loading
views

Transitievergoeding na AOW-leeftijd?

De rechtbank Limburg oordeelde over de vraag of een werkgever een transitievergoeding verschuldigd is aan zijn werknemer, als de arbeidsovereenkomst eindigt ná (dus niet in verband met) het bereiken van de aow-gerechtigde leeftijd.

Een 55-jarige werknemer was op 1 januari 2000 bij een werkgever in dienst getreden. Het dienstverband eindigde door opzegging, na toestemming van het UWV, op 1 april 2016. De werknemer wilde weten of aan hem de transitievergoeding en een billijke vergoeding moest worden toegekend.

Transitievergoeding
Volgens de wet is de transitievergoeding niet verschuldigd als het eindigen (of niet voortzetten) van de arbeidsovereenkomst plaatsvindt in verband met of na het bereiken van de in de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd, of een andere leeftijd waarop voor de werknemer recht op pensioen ontstaat.

De rechtbank stelt vast dat de arbeidsovereenkomst niet is beëindigd in verband met het bereiken van de AOW-leeftijd, maar wel na het bereiken van die leeftijd. De werknemer heeft dus geen recht op een transitievergoeding, want hij was toen immers al ruimschoots de pensioengerechtigde leeftijd gepasseerd.

Billijke vergoeding
De kantonrechter kan een billijke vergoeding toekennen, als sprake is van een opzegging in strijd met de wet, en dat ontslag wegens een bedrijfseconomische reden niet gerechtvaardigd is.

De opzegging was niet in strijd met de wet, zodat er geen billijke vergoeding kan worden toegekend. De taken van de werknemer konden worden overgenomen door uitvoerenden en de directie. De functie van de werknemer was hiermee komen te vervallen. De rechter stelt dat het een werkgever vrij staat zijn onderneming zo in te richten als hem dat goeddunkt.

Bron: rechtspraak.nl, 8 februari 2017

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek