loading
views
0 reacties
Pieter Molijn

Flexibele schil vraagt om kwaliteitsimpuls

Pieter Molijn is oprichter en directeur van Molijn Group. Molijn is een eigenzinnig HR bureau gespecialiseerd in duurzame inzetbaarheid. Vanuit hun fase-C detacheringstak voor uitzendprofielen hebben ze geleerd hoe ze mensen moeten ontwikkelen om ze duurzaam inzetbaar te maken én te houden. Vanaf 2014 hebben zij hun detacheringsdienstverlening uitgebreid met Molijn Training. Molijn Training is het eerste trainingsbureau dat heel concreet een programma van competentiegerichte gedragstrainingen aanbiedt die werkende mensen leert hoe ze zich goed kunnen aanpassen in een snel veranderende arbeidsmarkt. X

Waarom de flexibele schil vraagt om een kwaliteitsimpuls
De voortgaande flexibilisering gaat ten koste van de kwaliteit van de beroepsbevolking. Investeringen in het kennisniveau van flexwerkers blijven vooralsnog uit. De vernieuwing van de Wet Werk en Zekerheid is een mooi moment om daar verandering in te brengen. En daar zijn uitstekende mogelijkheden voor.

De naderende Wet Werk en Zekerheid zegt niets over scholing. Tijdelijk personeel geniet nog altijd minder scholing dan vaste medewerkers, en dat zal zo blijven. De voorspelde toename van het aantal flexwerkers leidt zo tot lagere investeringen in de kwalificaties van de beroepsbevolking. Zestig procent van de werkgevers gaf in 2011 aan dat verdere flexibilisering van personeel één van de belangrijkste doelstellingen was. Het aandeel van flexibele arbeid is nu 31 procent, zes procent meer dan in 2012.

De flexibilisering raakt inmiddels ook de hoger opgeleiden in ons land. Onderzoek van de TU Delft in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken van afgelopen voorjaar, wees uit dat steeds meer hoger opgeleiden op flexibele basis gaan werken.

Daardoor raakt Nederland als kennisland achterop. Het doemscenario is dat ons land in rap tempo haar concurrentiekracht verliest door een dommer wordende beroepsbevolking. Die ook nog eens te duur dreigt te worden doordat loonkosten niet meer in verhouding staan tot de geleverde prestaties. Hoge loonkosten zijn volgens recent onderzoek van het CBS de belangrijkste reden voor bedrijven om uit Nederland te vertrekken. Bedrijfsvlucht kostte tussen 2009 en 2011 al 18.000 banen.

De nieuwe Flexwet heeft echter geen prikkel ingebouwd om te investeren in scholing van flexwerkers. De overheid laat het initiatief hiervoor volledig over aan de markt. Vooral de grote uitzendbureaus pakken de handschoen op via hun eigen scholingsfonds. Ook grote kennisintensieve bedrijven zien zich genoodzaakt om zelf het initiatief te nemen. Zoals ASML, dat aan de tweeduizend flexwerkers hetzelfde scholingsprogramma aanbiedt als aan haar vijfduizend vaste werknemers.

Toch is de vraag naar scholing van flexwerkers zo groot, dat ook de overheid haar verantwoordelijkheid zou moeten nemen. Het inbouwen van prikkels in regelgeving is relatief eenvoudig. Bijvoorbeeld via fiscale regelingen die het aantrekkelijk maken om scholing aan te bieden aan flexwerkers.

De lancering van de Wet Werk en Zekerheid is een mooi moment om daarmee te beginnen. Hiermee geeft de overheid het signaal dat niet alleen de kwaliteit van de arbeidsvoorwaarden belangrijk is bij flexwerk, maar ook de duurzame inzetbaarheid. Aangezien de nieuwe Flexwet getrapt wordt ingevoerd, heeft de overheid nog tijd om regelingen te introduceren die aansluiten bij de Flexwet.

Een andere mogelijkheid om te investeren in de kwaliteit van flexwerkers is door een beroep te doen op de honderden scholingsfondsen van branche/organisaties, die jaarlijks ongeveer een miljard aan scholing uitgeven. Daar liggen nog mogelijkheden volop. Al vaker hebben deze fondsen het verwijt gekregen weinig bij te dragen aan flexibilisering van de arbeidsmarkt, terwijl ze wel over de mogelijkheden beschikken.

We hebben in Nederland een prachtige scholingsinfrastructuur, die we vooral moeten benutten. De arbeidsmarkt is er klaar voor. Steeds meer werkenden accepteren de nieuwe manier van werken waarbij bedrijven zich steeds meer als opdrachtgever gaan gedragen in plaats van als werkgever. De zekerheid waarnaar ze zoeken is niet de vorm van het arbeidscontract, maar de mogelijkheid om hun inzetbaarheid te vergroten. Die roep kunnen we niet negeren.

Pieter Molijn

Reageren:

*

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek