Ambtenaren moeten plannen vooraf kunnen toetsen op uitvoerbaarheid

0
32

De overheid moet bij besluitvorming veel meer gebruik gaan maken van de kennis van ambtenaren bij uitvoeringsorganisaties.

“Als ambtenaren zeggen dat iets niet uitvoerbaar is of op grote problemen gaat stuiten, luister daar dan ook naar. Zo kunnen we veel ellende in de toekomst voorkomen”, aldus CNV-voorzitter Piet Fortuin. Samen met Patrick Fey (voorzitter CNV Overheid) overhandigde hij op 16 december jl. de ‘CNV-adviezen van werkvloer aan kabinet’ aan staatssecretaris Raymond Knops van Binnenlandse Zaken.

De aanbevelingen van het CNV aan het kabinet komen voort uit een enquête die de bond eerder dit jaar hield onder medewerkers van de uitvoeringsorganisaties Belastingdienst, CAK, CBR, DUO, SVB en UWV. Uit de enquête blijkt dat er onder ambtenaren veel ergernis is dat de werkvloer niet of nauwelijks wordt betrokken bij ingrijpende politieke besluitvorming. “Opdrachten waarvan ambtenaren op voorhand al weten dat ze onuitvoerbaar zijn, komen toch op hun bord te liggen. Dat is enorm frustrerend”, constateert Fortuin.

Meer gelegenheid om plannen te toetsen
Een van de belangrijkste aanbevelingen van het CNV is dan ook dat kabinet en Kamerleden veel meer gebruik gaan maken van de kennis van ambtenaren. Ambtenaren moeten de gelegenheid krijgen om een nieuw regeerakkoord, maar óók tussentijdse besluitvorming en amendering van wetten, vooraf te toetsen op uitvoerbaarheid, tegenstrijdige wetgeving of wijziging van de dienstverlening aan burgers en bedrijven. “Bij ambtenaren zit enorm veel kennis. Ze willen terecht graag eerder betrokken zijn bij ingrijpende plannen, om grove fouten, missstanden of onuitvoerbare wetten te voorkomen”, zegt Fortuin.

Meer ruimte om vrijuit te spreken
Daarnaast is het van belang dat politici voortaan vrijuit kunnen spreken met ambtenaren van uitvoeringsorganisaties. Nu ligt daarvoor in de praktijk nog een hindernis vanwege de ‘Oekaze van Kok’, die ambtenaren verbiedt om met politici te spreken, tenzij de minister hier toestemming voor heeft gegeven. Die krampachtige regel moet worden afgeschaft, vindt het CNV. Er moet meer ruimte komen voor kennisoverdracht en informatie-uitwisseling tussen Kamerleden en uitvoeringsambtenaren. Meer technische briefings kunnen daarbij helpen. Het is essentieel, ter bescherming van de ambtenaren, dat hiervoor heldere nieuwe spelregels komen.

Meer professionele ruimte om burgers te helpen
Een derde aanbeveling is dat ambtenaren meer professionele ruimte moeten krijgen om in het belang van de burger te handelen. Dat is vooral van belang omdat in de afgelopen jaren veel fysieke loketten van de overheid zijn wegbezuinigd. Patrick Fey, voorzitter CNV Overheid: “Veel burgers kunnen de digitale weg naar de juiste overheidsinstantie niet goed vinden. Ambtenaren vinden juist het klantcontact belangrijk. Zo kunnen problemen of fouten snel gesignaleerd en opgelost worden. We roepen het kabinet op om ambtenaren meer professionele ruimte te geven, zodat ze ook volgens de bedoeling van de wet kunnen handelen.”

Reactie staatssecretaris
Staatssecretaris Knops van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is lid van de Ministeriële Commissie Uitvoering. Tijdens de online overhandiging (via een QR-code) reageerde hij positief op de suggesties die van de werkvloer zijn gekomen. Knops: “Het kabinet heeft de uitvoering tot prioriteit gemaakt. Wij zien dat er door ambtenaren enorme bergen werk worden verzet, maar ook de heftige impact op burgers als er fouten worden gemaakt. De houding van de overheid is daarbij van belang. De overheid is er voor de burger, niet andersom. Burgers en bedrijven moeten de dienstverlening van de overheid als één overheid ervaren en niet onnodig worden geconfronteerd met verschillende organisaties en loketten. In de werkagenda van de Ministeriële Commissie Uitvoering zal verder worden ingegaan op het bieden van meer maatwerk, vooraf kritisch kijken naar de complexiteit van bestaande wet- en regelgeving en het vroegtijdig betrekken van professionals uit de uitvoering bij nieuwe wet- en regelgeving.”

Bron: CNV, 16 december 2020