loading
views
0 reacties
Rein Leyenhorst

Inspiratie voor ‘Creative Employability’

Ir. Rein Leyenhorst heeft zich gespecialiseerd in Flexicurity. Hij is bedrijfskundige, voormalig hogeschooldocent en onderwijsontwikkelaar bij verschillende hogescholen. Vanuit het lectoraat Flexicurity van de Hanzehogeschool Groningen heeft hij onderzoek gedaan naar uitzendbureaus als co-maker voor onderwijsinstellingen in het kader van Leven Lang Leren. Het onderzoek vormt de basis voor een aantal columns over opleiden binnen de flexbranche. Rein is voorzitter van de themagroep Arbeidsmarkt van het Landelijk Netwerk Associate Degree, waarin mbo- en hbo-instellingen samen met sociale partners en overheid op uitvoeringsniveau samenwerken aan de verdere ontwikkeling van deze nieuwe graad bij de hogere beroepsopleidingen in Nederland en Europa. X

Creative Employability – Het Grundtvig-project ‘ReAge’

Grundtvig is een Europees programma voor volwasseneducatie met als doel aan volwassenen trajecten bieden om hun kennis en vaardigheden aan te scherpen en om binnen het onderwijs oplossingen aandragen voor de problemen van de vergrijzing in Europa.

Sinds enige tijd neem ik deel aan het Grundtvig project ‘Reactivating senior citizens and youngsters in society’, kortweg ‘ReAge’. In dit project wordt gezocht naar manieren om deelnemers van uiteenlopende generaties over en weer van elkaar te laten leren en zo bij te dragen aan maatschappelijke participatie. In oktober wisselden de zes deelnemende organisaties uit Griekenland, Engeland, Roemenië, Slovenië, Polen en Nederland hun ervaringen en plannen uit in Birmingham.

Memory boxes: levenslessen
De aanpak van de meeste deelnemers concentreert zich rondom het fenomeen ‘memory box’, een constructie waarin voorwerpen worden tentoongesteld als communicatiemiddel tussen oudere en jongere deelnemers. Aanvankelijk had deze aanpak een nogal speels en vooral creatief karakter. De Griekse projectleider vertelde me echter dat zij als jonge wetenschappelijk geschoolde, maar werkloze vrouw in dit project van haar grootmoeder had geleerd te overleven in een failliete maatschappij. Ze teelde haar eigen groenten en leerde oude methoden om levensmiddelen langer te kunnen bewaren. De grootmoeder had al meerdere faillissementen van het land doorstaan en gaf aan haar kleindochter door dat je als volgende generatie steeds weer opnieuw je bestaan kunt opbouwen. Opmerkelijk vond ik, dat deze jonge Grieken niet de Europese politici beschuldigden, maar vooral hun eigen politiek leiders hekelden voor de chaos die zij steeds maar weer veroorzaken.

Theaterproject voor werkloze jongeren
In de regio Manchester/Birmingham hebben medewerkers van Oake Associates een project gedaan met werkloze jongeren, die voor die tijd rondhingen en woonbuurten onveilig maakten. In het museumstadje Dudley zijn kalksteengroeven, waar men met speciale boten door kan varen. In enkele grotten werden podia ingericht, waar voorstellingen werden gegeven voor de lokale bevolking en voor de vele toeristen die deze streek bezoeken. De jongeren kregen muziek- en dansles en werden intensief begeleid en getraind. Voor velen was dit project een eerste kennismaking met dergelijke evenementen en het was mooi te zien dat verschillende oud-deelnemers nu zelf werk hebben gevonden als begeleider, gids of trainer.

Keuzevak ‘Arbeidsmarktoriëntatie’, ondersteuning uit de flexbranche
De Nederlandse bijdrage aan het Grundtvig-project bestaat uit de opzet van een keuzevak voor jonge, voltijd hbo-studenten. In het tweede en derde jaar van hun opleiding worden zij uitgedaagd na te denken over hun toekomstige droombaan op de arbeidsmarkt en over de manier waarop zij die wens willen realiseren. Via het ReAge-netwerk worden studenten uit verschillende deelnemende landen met elkaar in contact gebracht rond dit thema. De keuzemodule wordt afgesloten met een sessie, waarin deze jonge studenten in gesprek gaan over hun plannen van ‘oude rotten’, ervaren arbeidsmarktprofessionals uit de flexbranche. De bedoeling is ook hier dat jong en oud van elkaar leren!
Een eerste pilot van dit keuzevak gaat van start bij de Haagse Hogeschool; andere instituten tonen interesse.

Creative Employability
Bij een terugblik op deze recente ervaringen ontstond de term ‘creative employability’, het op een creatieve wijze, met wellicht ongebruikelijke benaderingen werken aan inzetbaarheid op de arbeidsmarkt. En als je, met zo’n term in gedachten, om je heen kijkt, zie je talloze voorbeelden van ‘creative employability’.

Creatief opleiden: het STOOF-congres 2013
Op 22 oktober vond op Landgoed Zonheuvel in Doorn het STOOF-congres 2013 plaats onder de titel ‘Creatief opleiden, hoe doe je dat?’. Het landgoed is onder andere de bakermat van het SBI, het voormalige Slotemaker de Bruïne Instituut. In de informatie over de geschiedenis van het landgoed lezen we dat Maarten Maartens in het begin van de twintigste eeuw “jeugd uit verschillende culturen bij elkaar bracht om te leren en kennis te delen”. Een passende omgeving voor het O&O-fonds van de flexbranche, dat zich weliswaar niet uitsluitend richt op jonge intreders op de arbeidsmarkt maar dat wel veel jongeren onder haar deelnemers telt bij de projecten die zich momenteel vooral richten op te laag of niet functioneel genoeg opgeleide flexkrachten.
Een uitgebreid verslag van het congres is elders te vinden, maar ik licht er twee zaken uit.

Aan de congresgangers werd de brochure ‘STOOFS enneagram van patente praktijken’ uitgereikt. Een beschrijving van leer-werktrajecten waar de term ‘creative employability’ zeker op van toepassing is. Het betreft beschrijvingen van creatieve aanpakken op het gebied van werken en leren bij negen bedrijven en vormt een inspiratiebron voor wie zich verdiepen in mogelijkheden van scholing.

Citaat: “Zodoende anticipeert de uitzendwerkgever met het strategische middel scholing op toekomstige personeelstekorten en staat de flexkracht, zodra de arbeidsmarkt aantrekt, buitengewoon sterk met een actuele en relevante opleiding”.

De brochure is op de website van STOOF te downloaden of aan te vragen.

Een ander opmerkelijk onderdeel van het congres was de presentatie van een onderzoek van TNO Arbeid naar ‘ontwikkelbanen’. Het betreft “een inventarisatie naar het potentieel van ontwikkel(loop)banen om de inzetbaarheid van langdurig uitzendkrachten fase A/1-2 zonder startkwalificatie te vergroten”.

Een kernbegrip in het onderzoek betreft ‘leerrijke taken’, taken waarin verschillende competenties kunnen worden ontwikkeld. Citaat: “Taken die als leerrijk worden ervaren zijn: autonomie, taakvariatie, taaksignificantie, complexe taken, feedback en samenwerken met mensen van wie je iets kan leren”. Met enige creativiteit kunnen zo, samen met de inleners, loopbanen voor uitzendkrachten worden vormgegeven waarin ontwikkeling van hun employability, hun duurzame inzetbaarheid, kan plaatsvinden: ‘creative employability’.
Ook dit onderzoek en de presentatie van TNO-onderzoekster Ellen van Wijk met een opmerkelijk lijstje van functies met leerrijke taken is op de website van STOOF terug te vinden.

Creatief banen creëren: Social Return
Om te stimuleren dat bedrijven extra banen, leerwerkplekken en stageplekken creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, kunnen overheden en ondernemers afspreken daar bij aanbestedingen voorwaarden over op te nemen in het contract. Die handelwijze heet ‘social return’. De Stichting Social Return in Amsterdam omschrijft het begrip als “de teruggave van onbenutte kwaliteiten en capaciteiten van mensen aan de maatschappij” en volgens haar zijn er volop mogelijkheden om er op een creatieve manier invulling te geven.

De Rijksoverheid past sinds enkele jaren het principe toe bij aanbestedingen boven de € 250.000 en streeft er daarbij naar dat één op de twintig werknemers bij de betreffende projecten tot de beoogde doelgroep behoort. Daarbij bouwt men voort op eerdere ervaringen met ‘social return’ bij gemeenten.

Bij het lectoraat Juridische aspecten van de arbeidsmarkt, onderdeel van het Kenniscentrum Arbeid van de Hanzehogeschool Groningen helpt men MKB’ers in het noorden van het land zich goed voor te bereiden op ‘social return’ en daarmee de concurrentiepositie te verstevigen. Onder het motto ‘Zó bent u klaar voor Social Return’ worden aan ondernemers uit het midden- en kleinbedrijf ondersteunende adviezen aangereikt om èn hun graantje mee te pikken uit de inkopen van overheden die in het Noorden jaarlijks meer dan € 1,2 miljard bedragen èn tegelijk bij te dragen aan de doelstellingen van ‘social return’.

Eén van de adviezen heeft betrekking op ‘job carving’, het analyseren van vacatures en werkplekken op mogelijkheden taken zo te herindelen dat het creëren van arbeidsplaatsen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt op een lonende manier mogelijk wordt.
Ik beschouw ook dit als een voorbeeld van ‘creative employability’, vooral als men er in slaagt van de zo gecreëerde functies ontwikkelbanen te maken vol leerrijke taken. En ook op dit onderwerp zijn er weer talrijke mogelijkheden voor flexbedrijven hun bijdrage te leveren.

Creativiteit en flexibiliteit in de beroepskolom
In steeds meer beroepskolommen wordt het functieniveau tussen MBO-4 en HBO-Bachelor herkend. De beroepsopleidingen die op dat niveau diploma’s verstrekken, heten Associate degree; in eerdere columns maakte ik er melding van. Het betreft op dit moment ruim 170 studies en in 2012/2013 namen bijna 4500 mensen deel aan deze beroepsopleidingen.

Vanaf 21 november 2013 is de website www.deAssociatedegree.nl in de lucht met veel informatie en voorlichtingsmateriaal. En hoewel de lancering de nodige aandacht heeft gekregen in allerlei publicaties, waaronder FlexNieuws, maak ik er graag nogmaals melding van.
Ik ben er van overtuigd dat betere bekendheid met de Associate degree bijdraagt aan de mogelijkheden in beroepskolommen flexibeler en gedifferentieerder met het instrument ‘opleiden’ om te gaan en zo bij te dragen aan ‘creative employability’.

Daarom aan ondernemers de oproep eens met een frisse blik naar hun functiebouwwerken te kijken en opleidingswensen op het niveau van de Associate degree te communiceren en aan hbo-instellingen de oproep hun maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen voor het gehele opleidingsgebied tussen MBO-4 en doctoraat en zich niet te beperken tot Bachelor en hoger!

Rein Leyenhorst

Reageren:

*

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek