loading
views

Kamervragen ‘administratieve rompslomp parttime zzp’ers’

Staatssecretaris De Krom (SZW) zendt mede namens minister Verhagen (EL&I) en staatssecretaris Weekers (Fin) antwoorden op de Kamervragen van het lid Hamer (PvdA) over ‘administratieve rompslomp voor parttime zzp’ers’.

Bij zzp’ers die naast hun baan in loondienst overige werkzaamheden verrichten, is de vraag of deze werkzaamheden voor de inkomstenbelasting kunnen worden beschouwd als winst uit een onderneming. Deze beoordeling is afhankelijk van onder meer de behaalde winst, de uren besteed aan de onderneming, het aantal opdrachtgevers, de wijze waarop opdrachten worden verricht en de mate waarin de belastingplichtige ondernemersrisico’s loopt en investeert.

Criteria
Bij de afgifte van de VAR beoordeelt de Belastingdienst de door de aanvrager zelf aangeleverde informatie over zijn werkzaamheden in de komende periode in onderlinge samenhang. De Belastingdienst legt voor alle aanvragen van een VAR dezelfde criteria aan en maakt daarbij geen onderscheid tussen deeltijd- en voltijdondernemers.

Fiscaal ondernemerschap
Als geen VAR-WUO wordt afgegeven, is de Belastingdienst op grond van de jurisprudentie en de door de VAR-aanvrager zelf aangedragen informatie tot het oordeel gekomen dat geen sprake is van fiscaal ondernemerschap.

Bij deeltijdondernemers (met een onderneming naast bijvoorbeeld een voltijdsdienstbetrekking) zal het – vanwege het geringere aantal bestede uren in die onderneming en de daardoor vaak geringere omzet – lastiger zijn te voldoen aan de algemeen geldende vereisten voor het hebben van winst uit een onderneming. Om die reden zullen deeltijdondernemers minder vaak een fiscaal ondernemer zijn en daarom ook minder snel een VAR WUO krijgen uitgereikt.

De Krom: “De oorzaak hiervan ligt echter niet bij de VAR-beoordeling, maar bij de feiten en omstandigheden die voor de belastingplichtige gelden.”

Bron: Rijksoverheid, 2 oktober 2012

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek