"Voor futureproof ondernemen in flex"
SLUIT MENU

Effectief arbeidsmigrantenbeleid begint bij beter inzicht in de doelgroep

Volgens Peter Loef, programmamanager arbeidsmigratie bij ABU, wordt er in gesprekken vaak veel gesproken over gewenste rechten en structuren. Tegelijk wordt te weinig stilgestaan bij de praktische uitvoerbaarheid en de uiteenlopende situaties van arbeidsmigranten, zo schrijft hij in zijn column.

Aangewakkerd door het Regeerakkoord en het onderzoek over toegang tot de gezondheidszorg voor arbeidsmigranten deze beschouwing. 

In de gesprekken, documenten, onderzoeken en plannen om misstanden aan te pakken, baart het mij zorgen dat er veel wordt gesproken over gewenste rechten en structuren, maar weinig over de uitvoerbaarheid ervan in de huidige Nederlandse context.

Bijvoorbeeld het loskoppelen van wonen en werken klinkt aantrekkelijk, maar roept direct praktische vragen op, wie organiseert deze huisvesting dan, binnen welke woningmarkt en met welke waarborgen tegen nieuwe vormen van afhankelijkheid zoals huisjesmelkerij of informele tussenpersonen?

Zonder een realistisch antwoord op die vragen verschuift het risico, in plaats van dat het verdwijnt. Bescherming vraagt niet alleen om rechten op papier, maar om systemen die ook daadwerkelijk werken binnen de bestaande schaarste en instituties.

Juist daarom is het belangrijk om naast morele uitgangspunten ook consequent te blijven kijken naar uitvoering, prikkels en neveneffecten. Anders ontstaat beleid dat goed bedoeld is, maar in de praktijk moeilijk houdbaar blijkt.

Arbeidsmigranten vormen geen eenduidige groep

Wat mij ook zorgen baart, is dat ‘arbeidsmigranten’ vaak worden neergezet als één eenduidige groep met dezelfde behoeften en ervaringen. In werkelijkheid gaat het om zeer uiteenlopende groepen, tijdelijk werkenden, langdurig gevestigde EU-werknemers, mensen die hier al jaren wonen en werken en mensen die ooit voor werk kwamen maar inmiddels volledig zijn ingebed in de Nederlandse samenleving.

Door die verschillen niet te benoemen, ontstaat het beeld dat beleid per definitie ‘over hen’ gaat en nooit ‘van hen’ kan zijn. Dat doet geen recht aan de diversiteit binnen deze groep en ook niet aan het feit dat veel mensen die in deze statistieken worden meegerekend hier al een stabiel en zelfstandig bestaan hebben opgebouwd.

Daarnaast worden in de media, debatten en social media stevige conclusies getrokken over wat arbeidsmigranten nodig zouden hebben, zonder onderscheid te maken tussen kwetsbare subgroepen en degenen voor wie deze problematiek nauwelijks speelt. Dat maakt het debat normatief sterk, maar analytisch minder scherp.

Alles beschouwend is mijn beeld dat als we misstanden effectief willen aanpakken, het helpt en zelfs noodzakelijk is om preciezer te zijn in definities en doelgroepen. Alleen dan kunnen beleid en uitvoering daadwerkelijk aansluiten bij de werkelijkheid van de mensen over wie het gaat. Op dit moment mis ik dat. Zoals velen mij kennen, zal ik dit in het brede belang verbindend blijven benadrukken.

De Algemene Bond Uitzendondernemingen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *