Eerste Kamer akkoord wijziging Arbeidsomstandighedenwet

0
70

| Arbeidsomstandighedenwet | Arbowet |

Het voorstel tot wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet is op 25 januari 2017 aangenomen door de Eerste Kamer.

Het wetsvoorstel treedt waarschijnlijk in werking op 1 juli 2017. Het is nog niet bekend of er nog een overgangstermijn zal gelden.

Wat verandert er? Zie Memorie van Toelichting

Rol bedrijfsarts onafhankelijker
Werknemer heeft het recht zelf een consult bij de bedrijfsarts te vragen, als hij ziek is, maar ook als er nog geen sprake is van verzuim. De werkgever is verplicht om die mogelijkheid kenbaar te maken aan de werknemers en er mogen geen onnodige drempels zijn wat betreft tijd en plaats. De werkgever zal door de bedrijfsarts niet worden geïnformeerd over het consult, de aanleiding of de uitkomsten daarvan op tot werknemer herleidbaar niveau.

Second opinion
De werknemer krijgt het recht op een second opinion door een andere bedrijfsarts.

Preventie
De werkgever wordt verplicht om de bedrijfsarts de werkplekken te laten bezoeken. De bedrijfsarts heeft recht op overleg met het medezeggenschapsorgaan (de OR of de personeelsvertegenwoordiging), de preventiemedewerker of  de belanghebbende werknemers over het beleid voor gezond en veilig werken.

Eisen aan bedrijfsarts
De bedrijfsarts moet een klachtenprocedure hebben, adviseren over preventieve maatregelen wat betreft arbobeleid, beroepsziekten melden en er worden in de wet minimumeisen gesteld aan het contract tussen de werkgever en de arbodienstverleners (basiscontract arbodienstverlening).
Zie ook: Minimum arbo eisen bedrijfsarts

Rol preventiemedewerker
Het medezeggenschapsorgaan heeft instemmingsrecht wat betreft de keuze voor de persoon van de preventiemedewerker. Ook zullen het medezeggenschapsorgaan en werkgever met een gemeenschappelijke opvatting moeten komen over de rol van de preventiemedewerker binnen de organisatie. Doel is meer draagvlak en een duidelijkere taak voor de preventiemedewerker.

De preventiemedewerker adviseert aan en werkt nauw samen met de bedrijfsarts of de arbodienst.
Het medezeggenschapsorgaan, de werkgever, de preventiemedewerker en de bedrijfsarts/arbodienst moeten minstens één keer per jaar de stand van zaken op het terrein van gezond en veilig werken binnen de organisatie bespreken. De preventiemedewerker moet worden ingeschakeld bij de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) en bij de advisering en uitvoering van arbeidsbeschermende maatregelen.

Inspectie SZW kan boete opleggen
De Inspectie SZW krijgt meer mogelijkheden tot handhaving ten opzichte van werkgevers, arbodiensten en bedrijfsartsen. Wanneer een werkgever geen contract heeft met een bedrijfsarts/arbodienst kan de Inspectie SZW daarvoor een boete opleggen.

Bron: Eerste Kamer, 25 januari 2017, zie ook Memorie van Toelichting