loading
views

Waarde van arbeid verdient meer aandacht

Waarde van arbeid verdient meer aandacht

Interview met Jurriën Koops, Algemeen Directeur van de ABU

“De hele inleenketen zou meer aandacht moeten hebben voor de waarde van arbeid.”

De VPO gaat op in de ABU, want de grenzen tussen uitzenden en payroll zijn niet precies te trekken. Payroll is verkrijgbaar in veel smaken.

“Zolang werkgeverschap duur en complex is, blijft de voedingsbodem voor payroll bestaan. Er is goed opdrachtgeverschap en goed werkgeverschap nodig. Opdrachtgevers en uitzenders/payrollwerkgevers hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het begeleiden van werknemers in een steeds flexibeler arbeidsmarkt. Het vraagt ook bereidheid om een eerlijke prijs te betalen voor de factor arbeid.”

Tijdens het Nationale Payroll Congres op 14 december 2015 werd de VPO officieel opgeheven, om verder te gaan binnen de ABU.
De VPO (Vereniging Payroll Ondernemingen) heeft bijna 10 jaar bestaan. De oprichtingsdatum was 24 juli 2006.

Jurriën Koops: “De VPO heeft bijgedragen aan de beeldvorming en bekendheid van payrolling. We hebben gewerkt aan een cao, een keurmerk en een marktmonitor. Uiteindelijk bleek het voor ons een voordeel dat er veel weerstand tegen payroll kwam, want de vele aandacht voor het fenomeen heeft bijgedragen aan de bekendheid en de groei in de afgelopen vijf jaren. Ondanks de crisis. Ondanks gerechtelijke uitspraken. Ondanks minister Asscher die aankondigde payroll sterk in te perken of onmogelijk te zullen maken. Ondanks het feit dat de vakbonden zich hebben afgewend van de Payroll-CAO.

Er is een enorme voedingsbodem voor payroll door de flexibilisering van arbeid. De belangrijkste reden voor de groei van payroll is het feit dat werkgeverschap in Nederland erg ingewikkeld en duur is geworden.

Als we in Nederland iets willen doen aan het terugbrengen van de omvang van payrolling, dan kan dat alleen door het werkgeverschap te verlichten. Dan gaan bedrijven ook weer makkelijker hun mensen zelf in dienst nemen.

Wij hebben een onderzoek onder ondernemers laten uitvoeren door Panteia. Een opmerkelijke uitkomst van het onderzoek is, dat slechts 4% van de werkgevers, bij de vraag wat ze doen als payroll niet meer mogelijk is, zegt: dan ga ik de medewerkers vaste contracten aanbieden. Het is opvallend dat 96% van de opdrachtgevers dat dus niet gaat doen.

Voor veel ondernemers is er geen keuze tussen vast of flexibel personeel. Ze kunnen alleen maar kiezen uit flexibel of geen personeel. Dat klinkt hard, maar het is hun realiteit.

Wie de drempel om de overstap naar vaste dienstverbanden te maken, wil vervroegen of hoger maken, zorgt ervoor dat er (nog) minder doorstroom ontstaat. Dat is keerzijde van de Wet Werk en Zekerheid.

Payroll in veel smaken
We stellen vast dat er heel veel verschillende tinten en smaken zijn tussen de payrolling die door de VPO werd bediend en de payrolling die onder de ABU werd bediend, zoals verlengd uitzenden of payroll voor door de opdrachtgevers zelf geworven personeel. Payroll is niet meer zo’n zuiver afgebakend product als we tien jaar geleden dachten. Daarom hebben we ervoor gekozen om alles onder te brengen bij de ABU. Daarmee wint de belangenbehartiging en lobby aan kracht.

Werkgeversrol serieus invullen
Ik vind dat het werkgeverschap buitengewoon serieus moet worden ingevuld. Het is veel meer dan het produceren van een loonstrook. Het betekent aandacht voor de werknemer of uitzendkracht in het kader van zijn loopbaanontwikkeling, bij ziekte of als hij moet worden begeleid naar ander werk.
Ik denk dat uitzendondernemingen en payrollondernemingen daar nog wel een wereld te winnen hebben.
Helaas constateren we ook dat flexibiliteit voor een deel in een beweging terecht is gekomen van kostenbesparing; goedkoop, goedkoper, goedkoopst. Uiteindelijk is dat een doodlopende weg.

Hoe is neerwaartse spiraal in prijs en aanbod om te buigen?
Door daar als onderneming positie in te durven nemen en te investeren. Door opdrachtgevers op te roepen om als goed opdrachtgever in de markt actief te zijn en te beseffen dat het nodig is om ordentelijke arbeidsvoorwaarden te geven.

Dat vraagt van de klant begrip en de bereidheid om meer te betalen. Wie een bos bloemen koopt bij de supermarkt voor 1,99 euro, weet dat daarachter een proces gaande is, waar je je vraagtekens bij kunt zetten. Bij lage prijzen voor payroll of uitzenden, kun je je als klant dus ook afvragen op wie de werkelijke prijs voor de arbeid wordt afgewenteld. De hele inleenketen zou meer aandacht moeten hebben voor de waarde van de factor arbeid.

Werk is in ontwikkeling, het wordt fundamenteel anders
De digitalisering en robotisering van de arbeidsmarkt zal de manier waarop we werken nog sterker gaan veranderen. Daarom zullen we ook met elkaar moeten nadenken over een aantal centrale waarden die we in deze eeuw met elkaar willen blijven delen. Bescherming voor degenen die dat nodig hebben. Vrijheid voor wie vrijheid zoeken. Collectieve regelingen. Dit betekent dat we met z’n allen op een andere manier moeten durven kijken naar hoe pensioen- en opleidingsfondsen worden geregeld. Ik vind dat dat veel meer moet worden gekoppeld aan de individuele werkende, dan aan zijn contractvorm, zijn werkgever of de sector waarin hij werkzaam is.

Dit is een heel fundamentele discussie, die de politiek op dit moment nog niet aandurft. Kijk naar de reactie op het IBO-ZZP-rapport, kijk naar hoe er wordt gereageerd op het recente CDA-voorstel omtrent loondoorbetaling bij ziekte. De ABU wil meedenken over deze discussie. Vorig jaar leverden wij daaraan een actieve bijdrage met ons statement: ‘Naar een beter werkende arbeidsmarkt’.

Aandacht voor imago
In alle gevallen geldt voor payrollbedrijven: doe de deur naar de buitenwereld open, laat zien waar je mee bezig bent en vertel je verhaal. Zonder verhaal heb je niets te vertellen. Met cijfers, feiten, beelden en emoties kun je laten zien wat je werkelijk toevoegt aan de economie en de arbeidsmarkt.
Als je een verhaal hebt, heb je wat te vertellen. Lees meer

Sociale doelgroepen
Een payrollbedrijf kan de drempelvrees voor opdrachtgevers verlagen, bijvoorbeeld bij kandidaten uit sociale doelgroepen in het kader van de Participatiewet. Ze kunnen een stukje verlengde proeftijd bieden om te kijken of de kandidaat past bij het bedrijf. Zodra zo’n kandidaat binnen is, is iedereen binnen een maand vergeten dat hij uit een bepaalde doelgroep komt, want hij werkt gewoon mee als alle anderen die daar werkzaam zijn. We hebben als ABU een mooi succes bereikt doordat we bij die Quotumwet ook hebben kunnen veilig stellen dat op het moment dat een opdrachtgever iemand uit de doelgroep gedetacheerd, gepayrold of uitgezonden heeft, dat die dan ook meetelt bij die opdrachtgever. Iedereen die via een derde bij een opdrachtgever werkt, telt mee bij zijn of haar quotum in het kader van de banenafspraak bij de Participatiewet.

Ontmoedigingsbeleid contraproductief
Ik vind het beleid van minister Asscher om payroll tegen te gaan of onmogelijk te maken contraproductief. Het gaat er niet toe leiden dat mensen eerder een vaste baan wordt aangeboden. Via Fred van Haasteren, oud bestuurder van Randstad, kreeg ik een onderzoek onder ogen uit begin jaren ’80. Dat onderzoek werd toen uitgevoerd door het ministerie van Sociale Zaken om te kijken of uitzendwerk verder moest worden gereguleerd. Een van de belangrijkste conclusies van het ministerie was indertijd: als je de regulering strakker maakt, maak je voor een deel bestaande werkgelegenheid onmogelijk en het leidt niet tot vaste banen. Met andere woorden, als het ministerie haar archieven induikt, weet het zelf hoe het werkt.

Overleg tussen werkgevers en werknemers
Vanuit de ABU zijn we lang betrokken geweest bij overleg in de Stichting van de Arbeid, waar ik via een VNO-zetel aan mocht deelnemen. Dit overleg ging over de zogenaamde driehoeksrelaties. De nieuwe driehoeksrelaties, waaronder contracting en payrolling, zouden in het sociale arbeidsrecht moeten worden ingepast, volgens afspraken in het Sociaal Akkoord.

Daar hebben we een jaar lang over gesproken. Dat heeft (nog) niet tot een akkoord geleid binnen de Stichting van de Arbeid. Dat overleg is vlak voor de zomer dit jaar geëindigd, met een afsluitend bericht naar de minister, dat het niet tot een akkoord heeft geleid.

Het overleg ligt nu grotendeels stil, maar de deur van de VPO en de ABU staat altijd open als het gaat om regulering. We hebben met onze organisatie een historie van 54 jaar regulering en ordening. Daarom ben ik altijd bereid om met de vakbonden of met minister Asscher of andere partijen om de tafel te gaan en te bedenken: hoe kunnen we payroll op een goede manier reguleren. Niet door weg te kijken of boos te worden, maar door zakelijk aan tafel te gaan: wat is nu ons en jullie belang en hoe brengen we dat op een goede manier bij elkaar?”

Interview: Hinke Wever, FlexNieuws

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek