Persoonlijke boetes voor managers van flexbedrijven

0
455

Minister Van Gennip (SZW) wil malafide praktijken bestrijden van leidinggevenden in de flexbranche, vanwege de manier waarop zij omgegaan met ingehuurde arbeidskrachten.

Daarom wil zij hen persoonlijk kunnen beboeten als zij bij herhaling nieuwe uitzendbureaus oprichten. Bovendien wil zij de Wet Bibob gaan toepassen bij certificering.

Vluchtig ondernemerschap
Een belangrijke oorzaak voor het voortduren van malafide praktijken is vluchtig ondernemerschap: het gemak waarmee uitleners hun onderneming kunnen liquideren om vervolgens een nieuwe onderneming te starten. In veel gevallen komen deze uitleners weg met onderbetaling van werknemers en met ontduiking van belastingen en premies. Goedwillende uitleners ondervinden hiervan concurrentienadeel.

Bestuursrechtelijk bestuursverbod beperkt toepasbaar
Na een bestuursrechtelijk bestuursverbod kan iemand voor een bepaalde periode geen bestuurder van een bedrijf zijn. Het verschil met het bestaande civielrechtelijke bestuursverbod is dat het sneller kan, omdat er geen toestemming van een rechter nodig is. Ook kan het preventief werken. Belangrijk nadeel is dat veel bestuurders het zullen proberen aan te vechten, of ‘katvangers’ zullen inzetten. Daarom is het waarschijnlijk beperkt toepasbaar. Daarom wil de minister twee andere maatregelen nemen.

1. Feitelijk leidinggevenden beboeten
Naast een rechtspersoon kan ook de persoon die feitelijk leiding heeft gegeven aan de verboden gedraging worden beboet. Dat kan ook de bestuurder zijn. Dit geldt ook voor personen die formeel geen leidinggevende zijn, maar waarvan dit wel kan worden aangetoond. De leidinggevende wordt hierdoor in zijn privƩvermogen geraakt. Het doel is om de spil achter een overtreding aan te pakken, en deze direct als persoon te treffen. Dit voorkomt dat deze de overtreding zonder persoonlijke consequenties bij dezelfde of een andere rechtspersoon kan herhalen.

Alle arbeidswetten
Het is een complex instrumment, maar de minister wil de beleidsregels inzake boeteoplegging uitbreiden, om de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) ertoe in staat te stellen om feitelijk leidinggevenden bij een overtreding van alle arbeidswetten te beboeten.

2. Wet Bibob toepassen bij certificering
Het wetsvoorstel verplichte certificering voor het ter beschikking stellen van arbeidskrachten, is opengesteld voor internetconsultatie. Daarmee wil de minister de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) van toepassing verklaren op het certificeren van uitleners. Dat biedt de Certificerende Instelling (CI) de mogelijkheid om een certificaat te weigeren of in te trekken als het risico groot is dat dit voor criminele doeleinden zal worden misbruikt. Als dit risico minder groot wordt ingeschat, kan de CI voorschriften verbinden aan het certificaat.

Bankgarantie
Op grond van de Wet Bibob kan de CI een eigen onderzoek instellen en hiervoor informatie opvragen bij politie en justitiĆ«le diensten. Dat onderzoek kan zich ook richten op de feitelijk leidinggevenden. Als dit criminele aanwijzingen oplevert, kan de CI het Landelijk Bureau Bibob om advies vragen, bijvoorbeeld om een certificaat af te wijzen of in te trekken. Om ‘vluchtig ondernemerschap’ tegen te gaan wordt het bovendien verplicht om bij de aanvraag van een certificaat een bankgarantie te stellen. Als deze garantie wordt aangesproken, verhaalt de bank de betreffende bedragen op de uitlener.

Repressief en preventief
Het beboeten van feitelijk leidinggevenden werkt repressief, en als de pakkans en de boete voldoende hoog zijn werkt het ook preventief, omdat de boete ten koste gaat van het profijt van malafide gedragingen. De Wet Bibob werkt preventief, zonder certificaat kan de uitlener immers niet (langer) arbeidskrachten ter beschikking stellen.

Vanaf 2023 krijgen de Arbeidsinspectie en de Belastingdienst meer capaciteit voor extra toezicht op de uitzendbranche. Later dit jaar komt de minister met een nadere uitwerking van deze nieuwe manieren tegen misstanden in de branche.

Bron: Tweede Kamer, 14 juli 2022