loading
views

SER – symposium medezeggenschap flexwerkers

SER – symposium medezeggenschap flexwerkers

Naast de vaste werknemers komen er steeds meer flexwerkers zoals tijdelijke werknemers, uitzendkrachten, oproepkrachten en zzp’ers . Wat betekent dit voor de medezeggenschap binnen de organisatie?

Houdt de organisatie genoeg rekening met de belangen van flexwerkers? Moeten flexwerkers meer bij medezeggenschap worden betrokken, en hoe? Wat zijn obstakels en wat zijn mogelijke oplossingen?

SER symposium Medezeggenschap flexwerkers

Om deze vragen te beantwoorden heeft de SER-Commissie Bevordering Medezeggenschap (CBM) een interactief symposium georganiseerd.

Door hun smartphones en tablets in te loggen konden bezoekers reageren op vragen via BuzzMaster. Op deze digitale manier kon veel informatie uit de zaal opgehaald worden en direct plenair gedeeld. Om het interactieve karakter te benadrukken, zaten mensen ‘s middag in de grote Raadzaal van de SER niet achter vergadertafels maar op kistjes met kussens rond houten tafeltjes. Aanwezig waren, zo bleek uit BuzzMaster, 10% werkgevers, 58% vaste werknemers en een breed scala aan flexibele medewerkers. Zij namen in wisselende groepen met elkaar hun ideeën door.

Mariëtte Hamer en Ruud Vreeman
Als opwarmer begon de zaal met een quiz over de facts en figures over flexwerkers. Daarna is SER-voorzitter Mariëtte Hamer door dagvoorzitter Stefan Wijers geïnterviewd. Het gaat, aldus Mariëtte Hamer, er vooral om het gesprek te beginnen; de SER wil ophalen wat er leeft en dit verdiepen, om observaties en oplossingen mee te nemen in de CBM-activiteiten. De Tweede Kamer heeft bevorderen van medezeggenschap structureel bij de SER gelegd. Ze gaf aan dat de SER medezeggenschap wil aanvliegen vanuit betrokkenheid op het werk.
Daarna sprak Ruud Vreeman, de nieuwe ambassadeur medezeggenschap, opvolger van Gerdi Verbeet. Hij bepleitte de elementen loyaliteit en betrokkenheid als onderdeel te zien van de kwaliteit van arbeid en de medewerkers als meer dan een kostenpost.

Waarom meer medezeggenschap voor flexwerkers
Evert Verhulp, CBM-voorzitter, en Aukje Nauta, CBM-lid, lichtten in een vraaggesprek het waarom van meer betrekken toe. Tegenwoordig worden klanten vaak gevraagd om hun mening, waarom zou je flexwerkers niet betrekken? Voor flexwerkers is bijvoorbeeld belangrijk iets van hun werk en werkomgeving te mogen vinden vanuit betrokkenheid bij de organisatie. Voor een werkgever is van belang te weten wat er speelt. Flexwerker brengen vaak ook een frisse blik van buiten mee. Continuïteit is wel een issue is bij de vraag hoe het betrekken van flexwerkers vormgegeven kan worden, werd aangegeven.

Drietrapsraket over het hoe
Vervolgens is in drie gesprekrondes gediscussieerd over de hoe-vraag. Ronde 1 (het meest verregaande voorstel eerst) ging over obstakels – en mogelijke oplossingen daarvoor – om flexwerkers lid te laten zijn van de OR. Ronde 2 ging over obstakels en oplossingen in de situatie dat de OR flexwerkers actief naar hun mening vraagt (“de vloer op”). Ronde 3 (het minst verregaand) ten slotte ging over obstakels en oplossingen voor de OR die rekening houdt met de belangen van flexwerkers, maar hen niet actief betrekt.

De werkvorm was zo veel mogelijk op gesprek ingericht: wisselende tafelsamenstellingen waarop mensen hun suggesties konden inbrengen. Via inloggen op BuzzMaster werden per gespreksronde de in de groepen geïnventariseerde obstakels ingevoerd, gerangschikt en de zeven meest genoemde obstakels plenair aan de zaal teruggekoppeld door projectie op een groot scherm. De deelnemers stemden digitaal welke drie hiervan de belangrijkste waren. Vervolgens werd in de groepen gebrainstormd over mogelijke oplossingen voor deze obstakels. Tussendoor werden deelnemers geïnterviewd over oplossingen in hun praktijkgeval. Dit wordt allemaal meegenomen door de SER als voeding.

Oplossingen en vervolg
Aukje Nauta kondigde aan dat de CBM voor OR’en een praktijkinstrument gaat ontwikkelen, de zgn. ‘koerskaart’: met deze dialoogtool kan een OR strategische vragen op een bepaald onderwerp aflopen (zoals flexwerkers en MZ) en tot een koers komen. De bedoeling is die koerskaart in cocreatie te ontwikkelen met inbreng uit de praktijk, en in 2016 uit te brengen.

De middag leverde groot enthousiasme en betrokkenheid op, en veel ideeën, zoals een app over medezeggenschap en allerlei manieren om betrokkenheid van flexwerkers als collega’s bij het inlenende bedrijf en de medezeggenschap daar te vergroten.

Het congres lijkt zelfs impact te hebben gehad op de meningsvorming; discussie helpt. De opties voor oplossingen waren veranderd ten opzichte van een eerdere poll. Toen was de voorkeur dat de OR actief meningen zou vragen onder de flexwerkers, nu ging het verder. Op het symposium heeft 59% aangegeven dat flexwerkers volwaardig aan de OR zouden moeten deelnemen, 37% dat de OR actief meningen zou moeten ophalen onder flexwerkers en 5% dat de OR kan volstaan met rekening te houden met belangen van flexwerkers.

De CBM heeft een ‘spoorboekje’, vertelde Evert Verhulp als afronding. De vele ideeën van vanmiddag zullen worden meegenomen en verwerkt tot beleid

Bron: SER, 15 oktober 2015

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek