Juliette de Swarte 20 januari 2026 0 reacties Print ‘Uitzendorganisaties moeten scherper dan ooit laten zien waar hun toegevoegde waarde ligt’Zet de nieuwe uitzend-cao de sector op scherp of biedt die juist nieuwe kansen? Diederik Keverling Buisman (BackOfficer) en Wim Davidse (FlexNieuws) gaan daar in dit dubbelinterview over in gesprek. Ze zien volop mogelijkheden, maar sommige bureaus moeten wel breken met hoe ze het altijd deden.Vlak voor Kerst, op het moment dat dit interview plaatsvindt, zijn bij BackOfficer zeker tien mensen bezig met het afronden van de laatste puntjes voor de nieuwe cao. “Het is vooral veel bellen,” zegt Diederik. “Want om uitzendkrachten gelijkwaardig te kunnen belonen, moeten we alle arbeidsvoorwaarden van de inlenende partijen hebben. Dat is op zichzelf al een flinke klus.” Wat houdt de nieuwe cao precies in? Uitzendkrachten krijgen recht op dezelfde arbeidsvoorwaarden als werknemers in een vergelijkbare functie. Dat geldt voor essentiële arbeidsvoorwaarden zoals loon en werktijden, maar ook voor niet-essentiële extra’s, zoals een dertiende maand of een fiets van de zaak. “Er verandert dus behoorlijk wat,” zegt Diederik. Diederik, jullie krijgen nu inzicht in de arbeidsvoorwaarden van de inlenende partijen. Zien jullie grote verschillen tussen vaste werknemers en flexwerkers? Diederik: “Wat het loon betreft, valt het mee. De grootste verschillen zitten in het pensioen. En eerlijk gezegd schrok ik in sommige sectoren van het aantal verlofdagen. Neem het onderwijs, jeetje mina. Dat wordt nu allemaal gecompenseerd.” Omzetgroei verwacht, maar marges onder druk Wim, jij hield onlangs een poll onder uitzenders. Opvallend genoeg verwacht 65 procent van de bureaus omzetgroei in 2026. Wim: “Ik heb die poll twee keer gedaan: één keer tijdens een congres en één keer op LinkedIn. In totaal hebben honderden mensen gereageerd. In beide gevallen kwam exact hetzelfde beeld naar voren: 65 procent verwacht in 2026 meer omzet. Dat verraste me enorm, want als je individuele bureaus spreekt, zijn ze helemaal niet zo enthousiast over de toekomst. Die omzetgroei komt natuurlijk ook voor een groot deel door stijgende prijzen van uitzendkrachten. Twee derde van die 65 procent verwacht dan ook dat de marges wel onder druk komen te staan.” Organisaties zullen altijd behoefte blijven houden aan flexibel personeel Diederik: “Ik vraag me daarbij wel af of uitzenders volgend jaar meer of juist minder uren zullen verwerken. Zelf denk ik eerlijk gezegd dat Q1 een flinke shock wordt. In die periode verwacht ik dat het aantal uren sterk zal dalen. Inleners kunnen de inzet van uitzendkrachten als te duur gaan ervaren en zich afvragen: kunnen we niet beter zelf mensen aannemen? Na Q1 verwacht ik dat de stof weer neerdaalt. De uren zullen dan waarschijnlijk weer toenemen en plaatsmaken voor een gezondere groei. Organisaties zullen immers altijd behoefte blijven houden aan flexibel personeel.” ‘Goedkoper’ is vanaf nu geen reden meer om uitzendkrachten in te zetten. Wim: “En dat is juist het mooie. Het prijsverschil tussen vaste medewerkers en uitzendkrachten is er simpelweg niet meer. Dat dwingt bureaus om scherper na te denken over hun toegevoegde waarde. Kunnen ze de juiste mensen vinden én verleiden? En zijn ze in staat om die flexschil goed te managen? Lees ook: Wat staat er te veranderen per 2026? Werkgevers worden namelijk knettergek. Het personeel is op. Wet- en regelgeving stapelt zich op. De wereld wordt steeds dynamischer. Het verzuim is hoog en nauwelijks te beheersen, net als het verloop. Generatie Z begrijpen ze niet, laat staan generatie Alpha die eraan komt. Alles bij elkaar is het voor de gemiddelde werkgever nauwelijks nog te overzien. Dáár liggen de kansen voor uitzendbureaus. Niet vanuit ‘goedkoper, makkelijker, minder risico’, maar vanuit expertise. Want bureaus kennen de markt. Én ze hebben de oplossingen.” De achtbaanloopbaan en de opkomst van detacheren Waar ligt de potentie van de uitzendbranche in deze tijd? Wim: “Op twee plaatsen. Ten eerste blijft de wereld turbulent. Werkgevers kunnen simpelweg niet zonder flexibiliteit. Vaste contracten zijn nog altijd belachelijk vast. Je ziet dan ook dat bedrijven hun flexschil in 2025 nauwelijks afbouwden. Ten tweede willen mensen zélf flexibeler werken. Anderhalf jaar het een, daarna weer iets anders. Of een half jaar sabbatical. Ik noem dat de achtbaanloopbaan: soms vol gas, soms even loslaten. De gemiddelde werkgever kan dat niet bieden. Jonge detacheerders begrijpen dit al. Zij worden steeds meer een soort impresario voor hun kandidaten en bieden bijvoorbeeld traineeshipprogramma’s aan. Voor de gemiddelde uitzender wordt dat straks heel normaal. Als detacheerders het goed doen, wordt detacheren dé werkpropositie. Omdat het veiligheid en variatie combineert, de ultieme mix.” De prijsvechters aan de onderkant van de markt gaan hier problemen door krijgen, daar zijn de marges nu al flinterdun Maar sommige inleners en uitzendbureaus gaan vast last krijgen van het feit dat ze niet meer op prijs kunnen concurreren. Wim: “Absoluut. De prijsvechters aan de onderkant van de markt gaan hier problemen door krijgen, bijvoorbeeld in de agrarische sector en de logistiek. Daar zijn de marges nu al flinterdun. Dat voordeel is met deze cao gewoon weg. En dat betekent dat sommige businessmodellen uit Nederland zullen verdwijnen.” Diederik: “Ik denk dat vooral de generieke en kleinere uitzendbureaus het moeilijk gaan krijgen. Als je te klein bent, red je het niet meer. Dan heb je simpelweg de expertise niet in huis.” Lees ook: Dit is de meerwaarde van uitzendbureaus met gelijkwaardige beloningen Dus specialiseren wordt nog belangrijker? Diederik: “Dat zien we ook terug in ons eigen bestand. De bureaus die echt gespecialiseerd zijn in bepaalde functies of doelgroepen, groeien het hardst.” Wim: “We zien dat al jarenlang terug in de FlexNieuws Top 100 en in de kwartaalcijfers van beursgenoteerde spelers. Het klinkt hard, maar niet gespecialiseerd zijn, betekent steeds vaker dat je de klos bent. Specialiseren alleen is niet genoeg, maar het is wél een voorwaarde.” Te veel bureaus in Nederland Misschien zijn er in Nederland ook gewoon te veel bureaus. Het is makkelijk: je schrijft je in bij de KVK en je kunt beginnen. Wim: “Ruim een jaar geleden, vorige zomer, zaten we volgens het CBS net boven de 20.000. Dat was echt de absolute piek. Daarvan zijn er zo’n 8.000 à 9.000 daadwerkelijk uitzenders of detacheerders; de rest zijn recruiters. De nieuwe cao gaat daar een dreun op geven. En als de WTTA er ook nog komt, volgt er nóg een klap. De goedkope markt valt weg. Wat overblijft is een iets kleinere markt, die je moet verdelen met iets minder bureaus.” Even het grotere economische verhaal: dit gaat natuurlijk ook over de verdeling van het verdienvermogen in Nederland. Als dat over de ruggen moet van mensen, willen we dat dan nog? Wim: “Dat is één. Maar het gaat ook over verdeling van de ruimte. De milieudruk. De omgevingsdruk. Woningbouw. De snelwegdruk. Alles zit vol. Alles is op. Waarom moeten wij hier in Nederland nog dingen doen die te weinig waarde toevoegen? De nieuwe cao gaat dwingen om keuzes te maken op dat gebied. Het wordt een soort hefboom op de nieuwe strategie voor BV Nederland.” Diederik, eigenlijk zorgen al die nieuwe, ingewikkelde regels vooral voor meer werk bij jullie, toch? Diederik: “Dat klopt, maar je moet natuurlijk wel de mensen hebben die het kunnen uitvoeren. Nu is er de nieuwe uitzend-cao. In 2027 komt het toelatingsstelsel. Het is fijn voor een uitzendbureau als je daarin ondersteund wordt. Bij ons kun je ervoor kiezen zelf juridisch werkgever te blijven, of je legt dat bij ons neer. Ik verwacht dat meer bureaus voor het tweede zullen kiezen omdat het allemaal nog complexer wordt.” Lees ook: Back office uitbesteden: wel of niet juridisch werkgever blijven? Zonder handhaving risico op grijs circuit Met de invoering van de WTTA in 2027 moeten uitzendbureaus aantonen dat zij de arbeidswetgeving naleven, lonen en belastingen correct betalen en hun administratie op orde hebben. Ook de inleners zullen daarbij gecontroleerd worden. Diederik: “Ik vind het goed dat de verantwoordelijkheid nadrukkelijker bij de inlener komt te liggen. Vaak is het juist de inlenende organisatie die de grenzen opzoekt. Zij stellen eisen die bureaus simpelweg niet kunnen waarmaken en creëren zo omstandigheden waarin het misgaat. Bijvoorbeeld door mensen onder het minimumloon te laten werken, omdat anders de marge niet rond te krijgen is. Bureaus worden daardoor bijna gedwongen om de grenzen op te zoeken.” Wim: “Maar dan moet er de komende periode wél stevig gehandhaafd worden. Anders ontstaat er een enorm grijs tot zwart circuit.” Diederik: “Dat zie ik inderdaad als een groot risico. Als partijen niet kunnen voldoen aan wet- en regelgeving, kunnen ze er ook voor kiezen juist de andere kant op te gaan en nergens meer aan te voldoen.” Er móét een stevig handhavingsapparaat komen, anders krijg je een waterbedeffect Wim: “Bureaus die lid zijn van de ABU, de NBBU of de VvDN en zich netjes conformeren aan hun cao’s en overige regels worden op de vingers getikt omdat er ergens een komma verkeerd staat. En drie kilometer verderop lopen zeshonderd uitzendkrachten rond die op illegale wijze Nederland zijn binnengekomen, en er zijn dan geen tools voor om dat aan te pakken.” Diederik: “Ja, helemaal mee eens. Er móét een stevig handhavingsapparaat komen. Anders krijg je een waterbedeffect, en dat zou echt funest zijn.” Tot slot, Wim: kijk je als econoom positief naar 2026? Wim: “De economie als geheel zal blijven doorsukkelen. Net als in 2025, met een groei van zo’n 1,5 procent. Ook op de arbeidsmarkt zien we weinig beweging: daar zit simpelweg niet veel rek meer in. Een belangrijke rem is de vergrijzing. Economisch sukkelt het dus, en op de arbeidsmarkt geldt hetzelfde. Voor de sector is dat geen gemakkelijke situatie, maar er is wél van alles mogelijk. Het vraagt om ondernemerschap en om strategische herbezinning. Om nieuwe ideeën, en om een organisatie en cultuur die daarbij passen. Het potentieel is er zeker. Dat hebben we de afgelopen jaren gezien: terwijl de sector al drie jaar onder druk staat, bleven genoeg bedrijven gewoon doorgroeien. De mogelijkheden zijn volop aanwezig, alleen zullen ze er waarschijnlijk heel anders uitzien dan waar de meeste bureaus de afgelopen tien tot twintig jaar aan gewend zijn.” BackOfficer, CAO voor Uitzendkrachten, Wim Davidse Print Over de auteur Over Juliette de Swarte Bekijk alle berichten van Juliette de Swarte