loading
views

Ontbinding wegens wanprestatie

Ontbinding wegens wanprestatie

Ontbinding wegens wanprestatie (artikel 7:686 BW): Een ontbinding wegens wanprestatie houdt in dat de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden, omdat de werkgever of de werknemer de verplichtingen op grond van de arbeidsovereenkomst niet nakomt. In deze zaak gaat het om de vraag of de arbeidsovereenkomst tussen partijen op grond van artikel 7:686 BW op verzoek van werkgever kan worden ontbonden.

Feiten
Werknemer is sinds 31 augustus 2012 bij werkgever in dienst. Werknemer heeft een SW-indicatie en vervult laatstelijk de functie van productiemedewerker A. Werknemer heeft in eerste instantie onbetaald verlof aangevraagd en gekregen voor de periode van 25 december 2015 tot en met 25 februari 2016. Vervolgens heeft werknemer op zijn verzoek het onbetaald verlof laten omzetten in betaald verlof tot 25 januari 2016. Op 25 januari 2016 zou werknemer zijn werkzaamheden weer aanvangen.

Op deze dag is werknemer zonder bericht niet op zijn werk verschenen. Vervolgens was werknemer enige tijd onbereikbaar. Op 17 februari 2016 neemt werknemer contact op met zijn werkgever en geeft hij aan niet meer terug te komen naar Nederland. Werkgever verzoekt de arbeidsovereenkomst te ontbinden primair op grond van artikel 7:686 BW (wanprestatie) zonder toekenning van een vergoeding.

Beoordeling van het geschil
In deze zaak gaat het om de vraag of de arbeidsovereenkomst tussen partijen op grond van artikel 7:686 BW kan worden ontbonden. Ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens een tekortkoming in de nakoming is slechts toewijsbaar in gevallen van ernstige wanprestatie, namelijk een wanprestatie van zodanige aard dat zij het ingrijpende gevolg van een ontbinding van de arbeidsovereenkomst kan rechtvaardigen. Bij dit uitgangspunt is deze ontbinding volgens de Hoge Raad veeleer op één lijn te stellen met de beëindiging van de dienstbetrekking wegens een dringende reden (zie HR 20 april 1990, ECLI:NL:HR:1990:AD1092).

Een kernverplichting die voor de werknemer uit de arbeidsovereenkomst voortvloeit, is het verrichten van arbeid. Deze kernverplichting ligt besloten in artikel 7:610 BW. De arbeidsovereenkomst is een overeenkomst waarbij de ene partij, de werknemer, zich verbindt in dienst van de andere partij, de werkgever, tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten (artikel 7:610 BW). Werknemer is na zijn verlof tot 25 januari 2016 niet meer teruggekeerd op de werkvloer, hij heeft geweigerd om zijn werkzaamheden te hervatten en heeft tot op heden geen arbeid meer verricht. Werknemer voldoet hierdoor structureel en in ernstige mate niet aan zijn kernverplichting die uit de arbeidsovereenkomst voortvloeit. De kantonrechter kwalificeert deze handelwijze van werknemer als het hardnekkig weigeren te voldoen aan een redelijk bevel of opdracht, welke de arbeidsovereenkomst hem oplegt (werkweigering), hetgeen op één lijn kan worden gesteld met een dringende reden (artikel 7:678 lid 2 aanhef en onder j BW).

Verder overweegt de kantonrechter dat aangezien het verrichten van arbeid een uit de overeenkomst voortvloeiende voortdurende verplichting voor werknemer is, en hij deze tekortkoming voor wat betreft het verleden niet meer ongedaan kan maken, nakoming wat deze tekortkoming betreft blijvend onmogelijk is geworden.

De kantonrechter komt op grond van het voorgaande tot de conclusie dat de vraag of de arbeidsovereenkomst op grond van wanprestatie (artikel 7:686 BW) kan worden ontbonden bevestigend dient te worden beantwoord. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden zonder toekenning van een vergoeding.

Opmerking: Werknemer is niet in het geding verschenen. Mondelinge behandeling vond plaats op 16 februari 2017. Werknemer had op dat moment al meer dan ene jaar zijn werkzaamheden niet verricht. In het kader van een ontbindingsprocedure wegens wanprestatie is het mogelijk om de schade vergoed te krijgen die voortvloeit uit het niet nakomen van de verplichtingen op grond van de arbeidsovereenkomst. Werkgever heeft dit niet gedaan.

Kantonrechter Eindhoven 16 februari 2017, ECLI:RBOBR:2017:895

Remmelt Suir

Remmelt Suir

Deze bijdrage is geschreven door mr. Remmelt Suir.

Voor meer informatie over de uitspraak of over Van Diepen van der Kroef Advocaten: stuur een email naar mw. mr. Babs Dubois – Van Kleef Van Diepen Van der Kroef Haarlem, tel. 023 542 42 92.

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek