Nederland kampioen deeltijdwerk

0
183

Het percentage deeltijdwerkers ligt in Nederland twee keer zo hoog als gemiddeld.

Dit blijkt uit cijfers van Willem Adema, onderzoeker bij de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

Gemiddeld
Nederlanders werken ruim twee keer zo vaak parttime (37,3%, de groene staaf) als in de andere 35 landen die lid zijn van de OESO, waar gemiddeld 16,5% (zwarte staaf) van de mensen in deeltijd werkt. De variatie is groot: van minder dan 5% (Hongarije en Tsjechië) tot ruim 25% (Australië en Zwitserland). Het gat tussen de nummers 1 en 2 op de lijst (Nederland en Zwitserland) is maar liefst 10%. Bij onze buren, Duitsland en België, liggen de percentages op respectievelijk 22% en 16,6%.

OESO: percentage deeltijdwerk totaal
OESO: percentage deeltijdwerk totaal

Mannen
Mannen werken over de hele linie minder in deeltijd, maar ook hier werken Nederlandse mannen ruim twee keer zo vaak parttime (19,2%) als mannen in OESO-landen (9,4%). Belgische en Duitse mannen werken minder vaak parttime dan gemiddeld.

OESO: percentage deeltijdwerk mannen
OESO: percentage deeltijdwerk mannen

Vrouwen
Nederlandse vrouwen werken bijna drie keer zo vaak in deeltijd als Nederlandse mannen, en ook hier ligt hun gemiddelde (58%) ruim twee keer zo hoog als het OESO-gemiddelde (25,4%). Belgische en Duitse vrouwen werken duidelijk vaker parttime dan gemiddeld. En opnieuw is het gat tussen de nummers 1 en 2 op de lijst (Nederland en Zwitserland) ruim 10%.

OESO: percentage deeltijdwerk vrouwen
OESO: percentage deeltijdwerk vrouwen

Kinderopvang
Volgens Adema kan Nederland tevreden zijn over de bovengemiddelde arbeidsparticipatie van vrouwen (70%), terwijl er bovendien in tegenstelling tot in andere landen weinig kwaliteitsverschil is tussen vol- en deeltijdsbanen. Hij vindt wel dat veel vrouwelijk talent onbenut blijft, doordat vrouwen bijna twee keer zoveel tijd als mannen besteden aan het huishouden en de kinderen. Een betere kinderopvang zou dat kunnen oplossen.

De OESO definieert deeltijdwerkers als werkenden van 15 jaar of ouder (zowel in vaste dienst als zelfstandig) die gemiddeld minder dan 30 uur per week aan hun belangrijkste werk besteden.

Bron: OESO, 11 september 2019