder geen rol. Voor de gebruikers is het platform niet meer dan een commercieel distributiekanaal, dat voor deze service van de gebruikers een bepaalde vergoeding (commissie of provisie) ontvangt. Wanneer een platform zelfstandig contracten sluit met opdrachtgevers, is het geen marktplaats meer, maar een uitzender of detacheerder van mensen die, al dan niet op basis van een arbeidsovereenkomst, voor deze organisatie een bepaalde klus uitvoeren en die daarvoor aan de opdrachtgever een declaratie stuurt. Kern van de beoordeling is de vraag wie in de rechtsverhouding contractspartijen zijn en wie uiteindelijk het debiteurenrisico draagt,” vindt Tjoa. “In mijn definitie is de platformwerker een zelfstandig ondernemer, ook voor de BTW en draagt deze het debiteurenrisico voor de klussen die hij in opdracht van derden uitvoert. Dat deze opdracht is geacquireerd via een online platform in plaats van mond-tot-mondreclame, speelt voor deze beoordeling geen rol.” Grensoverschrijdend, welk recht geldt? Werken op afstand is in de platformsamenleving eerder regel dan uitzondering. Dit wordt spannend wanneer het over de grens gebeurt (en zelfs buiten de Europese grenzen). Ben jij van mening dat het toepasselijke recht in de transnationale platformsamenleving dient te worden gezocht bij het land tot welke arbeidsmarkt in economische zin de platformwerker, de platformaanbieder of platformgebruiker dient te behoren? “In het internationale privaatrecht geldt, dat het recht van het land waarin de kenmerkende prestatie wordt geleverd, op de rechtsverhouding tussen partijen van toepassing is. Het lijkt mij dat wanneer een dienst wordt uitgevoerd via tussenkomst van een online marktplaats in een ander land, het recht van dat land behoort te gelden. Partijen kunnen hier natuurlijk in hun overeenkomst afspraken over maken.” Interview: Hendarin Feyli (VRF.nl) en Hinke Wever (FlexNieuws.nl) Geplaatst in Bedrijfsnieuws | Tags deeleconomie, FLOOW2, HeelNederlandDeelt, interview, Kim Tjoa, platformeconomie | Reacties uitgeschakeld voor Deeleconomie, hoe werkt het?
Deliveroo koeriers richten Riders Union op Geplaatst 13 september 2017 door Hinke Wever Een groep bezorgers van Deliveroo heeft zich georganiseerd. De FNV steunt de groep die zich ‘Riders Union’ noemt. Het initiatief is een reactie op het nieuws dat Deliveroo alle bezorgers als zelfstandige laat werken. Daan Dorr, bezorger bij Deliveroo: ‘Alle risico’s van het bedrijf worden nu op ons afgeschoven. Wij hebben niet de ambitie om als zogenaamd zelfstandig ondernemer op de fiets te zitten en daarom komen wij nu voor onszelf op. Wij willen gewoon werken en geld verdienen.’ De eerste actie van de Riders Union is om met FNV een brief te sturen naar Deliveroo, waarin het eist onder de cao voor het beroepsgoederenvervoor (TLN) te gaan vallen. Riders Union De ‘Riders Union’ treedt voor het eerst naar buiten tijdens een discussieavond over platformeconomie in Pakhuis De Zwijger op donderdag 14 september. Rider Daan Dorr: ‘We begonnen aan dit werk om geld te verdienen. Pas later kwamen we erachter wat de risico’s zijn als er iets gebeurt of als je ziek wordt. Het is nu tijd dat Deliveroo voor ons als riders gaat zorgen.’ Bron: FNV, 13 september 2017 Geplaatst in Nieuws | Tags deliveroo, FNV, Riders Union, zelfstandigen | Reacties uitgeschakeld voor Deliveroo koeriers richten Riders Union op